Door gebruik te maken van deze website gaat u akkoord met de cookies voor Google-advertenties. Meer info.

 
 

 

St-AB.nl

 

 

 
     
 

 
  
 

 
 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

             


vorige

 

ALGEMENE  TOESLAGWET  VOOR  GEPENSIONEERDE  MILITAIREN  1956

Tekst zoals deze geldt op 11 juli 2014

 

 

 

 
Nadere regelgeving:
- Geen

 

WET van 20 december 1956, houdende verhoging van militaire pensioenen met een algemene toeslag

 

     WIJ JULIANA, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz., enz., enz.

     Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:
     Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat de beperking van overheidspensioenen bij gelijktijdige aanspraak op een pensioenwet krachtens de Algemene Ouderdomswet (Stb. 1956, 281) het wenselijk maakt de militaire pensioenen verder aan te passen aan het geldend bezoldigingspeil;
     Zo is het, dat Wij, de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:

 

 

Artikel 1

1.
Deze wet verstaat onder pensioen: het nominale bedrag, zoals dit laatstelijk is of wordt vastgesteld, van een pensioen ten laste van het Rijk of van het Algemeen Burgerlijk Pensioenfonds, toegekend krachtens of op de voet van de Pensioenwet voor de zeemacht 1922 (Stb. 65), de Pensioenwet voor de landmacht 1922 (Stb. 66), de Pensioenwet voor het personeel der Koninklijke marine-reserve 1923 (Stb 355), de Pensioenwet voor het reserve-personeel der landmacht 1923 (Stb. 356) - met uitzondering van een pensioen toegekend krachtens de artikelen 20 van genoemde wetten -, de Pensioenwet voor de vrijwilligers bij de landstorm 1925 (Stb. 278), onderscheidenlijk krachtens of op de voet van de Militaire Weduwenwet 1922 (Stb. 337), dan wel een der aan genoemde wetten voorafgaande regelingen of wetten betreffende pensioenaanspraken, welke daarna in eerstbedoelde wetten zijn geregeld of geacht worden te zijn geregeld.
2.
Deze wet begrijpt mede onder pensioen: de wettelijke verhogingen en aanvullingen, met uitzondering van:
a.
de toeslagen en de extra bijslag verleend krachtens:
1.
de wet van 1 november 1948 (Stb. I 479),
2.
de wet van 5 november 1948 (Stb. I 498),
3.
de wet van 9 november 1950 (Stb. K 502);
4.
de Toeslagwet-1954 voor gepensioneerden (Stb. 1954, 188),
5.
de Aanpassingstoeslagwet voor gepensioneerden (Stb. 1954, 377),
6.
de Nadere Toeslagwet-1954 voor gepensioneerde militairen (Stb. 1956, 342);
b.
de pensioensverhogingen, gegrond op de artikelen 22 van de Pensioenwet voor de zeemacht 1922 en de Pensioenwet voor de landmacht 1922 of op de artikelen 25 en 28 van de Militaire Weduwenwet 1922.

Artikel 2

1.
Voor zover het recht op pensioen op het tijdstip van het in werking treden van deze wet niet is vervallen, worden de pensioenen met ingang van dat tijdstip of van het later tijdstip, waarop zij zullen ingaan, met inachtneming van de volgende bepalingen, ambtshalve verhoogd met een toeslag, verder te noemen algemene toeslag.
2.
Op het tijdstip, met ingang waarvan een pensioen is verhoogd met een algemene toeslag of met een overgangstoeslag, als bedoeld in artikel 15, vervallen de toeslagen en de extra bijslag, welke, krachtens de in artikel 1, tweede lid, onder a genoemde wetten, op een pensioen zijn verleend.

Artikel 3

[1.]
De algemene toeslag wordt uitgedrukt in een percentage van het pensioen, verder te noemen verhogingspercentage.
2.
De berekening van het verhogingspercentage geschiedt met behulp van grondgetallen. Elk grondgetal heeft betrekking op het daarbij in artikel 4 aangegeven tijdvak.

Artikel 4

1.
Voor de berekening van het verhogingspercentage voor pensioenen, welke krachtens of op de voet van een der wetten, genaamd in artikel 1, eerste lid, aan militairen der zeemacht en aan nabestaanden man militairen of gepensioneerde militairen der zeemacht zijn of worden toegekend - met uitzondering van die, genoemd in het derde lid - hebben de in onderstaande kolommen vermelde grondgetallen betrekking op de daarnaast vermelde tijdvakken en de daarboven vermelde rangen en stand of de door Ons of door Onze Minister van Marine daarmede gelijkgestelde rangen en stand:

 

 

 


Klik hier om de volledige, bijgewerkte pagina te verkrijgen.



 

 

 

 

 

 

 

    
 

x

   

home | sz-wetten | overige wetten | zoeken | volgende

Copyright Stichting Adviesgroep Bestuursrecht. Alle rechten voorbehouden.
x