Door gebruik te maken van deze website gaat u akkoord met de cookies voor Google-advertenties. Meer info.

 
 

 

St-AB.nl

 

 

 
     
 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

             

  
vorige

Geschiedenis socialezekerheidswetten

 

GRONDWET
VOOR  HET  KONINKRIJK  DER  NEDERLANDEN

Versie 6 april 2006 (tekstplaatsing)

(Geconsolideerde versie)

 

 

 

 
BESLUIT van 21 april 2006, Stb. 2006, 240, ter bekendmaking van de tekst van de herziene Grondwet. Inwerkingtreding: 23 mei 2006.

 

     WIJ BEATRIX, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

     Op de voordracht van Onze Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties van 13 april 2006, nr. 2006-0000084447, Directie Constitutionele Zaken en Wetgeving;
     Gelet op artikel 141 van de Grondwet;

     Hebben goedgevonden en verstaan:

 

 

     De tekst van de herziene Grondwet wordt bekendgemaakt door plaatsing van dit besluit met deze tekst in het Staatsblad, in het Publicatieblad van de Nederlandse Antillen en in het Afkondigingsblad van Aruba.

 

 

     Onze Minister voor Bestuurlijke Vernieuwing en Koninkrijksrelaties is belast met de uitvoering van dit besluit, dat in het Staatsblad, in het Publicatieblad van de Nederlandse Antillen en in het Afkondigingsblad van Aruba zal worden geplaatst.

 

ís-Gravenhage, 21 april 2006

 

BEATRIX

 

De Minister voor Bestuurlijke Vernieuwing en Koninkrijksrelaties,
A. Pechtold

 

Uitgegeven de drieŽntwintigste mei 2006
De Minister van Justitie,
J.P.H. Donner

 

 

 

Tekst zoals deze luidt na de laatstelijk bij de Wet van 16 maart 2006, Stb. 2006, 170, en de Wet van 20 januari 2005, Stb. 2005, 52, daarin aangebrachte veranderingen

 

 

[GRONDWET voor het Koninkrijk der Nederlanden van 24 augustus 1815, Stb. 1815, 45. Laatste tekstplaatsing: Stb. 2002, 200. Inwerkingtreding: 12 september 1840 (Stb. 1840, 54), red.]

 

 

HOOFDSTUK  1

Grondrechten

 

Art. 1.
Allen die zich in Nederland bevinden, worden in gelijke gevallen gelijk behandeld. Discriminatie wegens godsdienst, levensovertuiging, politieke gezindheid, ras, geslacht of op welke grond dan ook, is niet toegestaan.

 

Art. 2.
-1. De wet regelt wie Nederlander is.
-2. De wet regelt de toelating en de uitzetting van vreemdelingen.
-3. Uitlevering kan slechts geschieden krachtens verdrag. Verdere voorschriften omtrent uitlevering worden bij de wet gegeven.
-4. Ieder heeft het recht het land te verlaten, behoudens in de gevallen bij de wet bepaald.

 

Art. 3.
Alle Nederlanders zijn op gelijke voet in openbare dienst benoembaar.

 

Art. 4.
Iedere Nederlander heeft gelijkelijk recht de leden van algemeen vertegenwoordigende organen te verkiezen alsmede tot lid van deze organen te worden verkozen, behoudens bij de wet gestelde beperkingen en uitzonderingen.

 

Art. 5.
Ieder heeft het recht verzoeken schriftelijk bij het bevoegd gezag in te dienen.

 

Art. 6.
-1. Ieder heeft het recht zijn godsdienst of levensovertuiging, individueel of in gemeenschap met anderen, vrij te belijden, behoudens ieders verantwoordelijkheid volgens de wet.
-2. De wet kan ter zake van de uitoefening van dit recht buiten gebouwen en besloten plaatsen regels stellen ter bescherming van de gezondheid, in het belang van het verkeer en ter bestrijding of voorkoming van wanordelijkheden.

 

Art. 7.
-1. Niemand heeft voorafgaand verlof nodig om door de drukpers gedachten of gevoelens te openbaren, behoudens ieders verantwoordelijkheid volgens de wet.
-2. De wet stelt regels omtrent

 

 

 


De volledige, bijgewerkte pagina is alleen voor abonnees van 123recht beschikbaar. Bekijk de vele extra's van 123recht en ontvang
80% korting op het eerste abonnementsjaar. Klik hier.



 

 

 

 

 

 

 

                                          

 

    
 

x

   

home | geschiedenis | sz-wetten | overige wetten | zoeken | volgende

© Copyright Stichting Adviesgroep Bestuursrecht. Alle rechten voorbehouden.
x