Door gebruik te maken van deze website gaat u akkoord met de cookies voor Google-advertenties. Meer info.

 
 

 

St-AB.nl

 

 

 
     
 

 
  
 

 
 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

  

             


vorige

 

RIJKSWET  ADMINISTRATIEVE  BIJSTAND  DOUANE

Tekst zoals deze geldt op 14 juli 2014

 

 

 

 
Nadere regelgeving:
- Uitvoeringsregeling Rijkswet administratieve bijstand douane

 

 

RIJKSWET van 1 juli 1999, houdende regels inzake de administratieve bijstand tussen de landen van het Koninkrijk op het gebied van de douane en inzake de heffing en de invordering van accijnzen, omzetbelasting, algemene bestedingsbelasting en belasting op bedrijfsomzetten (Rijkswet administratieve bijstand douane)

 

     WIJ BEATRIX, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

     Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:
     Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het wenselijk is regels te stellen als bedoeld in artikel 38, eerste en tweede lid, van het Statuut voor het Koninkrijk inzake de administratieve bijstand tussen de landen van het Koninkrijk op het gebied van de douane en inzake de heffing en de invordering van accijnzen, omzetbelasting, algemene bestedingsbelasting en belasting op bedrijfsomzetten;
    Zo is het, dat Wij, de Raad van State van het Koninkrijk gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, de bepalingen van het Statuut voor het Koninkrijk in acht genomen zijnde, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:

 

 

Hoofdstuk 1. Inleidende bepalingen

 

Artikel 1

In deze rijkswet wordt verstaan onder:

a. land: Nederland, Aruba, Curaçao, onderscheidenlijk Sint Maarten;

b. douanewetgeving: de bij wet of landsverordening en de daarop berustende bepalingen vastgestelde regels van ieder van de landen inzake de in-, uit- en doorvoer van goederen, met inbegrip van de regels inzake verboden, beperkingen en toezicht op het vervoer van aan regulering onderworpen goederen over de landsgrenzen heen, alsmede inzake de heffing van accijnzen, omzetbelasting, belasting op bedrijfsomzetten, dan wel soortgelijke indirecte belastingen;

c. inbreuk: ieder handelen of nalaten in strijd met de douanewetgeving;

d. douanerechten: de rechten, heffingen en restituties terzake van in-, uit- en doorvoer van goederen, alsmede accijnzen, omzetbelasting, belasting op bedrijfsomzetten, dan wel soortgelijke indirecte belastingen;

e. douanevordering: een bedrag aan verschuldigde douanerechten, administratieve boeten, vervolgingskosten en interest;

f. douane-administratie: de centrale autoriteit die in een land belast is met de tenuitvoerlegging van de douanewetgeving, onderscheidenlijk de invordering van douanevorderingen;

g. informatie: inlichtingen, bescheiden en andere gegevens;

h. persoon: een natuurlijke persoon of rechtspersoon;

i. persoonsgegevens: informatie betreffende een geïdentificeerde of identificeerbare natuurlijke persoon;

j. persoonsregistratie: een samenhangende verzameling van op verschillende personen betrekking hebbende persoonsgegevens, die langs geautomatiseerde weg wordt gevoerd of met het oog op een doeltreffende raadpleging van die gegevens systematisch is aangelegd.

 

Artikel 2

1.De douane-administraties verlenen elkaar administratieve bijstand onder de in deze rijkswet genoemde voorwaarden teneinde een juiste toepassing van de douanewetgeving en een juiste invordering van douanevorderingen te verzekeren, alsmede inbreuken te voorkomen, op te sporen en te bestrijden.

2.Alle administratieve bijstand door één van de douane-administraties wordt verleend binnen de grenzen van haar wettelijke bevoegdheden en de haar ter beschikking staande middelen.

 

Hoofdstuk 2. Verstrekking en gebruik van informatie

 

Artikel 3

1.Informatie die in het kader van deze rijkswet wordt ontvangen wordt slechts gebruikt voor de in artikel 2, eerste lid, genoemde doeleinden en mag slechts worden overgedragen aan andere douane-autoriteiten van het ontvangende land.

