Door gebruik te maken van deze website gaat u akkoord met de cookies voor Google-advertenties. Meer info.

 
 

 

St-AB.nl

 

 

 
     
 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

             

 
vorige

Wet beperking export uitkeringen
Nadere regelgeving
Bijgewerkt tot en met 16 december 2005

 

REGELING  AANWIJZING  ONTWIKKELINGSORGANISATIES  BEU  2002

Vervallen
m.i.v. 17 december 2005
(art. 2 Rao05)

 
 

18 oktober 2002, Stcrt. 2002, 203
Inwerkingtreding: 1 januari 2000 / 24 oktober 2002
(T.a.v. art. 1,b Barbeu)
(Zie ook: RuwRaoB02)

 

 

 

 
REGELING houdende de aanwijzing van ontwikkelingsorganisaties zoals bedoeld in het Besluit afwijkende regels beperking export uitkeringen

18 oktober 2002/nr. SV/V&V/2002/72945

     De Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, M. Rutte;
     Handelende in overeenstemming met de Staatssecretaris voor Ontwikkelingssamenwerking;
     Gelet op artikel 1, onderdeel b, van het Besluit afwijkende regels beperking export uitkeringen;

     Besluit:

 

 

Art. 1. Aanwijzing ontwikkelingsorganisaties
Als organisaties voor ontwikkelingssamenwerking worden aangewezen:
a.
per 1 januari 2000 dan wel, indien later gelegen, per datum van lidmaatschap van de Vereniging voor Personele Samenwerking met Ontwikkelingslanden:
1º.

- CARE Nederland;
- Centraal Missie Commissariaat (CMC);
- Centrum Ontmoeting der Volkeren (COV);
- Cordaid;
- Dorcas Aid International;
- Gereformeerde Zendingsbond in de Nederlandse Hervormde Kerk (GZB);
- HealthNet International (HNI);
- Humanistisch Instituut voor Ontwikkelingssamenwerking (HIVOS);
- Interkerkelijke Organisatie voor Ontwikkelingssamenwerking (ICCO);
- Interserve Nederland;
- Kerkinactie;
- Leprastichting (NSL);
- Medisch Comité Nederland-Vietnam (MCNV);
- Mill Hill;
- Nederlandse Organisatie voor Internationale Ontwikkelingssamenwerking (NOVIB);
- Nederlandse Rode Kruis (NRK);
- Nederlands instituut voor Zuidelijk Afrika (NiZA);
- Stichting Communicatie Ontwikkelingssamenwerking (SCO);
- TEAR Fund Nederland (TF);
- Transcultural Psychosocial Organization (TPO);
- Transnational Information Exchange (TIE);
- Voluntary Service Overseas-Nederland (VSO);
- War Child Nederland;
- Woord en Daad (W&D);
- World Vision;
- Zeister Zendingsgenootschap (ZZG);
- Zending Gereformeerde Gemeenten (ZGG);
- ZOA-Vluchtelingenzorg;
2º.

- Nederlands Agrarisch Jongeren Kontakt (NAJK), uitsluitend voor zover er naar het oordeel van de Staatssecretaris voor Ontwikkelingssamenwerking sprake is van uitzending in het kader van ontwikkelingssamenwerking;
- Nederlands Olympisch Comité - Nederlandse Sport Federatie (NOC/NSF), uitsluitend voor zover er naar het oordeel van de Staatssecretaris voor Ontwikkelingssamenwerking sprake is van uitzending in het kader van ontwikkelingssamenwerking;
b.
overige uitzendende organisaties:
- Artsen zonder Grenzen per 1 januari 2000;
- de deputaten voor de Buitenlandse Zending (dep. BZ) van de Christelijk Gereformeerde Kerken in Nederland per 20 juni 2002;
- de deputaten voor Hulpverlening in Binnen- en Buitenland (dep. HBB) van de Christelijk Gereformeerde Kerken in Nederland per 20 juni 2002;
- Koninklijk Instituut voor de Tropen (KIT) per 1 januari 2000;
- Mercy Ships Holland per 16 november 2001;
- de religieuze instituten en overige organisaties die missionarissen en ontwikkelingswerkers uitzenden voor zover deze zijn aangesloten bij het Centraal Missie Commissariaat (CMC) per 1 januari 2000;
- SNV/Nederlandse Ontwikkelingsorganisatie per 1 januari 2003;
- Stichting Dental Health International Nederland (DHIN) per 1 januari 2000;
- Vereniging De Verre Naasten (DVN) per 1 januari 2000;
- Wycliffe Bijbelvertalers per 13 juni 2001.

