Door gebruik te maken van deze website gaat u akkoord met de cookies voor Google-advertenties. Meer info.
   

 

 

 

 

 

 

GEWIJZIGDE MEMORIE VAN TOELICHTING

Relevante overige regelgeving:
- Tijdelijk besluit bevordering arbeidsinschakeling alleenstaande ouders Wwb
- Wet werk en bijstand

 

 

Parlementaire behandeling:
Kamerstukken II 2004-2005, 2005-2006, 2006-2007, 29 948.
Handelingen II 2004-2005, blz. 5317-5333, 5437-5454, 6402-6415; 2006-2007, blz.1445-1445.¹
Kamerstukken I 2006-2007, 29 948 (A, B, C, D, E).
Handelingen I 2006-2007, blz. 419-427, 442-455, 759-770.

1. Redactie: Mevrouw ing. S.E.A. Noorman-den Uyl in reactie op de stemming over haar initiatiefwetsvoorstel Vazalo in de Tweede Kamer: "Ik wil de fracties die dit voorstel hebben gesteund heel hartelijk danken voor die steun. Ik dank hen mede namens al die alleenstaande ouders in de bijstand die veel liever in deeltijd aan het werk gaan en voor hun kinderen zorgen dan van een uitkering leven. Daar is dit allemaal voor bedoeld."

Geschiedenis:
Staatsblad 2007, 289Staatsblad 2011, 650.

 

 

WET van 21 juli 2007, Stb. 2007, 289, houdende vaststelling van een wet inzake ondersteuning van alleenstaande ouders bij arbeid en zorg (Wet voorzieningen arbeid en zorg alleenstaande ouders). Inwerkingtreding: treedt niet in werking.

 

     WIJ BEATRIX, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

     Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:
     Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het wenselijk is zoveel mogelijk alleenstaande ouders de kans te bieden arbeid en zorg te combineren;
     Zo is het, dat Wij, de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:

 

 

Art. 1. [Begripsbepalingen]  [GeschiedenisgMvTversie 21 juli 2007Stb. 2011, 650]
In deze wet wordt verstaan onder:
a. alleenstaande ouder: degene die geen partner heeft, een huishouding voert met een kind dat bij de aanvang van het berekeningsjaar de leeftijd van 16 jaar niet heeft bereikt en deze huishouding voert met geen ander dan kinderen die bij de aanvang van het berekeningsjaar de leeftijd van 27 jaar niet hebben bereikt;
b. Vazalo-toeslag: een van de draagkracht afhankelijke toeslag voor voorzieningen arbeid en zorg alleenstaande ouders.

 

Art. 2. [Voorwaarden en hoogte Vazalo-toeslag]  [GeschiedenisgMvTversie 21 juli 2007Stb. 2011, 650]
-1. De alleenstaande ouder die tegenwoordige arbeid verricht en daaruit in het berekeningsjaar meer dan €|4366,00 inkomen uit werk en woning in de zin van de Wet inkomstenbelasting 2001 geniet of die in het berekeningsjaar in aanmerking komt voor de zelfstandigenaftrek, bedoeld in artikel 3.76 van de Wet inkomstenbelasting 2001, heeft aanspraak op de Vazalo-toeslag tot het bedrag volgens de volgende tabel:

Bij een toetsingsinkomen gelijk aan of meer dan maar minder dan bedraagt de Vazalo-toeslag per kalendermaand ingeval het jongste kind bij het begin van het kalenderjaar nog niet de leeftijd heeft bereikt van:
  12 jaar 16 jaar
|0,- x|8 772,- xx||0,- xx||0,-
|8 772,- x|9 569,- |430,- xx||0,-
|9 569,- |10 367,- |369,- |369,-
|10 367,- |11 165,- |369,- |307,-
|11 165,- |11 962,- |307,- |307,-
|11 962,- |12 759,- |307,- |246,-
|12 759,- |13 559,- |246,- |246,-
|13 559,- |14 362,- |185,- |185,-
|14 362,- |15 163,- |185,- |123,-
|15 163,- |15 964,- |123,- |123,-
|15 964,- |16 765,- |123,- x|62,-
|16 765,- |17 566,- x|62,- x|62,-
|17 566,- |18 368,- x|62,- x|62,-
|18 368,-   xx|0,- xx|0,-

-2. Het eerste lid is niet van toepassing op de alleenstaande ouder die in het berekeningsjaar algemene bijstand op grond van de Wet werk en bijstand ontvangt.

