Door gebruik te maken van deze website gaat u akkoord met de cookies voor Google-advertenties. Meer info.

 
 

 

St-AB.nl

 

 

 
     
 

 
  
 

 
 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

  

             


vorige

 

BELEMMERINGENWET  LANDSVERDEDIGING  (BwLv)

Tekst zoals deze geldt op 11 juli 2014

 

 

 

 
Nadere regelgeving:
- Geen

 

WET van 26 juli 1951 tot opheffing van publiekrechtelijke en privaatrechtelijke belemmeringen met het oog op de aanleg, de instandhouding en het gebruik van werken ten behoeve van de landsverdediging

 

     WIJ JULIANA, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz., enz., enz.

     Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:
     Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het wenselijk is met het oog op de aanleg, de instandhouding en het gebruik van werken ten behoeve van de landsverdediging tijdelijk regelen te stellen tot opheffing van belemmeringen, voortspruitend uit wetten, Koninklijke besluiten en verordeningen, en tot het openen van de mogelijkheid op eenvoudiger wijze dan thans kan geschieden de belemmeringen op te heffen, welke door hen, die ten aanzien van onroerende goederen enig recht kunnen doen gelden, aan de aanleg, de instandhouding en het gebruik van dergelijke werken in de weg kunnen worden gelegd.
     Zo is het, dat Wij, de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze.

 

 

Hoofdstuk I. Algemene bepaling

 

Artikel 1

1. In deze wet wordt mede verstaan onder:

a. "landsverdediging": de bestrijding van rampen en zware ongevallen in buitengewone omstandigheden als bedoeld in paragraaf 12 van de Wet veiligheidsregio’s, de beperking van de onmiddellijke gevolgen daarvan alsmede de voorbereiding op deze bestrijding en beperking;

b. "de aanleg van een werk ten behoeve van de landsverdediging": de verandering of verplaatsing van een zodanig werk;

c. "de aanleg, de instandhouding of het gebruik": de werken of handelingen voor die aanleg, die instandhouding of dat gebruik nodig;

d. "vergunning": het ingevolge enige wet, Koninklijk besluit of verordening als ontheffing, dispensatie, concessie, afwijking, uitzondering of onder andere benaming van dien aard te nemen besluit.

2. In deze wet wordt verstaan onder "Onze Minister": diegene Onzer Ministers van Defensie en van Binnenlandse Zaken, die verantwoordelijk is voor de aanleg, de instandhouding, het gebruik of het maken van plannen voor de aanleg van een werk ten behoeve van de landsverdediging, of door of namens wie een verplichting tot gedogen is opgelegd.

 

Hoofdstuk II. Opheffing publiekrechtelijke belemmeringen

 

Artikel 2

Wanneer de aanleg, de instandhouding of het gebruik van een werk ten behoeve van de landsverdediging in strijd zou komen met een bepaling van enig Koninklijk besluit, of van enige verordening kunnen Wij op voordracht van Onze Minister van die bepaling ontheffing verlenen, indien Wij dit om redenen van spoed nodig achten.

 

Artikel 3

1.Wordt voor de aanleg, de instandhouding of het gebruik van een werk ten behoeve van de landsverdediging bij enige wet, Koninklijk besluit of verordening een vergunning gevorderd, dan kunnen Wij op voordracht van Onze Minister deze vergunning verlenen, indien Wij dit om redenen van spoed nodig achten.

2.Wij zijn bij het verlenen van deze vergunning niet gebonden aan de regelen en de vereisten, welke de wet, het Koninklijk besluit of de verordening, bij welke de vergunning wordt gevorderd, voor het verlenen van die vergunning stelt.

 

Artikel 4

Een voordracht, als in dit Hoofdstuk bedoeld, wordt niet gedaan dan in overeenstemming met Onze Minister, onder wiens verantwoordelijkheid de zorg berust voor het belang, ter behartiging waarvan de wet, het Koninklijk besluit of de verordening, waarvan moet worden afgeweken of waarbij de vergunning wordt gevorderd, is gegeven.

 

Hoofdstuk III. Opheffing privaatrechtelijke belemmeringen

 

Artikel 5

Wanneer voor de aanleg, de instandhouding of het gebruik van een werk ten behoeve van de landsverdediging duurzaam of tijdelijk gebruik moet worden gemaakt van onroerende zaken en indien hetzij toepassing van de Belemmeringenwet Privaatrecht niet mogelijk is, hetzij de toepassing van die wet naar het oordeel van Onze Minister ontoelaatbare vertraging voor die aanleg, die instandhouding of dat gebruik mede

 

 

 


Klik hier om de volledige, bijgewerkte pagina te verkrijgen.



 

 

 

 

 

 

 

    
 

x

   

home | sz-wetten | overige wetten | zoeken | volgende

© Copyright Stichting Adviesgroep Bestuursrecht. Alle rechten voorbehouden.
x