Door gebruik te maken van deze website gaat u akkoord met de cookies voor Google-advertenties. Meer info.
   

 

 

 

 

 

 

MEMORIE VAN TOELICHTING

Nadere regelgeving:
- Besluit bekostiging invoering Werkloosheidswet en Ziektewet voor overheidspersoneel

Vervallen nadere regelgeving:
- Besluit buiten toepassing laten artikel 40, tweede lid, OOW voor werkgeversbetalingen in de sector Onderwijs en Wetenschappen (vervallen)
- Besluit liquidatie FAOP (vervallen)
- Regeling aanwijzing uitvoeringsinstelling OOW (vervallen)
- Regeling bestemming eindvermogen FAOP (vervallen)
- Regeling toekenningsprocedure WAO bij twee of meer arbeidsongeschiktheidsuitkeringen tijdens fase 1 OOW (vervallen)

Relevante overige regelgeving:
- Werkloosheidswet
- Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering
- Ziektewet

 

 

Inhoudsopgave OOW

Hoofdstuk 1 Overgang naar de werknemersverzekeringen artt. 1 - 46
§ 1x Begripsomschrijvingen art. 1
§ 2x Ziekte artt. 2 - 10
§ 3x Arbeidsongeschiktheid artt. 11 - 29
Afdeling 1x Overheidswerknemers uitgezonderd beroepsmilitairen artt. 11 - 20
Afdeling 2x Beroepsmilitairen artt. 21 - 28
Afdeling 3x Risicowering arbeidsongeschiktheid art. 29
§ 4x Werkloosheid artt. 30 - 34
§ 5x De uitvoering artt. 35 - 42
§ 6x Overige bepalingen artt. 43 - 46
Hoofdstuk 2 Wijziging van wetten op het terrein van de sociale zekerheid alsmede van de Wet arbeid gehandicapte werknemers en de Wet voorzieningen gehandicapten artt. 47 - 67b
Hoofdstuk 3 Wijziging van andere wetten artt. 68 - 78
Hoofdstuk 4 Overige en slotbepalingen artt. 79 - 94
xxxxxxxxxxxr   xxxxxxxxxxxr

Parlementaire behandeling:
Kamerstukken II 1996-1997, 1997-1998, 25 282.
Handelingen II 1997-1998, blz. 1664-1665.
Kamerstukken I 1997-1998, 25 282 (114, 114a, 114b en 114c).
Handelingen I 1997-1998, zie vergaderingen d.d. 22 en 23 december 1997.

Geschiedenis:
Staatsblad 1997, 768Staatsblad 1998, 741Staatsblad 1998, 742Staatsblad 1999, 185Staatsblad 2000, 376Staatsblad 2000, 490Staatsblad 2000, 561Staatsblad 2000, 571Staatsblad 2001, 625Staatsblad 2001, 628Staatsblad 2002, 69Staatsblad 2002, 413Staatsblad 2003, 544Staatsblad 2004, 311Staatsblad 2005, 573Staatsblad 2005, 710Staatsblad 2005, 708Staatsblad 2006, 303Staatsblad 2008, 600Staatsblad 2009, 108Staatsblad 2011, 4Staatsblad 2013, 316Staatsblad 2014, 216.

 

 

WET van 24 december 1997, Stb. 1997, 768, houdende het onder de werkingssfeer van de wettelijke werknemersverzekeringen brengen van het overheidspersoneel (Wet overheidspersoneel onder de werknemersverzekeringen). Inwerkingtreding OOW en fase 1: 1 januari 1998 (Stb. 1997, 769), zie artikel 94. Inwerkingtreding fase 2: 1 januari 2001 (Stb. 1999, 354); fase 3 is afgesteld (Stb. 2000, 255 en Stb. 2002, 343).

