Door gebruik te maken van deze website gaat u akkoord met de cookies voor Google-advertenties. Meer info.

 
 

 

St-AB.nl

 

 

 
     
 

 
  
 

 
 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

             

 
vorige

 

WET  OPENBARE  LICHAMEN  BONAIRE,  SINT  EUSTATIUS  EN  SABA  (WolBES)

Tekst zoals deze geldt op 21 juli 2014

 

 

 

 
Nadere regelgeving:
- Besluit grenzen openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba
- Besluit plaatsen bestuurlijke ophouding

 

 

WET van 17 mei 2010, houdende regels met betrekking tot de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba (Wet openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba)

 

     WIJ BEATRIX, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

     Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:
     Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat met de eilandgebieden Bonaire, Sint Eustatius en Saba is overeengekomen dat zij een staatsrechtelijke positie krijgen binnen het Nederlandse staatsbestel en worden ingericht als openbaar lichaam in de zin van artikel 134 van de Grondwet en dat het in verband hiermee wenselijk is de instelling en inrichting van deze openbare lichamen te regelen, de samenstelling en bevoegdheid van hun besturen, de openbaarheid van hun vergaderingen alsmede het toezicht op deze besturen, waarbij voor zover mogelijk aansluiting wordt gezocht bij het gemeentelijk bestuursmodel;
     Zo is het, dat Wij, de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:

 

 

Hoofdstuk I. Algemene bepalingen

Artikel 1

1. In deze wet en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:

a. openbaar lichaam: openbaar lichaam Bonaire, Sint Eustatius of Saba;

b. eilandsbestuur: ieder bevoegd orgaan van het openbaar lichaam;

c. Onze Minister: Onze Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties;

d. Rijksvertegenwoordiger: Rijksvertegenwoordiger voor de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba.

2. In deze wet wordt onder ambtenaar mede verstaan: degene die op arbeidsovereenkomst naar burgerlijk recht werkzaam is.

Hoofdstuk II. De instelling van de openbare lichamen

Artikel 2

1. Er is een openbaar lichaam Bonaire.

2. Het openbaar lichaam Bonaire omvat de eilanden Bonaire en Klein Bonaire.

3. Het openbaar lichaam Bonaire bezit rechtspersoonlijkheid.

Artikel 3

1. Er is een openbaar lichaam Sint Eustatius.

2. Het openbaar lichaam Sint Eustatius omvat het eiland Sint Eustatius.

3. Het openbaar lichaam Sint Eustatius bezit rechtspersoonlijkheid.

Artikel 4

1. Er is een openbaar lichaam Saba.

2. Het openbaar lichaam Saba omvat het eiland Saba.

3. Het openbaar lichaam Saba bezit rechtspersoonlijkheid.

Artikel 4a

Bij algemene maatregel van bestuur worden de grenzen van de openbare lichamen vastgesteld.

Hoofdstuk III. De inrichting en samenstelling van het eilandsbestuur

Afdeling I. Algemene bepaling

Artikel 5

In elk openbaar lichaam is een eilandsraad, een bestuurscollege en een gezaghebber.

Afdeling II. De eilandsraad

Artikel 6

De eilandsraad vertegenwoordigt de gehele bevolking van het openbaar lichaam.

Artikel 7

1. De leden van de eilandsraad worden gekozen op de grondslag van evenredige vertegenwoordiging binnen door de wet te stellen grenzen.

2. De verkiezingen worden gehouden bij geheime stemming.

Artikel 8

De zittingsduur van de eilandsraad is vier jaren.

Artikel 9

Het aantal leden van de eilandsraad bedraagt:

a. negen in het openbaar lichaam Bonaire;

b. vijf in de openbare lichamen Sint Eustatius en Saba.

Artikel 10

De gezaghebber is voorzitter van de eilandsraad.

Artikel 11

1. Voor het lidmaatschap van de eilandsraad is vereist dat men Nederlander en ingezetene van het openbaar lichaam is, de leeftijd van achttien jaar heeft bereikt en niet is uitgesloten van het kiesrecht.

2. Onder ingezetene wordt verstaan hij die zijn werkelijke woonplaats in het openbaar lichaam heeft.

3. Hij die als ingezetene met een adres is ingeschreven in de bevolkingsadministratie van een openbaar lichaam, wordt, behoudens bewijs van het tegendeel, geacht werkelijke woonplaats te hebben in het openbaar lichaam.

Artikel 12

Ter vervulling van een tussentijds opengevallen plaats is niet benoembaar tot lid van de eilandsraad hij die na de laatstgehouden periodieke verkiezing van de leden van de eilandsraad wegens handelen in strijd met artikel 16 van het lidmaatschap van de eilandsraad is vervallen verklaard.

Artikel 13

1. De leden van de eilandsraad maken openbaar welke andere functies dan het lidmaatschap van de eilandsraad zij vervullen.

2. De openbaarmaking vindt plaats terstond na benoeming tot lid van de eilandsraad of na aanvaarding van een andere functie en geschiedt door terinzagelegging van een opgave van de functies op het bestuurskantoor van het openbaar lichaam.

Artikel 14

1. Een lid van de eilandsraad is niet tevens:

a. minister;

b. staatssecretaris;

c. lid van de Raad van State;

d. lid van de Algemene Rekenkamer;

e. Nationale ombudsman;

f. substituut-ombudsman als bedoeld in artikel 9, eerste lid, van de Wet Nationale ombudsman;

g. Rijksvertegenwoordiger;

h. gezaghebber;

i. eilandgedeputeerde;

j. lid van de gezamenlijke rekenkamer;

k. gezamenlijke ombudsman of lid van de gezamenlijke ombudscommissie;

l. ambtenaar, door of vanwege het bestuur van het openbaar lichaam aangesteld of daaraan ondergeschikt.

