Door gebruik te maken van deze website gaat u akkoord met de cookies voor Google-advertenties. Meer info.
   

 

 

 

 

 

 

Parlementaire behandeling:
Kamerstukken II 2011-2012, 2012-2013, 33 243.
Handelingen II 2012-2013, nr. 43, item 7, nr. 45, item 19, nr. 48, item 12.
Kamerstukken I 2012-2013, 33 243 (A, B); 2013-2014, 33 243 (C, D, E, F, G).
Handelingen I 2012-2013, nr. 11, item 2 en 8, nr. 12, item 7.

MEMORIE VAN TOELICHTING

 

 

WET van 11 december 2013, Stb. 2013, 578, tot wijziging van de Wet cliëntenrechten zorg en andere wetten in verband met de taken en bevoegdheden op het gebied van de kwaliteit van de zorg. Inwerkingtreding: 1 april 2014 (Stb. 2014, 93 jo. Stb. 2014, 136).

 

     WIJ BEATRIX, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

     Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:
     Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het wenselijk is de bestaande taken en bevoegdheden op het gebied van de kwaliteit van de zorg efficiënter vorm te geven, voorzieningen te treffen om de kwaliteit in samenhang met de doelmatigheid van de zorg beter te waarborgen, vernieuwing van de beroepen- en opleidingenstructuur te stimuleren, alsmede dat het wenselijk is één zelfstandig bestuursorgaan te belasten met de taken en bevoegdheden op het gebied van de kwaliteit van de zorg;
     Zo is het, dat Wij, de Afdeling advisering van de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:

 

 

