Door gebruik te maken van deze website gaat u akkoord met de cookies voor Google-advertenties. Meer info.

 
 

 

St-AB.nl

 

 

 
     
 

 
  
 

 
 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

  

             


vorige

 

WET  MEDEFINANCIERING  AANVULLENDE  ARBEIDSONGESCHIKTHEIDSVERZEKERINGEN  (Wet Maav)

Tekst zoals deze geldt op 22 januari 2006

Vervallen m.i.v. 10 mei 2006

 

 

 

 
WET van 22 december 1993, houdende regels tot aanwijzing van een rechtspersoon die tegen een maximumpremie aanvullende arbeidsongeschiktheidsverzekeringen aanbiedt aan werknemers met een verhoogd arbeidsongeschiktheidsrisico

 

     WIJ BEATRIX, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

     Allen, die deze zullen zien of horen lezen saluut! doen te weten:
     Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het wenselijk is dat een rechtspersoon wordt aangewezen die aanvullende arbeidsongeschiktheidsverzekeringen tegen een maximumpremie aanbiedt aan categorien van werknemers die een verhoogd arbeidsongeschiktheidsrisico en dat andere verzekeraars en pensioenfondsen bijdragen in de tekorten van deze rechtspersoon;
     Zo is het, dat Wij, de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:

 

 

Artikel 1

In deze wet en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:

a. Onze Minister: Onze Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid;

b. aanvullende arbeidsongeschiktheidsverzekering: de overeenkomst van verzekering van het risico van inkomensderving ten gevolge van arbeidsongeschiktheid, waaruit, in aanvulling op een wettelijk geregelde loongerelateerde arbeidsongeschiktheidsuitkering, een aan het laatstverdiende loon gerelateerd recht op uitkering kan voortvloeien, met uitzondering van de overeenkomst van verzekering van uitsluitend het risico van inkomensderving ten gevolge van arbeidsongeschiktheid voor zover deze inkomensderving uitgaat boven 70% van het bedrag, bedoeld in artikel 17, eerste lid, van de Wet financiering sociale verzekeringen, met betrekking tot een loontijdvak van een dag;

c. verzekeraar: een verzekeraar:

1. die in het bezit is van de ingevolge artikel 24, eerste lid, van de Wet toezicht verzekeringsbedrijf 1993 vereiste vergunning of heeft voldaan aan de ingevolge de artikelen 37 of 38 van die wet vereiste procedure met betrekking tot een bijkantoor in Nederland; of

2. die heeft voldaan aan de vereiste procedure als bedoeld in de artikelen 111, eerste lid, onderdelen a tot en met c, of tweede lid, 113, eerste of vierde lid, 116, eerste lid, onderdelen a tot en met c, of derde lid, of 118, tweede of vijfde lid, van genoemde wet indien het de aldaar bedoelde dienstverrichting naar Nederland betreft;

d. pensioenfonds:

1. een pensioenfonds als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdeel b of onderdeel c, van de Pensioen- en spaarfondsenwet, met uitzondering van een pensioenfonds dat uitsluitend toezeggingen als bedoeld in artikel 2, derde lid, onderdeel c, van de Pensioen- en spaarfondsenwet uitvoert, en met uitzondering van een pensioenfonds als bedoeld in artikel 1, zesde lid, van de Pensioen- en spaarfondsenwet;

2. de door Onze Minister aangewezen rechtspersoon die fungeert als pensioenfonds voor werknemers in de zin van de Wet sociale werkvoorziening;

e. werknemer: een werknemer als bedoeld in de artikelen 3, 4, 5, 7, 7a en 7b van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering alsmede de persoon die op grond van artikel 81 van die wet is toegelaten tot de vrijwillige verzekering;

f. werkgever: een werkgever als bedoeld in de artikelen 8, 9, 10 en 11 van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering;

g. Pensioen- & Verzekeringskamer: de Pensioen- & Verzekeringskamer, bedoeld in artikel 2 van de Wet toezicht verzekeringsbedrijf 1993;

h. Vereveningsinstantie: de Vereveningsinstantie, bedoeld in artikel 6.

