Door gebruik te maken van deze website gaat u akkoord met de cookies voor Google-advertenties. Meer info.

 
 

 

St-AB.nl

 

 

 
     
 

 
  
 

 
 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

             

 
vorige

 

WET  HOUDBARE  OVERHEIDSFINANCIňN

Tekst zoals deze geldt op 18 juli 2014

 

 

 

 
Nadere regelgeving:
- Geen

 

WET van 11 december 2013 inzake houdbare financiŽn van de collectieve sector (Wet houdbare overheidsfinanciŽn)

 

     WIJ WILLEM-ALEXANDER, bij de gratie Gods, Koning der Nederlanden, Prins van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

     Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:
     Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het wenselijk is een wettelijke regeling te treffen voor het doelgericht streven naar houdbare financiŽn van de collectieve sector in nationaal en Europees verband;
     Zo is het, dat Wij, de Afdeling advisering van de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:

 

 

Artikel 1. Definities

In deze wet wordt verstaan onder:

Begrotingsbeleid: de algemene gedragslijnen met betrekking tot de voorbereiding, de vaststelling, de uitvoering en de wijziging van de begrotingen van uitgaven en ontvangsten van de collectieve sector in meerjarig perspectief.

Bestuurlijk overleg: het overleg van Onze Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties en Onze Minister van FinanciŽn, als beheerders van het gemeente- en het provinciefonds, met de instanties die representatief kunnen worden geacht voor de desbetreffende decentrale overheden, welk overleg zo nodig kan worden uitgebreid met Onze Minister van Infrastructuur en Milieu en de instantie die representatief kan worden geacht voor de waterschappen.

CBS: het Centraal Bureau voor de Statistiek.

CPB: het Centraal Planbureau.

Collectieve sector: het organisatorische geheel van:

a. de rijksdienst;

b. de sociale fondsen;

c. de decentrale overheden, en

d. de overige rechtspersonen met een wettelijke taak.

Decentrale overheden: provincies, gemeenten en waterschappen.

EMU-saldo: het saldo van de ontvangsten en de uitgaven van de collectieve sector in een jaar, zijnde het nettofinancieringssaldo van de collectieve sector, berekend overeenkomstig de voorschriften van het Europees systeem van nationale en regionale rekeningen in de Europese Unie.

EMU-tekort: een negatief EMU-saldo.

EMU-schuld: de stand per 31 december van een jaar van de schulden van de collectieve sector, berekend overeenkomstig de voorschriften van het Europees systeem van nationale en regionale rekeningen in de Europese Unie.

Individuele referentiewaarde: de waarde van het voor een individuele gemeente, provincie en waterschap geldende aandeel in het EMU-saldo.

Meerjarencijfers: de ramingen van de uitgaven en de ontvangsten van de vier op het begrotingsjaar aansluitende jaren, bedoeld in artikel 13, onder c, van de Comptabiliteitswet 2001.

MTO voor het structureel EMU-saldo: de middellangetermijndoelstelling voor het structureel EMU-saldo van de lidstaat Nederland.

Overige rechtspersonen met een wettelijke taak: de rechtspersonen, voor zover die een bij of krachtens de wet geregelde taak uitoefenen en daartoe geheel of gedeeltelijk worden bekostigd uit de opbrengst van bij of krachtens de wet ingestelde heffingen, bedoeld in artikel 91, eerste lid, onder d, van de Comptabiliteitswet 2001, met uitzondering van de decentrale overheden en de sociale fondsen.

Rijksdienst: het organisatorische geheel van de ministeries en de andere staatsorganen waarvan de uitgaven en de ontvangsten worden opgenomen in de Rijksbegroting.

Sociale fondsen: de fondsen die in het kader van het begrotingsbeleid gerekend worden tot de budgetdisciplinesectoren Sociale Zekerheid en Arbeidsmarkt en Zorg.

Structureel EMU-saldo: het EMU-saldo, gecorrigeerd overeenkomstig de EU-methode voor conjunctuurschommelingen en voor eenmalige en tijdelijke maatregelen.

Artikel 2. Begrotingsbeleid

1. Onze Minister van FinanciŽn voert trendmatig begrotingsbeleid met betrekking tot de uitgaven en de ontvangsten van de rijksdienst en de sociale fondsen.

2. Het trendmatig begrotingsbeleid wordt gevoerd:

 

 

 


Klik hier om de volledige, bijgewerkte pagina te verkrijgen.



 

 

 

 

 

 

 

    
 

x

   

home | sz-wetten | overige wetten | zoeken | volgende

© Copyright Stichting Adviesgroep Bestuursrecht. Alle rechten voorbehouden.
x