Art. I.¹  [MvT]
De Wet cliëntenrechten zorg wordt gewijzigd als volgt:
A. [MvT]
Aan artikel 1, eerste lid, worden, onder vervanging van de punt na onderdeel l door een puntkomma, vier onderdelen toegevoegd, luidende:
m. professionele standaard: richtlijnen, modules, normen, zorgstandaarden dan wel organisatiebeschrijvingen die betrekking hebben op het gehele zorgproces of een deel van een specifiek zorgproces en die vastleggen wat noodzakelijk is om vanuit het perspectief van de cliënt goede zorg te verlenen;
n. meetinstrument: een middel waarmee een indicatie kan worden verkregen van de kwaliteit van de geleverde zorg:
o. Zorginstituut: het Zorginstituut Nederland, genoemd in artikel 58, eerste lid, van de Zorgverzekeringswet;
B. [MvT]
In artikel 5, eerste lid, wordt na "voortvloeiende uit de voor hen geldende professionele standaard" toegevoegd: , waaronder de overeenkomstig artikel 47a in het openbaar register opgenomen voor hen geldende professionele standaard.
C. [MvT]
Artikel 44 wordt gewijzigd als volgt:
1. Het tweede lid komt te luiden:
-2. De zorgaanbieder richt de in het eerste lid bedoelde stukken zodanig in dat de gegevens omtrent de kwaliteit van de zorgverlening voor een ieder vergelijkbaar zijn met gegevens van andere zorgaanbieders van dezelfde categorie.
2. Het derde lid vervalt, onder vernummering van het vierde en vijfde lid tot derde en vierde lid.
3. In het vierde lid (nieuw) wordt "vierde" vervangen door: derde.
D. [MvT]
Artikel 45 komt te luiden:
Art. 45.
-1. Bij regeling van Onze Minister, voor zover nodig in overeenstemming met Onze Ministers die het mede aangaat, kan met betrekking de onderwerpen, bedoeld in artikel 44, eerste lid, met uitzondering van de kwaliteit van de zorgverlening, nader worden geregeld welke gegevens worden opgenomen in de stukken, bedoeld in artikel 44, eerste en derde lid, alsmede op welke wijze de gegevens worden opgenomen.
-2. In de regeling zal worden opgenomen op welk tijdstip en bij welke instantie de gegevens worden ingediend.
E. [MvT]
Na hoofdstuk 6 wordt een hoofdstuk 6a ingevoegd, luidende:
HOOFDSTUK 6A. Taken en bevoegdheden van het Zorginstituut op het gebied van de kwaliteit van de zorg
Art. 47a. [MvT]
-1. Het Zorginstituut houdt een openbaar register bij waarin op voordracht van organisaties van cliënten, zorgaanbieders en zorgverzekeraars gezamenlijk dan wel van de Adviescommissie Kwaliteit een professionele standaard of een meetinstrument wordt opgenomen.
-2. Het Zorginstituut stelt een beleidsregel vast op basis waarvan wordt beoordeeld of een professionele standaard kan worden aangemerkt als een verantwoorde beschrijving van de kwaliteit van een specifiek zorgproces en een meetinstrument kan worden aangemerkt als een verantwoord middel om te meten of goede zorg is geleverd.
-3. Het Zorginstituut neemt een overeenkomstig het eerste lid voorgedragen professionele standaard of meetinstrument niet op in het openbaar register indien deze niet voldoet aan de beleidsregel, bedoeld in het tweede lid.
Art. 47b. [MvT]
-1. Het Zorginstituut stelt vast voor welke vormen van zorg een professionele standaard of een meetinstrument nodig is dan wel een overeenkomstig artikel 47a in het openbaar register opgenomen professionele standaard of meetinstrument wijziging behoeft. Hierbij bevordert het Zorginstituut de verspreiding van goede voorbeelden op het gebied van patiëntveiligheid.
-2. Het Zorginstituut stelt een tijdstip vast waarop de professionele standaard of het meetinstrument, bedoeld in het eerste lid, moet zijn opgesteld onderscheidenlijk aangepast.
-3. Indien op het in het tweede lid bedoelde tijdstip geen professionele standaard of meetinstrument is opgesteld onderscheidenlijk aangepast, kan het Zorginstituut de Adviescommissie Kwaliteit verzoeken binnen een nader te bepalen termijn hiervoor zorg te dragen en over de aldus opgestelde onderscheidenlijk aangepaste professionele standaard overleg te plegen met relevante organisaties van cliënten, zorgaanbieders en zorgverzekeraars.
Art. 47c. [MvT]
-1. Het Zorginstituut draagt zorg voor het verzamelen, samenvoegen en beschikbaar maken van informatie over de kwaliteit van verleende zorg:
a. met het oog op het recht van de cliënt een weloverwogen keuze te kunnen maken tussen verschillende zorgaanbieders; en
b. ten behoeve van het toezicht door de ambtenaren van het Staatstoezicht op de volksgezondheid.
-2. Zorgaanbieders zijn verplicht de informatie, bedoeld in het eerste lid, te rapporteren op basis van de overeenkomstig artikel 47a in het openbaar register opgenomen meetinstrumenten.
-3. Bij regeling van Onze Minister wordt de instantie aangewezen waar zorgaanbieders de in het tweede lid bedoelde informatie aanleveren.
Art. 47d. [MvT]
-1. Het Zorginstituut kent een Adviescommissie Kwaliteit.
-2. De Adviescommissie Kwaliteit bestaat uit een oneven aantal van ten hoogste vijftien leden die worden benoemd, geschorst en ontslagen door het Zorginstituut.
-3. De leden maken op persoonlijke titel deel uit van de Adviescommissie Kwaliteit.
-4. De benoeming van de leden van de Adviescommissie Kwaliteit vindt plaats op grond van de deskundigheid die nodig is voor de uitoefening van de taken van de Adviescommissie Kwaliteit en op grond van maatschappelijke kennis en ervaring.
-5. De benoeming vindt plaats voor een periode van vier jaar. Herbenoeming kan tweemaal en telkens voor ten hoogste vier jaar plaatsvinden.
-6. Het lidmaatschap eindigt tussentijds door overlijden, ontslag op eigen verzoek of ontslag om zwaarwichtige redenen door het Zorginstituut.
-7. Het lidmaatschap van de Adviescommissie Kwaliteit is onverenigbaar met het lidmaatschap van het bestuur van het Zorginstituut en de commissie, bedoeld in artikel 59a van de Zorgverzekeringswet.
-8. Bij regeling van Onze Minister worden de vergoeding van reis- en verblijfkosten en verdere vergoedingen aan de leden van de Adviescommissie Kwaliteit vastgesteld.
Art. 47e. [MvT]
-1. De Adviescommissie Kwaliteit stelt op een verzoek van het Zorginstituut als bedoeld in artikel 47b, derde lid, een professionele standaard of een meetinstrument op.
-2. De Adviescommissie Kwaliteit heeft tot taak het Zorginstituut te adviseren over aangelegenheden betreffende de kwaliteit van de zorg, waaronder:
a. de meerjarenagenda en het werkprogramma van het Zorginstituut;
b. de samenhang tussen professionele standaarden en de bekostiging van de zorg; en
c. het inzichtelijk maken van informatie over de kwaliteit van zorg.
-3. De Adviescommissie Kwaliteit kan ten behoeve van de uitvoering van haar werkzaamheden één of meer deskundigen op het gebied van een specifieke vorm van zorg inschakelen.

1. Ingevolge het Besluit van 11 februari 2014, Stb. 2014, 93, juncto het Besluit van 24 maart 2014, Stb. 2014, 136, treedt artikel I niet in werking, red.

 

Art. II.¹  [MvT]
De Zorgverzekeringswet wordt gewijzigd als volgt:
A.¹ [MvT]
In artikel 1 komt onderdeel p te luiden:

 

 

 


Klik hier om de volledige, bijgewerkte pagina te verkrijgen.