Door gebruik te maken van deze website gaat u akkoord met de cookies voor Google-advertenties. Meer info.

 
 

 

St-AB.nl

 

 

 
     
 

 
  
 

 
 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

  

             


vorige

 

COMPTABILITEITSWET  2001

Tekst zoals deze geldt op 11 juli 2014

 

 

 

 
Nadere regelgeving:
- Aanwijzingsbesluit rechtspersonen met een beperkte kasbeheerfunctie
- Besluit kasbeheer 2012
- Regeling departementale begrotingsadministratie 2007
- Regeling kasbeheer 2012
- Regeling kwijtschelding en buiteninvorderingstelling 2004 (vervallen)
- Regeling kwijtschelding en buiteninvorderingstelling 2014
- Regeling materieelbeheer rijksoverheid 2006
- Regeling rekening-courant- en leningenbeheer derden

 

 

WET van 13 juli 2002 tot vaststelling van de Wet inzake het beheer van de financiŽn van het Rijk (Comptabiliteitswet 2001)

 

     WIJ BEATRIX, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

     Allen die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:
     Alzo Wij in overweging genomen hebben dat het wenselijk is de Comptabiliteitswet te vervangen door nieuwe wettelijke bepalingen over het beheer van de financiŽn van het Rijk, mede ter uitvoering van de artikelen 78 en 105 van de Grondwet;
     Zo is het, dat Wij, de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze.

 

 

Hoofdstuk 1. De begroting van het Rijk

Paragraaf 1. De inrichting van de begroting en het begrotingsstelsel

Artikel 1

1. Tot de Rijksbegroting behoren:

a. de begrotingen van de onderscheiden ministeries, hierna te noemen: de departementale begrotingen;

b. de begrotingen van nationale schuld;

c. de begroting van koninkrijksrelaties, tenzij de verplichtingen, uitgaven en ontvangsten die samenhangen met koninkrijksrelaties worden opgenomen in de begroting van het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties;

d. de begroting van de Koning;

e. de begroting van het Kabinet van de Koning;

f. de begroting van de Staten-Generaal;

g. de begroting van de overige Hoge Colleges van Staat en de Kabinetten van de Gouverneurs;

h. de begroting van de Commissie van toezicht betreffende de inlichtingen- en veiligheidsdiensten;

i. de begrotingen van de onderscheiden begrotingsfondsen, bedoeld in artikel 9;

j. een andere begroting, indien die begroting aan de Rijksbegroting wordt toegevoegd bij de wet waarmee die begroting voor de eerste keer wordt vastgesteld.

2. Begrotingen bestaan uit een begrotingsstaat als bedoeld in artikel 4, eerste lid, waarin zijn opgenomen de begrotingsartikelen, en een bij die staat behorende toelichting.

3. De begrotingsstaten worden elk afzonderlijk bij de wet vastgesteld.

4. In afwijking van het derde lid worden de begrotingsstaten van het Kabinet van de Koning en van de Commissie van toezicht betreffende de inlichtingen- en veiligheidsdiensten vastgesteld bij de wet waarmee de departementale begrotingsstaat van het Ministerie van Algemene Zaken wordt vastgesteld.

5. In afwijking van het derde lid kan Onze betrokken Minister besluiten de begrotingsstaat van de departementale begroting en de begrotingsstaat van een begrotingsfonds waarover hij het beheer voert, in ťťn wet te laten vaststellen.

Artikel 2

1.Het begrotingsjaar is het kalenderjaar.

2.Begrotingsartikelen worden onderscheiden in beleidsartikelen en niet-beleidsartikelen.

3.De begrotingen bevatten de ramingen van de verplichtingen, de uitgaven en de ontvangsten, voor zover de daarmee gemoeide gelden niet toebehoren aan derden.

4.In afwijking van het derde lid, bevatten de begrotingen geen ramingen van de verplichtingen, de uitgaven en de ontvangsten die op grond van artikel 28, tweede lid, buiten het begrotingsverband zullen worden gehouden.

Artikel 3

1.Onder uitgaven en ontvangsten van een jaar worden verstaan:

a. de geldelijke betalingen en ontvangsten in dat jaar;

b. de niet-geldelijke betalingen en ontvangsten in dat jaar, bedoeld in artikel 30, eerste lid;

c. de verrekeningen, bedoeld in artikel 31, eerste lid, die in dat jaar plaatsvinden;

d. de toevoegingen en onttrekkingen aan een begrotingsreserve als bedoeld in artikel 5, vierde lid.

