Door gebruik te maken van deze website gaat u akkoord met de cookies voor Google-advertenties. Meer info.

 
 

 

St-AB.nl

 

 

 
     
 

 
  
 

 
 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

  

             


vorige

 

AMBTENARENWET  (AW)

Tekst zoals deze geldt op 11 juli 2014

 

 

 

 
Nadere regelgeving:
- Algemeen militair ambtenarenreglement (AMAR)
- Algemeen Rijksambtenarenreglement (ARAR)
- Ambtenarenreglement Staten-Generaal (ARSG)
- Besluit bovenwettelijke uitkeringen bij werkloosheid voor de sector Defensie
- Besluit bovenwettelijke uitkeringen bij werkloosheid voor de sector Rijk
- Besluit opleiding rechterlijke ambtenaren
- Bezoldigingsbesluit Burgerlijke Rijksambtenaren 1984 (BBRA 1984)
- Burgerlijk ambtenarenreglement defensie (BARD)
- Inkomstenbesluit burgerlijke ambtenaren defensie
- Inkomstenbesluit militairen (IBM)
- Rechtspositiebesluit burgemeesters
- Reglement Dienst Buitenlandse Zaken (RDBZ)
- Rijkswachtgeldbesluit 1959

 

 

WET van 12 december 1929, houdende regelen betreffende den rechtstoestand van ambtenaren

 

     WIJ WILHELMINA, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz., enz., enz.

     Allen, die deze zullen zien of hooren lezen, salut! doen te weten:
     Alzoo Wij in overweging genomen hebben, dat regelen betreffende den rechtstoestand van ambtenaren behooren te worden gesteld;
     Zoo is het, dat Wij, den Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:

 

 

Titel I. Algemeene bepalingen

Artikel 1

1. Ambtenaar in de zin van deze wet is degene, die is aangesteld om in openbare dienst werkzaam te zijn.

2. Tot den openbaren dienst behooren alle diensten en bedrijven door den Staat en de openbare lichamen beheerd.

3. Niet is ambtenaar in de zin van deze wet degene, met wie een arbeidsovereenkomst naar burgerlijk recht is gesloten.

4. Tenzij het tegendeel blijkt, zijn in deze wet onder ambtenaren gewezen ambtenaren begrepen.

Artikel 2

1. Titel III is niet van toepassing op:

– ministers en staatssecretarissen;

– de commissarissen van de Koning;

– gedeputeerden;

– burgemeesters;

– wethouders;

– de Rijksvertegenwoordiger voor de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba;

– krachtens de Grondwet of de wet voor hun leven benoemde ambtenaren;

– de Nationale ombudsman en de substituut-ombudsmannen;

– notarissen en gerechtsdeurwaarders;

– de voorzitter, de leden, de plaatsvervangende leden en de buitengewone leden van het College bescherming persoonsgegevens, bedoeld in artikel 51 van de Wet bescherming persoonsgegevens;

– de leden van dagelijkse besturen van waterschappen, waaronder de voorzitters;

– de voorzitter, de plaatsvervangende voorzitters en de andere leden van de Sociaal-Economische Raad, de voorzitters en de plaatsvervangende voorzitters van de produkt-, de hoofdbedrijf- en de bedrijfschappen en de leden van de besturen van deze lichamen, alsmede degenen die deel uitmaken van organen van lichamen als bedoeld in artikel 110 van de Wet op de Bedrijfsorganisatie;

– het personeel in dienst van de Sociaal-Economische Raad, de produkt-, de hoofdbedrijf- en de bedrijfschappen en de lichamen, bedoeld in artikel 110 van de Wet op de Bedrijfsorganisatie;

– de leden van de Raden van bestuur van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen en de Sociale verzekeringsbank, bedoeld in de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen;

– de Nederlandse beroepsorganisatie van accountants, de leden van het bestuur van dit lichaam en de leden van andere bij of krachtens de Wet op het accountantsberoep ingestelde colleges;

– de voorzitter, de ondervoorzitter en de andere leden van het bestuur van de Organisatie ter verbetering van de binnenvisserij;

– de voorzitter en de leden van het Zorginstituut Nederland, genoemd in artikel 58, eerste lid, van de Zorgverzekeringswet;

– de voorzitter en de leden van het College bouw zorginstellingen en het College sanering zorginstellingen, bedoeld in de Wet toelating zorginstellingen;

– de voorzitter en de leden van de Nederlandse Zorgautoriteit, bedoeld in de Wet marktordening gezondheidszorg;

– militaire ambtenaren;

– onbezoldigde ambtenaren, behorende tot het personeel van de buitenlandse dienst;

– de leden en de plaatsvervangende leden van het College voor de rechten van de mens;

– de leden van een adviescollege als bedoeld in de Kaderwet adviescolleges, niet zijnde een adviescollege als bedoeld in artikel 3 van die wet;

– de voorzitter en de andere leden van het bestuur van het Bureau Financieel Toezicht, bedoeld in artikel 110, eerste lid, van de Wet op het notarisambt;

