Door gebruik te maken van deze website gaat u akkoord met de cookies voor Google-advertenties. Meer info.

 
 

 

St-AB.nl

 

 

 
     
 

 
  
 

 
 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

  

             


vorige

 

LOODSENWET

Tekst zoals deze geldt op 14 juli 2014

 

 

 

 
Nadere regelgeving:
- Besluit markttoezicht registerloodsen
- Besluit opleidingen en bevoegdheden nautische beroepsbeoefenaren
- Besluit zeevaartbemanning handelsvaart en zeilvaart
- Bevoegdhedenverordening registerloodsen 1995
- Regeling markttoezicht registerloodsen

 

 

WET van 7 juli 1988, houdende regels betreffende loodsen

 

     WIJ BEATRIX, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

     Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:
     Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het wenselijk is de uitvoerende taken van de overheid ten aanzien van het loodsen van zeeschepen te beėindigen en in de plaats daarvan een openbaar lichaam voor beroep in te stellen als bedoeld in artikel 134 van de Grondwet, daarbij regels stellend over de opleiding tot loods en de bevoegdheid tot uitoefening van dit beroep, aldus tevens de grondslag scheppend voor de uitvoering van verdragen en besluiten van volkenrechtelijke organisaties, waaronder de Richtlijn van de Raad van de Europese Gemeenschappen inzake het loodsen van schepen door Noordzeeloodsen op de Noordzee en in het Kanaal (PbEG L33/32);
     Zo is het, dat Wij, de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:

 

 

Artikel I

Hoofdstuk I. Algemene bepalingen

Artikel 1

1. In deze wet en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:

a. Onze Minister: Onze Minister van Verkeer en Waterstaat;

b. loods:

1°. registerloods;

2°. degene die voldoet aan de eisen met betrekking tot opleiding, kundigheid, ervaring en geschiktheid, bedoeld in artikel 5, eerste lid;

c. corporatie: de Nederlandse loodsencorporatie, bedoeld in artikel 6, eerste lid;

d. algemene raad: de algemene raad van de Nederlandse loodsencorporatie;

e. register: het loodsenregister, bedoeld in artikel 21, eerste lid;

f. registerloods: degene die is ingeschreven in het register;

g. loodsplichtige scheepvaartwegen: de scheepvaartwegen waarop krachtens wettelijk voorschrift de kapitein van een schip verplicht is gebruik te maken van de diensten van een loods;

h. verwerken van persoonsgegevens, onderscheidenlijk verantwoordelijke: hetgeen daaronder wordt verstaan in de Wet bescherming persoonsgegevens;

i. Autoriteit Consument en Markt: de Autoriteit Consument en Markt, genoemd in artikel 2, eerste lid, van de Instellingswet Autoriteit Consument en Markt;

j. [vervallen;]

k. arbeidsvergoeding: arbeidsvergoeding voor registerloodsen, bestaande uit de uurtarieven voor de directe loodsuren, vermeerderd met een opslag voor de indirecte uren, bestaande uit indirecte taken, reisuren, wachturen en beschikbaarheidsuren, gedifferentieerd naar scheepsklassen.

2. De begrippen in deze wet en de daarop berustende bepalingen hebben, tenzij anders is bepaald, dezelfde betekenis als in de Scheepvaartverkeerswet.

Hoofdstuk II. De loodsen

§ 1. Algemeen

Artikel 2

1. De loods adviseert aan boord de kapitein of de verkeersdeelnemer over de door deze te voeren navigatie. De loods mag met instemming van de kapitein optreden als verkeersdeelnemer.

2. Voor zover de loods zijn functie niet aan boord van het te loodsen schip kan uitoefenen mag deze de kapitein of de verkeersdeelnemer vanaf een ander schip of vanaf de wal adviezen en, voor zover hij daartoe ingevolge artikel 9 Scheepvaartverkeerswet bevoegd is, verkeersinformatie geven. Indien zich aan boord van het te loodsen schip een loods bevindt kan een loods vanaf de wal aan deze loods adviezen en, voor zover hij daartoe ingevolge artikel 9 Scheepvaartverkeerswet bevoegd is, verkeersinformatie geven, in het geval van verminderd zicht, slechte weersomstandigheden of andere bijzondere omstandigheden.