2.Als verplichting van een jaar wordt geraamd het bedrag van de verplichting die in dat jaar rechtstreeks ontstaat op grond van een verdrag, een wet, een koninklijk besluit, een ministeriŽle regeling, een beschikking, een verbintenis of een op een controleerbare wijze vastgelegde afspraak tussen dienstonderdelen en die in dat jaar dan wel in een later jaar tot uitgaven leidt of kan leiden.

3.In afwijking van het tweede lid kan als verplichting van een jaar worden opgenomen het bedrag dat in dat jaar als uitgave wordt geraamd met betrekking tot:

a. salarissen, wachtgelden en soortgelijke periodieke verplichtingen;

b. de uitgaven, opgenomen in de begroting van nationale schuld;

c. huren, pachten en soortgelijke periodieke verplichtingen;

d. andere door Onze Minister van FinanciŽn aan te wijzen categorieŽn verplichtingen.

4.Onze Minister van FinanciŽn doet aan de Algemene Rekenkamer schriftelijk mededeling van de aangewezen categorieŽn verplichtingen.

Artikel 4

1.De begrotingsstaat bevat per begrotingsartikel in elk geval de volgende gegevens:

a. het artikelnummer;

b. de artikelomschrijving;

c. bruto het maximumbedrag dat voor het aangaan van verplichtingen in het begrotingsjaar beschikbaar is;

d. bruto het maximumbedrag dat voor het verrichten van uitgaven in het begrotingsjaar beschikbaar is;

e. bruto het bedrag dat aan ontvangsten in het begrotingsjaar geraamd wordt.

2.Een begrotingsartikel is de kleinste eenheid in de begrotingsstaat.

3.Het eerste lid, onder d en e, is niet van toepassing op de uitgaven en de ontvangsten die op grond van artikel 28, vierde lid, in mindering zullen worden gebracht op ontvangsten, onderscheidenlijk uitgaven.

Artikel 5

1.De toelichting bij de begrotingsstaat biedt per beleidsartikel in elk geval inzicht in de met het beleid samenhangende:

a. algemene en indien van toepassing nader geoperationaliseerde doelstellingen die worden nagestreefd;

b. instrumenten die ter bereiking van die doelstellingen worden ingezet;

c. meerjarig beschikbare bedragen voor het aangaan van verplichtingen;

d. meerjarig beschikbare bedragen voor het verrichten van programma-uitgaven;

e. meerjarig beschikbare bedragen voor het verrichten van apparaatsuitgaven;

f. meerjarige bedragen die aan ontvangsten zijn geraamd.

2.Het meerjarige inzicht dient, uitgaande van jaar t als begrotingsjaar, betrekking te hebben op het jaar t-2 tot en met het jaar t+4, dat wil zeggen op de periode lopende van twee jaar voorafgaand tot en met vier jaar volgend op het begrotingsjaar.

3.De toelichting bij de begrotingsstaat bevat per beleidsartikel:

a. doeltreffendheidsgegevens over de in het eerste lid bedoelde algemene en/of nader geoperationaliseerde doelstellingen, alsmede gegevens over de doelmatigheid van het beleid, alle al dan niet verkregen uit beleidsevaluatieonderzoek;

b. waar mogelijk doelmatigheidsgegevens, al dan niet verkregen uit beleidsevaluatieonderzoek, voor de in het eerste lid bedoelde apparaatsuitgaven;

c. informatie over de mate waarin de meerjarig beschikbare bedragen voor het verrichten van uitgaven juridisch verplicht of anderszins gebonden zijn;

d. informatie over de veronderstellingen in effectbereiking, doelmatigheid en raming.

4.Met toestemming van Onze Minister van FinanciŽn kan ten laste van een beleidsartikel een meerjarige begrotingsreserve worden aangehouden.

5.De toelichting bij een beleidsartikel ten laste waarvan een begrotingsreserve wordt aangehouden, vermeldt de motieven voor het aanhouden ervan en biedt inzicht in de omvang van de reserve, alsmede zo mogelijk in de toevoeging en of onttrekking aan de reserve die in het begrotingsjaar worden verwacht.

Artikel 6

1.Een begroting kan drie niet-beleidsartikelen bevatten, te weten:

 

 

 


Klik hier om de volledige, bijgewerkte pagina te verkrijgen.



 

 

 

 

 

 

 

    
 

x

   

home | sz-wetten | overige wetten | zoeken | volgende

© Copyright Stichting Adviesgroep Bestuursrecht. Alle rechten voorbehouden.
x