Door gebruik te maken van deze website gaat u akkoord met de cookies voor Google-advertenties. Meer info.

 
 

 

St-AB.nl

 

 

 
                   

 
vorige

 

 
JURISPRUDENTIE   ---   AKW
x
LJN:
x
AY7980
Instantie:xxxxxxx Centrale Raad van Beroep
Datum uitspraak: 08-09-2006
Soort procedure: hoger beroep
Bron: Rechtspraak.nl
Essentie: Ten onrechte is geen vergoeding van het griffierecht toegekend in het beroep in eerste aanleg.
 
 
 

 

 
Uitspraak enkelvoudige kamer 06/1158 AKW




U I T S P R A A K




op het hoger beroep van:

[appellante], wonende te [woonplaats] (Marokko) (hierna: appellante),

tegen de uitspraak van de rechtbank Amsterdam van 23 januari 2006, 03/864 (hierna: aangevallen uitspraak),

in het geding tussen:

appellante

en

de Raad van bestuur van de Sociale verzekeringsbank (hierna: Svb).

Datum uitspraak: 8 september 2006.




I. PROCESVERLOOP


Appellante heeft hoger beroep ingesteld.

Het onderzoek ter zitting heeft plaatsgevonden op 28 juli 2006. Appellante is daarbij niet verschenen. De Svb heeft zich laten vertegenwoordigen door mr. P.C.J. van de Nes.




II. OVERWEGINGEN


De rechtbank heeft bij de aangevallen uitspraak het beroep van appellante niet-ontvankelijk verklaard, omdat de Svb ter zitting van de rechtbank had medegedeeld het bestreden besluit, handelend over de terug- en invordering van te veel betaalde kinderbijslag, niet langer te handhaven en appellante als gevolg daarvan geen belang meer had bij een inhoudelijk oordeel van de rechtbank.

De Raad kan zich met dit oordeel van de rechtbank geheel verenigen en maakt dat tot het zijne. Hetgeen door appellante in hoger beroep is aangevoerd heeft de Raad niet tot een ander oordeel kunnen brengen. Daarbij merkt de Raad nog op dat het bestreden besluit geen betrekking heeft op de verdere aanspraak op kinderbijslag voor appellante, zodat daarover in deze procedure geen oordeel kan worden gegeven.

Ten slotte is de Raad van oordeel dat de rechtbank ten onrechte geen aanleiding heeft gezien te bepalen dat het griffierecht aan appellante vergoed dient te worden, nu haar beroep er (mede) toe heeft geleid dat de Svb het bestreden besluit niet langer heeft gehandhaafd. Dit betekent dat de aangevallen uitspraak niet in stand kan blijven, voorzover daarbij niet is bepaald dat de Svb het griffierecht aan appellante dient te vergoeden.

De Raad acht geen termen aanwezig toepassing te geven aan artikel 8:75 van de Algemene wet bestuursrecht inzake een vergoeding van proceskosten, nu van voor vergoeding in aanmerking komende kosten niet is gebleken.




III. BESLISSING


De Centrale Raad van Beroep;

Recht doende:

Vernietigt de aangevallen uitspraak voorzover betrekking hebbend op de vergoeding van het griffierecht;
Bevestigt de aangevallen uitspraak voor het overige:
Bepaalt dat de Sociale verzekeringsbank aan appellante het betaalde griffierecht ad 132,- dient te vergoeden.

Deze uitspraak is gedaan door T.L. de Vries. De beslissing is, in tegenwoordigheid van J.J.B. van der Putten als griffier, uitgesproken in het openbaar op8 september 2006.

(get.) T.L. de Vries.

(get.) J.J.B. van der Putten.

 

 

 

 

 

                                          

 

    
 

x

   

home | jurisprudentie | jur. AKW | AKW | sz-wetten | overige wetten | zoeken | volgende

Copyright Stichting Adviesgroep Bestuursrecht. Alle rechten voorbehouden.
x