Door gebruik te maken van deze website gaat u akkoord met de cookies voor Google-advertenties. Meer info.

 
 

 

St-AB.nl

 

 

 
     
 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

             

  
vorige

Geschiedenis socialezekerheidswetten

 

LEEMTEWET  AWB

Versie 26 april 1995

 

 

 

 
Parlementaire behandeling:

Kamerstukken II 1993-1994, 1994-1995, 23 780.
Handelingen II 1994-1995, blz. 3202-3203.
Kamerstukken I 1994-1995, 23 780 (220, 220a).
Handelingen I zie vergadering d.d. 25 april 1995.

 

 

WET van 26 april 1995, Stb. 1995, 250, tot wijziging van de Algemene wet bestuursrecht alsmede nadere aanpassing van een aantal wetten aan de Algemene wet bestuursrecht (Leemtewet Awb). Inwerkingtreding: 17 mei 1995.

 

     WIJ BEATRIX, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

     Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:
     Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het na de invoering van de Algemene wet bestuursrecht wenselijk is gebleken de Algemene wet bestuursrecht en een aantal andere wetten op een aantal punten te wijzigen;
     Zo is het, dat Wij, de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:

 

[Voor de socialezekerheidswetgeving relevante artikelen, red.]

 

 

HOOFDSTUK  1

Algemene wet bestuursrecht c.a.

 

Art. I.
De Algemene wet bestuursrecht wordt gewijzigd als volgt:
A.
In de artikelen 1:7, eerste lid, en 1:8, eerste lid, wordt "een bindend besluit van de Raad of de Commissie van de Europese Gemeenschappen" telkens vervangen door: een bindend besluit van de Raad van de Europese Unie, van het Europees Parlement en de Raad gezamenlijk of van de Commissie van de Europese Gemeenschappen.
Aa.
Artikel 8:1, tweede lid, komt te luiden:
-2. Met een besluit wordt gelijkgesteld een andere handeling van een bestuursorgaan waarbij een ambtenaar als bedoeld in artikel 1 van de Ambtenarenwet als zodanig of een dienstplichtige als bedoeld in artikel 1, onderdeel b, van de Wet rechtstoestand dienstplichtigen als zodanig, hun nagelaten betrekkingen of hun rechtverkrijgenden belanghebbende zijn.
B.
In artikel 8:4, onderdeel i, wordt na "voor zover het" ingevoegd: keuring, herkeuring,.
C.
Artikel 8:41 wordt gewijzigd als volgt:
1. In het eerste lid komen de tweede en derde volzin te luiden: Indien het een beroepschrift ter zake van twee of meer samenhangende besluiten of van twee of meer indieners ter zake van hetzelfde besluit betreft, is eenmaal griffierecht verschuldigd. In die gevallen bedraagt het griffierecht het hoogste op grond van het derde lid ter zake van één van de besluiten onderscheidenlijk door één van de indieners verschuldigde bedrag.
2. Het derde lid, onderdeel a, wordt gewijzigd als volgt:
a. de aanduiding van de subonderdelen "1e.", "2e." en "3e." wordt vervangen door onderscheidenlijk "1º.", "2º." en "3º.".
b. in subonderdeel 1º wordt na "25" ingevoegd: en 29.
c. in subonderdeel 2º wordt "als bedoeld in de Wet rechtstoestand dienstplichtigen" vervangen door: als bedoeld in artikel 1, onderdeel b, van de Wet rechtstoestand dienstplichtigen.
d. aan subonderdeel 3º wordt toegevoegd: of een besluit, genomen op grond van artikel P 9 van de Algemene burgerlijke pensioenwet,.
D.
Artikel 8:55 wordt gewijzigd als volgt:

 

 

 


Klik hier om de volledige, bijgewerkte pagina te verkrijgen.



 

 

 

 

 

 

 

                                          

 

    
 

x

   

home | geschiedenis | sz-wetten | overige wetten | zoeken | volgende

© Copyright Stichting Adviesgroep Bestuursrecht. Alle rechten voorbehouden.
x