 

Art. 3. [Hoogte voorschot Vazalo-toeslag]  [GeschiedenisgMvTversie 21 juli 2007Stb. 2011, 650]
In afwijking van artikel 16, eerste lid, van de Algemene wet inkomensafhankelijke regelingen wordt het voorschot op de Vazalo-toeslag verleend tot het bedrag volgens de volgende tabel:

Bij een toetsingsinkomen gelijk aan of meer dan maar minder dan bedraagt de Vazalo-toeslag per kalendermaand ingeval het jongste kind bij het begin van het kalenderjaar nog niet de leeftijd heeft bereikt van:
  12 jaar 16 jaar
|0,- x|8 772,- xx||0,- xx}|0,-
|8 772,- x|9 569,- |430,- xx||0,-
|9 569,- |10 367,- |369,- |369,-
|10 367,- |11 165,- |307,- |307,-
|11 165,- |11 962,- |246,- |246,-
|11 962,- |12 759,- |185,- |185,-
|12 759,- |13 559,- |123,- |123,-
|13 559,- |14 362,- x|62,- x|62,-
|14 362,-   xx|0,- xx|0,-

 

Art. 4. [Aanpassing bedragen]  [GeschiedenisgMvTversie 21 juli 2007Stb. 2011, 650]
De in de artikelen 2 en 3 genoemde bedragen worden met ingang van 1 januari van elk kalenderjaar door Onze Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid in overeenstemming met Onze Minister van Financiën bij ministeriële regeling vastgesteld.

 

Art. 5. [Uitvoeringsinstelling]  [GeschiedenisgMvTversie 21 juli 2007Stb. 2011, 650]
De Belastingdienst/Toeslagen is belast met de uitvoering van deze wet.

 

Art. 6. [Terugvordering en verrekening]  [GeschiedenisgMvTversie 21 juli 2007Stb. 2011, 650]
-1. In afwijking van de artikelen 24, derde lid, 26 en 30 van de Algemene wet inkomensafhankelijke regelingen vindt terugvordering en verrekening van de Vazalo-toeslag of van een voorschot daarop slechts plaats voor zover het toetsingsinkomen verhoogd met het voorschot op de Vazalo-toeslag meer bedraagt dan de voor de alleenstaande ouder in het berekeningsjaar geldende bijstandsnorm, bedoeld in artikel 21, onderdeel b, van de Wet werk en bijstand, verhoogd met de toeslag, bedoeld in artikel 25, tweede lid, van die wet, en de voor hem in het berekeningsjaar geldende kinderkorting, bedoeld in artikel 8.12 van de Wet inkomstenbelasting 2001.
-2. Het eerste lid is niet van toepassing op de belanghebbende die opzettelijk onjuiste gegevens heeft verstrekt op grond waarvan de Vazalo-toeslag is toegekend of het voorschot is verleend dan wel op de belanghebbende die opzettelijk heeft nagelaten gegevens te verstrekken die zouden hebben geleid tot herziening van de Vazalo-toeslag of het voorschot. Bij algemene maatregel van bestuur kunnen nadere regels worden gesteld met betrekking tot het bepaalde in de vorige volzin.

 

Art. 7. [Wijziging Wwb]  [GeschiedenisgMvTversie 21 juli 2007Stb. 2011, 650]
De Wet werk en bijstand wordt als volgt gewijzigd:
A. [gMvT]
Aan artikel 5 wordt, onder vervanging van de punt aan het slot van onderdeel f door een puntkomma, een onderdeel toegevoegd, luidende:
g. arbeidstoeslag alleenstaande ouder: de arbeidstoeslag alleenstaande ouder, bedoeld in artikel 36a.
B. [gMvT]
Na artikel 36 wordt een artikel ingevoegd, luidende:
Art. 36a. Arbeidstoeslag alleenstaande ouder
-1. Het college verleent op aanvraag aan de alleenstaande ouder, bedoeld in artikel 1, onderdeel a, van de Wet voorzieningen arbeid en zorg alleenstaande ouders, die op grond van artikel 2 van die wet in een kalenderjaar niet in aanmerking komt voor de Vazalo-toeslag, met betrekking tot elke kalendermaand in dat kalenderjaar waarin die alleenstaande ouder inkomsten uit arbeid in het bedrijfs- en beroepsleven als bedoeld in artikel 8 van de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers heeft waarvan het maandbedrag ten minste gelijk is aan 1/12 van het in artikel 2, eerste lid, van de Wet voorzieningen arbeid en zorg alleenstaande ouders genoemde bedrag, een arbeidstoeslag alleenstaande ouder tot het bedrag volgens de volgende tabel:
Bij een inkomen als bedoeld in artikel 32:

