|
Art. 113.
[Verplichting tot
arbeidsinschakeling | Definitie passende arbeid | Regeling
vrijstelling verplichtingen Abw | Besluit passende arbeid schoolverlaters en
academici] ¹ [Geschiedenis:
MvT; versie
12 april 1995; Stb. 1997,
465; Stb. 1997, 760;
Stb. 1997, 789; Stb.
2001, 625; Stb.
2003, 376; Stb.
2003, 386] • [Jurisprudentie:
LJN AA4116;
AA4301; AA5111;
AA5143; AA8538;
AA9387; AA9416;
AA9801; AB2257;
AB2485; AD5014;
AD5103; AD8414;
AE1328; AE2461;
AE3147; AE3731;
AE6141;
AE6671;
AE7389;
AE7520;
AF0759;
AF0888; AP1140]
-1. De belanghebbende die
voor de zelfstandige voorziening in het bestaan is aangewezen op
arbeid in dienstbetrekking is vanaf de dag van melding als bedoeld in
artikel 68a, tweede lid, verplicht:
a. naar vermogen te trachten arbeid in
dienstbetrekking te verkrijgen;
b. ervoor te zorgen dat
hij als werkzoekende geregistreerd is bij de Centrale
organisatie werk en inkomen en geregistreerd blijft, indien hem daartoe het recht toekomt
op grond van artikel 25, eerste lid, van de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en
inkomen;
c. passende arbeid te aanvaarden;
d. na te laten hetgeen inschakeling in
de arbeid belemmert;
e. mee te werken aan een onderzoek naar
de geschiktheid voor scholing of opleiding en aan een scholing of
opleiding die noodzakelijk wordt geacht;
f. beschikbaar te zijn voor de
voorzieningen van de Wet inschakeling
werkzoekenden, mee te werken
aan het verkrijgen van die voorzieningen, daarvan gebruik te maken
en daartoe op een aangegeven tijd en plaats te verschijnen.
-2. Onder passende arbeid wordt verstaan alle
arbeid die voor de krachten en bekwaamheden van de belanghebbende
is berekend, tenzij aanvaarding om redenen van lichamelijke, geestelijke of sociale aard niet van hem kan worden gevergd. Niet
als passende arbeid wordt aangemerkt arbeid op grond van een
arbeidsovereenkomst als bedoeld in hoofdstuk 2 van de Wet sociale
werkvoorziening.
-3. Indien bijstand wordt verleend aan gehuwden,
gelden de verplichtingen, bedoeld in het eerste lid, voor ieder van
hen.
-4. Onze Minister
kan regels stellen aangaande
het toepassen dan wel niet toepassen van één of meer
verplichtingen, genoemd in het eerste lid, ten aanzien van één of
meer categorieën belanghebbenden. [RvvA]
-5. Bij algemene maatregel van bestuur worden
regels gesteld met betrekking tot het begrip passende arbeid,
bedoeld in het eerste en tweede lid. [Bpasa]
1. Bij Besluit
van 10 oktober 2003, Stb. 2003, 386, is bepaald dat artikel
113 vervalt op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip; ingevolge
het Besluit van 21 januari 2005, Stb. 2005,
35, vervalt de artikel 113 met ingang van 1 februari 2005, red.
|
|