 

     WIJ BEATRIX, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

     Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:
     Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het wenselijk is het overheidspersoneel onder de werkingssfeer van de wettelijke werknemersverzekeringen te brengen;
     Zo is het, dat Wij, de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:

 

 

HOOFDSTUK  1

Overgang naar de werknemersverzekeringen

 

§ 1.  Begripsomschrijvingen

 

Art. 1. [Begripsbepalingen]  [GeschiedenisMvTversie 24 december 1997Stb. 2001, 625Stb. 2002, 69]
In dit hoofdstuk en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:
a. AMAR: het Algemeen militair ambtenarenreglement, zoals dat luidde op de dag voorafgaande aan de datum waarop deze wet van toepassing wordt;
b. militaire pensioenbepalingen: bij of krachtens de Kaderwet militaire pensioenen vastgestelde bepalingen;
c. ARAR: het Algemeen Rijksambtenarenreglement, zoals dat luidde op de dag voorafgaande aan de datum waarop deze wet van toepassing wordt;
d. beroepsmilitair: de beroepsmilitair in de zin van de Amp-wet ¹;
e. bezoldiging of uitkering in geval van ziekte: bezoldiging in geval van ziekte tijdens het dienstverband als bedoeld in artikel 39 van het ARAR of een overeenkomstige bepaling van een soortgelijke regeling, alsmede bezoldiging of uitkering wegens ziekte na beëindiging van het dienstverband als bedoeld in artikel 42 van het ARAR of een overeenkomstige bepaling van een soortgelijke regeling, anders dan een WAO-conforme uitkering;
f. deeltijdfactor: de breuk waarvan de noemer wordt gevormd door het bedrag van het salaris dat in het toepasselijke systeem zou gelden bij volledige werktijd, zo nodig vastgesteld op grond van functiewaardering, en de teller door het bedrag van het feitelijk genoten salaris;
g. dienstverband: het dienstverband van de overheidswerknemer die door een overheidswerkgever is aangesteld of in dienst is genomen op arbeidsovereenkomst naar burgerlijk recht;
h. FAOP: het Fonds arbeidsongeschiktheidsverzekering overheidspersoneel, bedoeld in artikel 21 van de Wet FVP/ABP;
i. Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen: het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen, genoemd in hoofdstuk 5 van de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen;
j. vervallen;
k. overheidswerkgever:
1º. het orgaan van een publiekrechtelijk lichaam dan wel het privaatrechtelijk lichaam dat de overheidswerknemer rechtstreeks ten laste van dat lichaam bezoldigt of beloont; en
2º. Onze Minister van Defensie in relatie tot de in artikel 2, tweede lid, onderdeel f, van de WPA uitgezonderde personen;
l. overheidswerknemer:
1º. de overheidswerknemer in de zin van artikel 2 van de WPA, jonger dan 65 jaar; en
2º. de beroepsmilitair; en
3º. degene die door de Koning in dienst is genomen om bij de Koninklijke Hofhouding werkzaam te zijn en die uit dien hoofde onder de Pensioenregeling van de Stichting tot verzorging van de pensioenen van het personeel van de Koninklijke Hofhouding van het Huis van Oranje-Nassau valt, jonger dan 65 jaar;
m. pensioen ter zake van arbeidsongeschiktheid: een pensioen ter zake van arbeidsongeschiktheid ingevolge de militaire pensioenbepalingen, in voorkomende gevallen verhoogd met een ingevolge die bepalingen toegekende invaliditeitsverhoging;
n. pensioengrondslag: de op de dag voorafgaande aan het tijdstip van aanvang van fase 1 van deze wet geldende pensioengrondslag waarnaar het pensioen ter zake van arbeidsongeschiktheid dan wel de invaliditeitsverhoging is berekend;
o. Wet TBA: de Wet terugdringing beroep op de arbeidsongeschiktheidsregelingen;
p. uitkering overeenkomstig de normen van de WAO: een uitkering overeenkomstig de normen van de WAO als bedoeld in artikel 121 van het AMAR;
q. uitkering ter zake van arbeidsongeschiktheid: een WAO-conforme uitkering, een pensioen ter zake van arbeidsongeschiktheid, een uitkering overeenkomstig de normen van de WAO of een uitkering op grond van de WAO;
r. wachtgeld: een wachtgeld in de zin van het Rijkswachtgeldbesluit 1959, zoals dat luidde op de dag voorafgaande aan de datum waarop de WW ingevolge deze wet op de betreffende overheidswerknemer of gewezen overheidswerknemer van toepassing wordt, of een soortgelijke uitkering van een overheidswerknemer op grond van ontslag of werkloosheid alsmede een wachtgeld of daarmee gelijkgestelde uitkering in de zin van de bij of krachtens de Kaderwet militaire pensioenen vastgestelde bepalingen, met uitzondering van een uitkering in verband met functioneel leeftijdsontslag of vrijwillig vervroegd uittreden;
s. WAO: de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering;
t. WAO-conforme uitkering: de met overeenkomstige toepassing van de WAO toegekende arbeidsongeschiktheidsuitkering, bedoeld in artikel 32, eerste lid, van de WPA;
u. Wet FVP/ABP: de Wet financiële voorzieningen privatisering ABP ¹;
v. WPA: de Wet privatisering ABP, zoals die wet luidde op de dag voorafgaande aan het tijdstip van aanvang van fase 1 van deze wet;
w. WW: de Werkloosheidswet;
x. ZW: de Ziektewet.