Per kalendermaand gelijk aan of meer dan maar minder dan bedraagt de arbeidstoeslag alleenstaande ouder per kalendermaand ingeval het jongste kind bij het begin van het kalenderjaar nog niet de leeftijd heeft bereikt van:
  12 jaar 16 jaar
|0,- xr|608,- xx||0,- xx||0,-
|608,- xr|669,- |430,- xx||0,-
|669,- |1 039,- |369,- |369,-
|1 039,- |1 221,- |369,- |307,-
|1 221,- |1 344,- |307,- |307,-
|1 344,-   xx|0,- xx|0,-

-2. De arbeidstoeslag alleenstaande ouder, bedoeld in het eerste lid, wordt verminderd met het bedrag van de middelen dat op grond van artikel 31, tweede lid, onderdeel c en o, over de betreffende kalendermaand niet tot de middelen van belanghebbende is gerekend, alsmede met het bedrag dat op grond van artikel 31, tweede lid, onderdeel j, in het betreffende kalenderjaar niet tot de middelen is gerekend en na afloop van het kalenderjaar vastgesteld en betaald.
-3. De artikelen 40, 46, eerste, tweede, vierde en vijfde lid, en 54, paragraaf 6.4 en 6.5, alsmede artikel 63 zijn van overeenkomstige toepassing.
-4. De in het eerste lid in de tabel genoemde bedragen worden met ingang van 1 januari van elk kalenderjaar door Onze Minister in overeenstemming met Onze Minister van Financiën bij ministeriële regeling vastgesteld.
C. [gMvT]
In artikel 69, eerste lid, onderdeel b, wordt "en van de langdurigheidstoeslag" vervangen door: van de langdurigheidstoeslag en van de arbeidstoeslag alleenstaande ouder.

 

Art. 8. [Wijziging Wet IB 2001]  [GeschiedenisgMvTversie 21 juli 2007Stb. 2011, 650]
De Wet inkomstenbelasting 2001 wordt als volgt gewijzigd:
A. [gMvT]
Artikel 3.104 wordt als volgt gewijzigd:
1. In onderdeel f wordt "artikel 36" vervangen door: de artikelen 36 en 36a.
2. Onder verlettering van de onderdelen h tot en met m tot onderdelen i tot en met n wordt een onderdeel ingevoegd, luidende:
h. de Vazalo-toeslag, bedoeld in artikel 1, onderdeel b, van de Wet voorzieningen arbeid en zorg alleenstaande ouders;.
3. In het tot onderdeel l verletterde onderdeel k en in het tot onderdeel m verletterde onderdeel l wordt "de onderdelen a tot en met i" telkens vervangen door: de onderdelen a tot en met j.
B. [gMvT]
In artikel 6.28, tweede lid, wordt "artikel 3.104, onderdeel d, e en h, onder 3º" vervangen door: artikel 3.104, onderdeel d, e en i, onder 3º.

 

Art. 9. [Evaluatiebepaling]  [GeschiedenisgMvTversie 21 juli 2007Stb. 2011, 650]
Onze Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid zendt in overeenstemming met Onze Minister van Financiën binnen vijf jaar na de inwerkingtreding van deze wet, en vervolgens telkens na tien jaar, aan de Staten-Generaal een verslag over de mate waarin deze wet alleenstaande ouders in staat stelt zorg te combineren met arbeid en daarmee, zonder beroep op de Wet werk en bijstand, te voorzien in de middelen voor de noodzakelijke kosten van het bestaan.

 

Art. 10. [Inwerkingtreding]  [GeschiedenisgMvTversie 21 juli 2007Stb. 2011, 650]
-1. Deze wet treedt in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip, dat voor de verschillende artikelen of onderdelen daarvan verschillend kan worden vastgesteld.
-2. Bij de inwerkingtreding van deze wet worden, in afwijking van de artikelen 4 en 7, onderdeel B, de in artikel 2, 3 en 7 genoemde bedragen door Onze Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid in overeenstemming met Onze Minister van Financiën bij ministeriële regeling vastgesteld.

 

Art. 11. [Citeertitel]  [GeschiedenisgMvTversie 21 juli 2007Stb. 2011, 650]
Deze wet wordt aangehaald als: Wet voorzieningen arbeid en zorg alleenstaande ouders.

 

 

     Lasten en bevelen dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat alle ministeries, autoriteiten, colleges en ambtenaren wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.

 

Gegeven te Tavarnelle, 21 juli 2007

 

BEATRIX

 

De Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid,
A. Aboutaleb

De Staatssecretaris van Financiën,
J.C. de Jager

 

Uitgegeven de achtentwintigste augustus 2007
De Minister van Justitie,
E.M.H. Hirsch Ballin

 

 

GEWIJZIGDE MEMORIE VAN TOELICHTING