Door gebruik te maken van deze website gaat u akkoord met de cookies voor Google-advertenties. Meer info.

 
 

 

St-AB.nl

 

 

 
     
 

 
  
 

 
 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

  

             


vorige

 

MEETBRIEVENWET  1981

Tekst zoals deze geldt op 14 juli 2014

 

 

 

 
Nadere regelgeving:
- Meetbrievenbesluit 1981
- Regeling tarieven scheepvaart 2005

 

 

WET van 12 februari 1981, houdende bepalingen betreffende de meting van schepen

 

     WIJ BEATRIX, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

     Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:
     Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het in verband met de uitvoering van het Internationaal Verdrag betreffende de meting van schepen 1969, Trb. 1970, 122 en 194, wenselijk is de bepalingen betreffende de meting van zeeschepen opnieuw vast te stellen;
     Zo is het, dat Wij, de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:

 

 

Hoofdstuk I. Algemene bepalingen

 

Artikel 1

Deze wet verstaat onder:

a. "Onze Minister": Onze Minister van Verkeer en Waterstaat;

b. "Verdrag": het Internationaal Verdrag betreffende de meting van schepen, 1969, Trb. 1970, 122 en 194;

c. "Verdrag van Oslo 1947": Het Internationaal Verdrag nopens een eenvormig stelsel voor de meting van zeeschepen, laatstelijk Trb. 1970, 55;

d. "de datum van inwerkingtreding van het Verdrag": het tijdstip bedoeld in artikel 17, lid (1), van het Verdrag;

e. "schip": een zeeschip in de zin van artikel 2, eerste lid, van Boek 8 van het Burgerlijk Wetboek of een binnenschip in de zin van artikel 3, eerste lid, van Boek 8 van dat Wetboek;

f. "Nederlands schip":

1. een zeeschip dat Nederlands is op grond van artikel 311 van het Wetboek van Koophandel, artikel 5 van de Wet nationaliteit zeeschepen in rompbevrachting of artikel 1, tweede lid, van de Uitvoeringswet Visserijverdrag 1967, dan wel

2. een binnenschip dat voldoet aan tenminste een der in het eerste lid van artikel 784 van Boek 8 van het Burgerlijk Wetboek gestelde voorwaarden;

g. inspecteur-generaal: inspecteur-generaal van de Inspectie Verkeer en Waterstaat;

h. de ambtenaren van de Inspectie Verkeer en Waterstaat: de door Onze Minister aangewezen ambtenaren van de Inspectie Verkeer en Waterstaat.

i. "het ondernemen van een reis": het buitengaats brengen van een schip als bedoeld in artikel 1, eerste lid, van de Schepenwet;

j. "Internationale Meetbrief (1969)": de meetbrief, door Onze Minister dan wel door de administratie van een andere Staat, aangesloten bij het Verdrag, afgegeven overeenkomstig de bepalingen van het Verdrag;

k. "bijzondere meetbrief": de meetbrief, anders dan bedoeld onder j, vermeldende de bruto- en netto-tonnage van een schip, door Onze Minister afgegeven ten behoeve van een schip;

l. "voorlopige meetbrief": de meetbrief, anders dan bedoeld onder j en k, voor een tijdsduur van ten hoogste zes maanden door Onze Minister afgegeven ten behoeve van een Nederlands schip;

m. "nieuw schip": een schip waarvan de kiel is gelegd of waarvan de bouw zich in een soortgelijk stadium van aanbouw bevindt op of na de datum van inwerkingtreding van het Verdrag;

n. "bestaand schip": een schip, dat niet is een nieuw schip;

o. "lengte": 96 procent van de lengte van de lastlijn op 85 procent van de kleinste holte naar de mal gemeten vanaf de bovenzijde van de kielplaat, dan wel de lengte van de voorzijde van de voorsteven tot aan de hartlijn van de roerkoning op deze lastlijn gemeten, indien deze laatste lengte groter is. Bij schepen die met stuurlast zijn ontworpen moet de lastlijn waarop deze lengte wordt gemeten, evenwijdig aan de constructie-waterlijn worden genomen.

 

Artikel 2

1. Tenzij in deze wet anders is bepaald, is deze wet uitsluitend van toepassing op Nederlandse schepen, voor zover deze schepen bestemd of gebezigd worden voor het ondernemen van een reis.

2. Deze wet is niet van toepassing op oorlogsschepen.

3. Deze wet is mede van toepassing op Bonaire, Sint Eustatius en Saba.

 

Hoofdstuk II. Bepalingen met betrekking tot Nederlandse schepen

 

A. Algemeen

 

Artikel 3

De bepalingen van deze paragraaf zijn van toepassing op

 

 

 


Klik hier om de volledige, bijgewerkte pagina te verkrijgen.



 

 

 

 

 

 

 

    
 

x

   

home | sz-wetten | overige wetten | zoeken | volgende

Copyright Stichting Adviesgroep Bestuursrecht. Alle rechten voorbehouden.
x