Door gebruik te maken van deze website gaat u akkoord met de cookies voor Google-advertenties. Meer info.

 
 

 

St-AB.nl

 

 

 
     
 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

             

  
vorige

Geschiedenis socialezekerheidswetten

 

WET  ORGANISATIE  EN  BESTUUR  GERECHTEN

Versie 6 december 2001

(Recente versie)

 

 

 

 
Parlementaire behandeling:

Kamerstukken II 1999-2000, 2000-2001, 2001-2002, 27 181.
Handelingen II 2000-2001, blz. 5267-5276, 5488-5493, 5501-5502, 5504.
Kamerstukken I 2000-2001, 27 181 (323); 2001-2002, 27 181 (55, 55a, 55b, 55c, 55d).
Handelingen I 2001-2002, zie vergadering d.d. 4 december 2001.

 

 

WET van 6 december 2001, Stb. 2001, 582, tot wijziging van de Wet op de rechterlijke organisatie, de Wet rechtspositie rechterlijke ambtenaren en enkele andere wetten in verband met de modernisering van de organisatie en de instelling van een bestuur bij de gerechten (Wet organisatie en bestuur gerechten). Inwerkingtreding: 1 januari 2002 (Stb. 2001, 621).

 

     WIJ BEATRIX, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

     Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:
     Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het wenselijk is de Wet op de rechterlijke organisatie, de Wet rechtspositie rechterlijke ambtenaren en enkele andere wetten te wijzigen in verband met de modernisering van de organisatie en de instelling van een bestuur bij de gerechten;
     Zo is het, dat Wij, de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:

 

[Voor de Beroepswet en Algemene wet bestuursrecht relevante artikelen, red.]

 

 

Art. V.
Titel I van de Beroepswet komt te luiden:
TITEL I. De Centrale Raad van Beroep
Art. 1.
Er is een Centrale Raad van Beroep, gevestigd te Utrecht.
Art. 2.
-1. Bij de Centrale Raad van Beroep zijn werkzaam:
a. leden met rechtspraak belast; en
b. gerechtsambtenaren.
-2. De leden met rechtspraak belast, werkzaam bij de Centrale Raad van Beroep, zijn:
a. coŲrdinerend vice-presidenten;
b. vice-presidenten;
c. raadsheren;
d. raadsheren-plaatsvervangers.
-3. Alvorens zijn ambt te aanvaarden, legt een lid met rechtspraak belast of een gerechtsauditeur de eed of belofte af die voor een rechterlijk ambtenaar is voorgeschreven. Bij een opvolgende benoeming wordt een lid met rechtspraak belast niet opnieuw beŽdigd.
Art. 3.
Het bij en krachtens de afdelingen 1 en 2 van hoofdstuk 2 van de Wet op de rechterlijke organisatie bepaalde is, met uitzondering van de artikelen 2, 3, 9, 20 en 21, van overeenkomstige toepassing op de Centrale Raad van Beroep, met dien verstande dat:
a. het bestuur bestaat uit een voorzitter, een niet-rechterlijk lid en ten hoogste vier andere leden met rechtspraak belast van de Centrale Raad van Beroep als bedoeld in artikel 2, tweede lid, onderdeel a tot en met c;
b. de andere leden met rechtspraak belast, bedoeld in onderdeel a, in verband met het verrichten van de werkzaamheden als lid van het bestuur een toelage ontvangen op het salaris dat zij overeenkomstig de Wet rechtspositie rechterlijke ambtenaren genieten, waarvan het bedrag gelijk is aan het verschil tussen dat salaris en de bij algemene maatregel van bestuur voor de functie van lid van het bestuur vast te stellen salarishoogte;
c. een lid van het bestuur, niet zijnde voorzitter of niet-rechterlijk lid, wordt ontslagen onderscheidenlijk geschorst als lid van het bestuur indien hij als lid met rechtspraak belast wordt ontslagen onderscheidenlijk

 

 

 


De volledige, bijgewerkte pagina is alleen voor abonnees van 123recht beschikbaar. Bekijk de vele extra's van 123recht en ontvang
80% korting op het eerste abonnementsjaar. Klik hier.



 

 

 

 

 

 

 

 

                                          

 

    
 

x

   

home | geschiedenis | sz-wetten | overige wetten | zoeken | volgende

© Copyright Stichting Adviesgroep Bestuursrecht. Alle rechten voorbehouden.
x