Door gebruik te maken van deze website gaat u akkoord met de cookies voor Google-advertenties. Meer info.

 
 

 

St-AB.nl

 

 

 
     
 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

             

 
vorige

Geschiedenis socialezekerheidswetten

 

WET  UITVOERINGSORGANEN  VOLKSGEZONDHEID

Versie 27 maart 1999

 

 

 

 
Parlementaire behandeling:

Kamerstukken II 1997-1998, 1998-1999, 26 011.
Handelingen II 1998-1999, blz. 1260-1269, 1592.
Kamerstukken I 1998-1999, 26 011 (86, 86a, 86b, 86c).
Handelingen I 1998-1999, blz. 1087-1097.

MEMORIE VAN TOELICHTING

 

 

WET van 27 maart 1999, Stb. 1999, 185, tot wijziging van de Ziekenfondswet, de Wet tarieven gezondheidszorg en de Wet ziekenhuisvoorzieningen in verband met wijzigingen in de taak, samenstelling en werkwijze van de in die wetten geregelde bestuursorganen, alsmede wijziging van andere wetten in verband daarmee (uitvoeringsorganen volksgezondheid). Inwerkingtreding: 1 juli 1999 (Stb. 1999, 240); 1 januari 2000 (Stb. 1999, 471); 1 juli 2001 (Stb. 2001, 288).

 

     WIJ BEATRIX, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

     Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:
     Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat de algehele herziening van het adviesstelsel aanleiding geeft de taak, samenstelling en werkwijze van een aantal bestuursorganen op het terrein van de volksgezondheid te wijzigen en dat het derhalve wenselijk is daartoe de Ziekenfondswet, de Wet tarieven gezondheidszorg en de Wet ziekenhuisvoorzieningen alsmede enige andere wetten te wijzigen;
     Zo is het, dat Wij, de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:

 

 

HOOFDSTUK  I

Wijziging van de Ziekenfondswet

 

