Door gebruik te maken van deze website gaat u akkoord met de cookies voor Google-advertenties. Meer info.

 
 

 

St-AB.nl

 

 

 
     
 

 
  
 

 
 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

             

 
vorige

Nadere regelgeving
 
Boek 7 Burgerlijk Wetboek (Boek 7 BW)

 

PACHTPRIJZENBESLUIT  2007

Tekst zoals deze geldt op 23 juli 2014

 

 

 

 
BESLUIT van 10 juli 2007, houdende regels over de hoogst toelaatbare pachtprijs (Pachtprijzenbesluit 2007)

 

     WIJ BEATRIX, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

     Op de voordracht van Onze Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit van 19 april 2007, nr. TRCJZ/2007/1255, Directie Juridische Zaken;
     Gelet op artikel 327, eerste lid, van Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek;
     De Raad van State gehoord (advies van 23 mei 2007, nr. W11.07.0109/IV);
     Gezien het nader rapport van Onze Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit van 3 juli 2007, nr. TRCJZ/2007/2124, Directie Juridische Zaken;

     Hebben goedgevonden en verstaan:

 

 

Hoofdstuk 1. Algemeen

Artikel 1. (definities)

In dit besluit wordt verstaan onder:

Ė bedrijveninformatienet: informatienet, waarin de gegevens worden verzameld, bedoeld in verordening nr. 79/65/EEG van de Raad van 15 juni 1965 tot oprichting van een boekhoudkundig informatienet betreffende de inkomens en de bedrijfseconomische positie van de landbouwbedrijven in de Europese Economische Gemeenschap (PbEG 109);

Ė verpachte waarde: 50% van de waarde van landbouwgrond in onverpachte staat in het jaar voorafgaand aan het jaar, waarin de regeling, bedoeld in artikel 2 in werking treedt;

Ė Standaardopbrengst: maatstaf om de economische bedrijfsomvang vast te stellen, die is gebaseerd op de standaardwaarde van de brutoproductie, die wordt vastgesteld volgens verordening (EG) nr. 1242/2008 van de Commissie van 8 december 2008 houdende invoering van een communautaire typologie van de landbouwbedrijven (PbEU L 335);

Ė Onze Minister: Onze Minister van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie;

Ė pachtprijsgebied: gebied als bedoeld in de bijlage bij dit besluit;

Ė reŽle lange kapitaalmarktrente: effectief rendement van de 10-jarige Euro Interest Rate Swap verminderd met de inflatie;

Ė vergoeding voor eigen arbeid: modaal inkomen vastgesteld door het Centraal Planbureau, zoals dat gold in het jaar voorafgaand aan de inwerkingtreding van de regeling van Onze Minister, bedoeld in artikel 2, eerste lid;

Ė vrije verkeerswaarde: waarde van land in onverpachte staat die overeenstemt met de prijs bij voortgezet agrarisch gebruik, en die tot stand komt als redelijk handelende partijen op de markt tot koop en verkoop besluiten over te gaan, waarbij de investeringen van de pachter buiten beschouwing worden gelaten.

Hoofdstuk 2. Land zonder woningen of andere opstallen

Paragraaf 1. Algemeen

Artikel 2. (jaarlijkse vaststelling hoogst toelaatbare pachtprijs)

1. Bij regeling van Onze Minister wordt met inachtneming van de in de artikelen 4 tot en met 9 van dit besluit gestelde regels jaarlijks voor elk pachtprijsgebied de hoogst toelaatbare pachtprijs per hectare vastgesteld voor pachtovereenkomsten die worden aangegaan voor land zonder woningen of andere opstallen.

2. Bij regeling van Onze Minister wordt met inachtneming van de in artikel 10 van dit besluit gestelde regels jaarlijks voor elk pachtprijsgebied het percentage vastgesteld waarmee de tussen partijen op grond van een op 31 augustus 2007 bestaande overeenkomst geldende pachtprijs voor land zonder woningen of andere opstallen wordt gewijzigd.

Artikel 2a

1. Artikel 2, tweede lid, vindt ten aanzien van land waarvoor een pachtprijs geldt die ten minste 10% hoger onderscheidenlijk lager is dan de pachtprijs, bedoeld in artikel 2, eerste lid, slechts toepassing voor zover die toepassing niet leidt tot een stijging onderscheidenlijk daling van de pachtprijs voor het desbetreffende land.

