Door gebruik te maken van deze website gaat u akkoord met de cookies voor Google-advertenties. Meer info.

 
 

 

St-AB.nl

 

 

 
     
 

 
  
 

 
 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

  

             


vorige

 

METROLOGIEWET

Tekst zoals deze geldt op 14 juli 2014

 

 

 

 
Nader regelgeving:
- Meeteenhedenbesluit 2006
- Meetinstrumentenbesluit I
- Meetinstrumentenbesluit II

 

 

WET van 2 februari 2006, houdende regels omtrent meeteenheden en omtrent het in de handel brengen en het gebruik van meetinstrumenten (Metrologiewet)

 

     WIJ BEATRIX, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

     Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:
     Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het wenselijk is de regels met betrekking tot meeteenheden en het in de handel brengen en het gebruik van meetinstrumenten op een aan de eisen van deze tijd aangepaste en overzichtelijke wijze vast te stellen, daarbij onder meer rekening houdend met de implementatie van EG-regelgeving op het terrein van de metrologie en in het bijzonder van richtlijn 2004/22/EG van het Europees Parlement en de Raad van 31 maart 2004 betreffende meetinstrumenten (PbEU L 135);
     Zo is het, dat Wij, de Raad van State gehoord en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:

 

 

Hoofdstuk 1. Algemene bepalingen

Artikel 1

In deze wet en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:

a. Onze Minister: Onze Minister van Economische Zaken;

b. EG-besluit: bindend besluit van de Raad van de Europese Unie, van het Europese Parlement en de Raad gezamenlijk of van de Commissie van de Europese Gemeenschappen;

c. meetinstrument: apparaat of systeem met een meetfunctie;

d. onderdeel: apparaat dat onafhankelijk functioneert en dat samen met andere compatibele onderdelen of een compatibel meetinstrument, een meetinstrument vormt;

e. geregelde meettaak: meettaak ten behoeve van een specifieke toepassing, bedoeld in artikel 5, eerste lid;

f. geregeld meetinstrument: meetinstrument bestemd voor een geregelde meettaak ten aanzien waarvan krachtens artikel 5, eerste lid, regels zijn gesteld;

g. overeenstemmingsbeoordeling: beoordeling van de overeenstemming van een meetinstrument of van een onderdeel, met de gestelde eisen;

h. in de handel brengen: voor het eerst al dan niet tegen betaling beschikbaar stellen van een voor een eindgebruiker bestemd meetinstrument;

i. in gebruik nemen: eerste gebruik van een voor een eindgebruiker bestemd meetinstrument voor het doel waarvoor het was bestemd;

j. aangewezen instantie: ingevolge artikel 12 aangewezen instantie;

k. toezichthoudende instantie: op grond van artikel 27, eerste lid, aangewezen rechtspersoon.

Hoofdstuk 2. Meeteenheden en standaarden

Artikel 2

Bij algemene maatregel van bestuur kunnen voor grootheden meeteenheden worden vastgesteld en kunnen tevens regels worden gesteld betreffende:

a. het symbool, de aanduiding, de omschrijving en het gebruik van een meeteenheid;

b. de benaming en de meetstandaard van een grootheid.

Artikel 3

1.Indien krachtens artikel 2 een nationale meetstandaard van een grootheid wordt verwezenlijkt of beheerd, wijst Onze Minister één in Nederland gevestigde instelling aan die tot taak heeft zorg te dragen voor het verwezenlijken en beheren van die nationale meetstandaard.

2.Voor een aanwijzing komt in aanmerking een instelling die

a. wat betreft organisatie, personeel en materieel zodanig is ingericht dat de verwezenlijking of het beheer van de nationale meetstandaard van de betrokken grootheid kan worden verricht met inachtneming van hetgeen terzake door de bevoegde organen van het op 20 mei 1875 te Parijs gesloten verdrag ter verzekering van de internationale eenheid en de volmaking van het metrieke stelsel (Stb. 1929, 219) in het kader van dat verdrag is bepaald of in overeenstemming met het terzake bepaalde in een EG-besluit en

b. de in het eerste lid bedoelde taak onafhankelijk kan vervullen.

3.De aanwijzing kan worden ingetrokken indien:

a. de betrokken instelling daarom verzoekt;

b. blijkt dat de instelling de op grond van deze wet gestelde regels ten aanzien van de meetstandaard niet naleeft;

c. de instelling niet meer voldoet aan de in het tweede lid bedoelde eisen;

d. de instelling niet voldoet aan andere uit deze wet voortvloeiende verplichtingen.

4.Een op grond van het eerste lid aangewezen instelling herleidt de meetstandaarden van aangewezen instanties en toezichthouders op hun verzoek naar de nationale meetstandaard van de betrokken grootheid.

5.Onze Minister kan een instelling aanwijzingen geven met betrekking tot de uitoefening van haar taak.

Artikel 4

1.Er is een Raad van deskundigen voor de nationale meetstandaarden die tot taak heeft:

a. toezicht uit te oefenen op de verwezenlijking en het beheer van nationale meetstandaarden en omtrent dat toezicht jaarlijks verslag uit te brengen aan Onze Minister en hem overigens van raad te dienen;

b. advies uit te brengen over aangelegenheden in verband met de meetstandaarden van grootheden.

2.De raad wordt door Onze Minister in de gelegenheid gesteld zijn zienswijze te geven over het voornemen tot een aanwijzing of tot een intrekking van een aanwijzing op grond van artikel 3.

3.De raad bestaat uit ten hoogste negen leden.

Hoofdstuk 3. Meetinstrumenten

Artikel 5

1.Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen uit hoofde van openbaar belang, volksgezondheid, openbare veiligheid, openbare orde, milieubescherming en consumentenbescherming of ten behoeve van eerlijke handel, van heffing van belastingen of van andere heffingen, regels worden gesteld omtrent meetinstrumenten met een meettaak ten behoeve van een specifieke toepassing, onder meer betreffende:

a. de eisen waaraan een meetinstrument, dan wel een onderdeel van een meetinstrument, moet voldoen;

b. de omstandigheden waaronder een meetinstrument wordt gebruikt;

c. de aanwijzing van normen die overeenkomen met geharmoniseerde Europese normen voor een meetinstrument of met normatieve documenten en lijsten waarvan de referenties binnen de Europese Unie op de daarvoor geldende wijze zijn bekendgemaakt;

d. de merktekens waaruit blijkt dat een meetinstrument voldoet aan de gestelde eisen, alsmede andere merktekens en opschriften.

2.Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen regels worden gesteld omtrent de overeenstemmingsbeoordelingen van meetinstrumenten, alsmede omtrent het aanbrengen van de merktekens en opschriften en de aanwijzing van degenen die daartoe bevoegd zijn.

3.In de in het eerste en tweede lid bedoelde regels kan onderscheid worden gemaakt tussen het in de handel brengen, in gebruik nemen, verhandelen en het gebruik van meetinstrumenten.

Artikel 6

1.Een geregeld meetinstrument ondergaat een voor dat meetinstrument op grond van artikel 5 voorgeschreven overeenstemmingsbeoordeling voordat

 

 

 


Klik hier om de volledige, bijgewerkte pagina te verkrijgen.



 

 

 

 

 

 

 

    
 

x

   

home | sz-wetten | overige wetten | zoeken | volgende

© Copyright Stichting Adviesgroep Bestuursrecht. Alle rechten voorbehouden.
x