Door gebruik te maken van deze website gaat u akkoord met de cookies voor Google-advertenties. Meer info.

 
 

 

St-AB.nl

 

 

 
                 

 
vorige

 

 
JURISPRUDENTIE   ---   WAO
x
LJN:
x
AY5958
Instantie:xxxxxxx Centrale Raad van Beroep
Datum uitspraak: 08-08-2006
Soort procedure: hoger beroep
Bron: Rechtspraak.nl
Essentie: Verzoek om terug te komen van een eerder genomen besluit. Er zijn geen nieuwe feiten of veranderde omstandigheden.
 
 
 

 

 
Uitspraak enkelvoudige kamer 04/3331 WAO




U I T S P R A A K




op het hoger beroep van:

[appellant], wonende te [woonplaats] (hierna: appellant),

tegen de uitspraak van de rechtbank Maastricht van 11 mei 2004, 03/994 (hierna: aangevallen uitspraak),

in het geding tussen:

appellant

en

de Raad van bestuur van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (hierna: Uwv).

Datum uitspraak: 08 augustus 2006.




I. PROCESVERLOOP


Namens appellant heeft mr. H.E.G. Peters, advocaat te Geleen, hoger beroep ingesteld.

Het Uwv heeft een verweerschrift ingediend.

Het geding is aan de orde gesteld ter zitting van 27 juni 2006. Partijen zijn - het Uwv met voorafgaande berichtgeving - niet verschenen.




II. OVERWEGINGEN


Met ingang van 1 januari 2002 is de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen in werking getreden. Ingevolge de Invoeringswet Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen treedt in dit geding het Uwv in de plaats van het Landelijk instituut sociale verzekeringen (Lisv). In deze uitspraak wordt onder het Uwv, tevens verstaan het Lisv dan wel de rechtsvoorganger, zijnde in dit geval de bedrijfsvereniging voor Overheidsdiensten.

Bij besluit van 9 december 1982 is aan appellant medegedeeld dat aan hem per datum einde wachttijd, zijnde 23 september 1980, geen uitkeringen ingevolge de Algemene Arbeidsongeschiktheidswet en de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering is toegekend onder overweging dat appellant op genoemde datum minder dan 25% respectievelijk minder dan 15% arbeidsongeschikt is geacht.

Tegen dit besluit is appellant tot aan de Centrale Raad van Beroep in rechte opgekomen, hetgeen blijkens de betreffende uitspraak van de Raad van 12 mei 1986 niet heeft geleid tot vernietiging van het genoemde besluit.

Bij brief van 12 oktober 1997 heeft appellant het Uwv verzocht om terug te komen van het besluit van 9 december 1982. Bij besluit van 27 januari 1998 heeft het Uwv dit verzoek afgewezen. Tegen laatstgenoemd besluit is appellant eveneens tot aan de Centrale Raad van Beroep in rechte opgekomen, hetgeen blijkens de dat hoger beroep betreffende uitspraak van de Raad van 9 oktober 2001 eveneens niet heeft geleid tot vernietiging van dat besluit.

Bij brief van 28 augustus 2002 heeft appellant wederom aan het Uwv verzocht terug te komen van het besluit van 9 december 1982. Bij besluit van 3 februari 2003 heeft het Uwv dit verzoek afgewezen op de grond dat geen nieuwe feiten of omstandigheden zijn gebleken die er toe leiden dat moet worden teruggekomen op het besluit van 9 december 1982.
Het namens appellant hiertegen gemaakte bezwaar is bij besluit van 2 juni 2003 (hierna: het bestreden besluit) ongegrond verklaard.
De rechtbank heeft het beroep tegen het bestreden besluit bij de aangevallen uitspraak ongegrond verklaard. Aan de orde is de vraag of de Raad de rechtbank kan volgen in haar oordeel dat het bestreden besluit in rechte kan standhouden.

De Raad overweegt als volgt.

In artikel 4:6, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) is bepaald dat, indien na een geheel of gedeeltelijk afwijzende beschikking een nieuwe aanvraag wordt gedaan, de aanvrager gehouden is nieuw gebleken feiten of veranderde omstandigheden te vermelden. Ingevolge het tweede lid kan het bestuursorgaan, wanneer geen nieuw gebleken feiten of veranderde omstandigheden worden vermeld, zonder toepassing te geven aan artikel 4:5 van de Awb, de aanvraag afwijzen onder verwijzing naar zijn eerdere afwijzende besluit.

Hetgeen appellant heeft aangevoerd ter ondersteuning van zijn - tweede - herhaalde aanvraag van 28 augustus 2002 komt er op neer dat appellant van mening is dat zijn klachten en beperkingen - destijds - door het Uwv zijn onderschat. Ter onderbouwing van zijn stelling overlegt appellant diverse stukken, waaronder meerdere brieven van neurochirurg dr. A.C.J. Slooff uit de periode 1978 tot 1984 en een rapport van orthopedisch chirurg H.M.F.J. van Beek van 30 augustus 1982. De Raad overweegt dat deze informatie geen nieuwe feiten of veranderde omstandigheden in de zin van artikel 4:6 van de Awb bevatten. Zij waren immers reeds bekend, dan wel hadden bekend kunnen zijn ten tijde van de procedure gericht tegen het besluit van 9 december 1982, dan wel ten tijde van de eerdere procedures waarin appellant het Uwv verzocht heeft terug te komen van dit besluit. Om die reden verzet artikel 4:6 van de Awb zich er tegen dat deze informatie andermaal wordt bezien in het kader van een op de voet van dit artikel ingediend verzoek.

Het Uwv was dan ook bevoegd om met toepassing van artikel 4:6 van de Awb de aanvraag af te wijzen en voor de motivering van die beslissing te volstaan met te verwijzen naar het besluit van 9 december 1982. In hetgeen door appellant is gesteld ziet de Raad geen grond te oordelen dat het Uwv niet in redelijkheid van die bevoegdheid gebruik heeft kunnen maken.

Uit het vorenstaande vloeit voort dat het hoger beroep niet kan slagen zodat de aangevallen uitspraak voor bevestiging in aanmerking komt.

De Raad acht geen termen aanwezig om toepassing te geven aan artikel 8:75 van de Awb.




III. BESLISSING


De Centrale Raad van Beroep;

Recht doende:

Bevestigt de aangevallen uitspraak.

Deze uitspraak is gedaan door C.W.J. Schoor. De beslissing is, in tegenwoordigheid van M.H.A. Jenniskens als griffier, uitgesproken in het openbaar op 8 augustus 2006.

(get.) C.W.J. Schoor.

(get.) M.H.A. Jenniskens.

 

 

 

 

 

                                          

 

    
 

x

   

home | jurisprudentie | jur. WAO | WAO | sz-wetten | overige wetten | zoeken | volgende

Copyright Stichting Adviesgroep Bestuursrecht. Alle rechten voorbehouden.
x