Artikel 2

1. En rechtspersoon met volledige rechtsbevoegdheid wordt door Onze Minister aangewezen en kan slechts door Onze Minister worden aangewezen indien deze uitsluitend tot doel heeft tegen een maximumpremie aanvullende arbeidsongeschiktheidsverzekeringen, waaruit een recht op uitkering kan voortvloeien tot ten hoogste 70% van het laatstverdiende loon en tot ten hoogste 70% van het in artikel 17, eerste lid, van de Wet financiering sociale verzekeringen bedoelde bedrag, met betrekking tot een loontijdvak van een dag, aan te bieden aan werknemers indien geldt dat:

a. aan het door tussenkomst van hun werkgever geen aanvullende arbeidsongeschiktheidsverzekering is aangeboden en evenmin aan andere werknemers in dienst van hun werkgever door tussenkomst van hun werkgever een aanvullende arbeidsongeschiktheidsverzekering is aangeboden;

b. voor hen, volgens door de aangewezen rechtspersoon te stellen maatstaven, een zodanig verhoogd risico van arbeidsongeschiktheid bestaat dat zij niet verzekerd kunnen worden bij een andere verzekeraar tegen een premie lager dan de in de aanhef bedoelde maximumpremie;

c. zij zich vr 1 december 1993 bij een andere dan de krachtens dit artikel aangewezen verzekeraar voor een aanvullende arbeidsongeschiktheidsverzekering hebben aangemeld of, indien het personen betreft die op grond van artikel 81 van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering zijn toegelaten tot de vrijwillige verzekering, zij zich vr 15 januari 1994 hebben aangemeld.

2. Na de aanwijzing als bedoeld in het eerste lid, is de rechtspersoon gehouden aan de in het eerste lid gestelde voorwaarden te blijven voldoen en aan de werknemers voor wie het in het eerste lid, onder a, b en c gestelde geldt, een arbeidsongeschiktheidsverzekering als bedoeld in het eerste lid aan te bieden.

3. Onze Minister treft de aanwijzing in indien geen enkele werknemer bij de rechtspersoon is verzekerd.

4. Een besluit tot aanwijzing of intrekking daarvan wordt in de Staatscourant geplaatst.

Artikel 3

1. De krachtens artikel 2 aangewezen rechtspersoon stelt jaarlijks de omvang van de door hem geleden schaden vast.

2. De krachtens artikel 2 aangewezen rechtspersoon stelt jaarlijks het bedrag vast dat moet worden aangemerkt als het deel van de in het eerste lid bedoelde omvang van de schaden vermeerderd met de aan de bedrijfsuitoefening verbonden kosten, met inbegrip van de kosten van de uitoefening van de taak van de Vereveningsinstantie, dat niet kan worden betaald uit de over dezelfde periode verdiende premies.

Artikel 4

Verzekeraars die vanuit een vestiging in Nederland als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdeel 1, van de Wet toezicht verzekeringsbedrijf 1993 of door middel van het verrichten van diensten als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdeel q, van die wet in Nederland de risico's dekken waarop aanvullende arbeidsongeschiktheidsverzekeringen betrekking hebben, alsmede pensioenfondsen die dergelijke risico's dekken, en de Minister van Defensie namens het Rijk, betalen aan de krachtens artikel 2 aangewezen rechtspersoon, het in artikel 3, tweede lid, bedoelde bedrag, overeenkomstig de ingevolge artikel 5 geldende vereveningsregeling.

Artikel 5

1. Door Onze Minister aangewezen representatieve organisaties van verzekeraars en pensioenfondsen kunnen in gezamenlijke overeenstemming een vereveningsregeling vaststellen aan de hand waarvan wordt bepaald welk deel van het in artikel 3, tweede lid, bedoelde bedrag aan de krachtens artikel 2 aangewezen rechtspersoon op aanslag door elke afzonderlijke verzekeraar en elk afzonderlijk pensioenfonds als bedoeld in artikel 4, en de Minister van Defensie namens het Rijk, moet worden betaald, alsmede op welk tijdstip dit moet worden betaald.

2. Indien de in het eerste lid bedoelde organisaties niet binnen acht weken na inwerkingtreding van deze wet in gezamenlijke overeenstemming een vereveningsregeling als bedoeld in het eerste lid vaststellen, stelt de Vereveningsinstantie een vereveningsregeling als bedoeld in het eerste lid vast.

3. Indien een organisatie als bedoeld in het eerste lid bij de Vereveningsinstantie een verzoek indient tot wijziging van een overeenkomstig het eerste lid vastgestelde vereveningsregeling, kan de Vereveningsinstantie een vereveningsregeling als bedoeld in het eerste lid vaststellen welke in de plaats treedt van de overeenkomstig het eerste lid vastgestelde regeling.

