Door gebruik te maken van deze website gaat u akkoord met de cookies voor Google-advertenties. Meer info.

 
 

 

St-AB.nl

 

 

 
     
 

 
  
 

 
 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

  

             


vorige

 

TABAKSWET

Tekst zoals deze geldt op 18 juli 2014

 

 

 

 
Nadere regelgeving:
- Besluit beperking verkoop en gebruik tabaksprodukten
- Besluit uitvoering rookvrije werkplek, horeca en andere ruimten

 

 

WET van 10 maart 1988, houdende maatregelen ter beperking van het tabaksgebruik, in het bijzonder ter bescherming van de niet-roker

 

     WIJ BEATRIX, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

     Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:
     Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het wenselijk is in het belang van de volksgezondheid regelen te stellen ter beperking van het gebruik van tabak en meer in het bijzonder ertoe strekkende hinder voor hen die geen tabak gebruiken tegen te gaan;
     Zo is het, dat Wij, de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:

 

 

ß 1. Begripsbepalingen

Artikel 1

In deze wet en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:

a. tabaksproducten: producten die voor roken, snuiven, zuigen of pruimen bestemd zijn en die, al is het slechts ten dele, uit tabak bestaan, ook indien genetisch gemodificeerd;

b. Onze Minister: Onze Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport;

c. bijlage: de bijlage bij deze wet;

d. reclame: elke handeling in de economische sfeer met als doel de verkoop van tabaksproducten te bevorderen en elke vorm van commerciŽle mededeling die het bekendheid geven aan of het aanprijzen van een tabaksproduct tot doel dan wel rechtstreeks of onrechtstreeks tot gevolg heeft, met inbegrip van reclame waarmee, zonder het tabaksproduct rechtstreeks te noemen, wordt getracht het reclameverbod te omzeilen door gebruik te maken van een naam, merk, symbool of enig ander onderscheidend teken van een tabaksproduct;

e. sponsoring: elke openbare of particuliere economische bijdrage aan een activiteit, evenement of persoon, die het bekendheid geven aan of het aanprijzen van een tabaksproduct tot doel dan wel rechtstreeks of onrechtstreeks tot gevolg heeft;

f. tabaksverkooppunt: iedere plaats waar tabaksproducten aanwezig zijn voor het bedrijfsmatig of anders dan om niet verstrekken;

g. tabaksspeciaalzaak: een inrichting, zijnde een winkel of een onderdeel daarvan, met een afsluitbare eigen toegang, waarin een totaal assortiment aan tabaksproducten van ten minste 90 merkenversies aanwezig is voor het bedrijfsmatig of anders dan om niet verstrekken en:

1į. met een verkoopvloeroppervlakte van minimaal 10 m2, of,

2į. met een verkoopvloeroppervlakte van minder dan 10 m2, die reeds voor 1 januari 2001 als tabakszaak stond ingeschreven bij de Kamer van Koophandel;

h. teer: het ongezuiverde water- en nicotinevrije condensaat van rook;

i. nicotine: nicotinealkaloÔden;

j. ingrediŽnten: stoffen of bestanddelen, met uitzondering van tabaksbladeren en andere natuurlijke of niet-getransformeerde delen van de tabaksplant, die bij de productie of de bereiding van tabaksproducten worden gebruikt en nog in het eindproduct aanwezig zijn, al dan niet in gewijzigde vorm, met inbegrip van papier, filter, inkt en kleefstoffen;

k. diensten van de informatiemaatschappij: diensten in de zin van artikel 1, tweede lid, van richtlijn nr. 98/34/EG van het Europees Parlement en de Raad van 22 juni 1998 betreffende een informatieprocedure op het gebied van normen en technische voorschriften en regels betreffende de diensten van de informatiemaatschappij (PbEG L 204).

ß 2. Aanduiding, samenstelling en verbod tabaksproducten

Artikel 2

1.Bij algemene maatregel van bestuur worden in het belang van de volksgezondheid eisen gesteld, waaraan tabaksproducten moeten voldoen ter zake van aanduidingen die moeten voorkomen op de verpakking waarin zij aan particulieren worden verstrekt. Indien de aanduiding betrekking heeft op de samenstelling van de producten kan bij of krachtens de maatregel een daarbij omschreven methode van onderzoek worden aangewezen, die bij uitsluiting beslissend is voor de vaststelling of met betrekking tot het produkt al dan niet de juiste aanduiding is gebezigd.

