Door gebruik te maken van deze website gaat u akkoord met de cookies voor Google-advertenties. Meer info.

 
 

 

St-AB.nl

 

 

 
                   

 
vorige

 

 
JURISPRUDENTIE   ---   CSV
x
LJN:
x
AP2331
Instantie:xxxxxxx Centrale Raad van Beroep
Datum uitspraak: 10-06-2004
Soort procedure: hoger beroep
Bron: Rechtspraak.nl
Essentie: Premieloon: de betalingen met de vermelding "kosten acquisitie" worden voor 70% als loon aangemerkt.
 
 
 

 

 
Uitspraak 01/5699 CSV en 01/5701 CSV




U I T S P R A A K




in het geding tussen:

[naam B.V. ], gevestigd te [vestigingsplaats], appellante,

en

de Raad van bestuur van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen, gedaagde.




I. ONTSTAAN EN LOOP VAN HET GEDING


Met ingang van 1 januari 2002 is de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen in werking getreden. Ingevolge de Invoeringswet Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen treedt in dit geding de Raad van bestuur van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (Uwv) in de plaats van het Landelijk instituut sociale verzekeringen (Lisv). In deze uitspraak wordt onder gedaagde tevens verstaan het Lisv.

Bij beroepschrift van 1 november 2001 heeft E. de Rooij, werkzaam bij Buro van Yperen Belastingadviseurs B.V. te Etten-Leur, als gemachtigde van appellante op bij aanvullend beroepschrift aangevoerde gronden hoger beroep ingesteld tegen de door de rechtbank Breda op 21 september 2001, nummers 99/1478 en 00/1432, tussen partijen gewezen uitspraak.

Gedaagde heeft een verweerschrift ingediend.

Het geding is behandeld ter zitting van de Raad op 25 maart 2004, waar voor appellante is verschenen E. de Rooij, voornoemd, en waar namens gedaagde niemand is verschenen.




II. MOTIVERING


In de onderhavige zaak spitst het geding zich toe op de vraag of gedaagde terecht over de jaren 1993 tot en met 1996 premies heeft geheven ter zake van betalingen, in appellantes administratie verantwoord onder de aanduiding "kosten acquisitie", welke appellante zou hebben verricht aan Overseas Industrial Contractors Limited (hierna: OIC Ltd), gevestigd te Jersey. Gedaagde heeft 70% van de betreffende betalingen als loon aangemerkt.

In de aangevallen uitspraak heeft de rechtbank geoordeeld dat gedaagde zich in redelijkheid op het standpunt heeft kunnen stellen dat sprake is van premieloon. Appellante is er naar het oordeel van de rechtbank niet in geslaagd aan te tonen dat van premieloon geen sprake is.

De Raad beantwoordt deze vraag, evenals de rechtbank, bevestigend en stelt zich achter de overwegingen van de aangevallen uitspraak.

De Raad overweegt voorts naar aanleiding van de desgevraagd zijdens appellante in hoger beroep overgelegde uitspraak van de Belastingskamer van het Gerechtshof 's-Hertogenbosch van 29 augustus 2002 dat in deze uitspraak evenmin aanleiding gevonden kan worden voor het standpunt van appellante dat geen sprake is van premieloon. In de betreffende uitspraak heeft het Hof - voor zover in de onderhavige procedure van belang - niet onredelijk geoordeeld dat de Inspecteur 70% van de door appellante ten name van OIC Ltd in de jaren 1987 tot en met 1989 geadministreerde betalingen als zwart loon heeft aangemerkt. Gesteld noch gebleken is dat de feitelijke situatie ten aanzien van de betalingen aan OIC Ltd in de thans in geding zijnde jaren in relevante mate afwijkt van die in de jaren 1987 tot en met 1989. Het feit dat appellante tegen deze uitspraak cassatie heeft ingesteld, brengt de Raad niet tot een ander oordeel.

In verband met het voorgaande ziet de Raad evenmin aanleiding de in geding zijne boetenota's, opgelegd over de jaren 1994 tot en met 1996 voor onjuist te houden. Appellante heeft tegen deze nota's ook geen specifieke grieven aangevoerd.

De Raad acht geen termen aanwezig om toepassing te geven aan artikel 8:75 van de Algemene wet bestuursrecht.




III. BESLISSING


De Centrale Raad van Beroep;

Recht doende:

Bevestigt de aangevallen uitspraak.

Aldus gegeven door mr. R.C. Schoemaker als voorzitter en mr. G. van der Wiel en mr. R.C. Stam als leden, in tegenwoordigheid van mr. A. Kovács als griffier en uitgesproken in het openbaar op 10 juni 2004.

(get.) R.C. Schoemaker.

(get.) A. Kovács.

 

 

 

 

 

                                          

 

    
 

x

   

home | jurisprudentie | jur. CSV | CSV | sz-wetten | overige wetten | zoeken | volgende

© Copyright Stichting Adviesgroep Bestuursrecht. Alle rechten voorbehouden.
x