4. Een door de Vereveningsinstantie vastgestelde vereveningsregeling geldt totdat organisaties als bedoeld in het eerste lid na die vaststelling in gezamenlijke overeenstemming een vereveningsregeling als bedoeld in het eerste lid vaststellen die alsdan in de plaats treedt van de door de Vereveningsinstantie vastgestelde regeling.

5. De krachtens artikel 2 aangewezen rechtspersoon draagt zorg voor plaatsing van de geldende vereveningsregeling in de Staatscourant.

6. Elke afzonderlijke verzekeraar die risico's dekt waarop aanvullende arbeidsongeschiktheidsverzekeringen betrekking hebben, elk afzonderlijk pensioenfonds dat dergelijke risico's dekt, alsmede de Minister van Defensie namens het Rijk, slaat het bedrag dat ingevolge de krachtens dit artikel geldende vereveningsregeling verschuldigd is, om over alle personen die voor de dekking van dit risico premie betalen. De premie wordt door de verzekeraar, het pensioenfonds of de Minister van Defensie voor elk van deze personen verhoogd met de in de vorige zin bedoelde omslag die deel uitmaakt van de premie.

Artikel 6

1. Er is een Vereveningsinstantie.

2. De Vereveningsinstantie bezit rechtspersoonlijkheid en heeft haar zetel op een door Onze Minister te bepalen plaats.

Artikel 7

1. De Vereveningsinstantie heeft een bestuur dat bestaat uit een door de Pensioen- & Verzekeringskamer te bepalen oneven aantal leden onder wie de voorzitter.

2. De leden worden benoemd door de Pensioen- & Verzekeringskamer voor een periode van vier jaar.

3. De Pensioen- & Verzekeringskamer benoemt n lid tot voorzitter.

4. De leden kunnen door de Pensioen- & Verzekeringskamer worden geschorst en ontslagen.

5. De persoon die tussentijds als lid wordt benoemd, treedt af op het tijdstip waarop degene in wiens plaats hij is benoemd, had moeten aftreden.

Artikel 8

De Pensioen- & Verzekeringskamer regelt de tijdverzuimvergoeding en de vergoeding voor reis- en verblijfkosten van de leden van het bestuur van de Vereveningsinstantie.

Artikel 9

Het bestuur van de Vereveningsinstantie stelt een reglement van werkzaamheden vast waarin in elk geval de openbaarheid van de vergaderingen wordt geregeld.

Artikel 10

De kosten van de uitoefening van de taak van de Vereveningsinstantie komen ten laste van de krachtens artikel 2 aangewezen rechtspersoon.

Artikel 11

1. Verzekeraars en pensioenfondsen als bedoeld in artikel 4 melden zich binnen zes weken na aanwijzing van een rechtspersoon krachtens artikel 2 dan wel binnen zes weken nadat zij voor de eerste keer in Nederland een risico dekken waarop aanvullende arbeidsongeschiktheidsverzekeringen betrekkingen hebben, uit eigen beweging bij de krachtens artikel 2 aangewezen rechtspersoon.

2. Verzekeraars en pensioenfondsen als bedoeld in artikel 4, alsmede de Minister van Defensie namens het Rijk, verstrekken aan de krachtens artikel 2 aangewezen rechtspersoon alle gegevens en inlichtingen die naar zijn oordeel noodzakelijk zijn voor de uitvoering van de ingevolge artikel 5 geldende vereveningsregeling.

Artikel 12

[Bevat wijzigingen in andere regelgeving.]

Artikel 13

Deze wet wordt aangehaald als: Wet medefinanciering aanvullende arbeidsongeschiktheidsverzekeringen.

Artikel 14

Deze wet treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin zij wordt geplaatst.

 

 

     Lasten en bevelen dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat alle ministeries, autoriteiten, colleges en ambtenaren wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.

 

Gegeven te 's-Gravenhage, 22 december 1993

 

BEATRIX

 

De Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid,
J. Wallage

De Minister van Financin,
W. Kok

 

Uitgegeven de dertigste december 1993
De Minister van Justitie,
E.M.H. Hirsch Ballin

 

 

 

 

    
 

x

   

home | sz-wetten | overige wetten | zoeken | volgende

Copyright Stichting Adviesgroep Bestuursrecht. Alle rechten voorbehouden.
x