2.In bijzondere gevallen mag de informatie worden gebruikt voor andere doeleinden, dan wel door andere autoriteiten, mits de verstrekkende douane-administratie schriftelijk uitdrukkelijk heeft ingestemd met een zodanig gebruik. Overdracht van informatie aan het openbaar ministerie of aan de rechterlijke autoriteiten vindt slechts plaats met toestemming van het openbaar ministerie dan wel de rechterlijke autoriteiten in het land van de verstrekkende douane-administratie.

3.Op verzoek van de verstrekkende douane-administratie verschaft de ontvangende douane-administratie inlichtingen over het gebruik dat van de ontvangen informatie is gemaakt en de daarmede bereikte resultaten.

4.Informatie die in het kader van deze rijkswet wordt ontvangen is onderworpen aan dezelfde regels voor geheimhouding als welke gelden voor soortgelijke informatie in het land van de ontvangende douane-administratie.

 

Hoofdstuk 3. Bescherming van persoonsgegevens

 

Artikel 4

Dit hoofdstuk is slechts van toepassing in Aruba, Curaçao en Sint Maarten. Het geldt tot het tijdstip waarop in Aruba, Curaçao, onderscheidenlijk Sint Maarten, een landsverordening in werking treedt waarbij algemene, onderscheidenlijk nadere, regels worden gesteld ter bescherming van de persoonlijke levenssfeer in verband met persoonsgegevens.

 

Artikel 5

1.Onverminderd artikel 3 mogen voor de toepassing van deze rijkswet de in een persoonsregistratie opgenomen persoonsgegevens slechts worden gebruikt voorzover die gegevens:

a. rechtmatig zijn verkregen en in overeenstemming zijn met de in artikel 2, eerste lid, genoemde doeleinden;

b. nauwkeurig zijn en, zo nodig, zijn bijgewerkt;

c. toereikend, terzake dienend en niet overmatig zijn, uitgaande van de in artikel 2, eerste lid, genoemde doeleinden;

d. zodanig zijn bewaard dat de betrokkene hierdoor niet langer te identificeren is dan strikt noodzakelijk is voor de in artikel 2, eerste lid, genoemde doeleinden.

2.Persoonsgegevens die betrekking hebben op godsdienst of levensovertuiging, ras, politieke gezindheid, seksualiteit, intiem levensgedrag, of op grond van medische of psychologische kenmerken, worden slechts opgenomen in aanvulling op andere persoonsgegevens en voorzover het voor de in artikel 2, eerste lid, genoemde doeleinden onvermijdelijk is.

3.Er worden passende beveiligingsmaatregelen getroffen om persoonsgegevens die zijn opgenomen in geautomatiseerde bestanden te beschermen tegen toevallige of ongeoorloofde vernietiging, toevallig verlies en ongeoorloofde toegang, wijziging of verspreiding.

4.Een ieder kan:

a. de douane-administratie verzoeken om hem uitsluitsel te geven over de vraag of door haar persoonsgegevens over hem zijn opgenomen en, indien dat het geval is, om hem die gegevens in begrijpelijke vorm mee te delen;

b. na ontvangst van een mededeling omtrent hem betreffende persoonsgegevens als bedoeld in onderdeel a, de douane-administratie schriftelijk verzoeken die gegevens te verbeteren, aan te vullen of te verwijderen.

5.De douane-administratie kan weigeren aan een in het vierde lid, onderdeel a, bedoeld verzoek te voldoen, voorzover dit noodzakelijk is voor:

 

 

 


Klik hier om de volledige, bijgewerkte pagina te verkrijgen.



 

 

 

 

 

 

 

    
 

x

   

home | sz-wetten | overige wetten | zoeken | volgende

© Copyright Stichting Adviesgroep Bestuursrecht. Alle rechten voorbehouden.
x