1. Amp-wet: Algemene militaire pensioenwet, red.
2. ABP: Algemeen burgerlijk pensioenfonds, red.

 

 

§ 2.  Ziekte

 

Art. 2. [Vantoepassingverklaring ZW op gewezen overheidswerknemer]  [GeschiedenisMvTversie 24 december 1997Stb. 2000, 561]
-1. De ZW wordt met ingang van het tijdstip van aanvang van fase 2, bedoeld in artikel 48, van toepassing op de gewezen overheidswerknemer die op de dag voorafgaande aan dat tijdstip geen wachtgeld geniet en evenmin bezoldiging of uitkering in geval van ziekte ontvangt, maar die op dat tijdstip uit hoofde van zijn voormalige dienstverband als overheidswerknemer recht zou krijgen op een uitkering op grond van de WW en die niet op de dag voorafgaande aan dat tijdstip maar wel op dat tijdstip ongeschikt tot werken is wegens ziekte.
-2. De ZW wordt met ingang van het tijdstip van aanvang van fase 3, bedoeld in artikel 49, van toepassing op de gewezen overheidswerknemer die op de dag voorafgaande aan het tijdstip van aanvang van fase 2, bedoeld in artikel 48, recht heeft op:
a. een wachtgeld waarvan de uitkeringsduur niet op het tijdstip van aanvang van fase 3, bedoeld in artikel 49, verstrijkt en die op dat tijdstip ongeschikt is tot werken wegens ziekte;
b. bezoldiging of uitkering in geval van ziekte waarvan de uitkeringsduur niet op het tijdstip van aanvang van fase 3, bedoeld in artikel 49, verstrijkt en die op dat tijdstip ongeschikt is tot werken wegens ziekte.
-3. De ZW wordt met ingang van de datum van eindiging van het dienstverband van toepassing op de gewezen overheidswerknemer:
a. die op het tijdstip van aanvang van fase 2, bedoeld in artikel 48, bezoldiging of uitkering in geval van ziekte ontvangt;
b. wiens dienstverband eindigt op of na dat tijdstip doch vóór het tijdstip van aanvang van fase 3, bedoeld in artikel 49; en
c. die op het moment van die eindiging ongeschikt is tot werken wegens ziekte.
-4. De ZW wordt met ingang van de datum van het intreden van de ongeschiktheid tot werken, doch niet eerder dan met ingang van het tijdstip van aanvang van fase 2, bedoeld in artikel 48, van toepassing op:
a. de gewezen overheidswerknemer wiens dienstverband is geëindigd in de maand voorafgaande aan genoemd tijdstip en die op de dag voorafgaande aan genoemde datum geen recht heeft op wachtgeld of op bezoldiging of uitkering in geval van ziekte uit hoofde van dat dienstverband;
b. de gewezen overheidswerknemer wiens recht op wachtgeld wegens het verstrijken van de ter zake geldende uitkeringsduur is geëindigd in de maand voorafgaande aan genoemd tijdstip;
c. de gewezen overheidswerknemer wiens recht op wachtgeld wegens het verstrijken van de ter zake geldende uitkeringsduur is geëindigd op of na het tijdstip van aanvang van fase 2, bedoeld in artikel 48, doch vóór het tijdstip van aanvang van fase 3, bedoeld in artikel 49;
indien de ongeschiktheid is ontstaan binnen één maand na de bedoelde eindiging.

 

Art. 3. [Kring verplicht verzekerden ZW]  [GeschiedenisMvTversie 24 december 1997Stb. 2000, 561]
-1. Voor de vaststelling van het recht op

 

 

 


Klik hier om de volledige, bijgewerkte pagina te verkrijgen.