Door gebruik te maken van deze website gaat u akkoord met de cookies voor Google-advertenties. Meer info.

 
 

 

St-AB.nl

 

 

 
                 

 
vorige

 

 
JURISPRUDENTIE   ---   WAZ
x
LJN:
x
BA1276
Instantie:xxxxxxx Centrale Raad van Beroep
Datum uitspraak: 16-03-2007
Soort procedure: hoger beroep
Bron: Rechtspraak.nl
Essentie: Herziening WAZ-uitkering en nadere vaststelling naar een mate van arbeidsongeschiktheid van 65 tot 80%, omdat betrokkene in staat wordt geacht tot het verrichten van gangbare arbeid gedurende 40 uren per week. De medische gronden zijn door betrokkene niet met geneeskundige informatie onderbouwd.
 
 
 

 

 
Uitspraak meervoudige kamer 05/609 WAZ




U I T S P R A A K



  
op het hoger beroep van:

[appellant], wonende te [woonplaats] (hierna: appellant),

tegen de uitspraak van de rechtbank Utrecht van 18 januari 2005, 04/375 (hierna: de aangevallen uitspraak),

in het geding tussen:

appellant

en

de Raad van bestuur van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (hierna: het Uwv).

Datum uitspraak: 16 maart 2007.




I. PROCESVERLOOP


Namens appellant heeft mr. H.W. Bemelmans, advocaat te Nijmegen, hoger beroep ingesteld tegen de aangevallen uitspraak.

Het Uwv heeft een verweerschrift ingediend.

Het onderzoek ter zitting heeft plaatsgevonden op 2 februari 2007. Appellant is niet verschenen. Het Uwv heeft zich laten vertegenwoordigen door mr. F.A. Put.




II. OVERWEGINGEN


De Raad gaat uit van de feiten zoals de rechtbank deze, door partijen niet bestreden, heeft vastgesteld.

Samengevat komt het er op neer dat het Uwv de aan appellant toegekende arbeidsongeschiktheidsuitkering op grond van de Wet arbeidsongeschiktheidsuitkering zelfstandigen (WAZ) met ingang van 5 september 2003 heeft verlaagd naar een mate van arbeidsongeschiktheid van 65-80%, omdat appellant in staat zou zijn tot het verrichten van gangbare arbeid gedurende 40 uren per week.

In hoger beroep heeft appellant als beroepsgronden herhaald dat de voor hem geldende arbeidsbeperkingen door de (bezwaar)verzekeringsarts zijn onderschat. Appellant heeft aangevoerd dat hij niet in staat is tot het verrichten van werkzaamheden gedurende 40 uren per week. Ook heeft hij opnieuw naar voren gebracht dat hij niet voldoet aan de voor de functie telemarketeer geldende opleidingseis.

De Raad is van oordeel dat de rechtbank deze gronden terecht en afdoende gemotiveerd heeft verworpen. De medische gronden zijn door appellant niet met geneeskundige informatie onderbouwd. Met de rechtbank is de Raad van oordeel dat in het arbeidskundig rapport van 22 januari 2004 genoegzaam is gemotiveerd dat appellant beschikt over het voor de functie telemarketeer vereiste MAVO-niveau.

Tenslotte is de Raad van oordeel dat het Uwv genoegzaam inzichtelijk heeft gemaakt dat de belasting in de als geschikt voorgehouden functies de belastbaarheid van appellant niet overstijgt.

Dit leidt de Raad tot de conclusie dat de aangevallen uitspraak voor bevestiging in aanmerking komt.

De Raad ziet geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.




III. BESLISSING


De Centrale Raad van Beroep;

Recht doende:

Bevestigt de aangevallen uitspraak.

Deze uitspraak is gedaan door D.J. van der Vos als voorzitter en J.W. Schuttel en R.C. Stam als leden. De beslissing is, in tegenwoordigheid van W.R. de Vries als griffier, uitgesproken in het openbaar op 16 maart 2007.

(get.) D.J. van der Vos.

(get.) W.R. de Vries.

 

 

 

 

 

                                          

 

    
 

x

   

home | jurisprudentie | jur. WAZ | WAZ | sz-wetten | overige wetten | zoeken | volgende

Copyright Stichting Adviesgroep Bestuursrecht. Alle rechten voorbehouden.
x