– de voorzitter en de plaatsvervangend voorzitter van de Koninklijke Notariλle Beroepsorganisatie, de andere leden van het bestuur van dit lichaam en de leden van het bestuur van de ringen en hun plaatsvervangers;

– de voorzitter en plaatsvervangend voorzitter van de Koninklijke Beroepsorganisatie van Gerechtsdeurwaarders en de andere leden van het bestuur van dit lichaam;

– de voorzitter en de leden van de commissie van toezicht, bedoeld in de Wet op de inlichtingen- en veiligheidsdiensten 2002;

– de leden van de KNMI-raad, bedoeld in artikel 11 van de Wet op het Koninklijk Nederlands Meteorologisch Instituut;

– het lid van het Centraal Bestuur voor de Arbeidsvoorziening, bedoeld in de Arbeidsvoorzieningswet 1996;

– de deskundige leden, bedoeld in de artikelen 48, derde lid, 55a, tweede lid, 66, tweede en derde lid, 67, derde lid, 69, tweede lid, en 70, tweede lid, van de Wet op de rechterlijke organisatie, de militaire leden, bedoeld in de artikelen 54, derde lid, 55, tweede lid, en 68, tweede lid, van diezelfde wet, en hun plaatsvervangers;

– de leden van zelfstandige bestuursorganen aan wie een schadeloosstelling als bedoeld in artikel 14, eerste lid, van de Kaderwet zelfstandige bestuursorganen is toegekend;

– de buitengriffiers en de waarnemend griffiers, bedoeld in de artikelen 14, vierde lid, en 73, tweede lid, van de Wet op de rechterlijke organisatie;

– de voorzitter en de leden van het CAK, genoemd in artikel 48, eerste lid, van de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten.

2. De artikelen 125, 125bis, 125ter, 125quater, 125quinquies, 125a, 125c, 125d, 125f en 126 zijn niet van toepassing op de rechterlijke ambtenaren, bedoeld in artikel 1, onderdeel b, onderdelen 5° tot en met 9°, van de Wet op de rechterlijke organisatie, en de rechterlijke ambtenaren in opleiding, bedoeld in artikel 145 van diezelfde wet.

Artikel 3 [Vervallen per 01-01-1994]

Artikel 4 [Vervallen per 01-01-1994]

Artikel 5 [Vervallen per 01-01-1994]

Artikel 6 [Vervallen per 01-01-1994]

Artikel 7 [Vervallen per 01-01-1994]

Artikel 8 [Vervallen per 01-01-1994]

Artikel 9 [Vervallen per 01-01-1994]

Artikel 10 [Vervallen per 01-01-1994]

Artikel 11 [Vervallen per 01-01-1994]

Artikel 12 [Vervallen per 01-01-1994]

Artikel 13 [Vervallen per 01-01-1994]

Artikel 14 [Vervallen per 01-01-1994]

Artikel 14a [Vervallen per 01-01-1994]

Artikel 15 [Vervallen per 01-01-1994]

Artikel 16 [Vervallen per 01-01-1994]

Artikel 17 [Vervallen per 01-01-1994]

Artikel 18 [Vervallen per 01-01-1994]

Artikel 19 [Vervallen per 01-01-1994]

Artikel 20 [Vervallen per 01-01-1994]

Artikel 21 [Vervallen per 01-01-1994]

Artikel 22 [Vervallen per 01-01-1994]

Artikel 22a [Vervallen per 01-01-1994]

Artikel 22b [Vervallen per 01-01-1994]

Artikel 23 [Vervallen per 01-01-1994]

Artikel 23a [Vervallen per 01-01-1994]

Artikel 23b [Vervallen per 01-01-1994]

Artikel 23c [Vervallen per 01-01-1994]

Artikel 23d [Vervallen per 01-01-1994]

Artikel 23e [Vervallen per 01-01-1994]

Artikel 24 [Vervallen per 01-01-1994]

Artikel 25 [Vervallen per 01-01-1994]

Artikel 26 [Vervallen per 01-01-1994]

Artikel 27 [Vervallen per 01-01-1994]

Artikel 28 [Vervallen per 01-01-1994]

Artikel 29 [Vervallen per 01-01-1994]

Artikel 30 [Vervallen per 01-01-1994]

Artikel 31 [Vervallen per 01-01-1994]

Artikel 32 [Vervallen per 01-01-1994]

Artikel 33 [Vervallen per 01-01-1994]

Artikel 34 [Vervallen per 01-01-1994]

Artikel 35 [Vervallen per 01-01-1994]

Artikel 36 [Vervallen per 01-01-1994]

Artikel 37 [Vervallen per 01-01-1994]

Artikel 38 [Vervallen per 01-01-1994]

Artikel 39 [Vervallen per 01-01-1994]

Artikel 40 [Vervallen per 01-01-1994]

Artikel 41 [Vervallen per 01-01-1994]

Artikel 42 [Vervallen per 01-01-1994]

