Door gebruik te maken van deze website gaat u akkoord met de cookies voor Google-advertenties. Meer info.

 
 

 

St-AB.nl

 

 

 
                 

 
vorige

 

 
JURISPRUDENTIE   ---   CSV
x
LJN:
x
AZ8106
Instantie:xxxxxxx Centrale Raad van Beroep
Datum uitspraak: 25-01-2007
Soort procedure: hoger beroep
Bron: Rechtspraak.nl
Essentie: Oplegging van correctie- en boetenota's over de jaren in geding met toepassing van het anoniementarief. Bij de aanvang van het dienstverband van een aanzienlijk aantal werknemers is geen kopie van de identiteitsbewijzen opgenomen in de loonadministratie.
 
 
 

 

 
Uitspraak enkelvoudige kamer 06/258 CSV




U I T S P R A A K




op het hoger beroep van:

[appellant], gevestigd te [vestigingsplaats] (hierna: appellant),

tegen de uitspraak van de rechtbank Assen van 1 december 2005, 04/32 (hierna: aangevallen uitspraak),

in het geding tussen:

appellant

en

de Raad van bestuur van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (hierna: Uwv).

Datum uitspraak: 25 januari 2007.




I. PROCESVERLOOP


Namens appellant heeft J.H. Ensing van het gelijknamige administratiekantoor te Roden hoger beroep ingesteld.

Het Uwv heeft een verweerschrift ingediend.

Het onderzoek ter zitting is ter behandeling aan de orde gesteld op 14 december 2006.
Partijen zijn daar, na zulks vooraf schriftelijk te hebben verricht, niet verschenen.




II. OVERWEGINGEN


De Raad verwijst voor een weergave van de in dit geding van belang zijnde feiten en omstandigheden naar de aangevallen uitspraak.

Hij volstaat hier met de vermelding dat in het kader van een namens het Uwv gebracht bezoek aan appellant ter verificatie van de loonopgaven over de jaren 1998 tot en met 2002 van een aanzienlijk aantal werknemers geen kopie van een identiteitsbewijs in de administratie voorhanden was en dat hoewel herhaaldelijk de gelegenheid tot verzuimherstel is geboden in de loop van april en mei 2003 deze omissie nog steeds niet genoegzaam was opgeheven. Dit heeft het Uwv gebracht tot handhaving bij het in geding zijnde besluit van 28 november 2003 van premiecorrecties en boetenota’s met toepassing van het anoniementarief.

Appellant heeft in hoger beroep in essentie dezelfde grieven ontwikkeld als in eerste aanleg.

De Raad oordeelt evenals de rechtbank in de aangevallen uitspraak dat appellant, bij gebreke aan bewijs van het tegendeel van bovenvermelde feiten, ten aanzien van de betrokken werknemers niet aan de verplichting heeft voldaan om de benodigde identiteitsbewijzen in de zin van artikel 1 van de Wet op de identificatieplicht, na vaststelling van hun identiteit bij aanvang van hun dienstverband, onmiddellijk in kopie in de loonadministratie op te nemen. De Raad kan hierbij niet inzien of en hoe de administratieve controle door het Uwv onzorgvuldig heeft plaatsgevonden, te meer niet nu hier een primerende administratieve verplichting van appellant als werkgever in het geding is. Hiervan uitgaande, lag het, anders dan waarvan appellant in beroep uitgaat, geenszins in de rede dat het Uwv zelf een onderzoek bij de werknemers op de werkvloer zou moeten instellen om moeilijk uitvoerbare naspeuringen te doen naar hun identiteit. Voor het zoekraken van gegevens bij appellant is hijzelf als werkgever verantwoordelijk. Tenslotte acht de Raad de nog in hoger beroep ingekomen identiteitsbewijzen in het kader ook van zijn vaste jurisprudentie uiterst tardief overgelegd en zulks vermag het hoger bedoelde verzuim van appellant als werkgever niet alsnog te verhelpen.

Terecht heeft de rechtbank dan ook geoordeeld dat daardoor correctienota’s en boetenota’s van appellant over de jaren 1998 tot en met 2002 op goede gronden bij de brutering van de lonen op basis van het anoniementarief zijn opgelegd.

De aangevallen uitspraak komt derhalve voor bevestiging in aanmerking.

Voor een proceskostenveroordeling acht de Raad geen termen aanwezig.




III. BESLISSING


De Centrale Raad van Beroep;

Recht doende:

Bevestigt de aangevallen uitspraak.

Deze uitspraak is gedaan door B.J. van der Net. De beslissing is, in tegenwoordigheid van D. Olthof als griffier, uitgesproken in het openbaar op 25 januari 2007.

(get.) B.J. van der Net.

(get.) D. Olthof.

 

 

 

 

 

                                          

 

    
 

x

   

home | jurisprudentie | jur. CSV | CSV | sz-wetten | overige wetten | zoeken | volgende

© Copyright Stichting Adviesgroep Bestuursrecht. Alle rechten voorbehouden.
x