Door gebruik te maken van deze website gaat u akkoord met de cookies voor Google-advertenties. Meer info.

 
 

 

St-AB.nl

 

 

 
                 

 
vorige

 

 
JURISPRUDENTIE   ---   WAO
x
LJN:
x
AY3875
Instantie:xxxxxxx Centrale Raad van Beroep
Datum uitspraak: 12-07-2006
Soort procedure: hoger beroep
Bron: Rechtspraak.nl
Essentie: Het bestreden besluit ziet niet op de medische situatie van betrokkene, maar is enkel gebaseerd op de invloed die betrokkenes inkomsten hebben op de uitbetaling van de WAO-uitkering.
 
 
 

 

 
Uitspraak meervoudige kamer 04/2195 WAO




U I T S P R A A K




op het hoger beroep van:

[appellante], wonende te [woonplaats] (hierna: appellante),

tegen de uitspraak van de rechtbank Utrecht van 18 maart 2004, 03/825 (hierna: aangevallen uitspraak),

in het geding tussen:

appellante

en

de Raad van bestuur van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (hierna: Uwv).

Datum uitspraak: 12 juli 2006.




I. PROCESVERLOOP


Namens appellante heeft mr. W.P.J.M. van Gestel, werkzaam bij ARAG Nederland, Algemene Rechtsbijstand Verzekeringsmaatschappij N.V. te Leusden, hoger beroep ingesteld.

Het Uwv heeft een verweerschrift ingediend.

Het geding is ter behandeling aan de orde gesteld ter zitting van de Raad op 31 mei 2006, waar partijen, met voorafgaand bericht van verhindering, niet zijn verschenen.




II. OVERWEGINGEN


Appellante ontvangt sedert 5 december 1994 een uitkering ingevolge de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (WAO), berekend naar een mate van arbeidsongeschiktheid van 35 tot 45%. Naar aanleiding van een op 18 oktober 2002 door het Uwv ontvangen inlichtingenformulier met daarbij gevoegde loonstaat heeft het Uwv bij besluit van diezelfde datum aan appellante meegedeeld dat haar arbeidsongeschiktheid over de periode van 18 maart 2002 tot 18 oktober 2002 ongewijzigd dient te worden vastgesteld. Appellante heeft tegen het besluit van 18 oktober 2002 bezwaar gemaakt en daarbij aangevoerd dat zij ziek is vanaf 3 juni 2002, hetgeen bij brief van 12 juni 2002 aan het Uwv is meegedeeld, en dat zij derhalve op medische gronden volledig arbeidsongeschikt is.

Bij besluit van 24 maart 2003 (hierna: het bestreden besluit) heeft het Uwv het bezwaar kennelijk ongegrond verklaard. Daarbij is overwogen dat het besluit van 18 oktober 2002 niet ziet op de medische situatie van appellante, maar enkel is gebaseerd op de invloed die appellantes inkomsten hebben op de uitbetaling van de WAO-uitkering. In dit kader, waarin geen medisch-arbeidskundig onderzoek plaatsvindt, is het feit dat appellante van mening is dat haar mate van arbeidsongeschiktheid op medische gronden op een hoger percentage dient te worden vastgesteld, niet relevant.

De rechtbank heeft het beroep tegen het bestreden besluit ongegrond verklaard. Daarbij heeft de rechtbank vorenvermeld standpunt van het Uwv volledig onderschreven.

In hoger beroep is namens appellante aangevoerd dat zij na 1 november 1999 geen inkomsten uit arbeid meer heeft genoten. De door haar verworven inkomsten zijn inkomsten uit een B.V. in ruste (een soort pensioen-B.V.).

De Raad onderschrijft hetgeen de rechtbank in haar uitspraak heeft overwogen. Naar aanleiding van hetgeen appellante in hoger beroep heeft aangevoerd voegt de Raad daar aan toe dat de aard van de over genoemde periode door appellante verworven inkomsten in casu niet ter zake doet, nu die inkomsten geen aanleiding hebben gegeven tot korting van de WAO-uitkering.

Het vorenstaande leidt tot de conclusie dat het hoger beroep niet slaagt en dat de aangevallen uitspraak dient te worden bevestigd.

De Raad acht geen termen aanwezig om toepassing te geven aan artikel 8:75 van de Algemene wet bestuursrecht.




III. BESLISSING


De Centrale Raad van Beroep;

Recht doende:

Bevestigt de aangevallen uitspraak.

Deze uitspraak is gedaan door M.S.E. Wulffraat-van Dijk als voorzitter en M.C. Bruning en C.P.M. van de Kerkhof als leden. De beslissing is, in tegenwoordigheid van J.J. Janssen als griffier, uitgesproken in het openbaar op 12 juli 2006.

(get.) M.S.E. Wulffraat-van Dijk.

(get.) J.J. Janssen.

 

 

 

 

 

                                          

 

    
 

x

   

home | jurisprudentie | jur. WAO | WAO | sz-wetten | overige wetten | zoeken | volgende

Copyright Stichting Adviesgroep Bestuursrecht. Alle rechten voorbehouden.
x