Artikel 43 [Vervallen per 01-01-1994]

Artikel 44 [Vervallen per 01-01-1994]

Artikel 45 [Vervallen per 01-01-1994]

Artikel 46 [Vervallen per 01-01-1994]

Artikel 47 [Vervallen per 01-01-1994]

Artikel 48 [Vervallen per 01-01-1994]

Artikel 49 [Vervallen per 01-01-1994]

Artikel 50 [Vervallen per 01-01-1994]

Artikel 51 [Vervallen per 01-01-1994]

Artikel 51a [Vervallen per 01-01-1994]

Artikel 52 [Vervallen per 01-01-1994]

Artikel 53 [Vervallen per 01-01-1994]

Artikel 54 [Vervallen per 01-01-1994]

Artikel 55 [Vervallen per 01-01-1994]

Artikel 56 [Vervallen per 01-01-1994]

Artikel 57 [Vervallen per 01-01-1994]

Artikel 58 [Vervallen per 01-01-1994]

Artikel 59 [Vervallen per 01-01-1994]

Artikel 60 [Vervallen per 01-01-1994]

Artikel 61 [Vervallen per 01-01-1994]

Artikel 62 [Vervallen per 01-01-1994]

Artikel 63 [Vervallen per 01-01-1994]

Artikel 64 [Vervallen per 01-01-1994]

Artikel 65 [Vervallen per 01-01-1994]

Artikel 66 [Vervallen per 01-01-1994]

Artikel 67 [Vervallen per 01-01-1994]

Artikel 68 [Vervallen per 01-01-1994]

Artikel 69 [Vervallen per 01-01-1994]

Artikel 70 [Vervallen per 01-01-1994]

Artikel 71 [Vervallen per 01-01-1994]

Artikel 72 [Vervallen per 01-01-1994]

Artikel 73 [Vervallen per 01-01-1994]

Artikel 74 [Vervallen per 01-01-1994]

Artikel 75 [Vervallen per 01-01-1994]

Artikel 76 [Vervallen per 01-01-1994]

Artikel 77 [Vervallen per 01-01-1994]

Artikel 78 [Vervallen per 01-01-1994]

Artikel 79 [Vervallen per 01-01-1994]

Artikel 80 [Vervallen per 01-01-1994]

Artikel 81 [Vervallen per 01-01-1994]

Artikel 82 [Vervallen per 01-01-1994]

Artikel 83 [Vervallen per 01-01-1994]

Artikel 84 [Vervallen per 01-01-1994]

Artikel 85 [Vervallen per 01-01-1994]

Artikel 86 [Vervallen per 01-01-1994]

Artikel 87 [Vervallen per 01-01-1994]

Artikel 88 [Vervallen per 01-01-1994]

Artikel 89 [Vervallen per 01-01-1994]

Artikel 90 [Vervallen per 01-01-1994]

Artikel 91 [Vervallen per 01-01-1994]

Artikel 92 [Vervallen per 01-01-1994]

Artikel 93 [Vervallen per 01-01-1994]

Artikel 94 [Vervallen per 01-01-1994]

Artikel 95 [Vervallen per 01-01-1994]

Artikel 96 [Vervallen per 01-01-1994]

Artikel 97 [Vervallen per 01-01-1994]

Artikel 98 [Vervallen per 01-01-1994]

Artikel 98a [Vervallen per 01-01-1994]

Artikel 99 [Vervallen per 01-01-1994]

Artikel 100 [Vervallen per 01-01-1994]

Artikel 101 [Vervallen per 01-01-1994]

Artikel 101a [Vervallen per 01-01-1994]

Artikel 101b [Vervallen per 01-01-1994]

Artikel 102 [Vervallen per 01-01-1994]

Artikel 103 [Vervallen per 01-01-1994]

Artikel 104 [Vervallen per 01-01-1994]

Artikel 105 [Vervallen per 01-01-1994]

Artikel 106 [Vervallen per 01-01-1994]

Artikel 107 [Vervallen per 01-01-1994]

Artikel 108 [Vervallen per 01-01-1994]

Artikel 109 [Vervallen per 01-01-1994]

Artikel 110 [Vervallen per 01-01-1994]

Artikel 110a [Vervallen per 01-01-1994]

Artikel 110b [Vervallen per 01-01-1994]

Artikel 111 [Vervallen per 01-01-1994]

Artikel 112 [Vervallen per 01-01-1994]

Artikel 113 [Vervallen per 01-01-1994]

Artikel 114 [Vervallen per 01-01-1994]

Titel II. Beslag, terugvordering, verrekening en korting

Artikel 115

1. In deze titel wordt verstaan onder bezoldiging:

 

 

 


Klik hier om de volledige, bijgewerkte pagina te verkrijgen.



 

 

 

 

 

 

 

    
 

x

   

home | sz-wetten | overige wetten | zoeken | volgende

© Copyright Stichting Adviesgroep Bestuursrecht. Alle rechten voorbehouden.
x