Door gebruik te maken van deze website gaat u akkoord met de cookies voor Google-advertenties. Meer info.
   

 

 

 

 

 

 

Parlementaire behandeling:
Kamerstukken II 2011-2012, 2012-2013, 2013-2014, 33 161.
Handelingen II
Kamerstukken I, 2013-2014, 33 161 (A, B, C, D, E, F, G, H, I, J, K, ...).
Handelingen I

VIERDE NOTA VAN WIJZIGING (in aanbouw)

 

 

WET van 2 juli 2014, Stb. 2014, 270, tot wijziging van de Wet werk en bijstand, de Wet sociale werkvoorziening, de Wet werk en arbeidsondersteuning jonggehandicapten en enige andere wetten gericht op bevordering deelname aan de arbeidsmarkt voor mensen met arbeidsvermogen en harmonisatie van deze regelingen (Invoeringswet Participatiewet). Inwerkingtreding: 1 januari 2015 (Stb. 2014, 271).

 

     WIJ WILLEM-ALEXANDER, bij de gratie Gods, Koning der Nederlanden, Prins van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

     Allen die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:
     Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het wenselijk is meer eenheid en duidelijkheid aan te brengen in de manier waarop mensen die nu met toepassing van de Wet werk en bijstand, de Wet sociale werkvoorziening dan wel de Wet werk en arbeidsondersteuning jonggehandicapten een inkomensvoorziening ontvangen of met een re-integratievoorziening werkzaamheden verrichten, dat het evenzo wenselijk is om mensen die nu nog aan de kant staan meer kansen te bieden op regulier werk of op andere vormen van arbeidsbevorderende participatie en om gemeenten hiervoor meer instrumenten te geven;
     Zo is het dat Wij, de Afdeling advisering van de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:

 

 

Art. I. Wijziging van de Wet werk en bijstand
De Wet werk en bijstand wordt als volgt gewijzigd:
0A.
Artikel 2 wordt als volgt gewijzigd:
1. Het opschrift komt te luiden:
Art. 2. Premies, wettelijk minimumloon en kinderbijslag
2. Er wordt onder vervanging van de punt aan het slot van onderdeel b door een puntkomma een onderdeel toegevoegd, luidende:
c. wettelijk minimumloon: het minimumloon per maand, bedoeld in artikel 8, eerste lid, onderdeel a, van de Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag, of, indien het een werknemer jonger dan 23 jaar betreft, het voor zijn leeftijd geldende minimumloon per maand, bedoeld in artikel 7, derde lid, en artikel 8, derde lid, van genoemde wet.
0Aa.
Artikel 5, onderdeel d, komt te luiden:
d. bijzondere bijstand: de bijstand, bedoeld in artikel 35, de individuele inkomenstoeslag, bedoeld in artikel 36, en de individuele studietoeslag, bedoeld in artikel 36b.
A.
Artikel 6 wordt als volgt gewijzigd:
1. Het opschrift komt te luiden: Definities in verband met arbeidsinschakeling.
2. Het eerste lid wordt als volgt gewijzigd:
a. In onderdeel a wordt "Wet werk en arbeidsondersteuning jonggehandicapten" vervangen door: Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten.
b. Er worden, onder vervanging van de punt aan het slot van onderdeel d door een puntkomma, drie onderdelen toegevoegd, luidende:
e. doelgroep loonkostensubsidie: personen als bedoeld in artikel 7, eerste lid, onderdeel a, van wie is vastgesteld dat zij met voltijdse arbeid niet in staat zijn tot het verdienen van het wettelijk minimumloon, doch wel mogelijkheden tot arbeidsparticipatie hebben;
f. dienstbetrekking: een privaatrechtelijke of publiekrechtelijke dienstbetrekking;
g. loonwaarde: vastgesteld percentage van het rechtens geldende loon voor de door een persoon die tot de doelgroep loonkostensubsidie behoort verrichte arbeid in een functie naar evenredigheid van de arbeidsprestatie in die functie van een gemiddelde werknemer met een soortgelijke opleiding en ervaring die niet tot de doelgroep loonkostensubsidie behoort.
3. Het tweede lid komt te luiden:
-2. De gemeenteraad stelt bij verordening regels over de doelgroep loonkostensubsidie en de loonwaarde, bedoeld in het eerste lid, onderdeel e en g. Deze regels bepalen in ieder geval:
a. de wijze waarop wordt vastgesteld wie tot de doelgroep loonkostensubsidie behoort; en
b. de wijze waarop de loonwaarde wordt vastgesteld.
Aa.
Aan paragraaf 1 van hoofdstuk 1 wordt een artikel toegevoegd, luidende:
Art. 6b. Medisch urenbeperkt
-1. In deze wet en de daarop berustende bepalingen wordt onder medisch urenbeperkt verstaan: als rechtstreeks en objectief medisch vast te stellen gevolg van ziekte, gebreken, zwangerschap of bevalling voor een geringer aantal uren belastbaar zijn dan de normale arbeidsduur, bedoeld in artikel 12, tweede lid, van de Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag.
-2. Het college kan:
a. ambtshalve vaststellen of een persoon als bedoeld in artikel 7, eerste lid, onderdeel a, onder 1º, medisch urenbeperkt is;
b. op schriftelijke aanvraag van een persoon als bedoeld in artikel 7, eerste lid, onderdeel a, onder 1º, vaststellen of hij medisch urenbeperkt is.
-3. Een aanvraag als bedoeld in het tweede lid, onderdeel b, kan slechts eenmaal per twaalf maanden worden ingediend.
-4. Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen verricht voor het college de werkzaamheden ten behoeve van de vaststelling of een persoon als bedoeld in artikel 7, eerste lid, onderdeel a, onder 1º, medisch urenbeperkt is en adviseert het college hierover.
B.
Artikel 7 wordt als volgt gewijzigd:
1. Het eerste lid, onderdeel a, komt te luiden:

 

 

 


Klik hier om de volledige, bijgewerkte pagina te verkrijgen.