2. In afwijking van het eerste lid, aanhef en onder i, kan een lid van de eilandsraad tevens eilandgedeputeerde zijn van het openbaar lichaam waar hij lid van de eilandsraad is gedurende het tijdvak dat:

a. aanvangt op de dag van de stemming voor de verkiezing van de leden van de eilandsraad en eindigt op het tijdstip waarop de eilandgedeputeerden ingevolge artikel 54, eerste lid, aftreden, of

b. aanvangt op het tijdstip van zijn benoeming tot eilandgedeputeerde en eindigt op het tijdstip met ingang waarvan de geloofsbrief van zijn opvolger als lid van de eilandsraad is goedgekeurd of waarop het centraal stembureau heeft beslist dat geen opvolger kan worden benoemd.

3. Het lid van de eilandsraad, bedoeld in het tweede lid, onderdeel b, wordt geacht ontslag te nemen als lid van de eilandsraad met ingang van het tijdstip waarop hij zijn benoeming tot eilandgedeputeerde aanvaardt. Artikel X 6 van de Kieswet is van overeenkomstige toepassing.

4. In afwijking van het eerste lid, aanhef en onder l, kan een lid van de eilandsraad tevens zijn:

a. ambtenaar van de burgerlijke stand;

b. vrijwilliger of ander persoon die uit hoofde van een wettelijke verplichting niet bij wijze van beroep hulpdiensten verricht;

c. ambtenaar werkzaam voor een school voor openbaar onderwijs;

d. ambtenaar werkzaam in een bij eilandsverordening van de eilandsraad van het openbaar lichaam Sint Eustatius of Saba aan te wijzen functie, die niet zodanige bevoegdheden of verantwoordelijkheden meebrengt, dat voor belangenverstrengeling moet worden gevreesd.

5. Een eilandsverordening als bedoeld in het vierde lid, onderdeel d, wordt ten minste vier maanden voor de dag van kandidaatstelling voor de verkiezing van de leden van de eilandsraad vastgesteld en behoeft de goedkeuring van de Rijksvertegenwoordiger.

Artikel 15

1. Alvorens hun functie te kunnen uitoefenen, leggen de leden van de eilandsraad in de vergadering, in handen van de voorzitter, de volgende eed (verklaring en belofte) af:

«Ik zweer (verklaar) dat ik, om tot lid van de eilandsraad benoemd te worden, rechtstreeks noch middellijk, onder welke naam of welk voorwendsel ook, enige gift of gunst heb gegeven of beloofd.

Ik zweer (verklaar en beloof) dat ik, om iets in dit ambt te doen of te laten, rechtstreeks noch middellijk enig geschenk of enige belofte heb aangenomen of zal aannemen.

Ik zweer (beloof) dat ik getrouw zal zijn aan de Grondwet, dat ik de wetten zal nakomen en dat ik mijn plichten als lid van de eilandsraad naar eer en geweten zal vervullen.

Zo waarlijk helpe mij God Almachtig!»

(Dat verklaar en beloof ik!»)

2. In plaats van in het Nederlands kan de eed (verklaring en belofte) in het Papiaments of het Engels worden afgelegd.

3. Wanneer de eed (verklaring en belofte) in het Papiaments wordt afgelegd, luidt de tekst van de eed (verklaring en belofte) als volgt:

«Mi ta hura (deklará) ku pa mi nombramentu den e kargo o funshon di miembro di konseho insular mi no a duna ni primintí, ni direkta- ni indirektamente, bou di ningun nňmber ni denominashon ni preteksto, ningun regalo ni fabor.

Mi ta hura (deklará i primintí) ku mi no a risibí ni mi no a aseptá, ni lo mi no aseptá, ni direkta- ni indirektamente, ningun regalo ni ningun promesa di hasi algu o laga di hasi algu den e kargo o funshon en kuestion.

Mi ta hura (primintí) ku lo mi ta fiel na Konstitushon, ku lo mi kumpli ku lei i ku lo mi kumpli ku mi obligashonnan komo miembro di konseho insular segun mi konsenshi i honor.

Ku Dios Todopoderoso yudami!»

(Esei mi ta deklará i primintí!»)

4. Wanneer de eed (verklaring en belofte) in het Engels wordt afgelegd, luidt de tekst van de eed (verklaring en belofte) als volgt:

«I swear (affirm) that I neither gave nor promised any gift or favour, either directly or indirectly, under any name or pretext whatsoever, in order to be appointed member of the island council.

I swear (affirm and promise) that I have made no gift or promise, and shall accept no gift or promise, either directly or indirectly, in order to do or to omit to do anything in the course of my duties.

I swear (promise) that I will bear allegiance to the Constitution, that I will observe the laws and that I will perform my duties as member of the island council in good faith.

So help me God Almighty!

(This I affirm and promise!)

Artikel 16

1. Een lid van de eilandsraad mag niet:

 

 

 


Klik hier om de volledige, bijgewerkte pagina te verkrijgen.



 

 

 

 

 

 

 

    
 

x

   

home | sz-wetten | overige wetten | zoeken | volgende

© Copyright Stichting Adviesgroep Bestuursrecht. Alle rechten voorbehouden.
x