|
Parlementaire
behandeling:
Kamerstukken II 1999-2000, 2000-2001, 27
221.
Handelingen II 2000-2001, blz. 2780-2787, 2818.
Kamerstukken I 2000-2001, 27 221 (147, 147a).
Handelingen I 2000-2001, blz. 867.
MEMORIE
VAN TOELICHTING
WET van 12 februari 2001, Stb.
2001, 109, tot wijziging van de Abw, de Ioaw en de
Ioaz in verband met
het verruimen van de mogelijkheid tot tijdelijke ontheffing van de
sollicitatieverplichting ten behoeve van deelnemers aan
socialeactiveringsactiviteiten. Inwerkingtreding: 1 juni
2001 (Stb. 2001, 177).
WIJ BEATRIX, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van
Oranje-Nassau, enz. enz. enz.
Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:
Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het
wenselijk is om de mogelijkheid voor gemeenten tot ontheffing van de
sollicitatieverplichting voor belanghebbenden op grond van de Algemene
bijstandswet, de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk
arbeidsongeschikte werkloze werknemers en de Wet inkomensvoorziening
oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen die
deelnemen aan socialeactiveringsactiviteiten te verruimen;
Zo is het, dat Wij, de Raad van State gehoord,
en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en
verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:
Art. I.
[MvT]
De Algemene bijstandswet wordt als volgt gewijzigd:
A.
[MvT]
In artikel 43, tweede lid,
onderdeel o, onder 2º, wordt "of artikel
113, vierde lid" vervangen door: artikel
113, vierde lid, of artikel 114a.
B.
[MvT]
Na artikel 114 wordt een
artikel ingevoegd, luidende:
Art. 114a.
Burgemeester en wethouders
kunnen de belanghebbende die deelneemt aan activiteiten
die bijdragen tot sociale activering als bedoeld in artikel
3, eerste lid,
onderdeel a, van de Wet inschakeling
werkzoekenden, ontheffing verlenen van de
verplichting, bedoeld in artikel 113, eerste lid, onderdeel a, voor ten hoogste de
duur van die activiteiten.
C.
[MvT]
In artikel 8, zesde lid,
onderdeel b, wordt "zich te onderwerpen" vervangen door: mee te
werken
Art.
II. [MvT]
In de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk
arbeidsongeschikte werkloze werknemers wordt
na artikel 37 een artikel ingevoegd, luidende:
Art. 37a.
Burgemeester en wethouders
kunnen de belanghebbende die deelneemt aan activiteiten
die bijdragen tot sociale activering als bedoeld in artikel
3, eerste lid,
onderdeel a, van de Wet inschakeling
werkzoekenden, ontheffing verlenen van de
verplichting, bedoeld in artikel 35, eerste lid, onderdeel a, voor ten hoogste de
duur van die activiteiten.
Art.
III. [MvT]
In de Wet inkomensvoorziening
oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen wordt
na artikel 37 een artikel ingevoegd, luidende:
Art. 37a.
Burgemeester en wethouders
kunnen de belanghebbende die deelneemt aan activiteiten
die bijdragen tot sociale activering als bedoeld in artikel
3, eerste lid,
onderdeel a, van de Wet inschakeling
werkzoekenden, ontheffing verlenen van de
verplichting, bedoeld in artikel 35, eerste lid, onderdeel a, voor ten hoogste de
duur van die activiteiten.
Art. IV. [MvT]
Deze wet treedt in werking
op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip.¹
1. Bij Besluit
van 28 maart 2001, Stb. 2001, 177, is het tijdstip van
inwerkingtreding bepaald op 1 juni 2001, met uitzondering van artikel
artikel I, onderdeel C, dat in werking treedt met ingang van de dag na
de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin dat
besluit wordt geplaatst, te weten 11 april 2001, red.
Lasten en bevelen dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst
en dat alle ministeries, autoriteiten, colleges en ambtenaren wie zulks
aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.
Gegeven te Lech, 12 februari
2001
BEATRIX
De Minister van Sociale
Zaken en Werkgelegenheid,
W.A.F.G. Vermeend
Uitgegeven de zesde
maart 2001
De Minister van Justitie,
A.H. Korthals
|
|