 

Art. 2. Intrekking
De Regeling aanwijzing ontwikkelingsorganisaties BEU wordt ingetrokken.

 

Art. 3. Inwerkingtreding
Deze regeling treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst en werkt voor wat betreft artikel 1 terug tot en met 1 januari 2000.

 

Art. 4. Citeertitel
Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling aanwijzing ontwikkelingsorganisaties BEU 2002.

 

 

     Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

 

’s-Gravenhage, 18 oktober 2002.
De Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid,
M. Rutte
.

 

 

 

TOELICHTING
[18 oktober 2002]

 

     Op 1 januari 2000 is de Wet beperking export uitkeringen (Wet BEU) in werking getreden. Op grond van de Wet BEU is in de materiewetten de bepaling opgenomen dat bij of krachtens algemene maatregel van bestuur van de exportbeperking afwijkende regels kunnen worden gesteld ten gunste van de verzekerde die werkzaamheden verricht in het algemeen belang en buiten Nederland woont. Dit is in het Besluit afwijkende regels beperking export uitkeringen nader uitgewerkt. Krachtens artikel 1, onderdeel b, van dat besluit wordt onder "werkzaamheden verricht in het algemeen belang" verstaan werkzaamheden verricht door degene die is uitgezonden om werkzaamheden te verrichten voor door de Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid in overeenstemming met de Staatssecretaris voor Ontwikkelingssamenwerking aan te wijzen organisaties voor ontwikkelingssamenwerking. De Regeling aanwijzing ontwikkelingsorganisaties BEU voorzag in de aanwijzing van deze organisaties. Het betrof een limitatieve opsomming. Die regeling behoefde actualisering aangezien sinds de inwerkingtreding van die regeling een aantal organisaties niet langer bestaat, is opgericht of is samengegaan met een andere organisatie. Omdat het aantal wijzigingen aanzienlijk is, is die regeling in zijn geheel vervangen door de onderhavige regeling. Het ministerie van Buitenlandse Zaken hanteert namens de Staatssecretaris voor Ontwikkelingssamenwerking een lijst van organisaties die zich bezighouden met uitzending in het kader van ontwikkelingssamenwerking. De onderhavige regeling is opgesteld aan de hand van die lijst. In deze regeling zijn zowel de in artikel 1, onderdeel a, genoemde lidorganisaties van de Vereniging voor Personele Samenwerking met Ontwikkelingslanden (PSO), gevestigd te 's-Gravenhage, als de in artikel 1, onderdeel b, genoemde overige organisaties aangewezen als organisaties voor ontwikkelingssamenwerking. Het betreft een limitatieve opsomming. In artikel 1, onderdeel a, onder 1º, zijn de lidorganisaties van PSO opgenomen die zonder nadere voorwaarde als ontwikkelingsorganisaties zijn aangewezen. Indien een organisatie haar lidmaatschap van PSO beëindigd ziet, blijft zij echter op grond van de onderhavige regeling aangewezen als organisatie voor ontwikkelingssamenwerking totdat deze regeling wordt aangepast. Aldus wordt voorkomen dat in een dergelijke situatie de uitkering onmiddellijk beëindigd zou dienen te worden. Aangezien PSO haar doelstellingen heeft uitgebreid, kent zij ook lidorganisaties die ontwikkelingssamenwerking niet als hoofdtaak hebben. Deze organisaties zijn opgenomen in artikel 1, onderdeel a, onder 2º. Voor deze organisaties zal per geval door de Staatssecretaris voor Ontwikkelingssamenwerking beoordeeld moeten worden of sprake is van een uitzending in het kader van ontwikkelingssamenwerking.
