Door gebruik te maken van deze website gaat u akkoord met de cookies voor Google-advertenties. Meer info.

 
 

 

St-AB.nl

 

 

 
     
 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

             

 

KAMERSTUKKEN

 

WET  FINANCIERING  VOLKSVERZEKERINGEN

 

 

VOORSTEL VAN WET

rblz.|1| 

Kamerstukken II 1987-1988, 20 625

Financiering van de volksverzekeringen (Wet premieheffing volksverzekeringen)

 

 

Nr.r3 MEMORIE  VAN  TOELICHTING

 

Inhoudsopgave

xAlgemeen
1 Inleiding
2 Hoofdlijnen van de voorstellen van de commissie-Oort met betrekking tot de premieheffing volksverzekeringen
2.1 Uniformering van de grondslag van belasting- en premieheffing
2.2 Gevolgen van de uniformering van de grondslag voor het karakter van de premieheffing
2.3 Kabinetsstandpunt van 23 december 1986
3 Uitgebrachte adviezen
3.1 Het SER-advies
3.2 Het advies van de Emancipatieraad (ER)
3.3 Advies van de Ziekenfondsraad
4 Reactie van het kabinet op de uitgebrachte adviezen
4.1 Verzekeringsgedachte en solidariteit van de volksverzekeringen
4.2 Zeggenschap en financiering
4.3 Gelijke behandeling van mannen en vrouwen/Derde EG-richtlijn
4.4 Vrijstelling AKW-premie
4.5 Afzonderlijke voorstellen
4.6 Advies van de Ziekenfondsraad
5 Nadere uitwerking
5.1 Het wetsvoorstel in hoofdlijnen
5.2 Schuldige nalatigheid
5.3 Vrijwillige premiebetaling
5.4 Regeling gemoedsbezwaarden
6 Dereguleringsaspecten
7 Gevolgen voor de positie van vrouwen
xArtikelsgewijs
xxx Artikelen 2 t/m 53
 

 

 

[Algemeen, red.]

 

1. Inleiding


    
Het belang van een eenvoudige en doorzichtige belasting- en premieheffing wordt alom erkend.
     Sinds een reeks van jaren is er sprake van een toenemende complexiteit van regelgeving met betrekking tot de belastingheffing en de premieheffing. Tegelijkertijd is de kritiek op de toegenomen ingewikkeldheid en ondoorzichtigheid van de wetgeving toegenomen. Dit heeft ertoe geleid dat in september 1985 de Commissie tot vereenvoudiging van de loon- en inkomstenbelasting, verder te noemen de commissie-Oort, werd ingesteld. Deze had tot taak om vereenvoudigingsvoorstellen met betrekking tot de loon- en inkomstenbelasting te doen; daarbij diende zij mede de mogelijkheden te onderzoeken van een integratie van de heffing van de premies voor de volksverzekeringen en die van de loonbelasting en de inkomstenbelasting. In mei 1986 heeft de commissie-Oort haar rapport, getiteld Zicht op eenvoud, aangeboden.
     Kernpunt in het rapport van de commissie-Oort is het voorstel om te komen tot een gecombineerde heffing van belastingen en premies volksverzekeringen over een lang inkomenstraject, gekoppeld aan een vereenvoudiging van de horizontale tariefstructuur.
     Als uitvloeisel van het Regeerakkoord heeft het kabinet onmiddellijk na zijn aantreden de nadere uitwerking van de voorstellen met kracht ter hand genomen. Dit heeft geresulteerd in de formulering van het kabinetsstandpunt dat op 23 december 1986 aan de Tweede Kamer is aangeboden (Kamerstukken II 1986-1987, 19 567, nrs. 4-5). Tegelijkertijd is met betrekking tot een aantal onderdelen van de voorstellen advies gevraagd aan de Sociaal-Economische Raad (SER), de Stichting van de Arbeid en de Emancipatieraad. Het kabinet stelde zich daarbij op het standpunt dat het wenselijk is om de voorstellen in hoofdlijnen uit te voeren.
     Wat betreft de premieheffing volksverzekeringen heeft het kabinet daarbij geconstateerd dat in verband met deze voorstellen de wetgeving in belangrijke mate moet worden herzien. Daarbij is het voornemen kenbaar gemaakt om van deze gelegenheid gebruik te maken om de nu over de onderscheiden volksverzekeringswetten verdeelde wetgeving vast te leggen in een nieuwe Wet premieheffing volksverzekeringen. Aangekondigd is dat daarbij gebruikgemaakt zal worden van het wetsontwerp Financieringswet Sociale Zekerheid, dat destijds door de Staatscommissie
rblz.|2| vereenvoudiging en codificatie van de socialezekerheidswetgeving (commissie-Veldkamp) is opgesteld.
     De hierboven genoemde adviesorganen hebben alle hun adviezen vastgesteld. In dit wetsvoorstel worden de uitgebrachte adviezen besproken voor zover zij betrekking hebben op de premieheffing volksverzekeringen.
     De opbouw van deze memorie van toelichting is als volgt: in hoofdstuk 2 worden de voorstellen van de commissie-Oort, voor zover deze betrekking hebben op de premieheffing volksverzekeringen, besproken.
     Hoofdstuk 3 bevat een bespreking van de uitgebrachte adviezen.
     In hoofdstuk 4 wordt de zienswijze van het kabinet op de uitgebrachte adviezen besproken, voor zover deze betrekking hebben op de premieheffing volksverzekeringen. In hoofdstuk 5 staat de technische uitwerking van dit wetsvoorstel in hoofdlijnen.
     In de hoofdstukken 6 en 7 wordt ingegaan op de

 

 

 


Klik hier om de volledige, bijgewerkte pagina te verkrijgen.



 

 

 

 

 

 

 

 

                                          

 

    
 

x

   

home | Wfv | voorstel van wet | geschiedenis | sz-wetten | overige wetten | zoeken

Copyright Stichting Adviesgroep Bestuursrecht. Alle rechten voorbehouden.
x