Door gebruik te maken van deze website gaat u akkoord met de cookies voor Google-advertenties. Meer info.

 
 

 

St-AB.nl

 

 

 
                   

 
vorige

 

  
JURISPRUDENTIE   ---   Abw
x
LJN:
x
AV8704
Instantie:xxxxxxx Centrale Raad van Beroep
Datum uitspraak: 15-03-2006
Soort procedure: hoger beroep
Bron: Rechtspraak.nl
Essentie: Niet-ontvankelijkverklaring van het bezwaar wegens niet-verschoonbare overschrijding van de bezwaartermijn.

Transponeringstabel Abw naar Wwb

 
 

 

 
Uitspraak enkelvoudige kamer 05/1452 NABW




U I T S P R A A K




in het geding tussen:

[appellant], wonende te [woonplaats], appellant,

en

het College van burgemeester en wethouders van de gemeente Veenendaal, gedaagde.




I. ONTSTAAN EN LOOP VAN HET GEDING


Appellant heeft hoger beroep ingesteld tegen de uitspraak van de rechtbank Utrecht van 18 januari 2005, reg.nr. SBR 04/2515.

Gedaagde heeft een verweerschrift ingediend.

Appellant heeft nadere stukken ingezonden.

Het geding is behandeld ter zitting van 1 februari 2006, waar appellant in persoon is verschenen, vergezeld door zijn broer [appellant], en waar gedaagde zich - met voorafgaand bericht - niet heeft laten vertegenwoordigen.




II. MOTIVERING


De Raad gaat uit van de volgende in dit geding van belang zijnde feiten en omstandigheden.

Bij besluiten van 16 oktober 2003 en 10 december 2003 heeft gedaagde de uitkering van appellant ingevolge de Algemene bijstandswet beëindigd, de ten onrechte gemaakte kosten van bijstand van appellant teruggevorderd en aan appellant een boete opgelegd.

Bij brief van 8 maart 2004, door gedaagde ontvangen op 10 maart 2004, heeft appellant bezwaar gemaakt tegen de terugvordering en de boete.

Bij besluit van 24 augustus 2004 heeft gedaagde het bezwaar niet-ontvankelijk verklaard op de grond dat de termijn voor het indienen van een bezwaarschrift is overschreden en dat niet is gebleken van redenen om de termijnoverschrijding verschoonbaar te achten.

Bij de aangevallen uitspraak heeft de rechtbank het beroep tegen het besluit van 24 augustus 2004 ongegrond verklaard. De rechtbank heeft aan haar oordeel ten grondslag gelegd dat niet is gebleken van bijzondere omstandigheden die appellant hebben belet tijdig een bezwaarschrift in te dienen en dat appellant voorts niet aannemelijk heeft gemaakt dat hij uit het telefonische contact met gedaagde mocht of kon afleiden dat de bezwaartermijn niet van toepassing was.

Appellant heeft in hoger beroep onder meer aangevoerd dat hij sinds 10 december 2003 telefonisch contact heeft gehad met gedaagde en dat hij in de veronderstelling verkeerde dat de zaak door gedaagde correct werd afgehandeld en opgelost. Toen appellant was gebleken dat hij schriftelijk een bezwaarschrift moest indienen, was de termijn daarvoor inmiddels verstreken.

De Raad onderschrijft het oordeel van de rechtbank en de daaraan ten grondslag gelegde overwegingen. Ook de Raad is niet gebleken van omstandigheden die ertoe leiden dat redelijkerwijs niet kan worden geoordeeld dat appellant in verzuim is geweest. De Raad acht op zichzelf niet onaannemelijk dat appellant met gedaagde telefonisch contact heeft gehad met betrekking tot de aan hem gerichte besluiten. Nu omtrent de inhoud van dit contact geen verifieerbare gegevens zijn overgelegd (zodat met name niet kan worden vastgesteld dat sprake is geweest van een toezegging dat de zaak zou worden opgelost zonder dat daarvoor een bezwaarschrift nodig was), kan de Raad aan het betoog van appellant echter niet de conclusie verbinden die appellant daaraan verbonden wenst te zien.

In hetgeen overigens door appellant is aangevoerd en ter zitting door hem nog nader is toegelicht, ziet de Raad geen grond om tot een ander oordeel te komen.

De aangevallen uitspraak komt derhalve voor bevestiging in aanmerking.

De Raad ziet ten slotte geen aanleiding voor een veroordeling in de proceskosten.




III. BESLISSING


De Centrale Raad van Beroep;

Recht doende:

Bevestigt de aangevallen uitspraak.

Aldus gewezen door mr. drs. Th.G.M. Simons, in tegenwoordigheid van L. Jörg als griffier, en uitgesproken in het openbaar op 15 maart 2005.

(get.) Th.G.M. Simons.

(get.) L. Jörg.

 

 

 

 

 

                                          

 

    
 

x

   

home | jurisprudentie | jur. Abw | Abw | Wwb | sz-wetten | overige wetten | zoeken | volgende

© Copyright Stichting Adviesgroep Bestuursrecht. Alle rechten voorbehouden.
x