Door gebruik te maken van deze website gaat u akkoord met de cookies voor Google-advertenties. Meer info.

 
 

 

St-AB.nl

 

 

 
     
 

 
  
 

 
 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

  

             


vorige

 

PLANTENZIEKTENWET

Tekst zoals deze geldt op 14 juli 2014

 

 

 

 
Nadere regelgeving:
- Besluit bestrijding schadelijke organismen
- Regeling invoer, uitvoer en verkeer van planten

 

 

WET van 5 april 1951, houdende nieuwe bepalingen tot wering en bestrijding van organismen, schadelijk voor de landbouw

 

     WIJ JULIANA, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz., enz., enz.

     Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:
     Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het wenselijk is nieuwe bepalingen vast te stellen tot wering en bestrijding van organismen, welke schadelijk zijn voor de Landbouw;
     Zo is het, dat Wij, de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:

 

 

Artikel 1

In deze wet en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:

a. Onze Minister: Onze Minister van Economische Zaken;

b. "inspecteur-generaal": inspecteur-generaal van de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit alsmede de ambtenaar die hem vervangt;

c. "instelling": privaatrechtelijke rechtspersoon met volledige rechtsbevoegdheid, bedoeld in artikel 9;

d. "bedrijfslichaam": produktschap of bedrijfschap, bedoeld in artikel 66 van de Wet op de Bedrijfsorganisatie (Stb. 1950, K22);

e. "schadelijke organismen": voor planten of plantaardige produkten schadelijke organismen van dierlijke of plantaardige aard, alsmede virussen, mycoplasma's, viroïden, rickettsia’s of andere ziekteverwekkers;

f. "planten": levende planten en levende delen van planten, met inbegrip van verse vruchten en zaden;

g. "plantaardige produkten": voortbrengselen van plantaardige oorsprong die niet verwerkt zijn of die slechts een eenvoudige bewerking hebben ondergaan, voor zover het geen planten betreft;

h. "verhandelen": verkopen, te koop aanbieden of afleveren alsmede met het oog daarop voorhanden of in voorraad hebben;

i. "invoeren": brengen in Nederland;

j. "uitvoeren": brengen buiten Nederland;

k. "telen": brengen of houden van planten in grond of in een ander cultuurmedium.

Artikel 2

1. Ter voorkoming van het optreden en van de verbreiding van schadelijke organismen kan Onze Minister de in- en uitvoer van schadelijke organismen, van planten of plantaardige produkten, van grond of andere cultuurmedia en van voor planten of plantaardige produkten gebruikt verpakkingsmateriaal verbieden of regelen stellen waaraan voor, bij of na de invoer, onderscheidenlijk voor of bij de uitvoer moet worden voldaan.

2. De in het eerste lid bedoelde regelen kunnen onder meer betrekking hebben op:

a. de eisen waaraan de aldaar genoemde zaken moeten voldoen;

b. het aanmelden van het voornemen tot invoer, onderscheidenlijk uitvoer;

c. het te verrichten onderzoek;

d. het in tijdelijke afzondering houden;

e. de plaats van bestemming en het gebruiksdoel;

 

 

 


Klik hier om de volledige, bijgewerkte pagina te verkrijgen.



 

 

 

 

 

 

 

    
 

x

   

home | sz-wetten | overige wetten | zoeken | volgende

© Copyright Stichting Adviesgroep Bestuursrecht. Alle rechten voorbehouden.
x