     In artikel 1, onderdeel b, zijn de overige organisaties opgenomen die zijn aangewezen als organisaties voor ontwikkelingssamenwerking. Dit zijn met name organisaties die op levensbeschouwelijke grondslag werkzaam zijn op het gebied van de ontwikkelingssamenwerking. Hieronder vallen onder meer de religieuze instituten en overige organisaties die missionarissen en zendingswerkers, die in dat kader werkzaam zijn, uitzenden, voor zover zij zijn aangesloten bij het Centraal Missie Commissariaat.
     Een aantal organisaties ontbreekt in deze regeling ten opzichte van de vorige regeling. Hiervoor bestaan verschillende redenen. De organisaties Bilance en Memisa Medicus Mundi (MMM) zijn opgegaan in Cordaia. Het Centrum voor Zending en Wereld Diakonaat, de Raad voor de Zending der Nederlandse Hervormde Kerk en de Stichting Oecumenische Hulp zijn opgegaan in Kerkinactie. Dienst over Grenzen (DOG) valt tegenwoordig onder de Interkerkelijke Organisatie voor Ontwikkelingssamenwerking (ICCO) en de Dutch Relief and Rehabilitation Agency (DRA) valt onder CARE Nederland. Een aantal PSO-leden, namelijk het Hendrik Kraemer Instituut, het Internationaal Christelijk Steunfonds en het Kontakt der Kontinenten, is niet opgenomen in deze regeling, omdat deze organisaties geen mensen meer uitzenden. Dit geldt tevens voor Terre des Hommes, dat overigens geen PSO-lid meer is. Ook wordt erop gewezen dat de Stichting Dorkas Hulp Internationaal (DHI) haar naam heeft gewijzigd en in deze regeling terug te vinden is onder de naam Dorcas Aid International (DAI) als PSO-lidorganisatie.
     Met betrekking tot de organisaties, genoemd in artikel 1, onderdeel a, is geregeld dat zij als organisatie voor ontwikkelingssamenwerking zijn aangewezen per de datum waarop de betreffende organisatie lid is geworden van PSO, doch op zijn vroegst per 1 januari 2000. De datum van lidmaatschap kan worden opgevraagd bij PSO. De reden dat de aanwijzing als organisatie op zijn vroegst plaatsvindt per 1 januari 2000 is gelegen in het feit dat de Wet BEU per die datum in werking is getreden. Het regelen van de terugwerkende kracht in artikel 3 is met name van belang voor die organisaties waarvan de werknemers ten onrechte niet onder de uitzonderingen op de werking van de Wet BEU vielen. Deze organisaties waren reeds lid van PSO en erkend als ontwikkelingsorganisatie, maar waren niet in de oude regeling opgenomen. Met betrekking tot de organisaties, genoemd in artikel 1, onderdeel b, die niet op grond van de oude regeling waren aangewezen, geldt als uitgangspunt dat er sprake is van aanwijzing als organisatie voor ontwikkelingssamenwerking per de datum waarop de Staatssecretaris voor Ontwikkelingssamenwerking deze organisaties heeft erkend als organisaties voor ontwikkelingssamenwerking. In artikel 1, onderdeel b, van deze regeling is de betreffende datum voor elk van die organisaties expliciet opgenomen. Voor wat betreft de SNV/Nederlandse ontwikkelingsorganisaties geldt dat deze organisatie met ingang van 1 januari 2003 onafhankelijk van het ministerie van Buitenlandse Zaken zal functioneren. Tot dat moment bestaat er voor de aldaar werkzame personen een dienstbetrekking met een Nederlandse publiekrechtelijke rechtspersoon. Op basis daarvan vallen uitkeringsgerechtigden tot die datum reeds onder de uitzonderingen van het Besluit afwijkende regels beperking export uitkeringen.

 

De Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid,
M. Rutte
.

 

 

 

 

 

                                          

 

    
 

x

   

home | Wet BEU | sz-wetten | overige wetten | zoeken | volgende

© Copyright Stichting Adviesgroep Bestuursrecht. Alle rechten voorbehouden.
x