Door gebruik te maken van deze website gaat u akkoord met de cookies voor Google-advertenties. Meer info.

 
 

 

St-AB.nl

 

 

 
     
 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

             

 
vorige

Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen
Nadere regelgeving
Bijgewerkt naar laatste editie Staatsblad/Staatscourant

 

BESLUIT  TAAKUITOEFENING  INSPECTIE  WERK  EN  INKOMEN


13 december 2001, Stb. 2001, 683
Inwerkingtreding: 1 januari 2002
(T.a.v. artt. 38:3 en 44 Wet SUWI, 130:2 Abw, 52:2 Ioaw, 52:2 Ioaz, 13:2 Wsw en 33:2 Wik)

 

 

 

 
BESLUIT van 13 december 2001 tot vaststelling van een algemene maatregel van bestuur als bedoeld in artikel 44 van de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen (Besluit taakuitoefening Inspectie Werk en Inkomen)

 

     WIJ BEATRIX, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

     Op de voordracht van Onze Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid en de Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, J.F. Hoogervorst, van 19 oktober 2001, Directie Toezicht, nr. TZ/SUWI/01/71157;
     Gelet op artikel 38, derde lid, en artikel 44 van de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen, artikel 130, tweede lid, van de Algemene bijstandswet, artikel 52, tweede lid, van de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers, artikel 52, tweede lid, van de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen, artikel 13, tweede lid, van de Wet sociale werkvoorziening, artikel 20, tweede lid, van de Wet inschakeling werkzoekenden, en artikel 33, tweede lid, van de Wet inkomensvoorziening kunstenaars;
     De Raad van State gehoord (advies van 23 november 2001, nr. W12.01.0541/IV);
     Gezien het nader rapport van Onze Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid en de Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, J.F. Hoogervorst, van 11 december 2001, Directie Toezicht, nr. TZ/SUWI/01/81960;

     Hebben goedgevonden en verstaan:

 

 

1.  Algemene bepalingen

 

Art. 1. Begripsbepalingen
In dit besluit wordt verstaan onder:
a. secretaris-generaal: de secretaris-generaal van het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid;
b. Inspectie: de Inspectie Werk en Inkomen, genoemd in artikel 36, eerste lid, van de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen;
c. inspecteur-generaal: het hoofd van de Inspectie Werk en Inkomen;
d. ministerie: het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid;
e. wet: de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen;
f. apparaatszorg: het geheel van activiteiten, noodzakelijk voor en in samenhang met:
- het functioneren van de organisatie;
- de personeelsvoorziening;
- de toepassing van rechtspositionele regelingen;
- het treffen van beschikkingen jegens personeelsleden;
- het welbevinden van individuele personeelsleden;
- de ontwikkeling van de kwaliteit van het personeelsbestand;
- de lokatiekeuze en huisvesting van het personeel;
- de opslag en distributie van goederen;
- de beveiliging van mensen en goederen;
- de dagelijkse huishoudelijke gang van zaken;
- de informatievoorziening, inclusief automatisering; en
- het beheer van de voor deze activiteiten beschikbaar gestelde middelen.

 

Art. 2. Reikwijdte besluit
Op de Inspectie is het Organisatie-, mandaat- en volmachtbesluit SZW van toepassing voor zover daarvan in dit besluit niet wordt afgeweken.

 

 

2.  Uitvoering van taken

 

Art. 3. Taakuitoefening Inspectie
De Inspectie oefent haar in artikel 37 van de wet bedoelde taken

 

 

 


Klik hier om de volledige, bijgewerkte pagina te verkrijgen.



 

 

 

 

 

 

 

 

                                          

 

    
 

x

   

home | Wet SUWI | sz-wetten | overige wetten | zoeken | volgende

Copyright Stichting Adviesgroep Bestuursrecht. Alle rechten voorbehouden.
x