Door gebruik te maken van deze website gaat u akkoord met de cookies voor Google-advertenties. Meer info.

 
 

 

St-AB.nl

 

 

 
     
 

 
  
 

 
 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

  

             

 
vorige

 

LUCHTVAARTWET  (LVW)

Tekst zoals deze geldt op 14 juli 2014

 

 

 

 
Nadere regelgeving:
- Besluit beveiliging burgerluchtvaart
- Besluit burgerluchthavens
- Regeling geluidwerende voorzieningen 1997
- Regeling Toezicht Luchtvaart (RTL)

 

 

WET van 15 januari 1958, houdende nieuwe regelen omtrent de luchtvaart

 

     WIJ JULIANA, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz., enz., enz.

     Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:
     Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het wenselijk is nieuwe regelen omtrent de luchtvaart te stellen;
     Zo is het, dat Wij, de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:

 

 

Hoofdstuk I. Begripsbepalingen

Artikel 1

Voor de toepassing van het bij of krachtens deze wet bepaalde wordt verstaan onder

a. luchtvaart: het gebruik van luchtvaartuigen;

b. luchtvaartuig: toestel, bedoeld in artikel 1.1, eerste lid, van de Wet luchtvaart;

c. vliegtuigen: luchtvaartuigen zwaarder dan lucht en voorzien van een voortstuwingsinrichting;

d. exploitant van een luchtvaartterrein: degene, te wiens name ingevolge deze wet een luchtvaartterrein wordt aangewezen;

e. [vervallen;]

f. buitenlandse luchtvaartuigen: luchtvaartuigen, ingeschreven in een buitenlands luchtvaartuigregister;

g. luchtvaartterreinen: een aangewezen terrein ingericht voor het opstijgen en landen van luchtvaartuigen;

h. luchtvaartmaatschappijen: eigenaren van ondernemingen, die geheel of gedeeltelijk hun bedrijf maken van het vervoer van personen, dieren of goederen met luchtvaartuigen;

i. verkeersvlucht: een vlucht, die vervoer door een luchtvaartmaatschappij ten doel heeft;

j. Onze Minister: voor wat de burgerluchtvaart en de algemene verkeersveiligheid in de lucht betreft: Onze Minister van Verkeer en Waterstaat: voor wat de militaire luchtvaart betreft: Onze Minister van Defensie;

Artikel 2

Voor de toepassing van het bij of krachtens deze wet bepaalde wordt mede verstaan onder

a. gezagvoerder: hij, die een luchtvaartuig alleen bedient;

b. bedienen van een luchtvaartuig: het verrichten van handelingen aan boord van een luchtvaartuig ten behoeve van het gebruik van dat luchtvaartuig;

c. terreinen: watergebieden;

d. bouwwerken: getimmerten, constructiemasten, bovengrondse geleidingen, dijken en kaden.

e. luchtwaardigheid: de toelaatbaarheid van het door het luchtvaartuig veroorzaakte geluid.

Hoofdstuk II

Artikel 3 [Vervallen per 01-01-1993]

Hoofdstuk III. De Luchtvaart

Afdeling 1. Inschrijving, kenmerken en luchtwaardigheid van luchtvaartuigen

Artikel 4 [Vervallen per 01-10-2001]

Artikel 5 [Vervallen per 01-10-2001]

Artikel 6 [Vervallen per 01-10-2001]

Artikel 7 [Vervallen per 01-10-2001]

Afdeling 2. Bediening van luchtvaartuigen

Artikel 8 [Vervallen per 19-01-2000]

Artikel 8a [Vervallen per 19-07-2008]

Artikel 8b [Vervallen per 19-01-2000]

Artikel 9

Ten aanzien van het in luchtwaardige toestand houden van Nederlandse luchtvaartuigen worden de bewijzen van bevoegdheid afgegeven, geschorst of ingetrokken door Onze Minister en wel, voor wat burgerluchtvaartuigen betreft, naar regelen, gesteld bij of krachtens algemene maatregel van bestuur. Voorts kan Onze Minister bewijzen van gelijkstelling van buitenlandse bewijzen van bevoegdheid afgeven, schorsen en intrekken, naar regelen, gesteld bij of krachtens algemene maatregel van bestuur.

Afdeling 3. Overige bepalingen

Artikel 10 [Vervallen per 19-01-2000]

Artikel 11 [Vervallen per 01-03-1993]

Artikel 12 [Vervallen per 01-01-1989]

Artikel 13 [Vervallen per 01-01-1993]

Artikel 14 [Vervallen per 01-11-2009]

Artikel 15 [Vervallen per 01-10-2001]

Artikel 16. Luchtvervoer

Voor zover bij internationale overeenkomst niet anders is bepaald mag vervoer met luchtvaartuigen in, naar of uit Nederland, of met Nederland als tussenstation, slechts geschieden door luchtvaartmaatschappijen aan wie daartoe door Onze Minister vergunning is verleend.