3. Ter bescherming van de belangen, genoemd in artikel 3, eerste lid, van de Scheepvaartverkeerswet, worden bij of krachtens algemene maatregel van bestuur voorschriften vastgesteld die de loodsen voor en bij de uitoefening van hun beroep in acht dienen te nemen. Deze voorschriften hebben onder andere betrekking op de omstandigheden en voorwaarden waaronder en de plaatsen vanaf waar de loods adviezen als bedoeld in het tweede lid mag geven.

Artikel 3

De loods is, voor zover hij handelt in de uitoefening van de in artikel 2 genoemde taken en bevoegdheden, slechts aansprakelijk voor schade door hem veroorzaakt door opzet of grove schuld.

§ 2. Registerloodsen

Artikel 4

1. Bij of krachtens verordening worden regels gesteld met betrekking tot de bevoegdheid van de registerloods ten aanzien van loodsplichtige scheepvaartwegen en categorieėn van schepen en met betrekking tot het op peil houden van de in verband met het uitoefenen van het beroep van registerloods benodigde kennis en vaardigheden. Deze verordening en de krachtens die verordening te geven regels behoeven de goedkeuring van Onze Minister. De goedkeuring kan worden onthouden wegens strijd met de belangen, genoemd in artikel 3, eerste lid, van de Scheepvaartverkeerswet.

2. Het is degene die geen daartoe bevoegd registerloods is, verboden diensten als loods aan te bieden dan wel te verlenen aan:

a. zeeschepen op loodsplichtige scheepvaartwegen; en

b. schepen die anderszins ingevolge een wettelijke regeling verplicht zijn gebruik te maken van de diensten van een loods.

3. Het verbod, genoemd in het tweede lid, geldt niet met betrekking tot schepen voor de vaart op loodsplichtige scheepvaartwegen, aangewezen krachtens artikel 11, onderdeel b, van de Scheepvaartverkeerswet, voor zover die schepen op binnenwateren varen.

4. Het verbod, genoemd in het tweede lid, geldt niet voor de tot de Belgische loodsdienst behorende loods die krachtens het Scheldereglement als zodanig optreedt en de tot de Duitse loodsdienst behorende loods die krachtens het Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Bondsrepubliek Duitsland tot regeling van de samenwerking in de Eemsmonding (Trb. 1960, 69) als zodanig optreedt.

§ 3. Niet-registerloodsen

Artikel 5

1. Onverminderd artikel 4, worden bij of krachtens algemene maatregel van bestuur eisen gesteld met betrekking tot de opleiding, kundigheid, ervaring en geschiktheid voor het loodsen van schepen op bij algemene maatregel van bestuur aan te wijzen wateren en ten aanzien van het in verband met de beroepsuitoefening af te geven document.

2. De kosten verbonden aan en de kosten die samenhangen met de bij of krachtens het eerste lid, gestelde eisen, kunnen ten laste worden gebracht van de aanvrager van het in die maatregel genoemde examen of document.

3. De bedragen ter vergoeding van de kosten, bedoeld in het tweede lid, worden bij ministeriėle regeling vastgesteld.

4. Ter uitvoering van de in het eerste lid bedoelde eisen worden persoonsgegevens verwerkt betreffende de gezondheid. De verwerking van deze gegevens strekt ertoe te kunnen beoordelen of de geschiktheid voor het loodsen van schepen aanwezig is of niet meer aanwezig is. Onze Minister is verantwoordelijk voor deze verwerking.

Hoofdstuk III. De loodsencorporaties

§ 1. De Nederlandse loodsencorporatie

Artikel 6

1. De gezamenlijke registerloodsen vormen

 

 

 


Klik hier om de volledige, bijgewerkte pagina te verkrijgen.



 

 

 

 

 

 

 

    
 

x

   

home | sz-wetten | overige wetten | zoeken | volgende

© Copyright Stichting Adviesgroep Bestuursrecht. Alle rechten voorbehouden.
x