Door gebruik te maken van deze website gaat u akkoord met de cookies voor Google-advertenties. Meer info.

 
 

 

St-AB.nl

 

 

 
     
 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

             

 

KAMERSTUKKEN

 

WET  WIJZIGING  WFV  INZAKE  MAXIMERING  PREMIEPERCENTAGE,  RIJKSBIJDRAGEN  ALGEMENE  OUDERDOMSVERZEKERING  EN  VORMING  SPAARFONDS  AOW

 

 

 

rblz.|1| 

Kamerstukken II 1997-1998, 25 699

Wijziging van de Wet financiering volksverzekeringen houdende regels omtrent de maximering van het premiepercentage en de mogelijkheid van verstrekking van rijksbijdragen voor de algemene ouderdomsverzekering, alsmede omtrent de vorming van een Spaarfonds AOW

 

 

Nr.r3 MEMORIE  VAN  TOELICHTING

 

Inhoudsopgave

xAlgemeen
1 Inleiding
2 Analyse
3 Mogelijke oplossingsrichtingen
4 Het SER-advies inzake de financiering van de AOW
5 Uitwerking van de beleidsvoornemens van het kabinet
5.1 Invulling van de maximering AOW-premie
5.2 Spaarfonds AOW
xArtikelsgewijs
xxv Artikelen I en II
xBijlage
 

 

 

Algemeen  deel

 

1. Inleiding


     Nederland kent een hoog niveau van de oudedagsvoorziening. De regering is er veel aan gelegen dit hoge niveau te behouden en tijdig knelpunten weg te nemen die tot een aantasting van dit niveau zouden kunnen leiden. Inmiddels is duidelijk dat de financierbaarheid van de oudedagsvoorziening onder druk kan komen te staan als gevolg van de vergrijzing. De rapporten en adviezen over hoe om te gaan met deze vergrijzingsproblematiek volgen elkaar snel op. Het vraagstuk van de financierbaarheid van de oudedagsvoorziening leidt tot onzekerheid bij mensen over de toekomst van de AOW en was voor de regering mede aanleiding om zich te bezinnen op de toekomst van de oudedagsvoorziening, zoals ook reeds was toegezegd in het kader van het regeerakkoord. In de nota Werken aan Zekerheid (Kamerstukken II 1996-1997, 25 010, nrs. 1-2, blz. 27 e.v.) heeft het kabinet helder zijn doelstelling met betrekking tot de oudedagsvoorziening geformuleerd. Het baseerde zich hierbij onder andere op de analyse in de Miljoenennota 1996 ten aanzien van de financiering van de kosten van de vergrijzing (MN 1996, blz. 20). De AOW dient als basispensioen te worden gewaarborgd. In een moderne samenleving moeten burgers een waardige oude dag tegemoet kunnen zien. Een volwaardig basispensioen is dan noodzakelijk, omdat ook in de toekomst rekening moet worden gehouden met een groep 65-plussers die geen of een beperkt aanvullend pensioen hebben.
     Teneinde deze doelstelling te realiseren, is een aanpassing van de financieringsstructuur van de AOW gewenst. Voorgesteld wordt deze aanpassing met betrekking tot de oudedagsvoorziening in de Wet financiering volksverzekeringen te verankeren. In de eerste plaats wordt in het onderhavige wetsvoorstel een bovengrens gesteld aan het premiepercentage AOW van 16,5% van het premieplichtige inkomen en wordt de resterende financieringsbehoefte van het Ouderdomsfonds aangevuld met rijksbijdragen. Op deze wijze wordt het draagvlak voor de financiering van de AOW-uitgaven verbreed en kan worden voorkomen dat het premiepercentage AOW, en daarmee het tarief eerste schijf, als gevolg van de toenemende vergrijzing fors oploopt. Dit heeft een gunstig effect
rblz.|2| op de arbeidskosten van mensen beneden 65 jaar en daarmee op de arbeidsparticipatie in de toekomst.
     In de tweede plaats wordt een Spaarfonds AOW geļntroduceerd. Door de komende decennia middelen te reserveren en te storten in het Spaarfonds AOW kan het Spaarfonds een bijdrage leveren aan de financiering van de piek van de AOW-uitgaven na 2020 en worden op deze wijze de AOW-uitgaven beter

 

 

 


Klik hier om de volledige, bijgewerkte pagina te verkrijgen.



 

 

 

 

 

 

 

 

                                          

 

    
 

x

   

home | de wet | geschiedenis | sz-wetten | overige wetten | zoeken

© Copyright Stichting Adviesgroep Bestuursrecht. Alle rechten voorbehouden.
x