2. Indien toepassing van artikel 2, tweede lid, leidt tot een pachtprijs van het desbetreffende land die meer dan 10% hoger onderscheidenlijk lager is dan de pachtprijs, bedoeld in artikel 2, eerste lid, geldt voor het desbetreffende land de pachtprijs die 10% hoger onderscheidenlijk lager is dan de pachtprijs, bedoeld in artikel 2, eerste lid, als hoogst onderscheidenlijk laagst toelaatbare pachtprijs, tenzij voor het desbetreffende land al een pachtprijs gold die ten minste 10% hoger onderscheidenlijk lager was dan de pachtprijs, bedoeld in artikel 2, tweede lid.

Artikel 2b

Indien de pachtprijs van een overeenkomst die is aangegaan op of na 1 september 2007 lager is dan de pachtprijs, bedoeld in artikel 2, eerste lid, wordt die pachtprijs bij herziening evenredig aangepast.

Artikel 3. (relatie vrije verkeerswaarde)

Indien de pachtprijs, bedoeld in de artikelen 2 en 2a, meer bedraagt dan 2% van de vrije verkeerswaarde van het desbetreffende land, dan geldt 2% van die waarde voor het desbetreffende land als de hoogst toelaatbare pachtprijs.

Paragraaf 2. De pachtprijs

Artikel 4. (pachtprijs)

De pachtprijs, bedoeld in artikel 2, eerste lid, komt overeen met de gemiddelde grondbeloning per hectare in het pachtprijsgebied, die achtereenvolgens:

a. wordt verminderd met 20% van de gemiddelde grondbeloning in het pachtprijsgebied, en

b. wordt verminderd of vermeerderd met het percentage voor het rendement van de verpachter, als bedoeld in artikel 9 van dit besluit.

Artikel 5. (gegevens)

1. Onze Minister hanteert bij het bepalen van de grondbeloning en het bedrijfsvermogen de gegevens van het bedrijveninformatienet.

2. Onze Minister hanteert bij het bepalen van de grondbeloning en de bedrijfsreserveringen uitsluitend gegevens van akkerbouwbedrijven met een omvang van 130.000 Standaardopbrengst tot 750.000 Standaardopbrengst en van melkveebedrijven met een omvang van 155.000 Standaardopbrengst tot 885.000 Standaardopbrengst en met ten hoogste 25% inkomsten uit neventakken. Van elk pachtprijsgebied zijn in het bedrijveninformatienet de gegevens van tenminste 20 bedrijven met de in de eerste volzin bedoelde omvang beschikbaar.

3. Onze Minister hanteert bij het bepalen van de grondbeloning en het bedrijfsvermogen de gegevens van alle bedrijven in het pachtprijsgebied die hem overeenkomstig het eerste en tweede lid ter beschikking staan.

Artikel 6. (grondbeloning)

1. De grondbeloning komt overeen met de opbrengsten uit bedrijf, die achtereenvolgens worden verminderd met:

a. de kosten en afschrijvingen, die met deze opbrengsten verband houden, uitgezonderd de kosten voor grond en de vergoeding voor niet aangekochte immateriŽle activa en

b. de vergoeding voor eigen arbeid.

2. De grondbeloning per hectare wordt bepaald door de grondbeloning te delen door de tot de bedrijfsoppervlakte behorende cultuurgrond.

3. De gemiddelde grondbeloning per hectare is het gemiddelde van de grondbeloning per hectare over de afgelopen vijf jaren voorafgaand aan het jaar, waarin de regeling van Onze Minister, bedoeld in artikel 2, in werking treedt en waarvan de jaargegevens van alle bedrijven als bedoeld in artikel 5, beschikbaar zijn.

4. Bij wijziging van de indeling in pachtprijsgebieden wordt bij de bepaling van de gemiddelde grondbeloning per hectare, bedoeld in het derde lid, de gewijzigde indeling in acht genomen voor de twee jaren voorafgaand aan het jaar waarin zij van kracht is geworden.

Artikel 7. (kosten voor grond en niet aangekochte immateriŽle activa)

1. De kosten voor grond en de kosten voor niet aangekochte immateriŽle activa, bedoeld in artikel 6, eerste lid, onder a, bestaan uit de betaalde pacht en de betaalde financieringslasten verminderd met een berekende vergoeding voor de kosten van aangekochte immateriŽle activa en overige activa, uitgezonderd grond.

2. De vergoeding voor aangekochte immateriŽle activa wordt bepaald door achtereenvolgens:

 

 

 


Klik hier om de volledige, bijgewerkte pagina te verkrijgen.



 

 

 

 

 

 

 

    
 

x

   

home | Boek 7 BW | alle wetten | zoeken | volgende

© Copyright Stichting Adviesgroep Bestuursrecht. Alle rechten voorbehouden.
x