Artikel 16a

1. Ten aanzien van vergunningen als bedoeld in artikel 16 die vallen onder Verordening (EG) nr. 1008/2008 van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 24 september 2008 inzake gemeenschappelijke regels voor de exploitatie van luchtdiensten in de Gemeenschap (PbEU L 293), wordt toegepast hetgeen bij of krachtens die verordening is bepaald.

2. Een wijziging van het bepaalde bij of krachtens de verordening, genoemd in het eerste lid, treedt voor de toepassing van het eerste lid in werking met ingang van de dag waarop de betrokken wijzigingsregeling in werking treedt.

3. Aan een vergunning als bedoeld in het eerste lid kunnen voorschriften worden verbonden voor zover deze in overeenstemming zijn met de verordening.

4. Onze Minister kan een vergunning als bedoeld in het eerste lid, met inachtneming van de verordening, schorsen of intrekken.

5. Onze Minister kan een vergunning als bedoeld in het eerste lid, op verzoek van de houder wijzigen.

Artikel 16b

1.Een vergunning als bedoeld in artikel 16 die niet valt onder de in artikel 16a, eerste lid genoemde verordening, wordt verleend voor een bepaalde, daarin genoemde, termijn van ten hoogste vijf jaar. Zij kan door Onze Minister worden verlengd.

2.Aan een vergunning als bedoeld in het eerste lid, kunnen voorschriften of beperkingen worden verbonden.

3.Onze Minister kan een vergunning als bedoeld in het eerste lid, schorsen of intrekken:

a. indien de vergunninghouder daarom verzoekt;

b. wegens niet-uitoefening van het vervoer;

c. wegens uitoefening van het vervoer in strijd met bij of krachtens deze wet gegeven voorschriften;

d. wegens niet-inachtneming van aan de vergunning verbonden voorschriften of beperkingen;

e. indien ter verkrijging van de vergunning onjuiste of onvolledige gegevens zijn verstrekt.

4.Onze Minister kan een vergunning als bedoeld in het eerste lid, op verzoek van de houder wijzigen.

5.Een vergunning als bedoeld in het eerste lid verliest haar geldigheid zolang en voor zover de vergunninghouder is geplaatst op de communautaire lijst, bedoeld in Verordening (EG) nr. 2111/2005 van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Gemeenschappen van 14 december 2005 betreffende de vaststelling van een communautaire lijst van luchtvaartmaatschappijen waaraan een exploitatieverbod binnen de Gemeenschap is opgelegd en het informeren van luchtreizigers over de identiteit van de exploiterende luchtvaartmaatschappij en tot intrekking van artikel 9 van richtlijn nr. 2004/36/EG.

6.Een aanvraag voor een vergunning als bedoeld in het eerste lid, of voor een verlenging voor een dergelijke vergunning wordt afgewezen voor zover de aanvraag betrekking heeft op activiteiten waarvoor de aanvrager op de communautaire lijst, bedoeld in het vijfde lid, is geplaatst.

Artikel 16c

Bij ministeriŽle regeling kunnen bepaalde soorten van vervoer worden uitgezonderd van de in artikel 16 vervatte verplichting.

Artikel 16d

1.Onze Minister kan ontheffing verlenen van de in artikel 16 vervatte verplichting. Van de beschikking ter zake wordt mededeling in de Staatscourant gedaan.

2.Aan de in het eerste lid bedoelde ontheffingen kunnen voorschriften of beperkingen worden verbonden.

3.Onze Minister kan een ontheffing schorsen of intrekken wegens niet inachtneming van de aan de ontheffing verbonden voorschriften of beperkingen.

Artikel 17

1.Het is verboden luchtvaartvertoningen of luchvaartwedstrijden te houden zonder vergunning van Onze Minister.

2.Het is verboden boven Nederland deel te nemen aan een vertoning of wedstrijd als bedoeld in het eerste lid, waarvoor geen vergunning is verleend.

3.Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen regels worden gegeven waaraan bij het aanvragen van een vergunning tot het houden van een luchtvaartvertoning of een luchtvaartwedstrijd en bij het houden van

 

 

 


Klik hier om de volledige, bijgewerkte pagina te verkrijgen.



 

 

 

 

 

 

 

    
 

x

   

home | sz-wetten | overige wetten | zoeken | volgende

© Copyright Stichting Adviesgroep Bestuursrecht. Alle rechten voorbehouden.
x