Art. I.  [MvT]
De Ziekenfondswet wordt als volgt gewijzigd:
A.
[MvT]
Artikel 1, eerste lid, wordt als volgt gewijzigd:
1. Onderdeel c komt te luiden:
c. het College: het College, bedoeld in artikel 1a;.
2. Onder vervanging van de punt aan het slot door een puntkomma worden twee onderdelen toegevoegd, luidende:
i. algemene verzekering bijzondere ziektekosten: de verzekering ingevolge de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten;
j. Algemene Kas: de kas, bedoeld in artikel 1q, eerste lid.
B.
[MvT]
Na artikel 1 worden drie nieuwe hoofdstukken ingevoegd, luidende:
HOOFDSTUK IA. Het College voor zorgverzekeringen
Art. 1a.
[MvT + bis]
-1. Er is een College voor zorgverzekeringen, dat rechtspersoonlijkheid bezit. Het College is gevestigd in een door Onze Minister te bepalen plaats.
-2. Het College is belast met de taken die hem zijn opgedragen bij of krachtens deze wet, de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten, de Wet financiering volksverzekeringen, de Overgangswet verzorgingshuizen, de Wet op de toegang tot ziektekostenverzekeringen 1998, de Wet tarieven gezondheidszorg, de Wet ziekenhuisvoorzieningen, een andere wet of een internationale overeenkomst.
-3. De taken van het College worden, tenzij anders bepaald, uitgevoerd door het bestuur. Het College wordt, behoudens voor zover het betreft taken van de Commissie, genoemd in artikel 1u, eerste lid, in en buiten rechte vertegenwoordigd door de voorzitter.
Art. 1b.
[MvT + bis]
-1. Het bestuur van het College bestaat uit een oneven aantal van ten hoogste negen leden, onder wie de voorzitter.
-2. Onze Minister benoemt, schorst en ontslaat de voorzitter en de overige leden. Benoeming vindt plaats op grond van de deskundigheid die nodig is voor de uitoefening van de taken van het College alsmede op grond van maatschappelijke kennis en ervaring. Van een besluit tot benoeming, schorsing of ontslag wordt mededeling gedaan in de Staatscourant.
-3. Bij ministeriŽle regeling kunnen functies of werkzaamheden worden aangewezen die niet verenigbaar zijn met het lidmaatschap van het bestuur van het College.
-4. Bij de samenstelling van het bestuur van het College wordt gestreefd naar evenredige deelneming van vrouwen en personen behorende tot etnische of culturele minderheidsgroepen.
-5. De leden worden benoemd voor ten hoogste vier jaar. Herbenoeming kan tweemaal en telkens voor ten hoogste vier jaar plaatsvinden.
-6. Het lidmaatschap eindigt tussentijds door overlijden, ontslag op eigen verzoek of ontslag om zwaarwichtige redenen door Onze Minister.
-7. Bij ministeriŽle regeling worden de vergoeding van reis- en verblijfkosten en verdere vergoedingen aan leden van het bestuur van het College en leden van commissies vastgesteld en kunnen nadere regels over hun rechtspositie worden vastgesteld.
Art. 1c.
[MvT + bis]
-1. Het College stelt een bestuursreglement vast. Daarin worden in ieder geval regels gesteld omtrent de wijze waarop besluiten worden voorbereid, genomen en uitgevoerd.
-2. In het bestuursreglement kan het College voorzien in de instelling van commissies, in welk geval in het bestuursreglement tevens regels worden gesteld omtrent de samenstelling en taken van de ingestelde commissies. In commissies kunnen ook personen deelnemen die geen lid van het College zijn.
-3. Vergaderingen van het bestuur en van commissies van het College zijn openbaar, behoudens voor zover in het bestuursreglement anders is bepaald.
-4. Het bestuursreglement behoeft de goedkeuring van Onze Minister.
Art. 1d.
[MvT + bis]
-1. Het College benoemt, schorst en ontslaat het personeel.
-2. Het College stelt met betrekking tot de arbeidsvoorwaarden van het personeel regels vast.
Art. 1e.
[MvT + bis]
Het College zendt jaarlijks vůůr 1 oktober aan Onze Minister een werkprogramma voor het volgende kalenderjaar. Het werkprogramma behoeft de instemming van Onze Minister. Onze Minister zendt het werkprogramma aan beide kamers der Staten-Generaal. Het College stelt het werkprogramma algemeen verkrijgbaar.
Art. 1f.
[MvT + bis]
Het College zendt jaarlijks vůůr 1 oktober aan Onze Minister een begroting van zijn beheerskosten voor het volgende kalenderjaar, alsmede een meerjarenraming. De begroting en de meerjarenraming behoeven de instemming van Onze Minister.
Art. 1g.
[MvT + bis]
Het College zendt jaarlijks vůůr 1 juli aan Onze Minister een verslag van de werkzaamheden, het gevoerde beleid in het algemeen en de doelmatigheid en doeltreffendheid van zijn werkzaamheden en werkwijze in het bijzonder, alsmede gegevens omtrent de uitvoering van het werkprogramma in het afgelopen kalenderjaar. Onze Minister zendt het verslag aan beide kamers der Staten-Generaal. Het College stelt het verslag algemeen verkrijgbaar.
Art. 1h.
[MvT + bis]
-1. Het College brengt jaarlijks vůůr 1 juli aan Onze Minister een financieel verslag over zijn beheerskosten over het afgelopen kalenderjaar uit, dat vergezeld gaat van een verklaring omtrent de getrouwheid en rechtmatigheid van de ontvangsten en uitgaven, afgegeven door een accountant als bedoeld in artikel 393 van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek, alsmede van een rapport van de accountant over de ordelijkheid en controleerbaarheid van het gevoerde financiŽle beheer.
-2. Het financieel verslag behoeft de instemming van Onze Minister. Onze Minister zendt het financieel verslag aan beide kamers der Staten-Generaal. Het College stelt het financieel verslag algemeen verkrijgbaar.
Art. 1i.
[MvT]
Bij ministeriŽle regeling kunnen regels worden gesteld over de inrichting van de begroting, het financieel verslag en aandachtspunten voor de accountantscontrole.
Art. 1j.
[MvT + bis]
De beheerskosten van het College worden volgens bij ministeriŽle regeling te stellen regels tot ten hoogste de in de begroting aangegeven bedragen gedekt uit de Algemene Kas en het Algemeen Fonds Bijzondere Ziektekosten, bedoeld in artikel 38 van de Wet financiering volksverzekeringen.
Art. 1k.
[MvT + bis]
Onze Minister kan beleidsregels vaststellen met betrekking tot de werkwijze en de uitoefening van de taken van het College.
Art. 1l.
[MvT + bis]
-1. Een besluit van het bestuur van het College of van de commissie, bedoeld in artikel 1u, kan bij koninklijk besluit worden vernietigd.
-2. Van een besluit tot vernietiging wordt mededeling gedaan door plaatsing in de Staatscourant.
Art. 1m.
[MvT + bis]
Het College geeft aan de ziekenfondsen en aan de rechtspersonen, bedoeld in artikel 14, aan de ziektekostenverzekeraars en de uitvoerende organen, bedoeld in de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten, aan de rechtspersonen, bedoeld in

 

 

 


Klik hier om de volledige, bijgewerkte pagina te verkrijgen.



 

 

 

 

 

 

 

                                          

 

    
 

x

   

home | geschiedenis | sz-wetten | overige wetten | zoeken | volgende

© Copyright Stichting Adviesgroep Bestuursrecht. Alle rechten voorbehouden.
x