2.Bij algemene maatregel van bestuur kunnen in het belang van de volksgezondheid eisen worden gesteld, waaraan tabaksproducten moeten voldoen ter zake van de samenstelling, zoals het nicotinegehalte en de hoeveelheden teer en koolmonoxyde die bij de verbranding ontstaan. Bij of krachtens de maatregel kan een daartoe omschreven methode van onderzoek worden aangewezen, die bij uitsluiting beslissend is voor de vaststelling of met betrekking tot een produkt al dan niet aan de daaraan gestelde eisen is voldaan.

Artikel 3

1.Het is verboden bedrijfsmatig of anders dan om niet tabaksproducten te verstrekken of daartoe aanwezig te hebben, indien die producten niet aan de krachtens artikel 2 gestelde eisen voldoen.

2.Bij algemene maatregel van bestuur kan worden bepaald dat het eerste lid niet van toepassing is indien aannemelijk wordt gemaakt dat het produkt voor uitvoer is bestemd of is bestemd om te worden vernietigd dan wel in overeenstemming te worden gebracht met de daaraan gestelde eisen.

Artikel 3a

Het is verboden tabaksproducten, bestemd voor oraal gebruik anders dan roken of pruimen, in de vorm van poeder, fijne deeltjes of een combinatie van deze vormen dan wel in vormen die eruitzien als levensmiddelen, bedrijfsmatig te verstrekken of daartoe aanwezig te hebben.

Artikel 3b

1.Tabaksproducenten en -importeurs zijn verplicht jaarlijks bij Onze Minister een lijst in te dienen van alle ingrediŽnten, met opgave van de hoeveelheden, die voor de productie van hun tabaksproducten worden gebruikt, opgesplitst naar merk en type per eenheid product.

2.Bij de lijst gaat een verklaring waarin wordt uiteengezet waarom de ingrediŽnten aan de tabaksproducten worden toegevoegd. De functie en de categorie ervan worden vermeld. Bij de lijst gaan tevens de voor de producent of de importeur beschikbare toxicologische gegevens betreffende de ingrediŽnten in verbrande en onverbrande vorm, naar gelang van het geval, waarbij in het bijzonder de gevolgen daarvan voor de gezondheid worden vermeld en mogelijke verslavende effecten in aanmerking worden genomen. De lijst wordt opgesteld in afnemende volgorde naar gewicht van de respectieve ingrediŽnten van het product.

3.Bij regeling van Onze Minister kunnen nadere regels worden gesteld omtrent de lijst, het tijdstip waarop de lijst moet worden ingediend, alsmede de bij te voegen bescheiden en gegevens.

4.Onze Minister draagt op een door hem te bepalen wijze zorg voor openbaarmaking van de in het eerste en tweede lid bedoelde lijst van ingrediŽnten en de in het derde lid bedoelde bescheiden en gegevens. Daarbij blijft de openbaarmaking van bedrijfs- en fabricagegegevens achterwege, voor zover het belang van openbaarmaking niet opweegt tegen de onevenredige benadeling van de verstrekker van die gegevens.

5.Alle ingevolge dit artikel verstrekte gegevens worden door Onze Minister jaarlijks aan de Commissie voor de Europese Gemeenschappen gezonden.

Artikel 3c

1.Tabaksproducenten en -importeurs zijn verplicht medewerking te verlenen aan door Onze Minister ingestelde, aangewezen of goedgekeurde metingen en onderzoekingen, die tot doel hebben na te gaan wat het gehalte is aan teer, nicotine, koolmonoxide en andere stoffen die tabaksproducten, opgesplitst naar merk en type per eenheid product, voortbrengen, alsook om de gevolgen van deze andere stoffen voor de gezondheid na te gaan, daarbij onder meer rekening houdend met het inherente gevaar van afhankelijkheid.

2.De metingen en onderzoekingen voor gehaltes aan teer, nicotine en koolmonoxide worden uitgevoerd of geverifieerd door laboratoria die zijn erkend door en onder toezicht staan van Onze Minister.

3.De resultaten van de metingen en onderzoekingen worden jaarlijks aan Onze Minister overgelegd of zo veel minder frequent als bij regeling van Onze Minister is bepaald.

4.Bij regeling van Onze Minister kunnen nadere regels worden gesteld omtrent de wijze waarop toepassing wordt gegeven aan het eerste, tweede en derde lid.

Artikel 3d

Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen regels worden gesteld omtrent de erkenning van laboratoria, die metingen en onderzoekingen als bedoeld in artikel 3c verrichten.

Artikel 3e

Met ingang van 30 september 2003 is het verboden op de verpakking van

 

 

 


Klik hier om de volledige, bijgewerkte pagina te verkrijgen.



 

 

 

 

 

 

 

    
 

x

   

home | sz-wetten | overige wetten | zoeken | volgende

© Copyright Stichting Adviesgroep Bestuursrecht. Alle rechten voorbehouden.
x