Door gebruik te maken van deze website gaat u akkoord met de cookies voor Google-advertenties. Meer info.

 
 

 

St-AB.nl

 

 

 
     
 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

             

 

KAMERSTUKKEN

 

ALGEMENE  OUDERDOMSWET

 

 

MEMORIE VAN TOELICHTING

 
Kamerstukken II 1954-1955, 4009

Algemene ouderdomsverzekering ¹

1. Redactie: de wet is gepubliceerd in Stb. 1956, 281, en is in werking getreden met ingang van 1 augustus 1956 (Stb. 1956, 408).

 

 

Nr.r1 KONINKLIJKE  BOODSCHAP

 

Aan de Tweede Kamer der Staten-Generaal

 

     Wij bieden U hiernevens ter overweging aan een ontwerp van Wet inzake een algemene ouderdomsverzekering.
     De toelichtende memorie (en bijlage), die het Wetsvoorstel vergezelt, bevat de gronden waarop het rust.
     En hiermede bevelen Wij U in Godes heilige bescherming.

 

Soestdijk, 29 Juni 1955

 

JULIANA

 

 

 

Nr.r2 ONTWERP  VAN  WET

 

 

     WIJ JULIANA, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz., enz., enz.

     Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:
     Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het wenselijk is regelen te stellen inzake
een algemene, de gehele bevolking omvattende, verplichte verzekering tegen geldelijke gevolgen van ouderdom;
     Zo is het, dat Wij, de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:

 

 

HOOFDSTUK  I

Algemene bepalingen

 

Art. 1 [1].  [MvT]
-1. Voor de toepassing van deze wet wordt verstaan onder Onze Minister: Onze Minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid.
-2. Waar in deze wet wordt gesproken van gehuwde man of echtgenoot wordt daaronder niet verstaan de gehuwde man die duurzaam gescheiden van zijn echtgenote leeft.
-3. Waar in deze wet wordt gesproken van gehuwde vrouw of echtgenote wordt daaronder niet verstaan de gehuwde vrouw die duurzaam gescheiden van haar echtgenoot leeft.

 

Art. 2 [2].  [MvT]
Ingezetene in de zin van deze wet is degene die binnen het Rijk woont.

 

Art. 3 [3].  [MvT]
-1. Waar iemand woont, wordt naar de omstandigheden beoordeeld, voor zover in het volgende lid niet anders is bepaald.
-2. Ligt tussen het metterwoon verlaten van het Rijk en het metterwoon terugkeren binnen het Rijk een tijdvak van minder dan één jaar, dan wordt het metterwoon verlaten van het Rijk geacht niet te hebben plaatsgevonden. Dit geldt niet indien de betrokkene tijdens zijn afwezigheid op het grondgebied van een andere Mogendheid of in één der Overzeese Rijksdelen heeft gewoond.
-3. Schepen en luchtvaartuigen welke binnen het Rijk hun thuishaven hebben, worden ten opzichte van de bemanning beschouwd als deel van het Rijk.

 

Art. 4 [4].  [MvT]
-1. In de uitvoering van de in deze wet geregelde verzekering wordt voorzien door de Sociale Verzekeringsbank, met dien verstande dat de heffing en de invordering van de premiën geschieden door de RijksBelastingdienst.
-2. Voor zover de uitvoering van de in deze wet geregelde verzekering geschiedt door de Sociale Verzekeringsbank, kan Onze Minister nadere regelen stellen met betrekking tot de te voeren administratie en de registratie van de verzekerden.

 

Art. 5 [5].  [MvT]
-1. De Sociale Verzekeringsbank wordt bij de uitvoering van haar taak bijgestaan door de Raden van Arbeid.
-2. Onze Minister wijst, gehoord de Sociale Verzekeringsbank, de werkzaamheden aan betrekking hebbende op de uitvoering dezer wet welke door de Raden van Arbeid zullen worden verricht.
-3. In de gevallen waarin Onze Minister ingevolge het bepaalde in het vorige lid werkzaamheden aan de Raden van Arbeid heeft toegewezen, zijn de bepalingen van deze wet en van de tot haar uitvoering genomen besluiten van toepassing, met inachtneming van de wijzigingen welke de aard van het onderwerp vordert.
-4. Hetgeen ter uitvoering van het bepaalde in de vorige leden verder nodig is, wordt door Onze Minister geregeld.

 

 

HOOFDSTUK  II

Kring der verzekerden

 

Art. 6 [6].  [MvT]
-1. Verzekerd overeenkomstig de bepalingen van deze wet is degene die de leeftijd van 15 jaar, doch nog niet die van 65 jaar heeft bereikt, indien hij:

 

 

 


Klik hier om de volledige, bijgewerkte pagina te verkrijgen.



 

 

 

 

 

 

 

 

                                          

 

    
 

x

   

home | AOW | MvT | geschiedenis | sz-wetten | overige wetten | zoeken

© Copyright Stichting Adviesgroep Bestuursrecht. Alle rechten voorbehouden.
x