Door gebruik te maken van deze website gaat u akkoord met de cookies voor Google-advertenties. Meer info.

 
 

 

St-AB.nl

 

 

 
     
 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

             

 
vorige

Wet maatschappelijke ondersteuning
Nadere regelgeving
Bijgewerkt naar laatste editie Staatsblad/Staatscourant

 

BESLUIT  MAATSCHAPPELIJKE  ONDERSTEUNING
 
 

2 oktober 2006, Stb. 2006, 450
Inwerkingtreding: 1 januari 2007
(T.a.v. artt. 1:6, 8:3, 15:3, 19:2, 20:1, 20:2, 20:3 en 21:2 Wmo en o.m. AWBZ, Wwb, Ioaw, Ioaz, Wwik, ZW, WAO, Wet WIA, IWIA, Wet Wajong en WAZ)

 

 

 

 
BESLUIT van 2 oktober 2006, houdende regels met betrekking tot de uitkeringen ten behoeve van beleid op het terrein van openbare geestelijke gezondheidszorg, maatschappelijke opvang, vrouwenopvang en verslavingsbeleid, de stimuleringsuitkeringen, de eigen bijdrage en de financiële tegemoetkomingen op het terrein van maatschappelijke ondersteuning en wijziging van andere besluiten (Besluit maatschappelijke ondersteuning)

 

     WIJ BEATRIX, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

     Op de voordracht van de Staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport van 14 juli 2006, kenmerk DMO/SFI-2698621;
     Gelet op artikel 1, zesde lid, artikel 15, derde lid, artikel 19, tweede lid, artikel 20, eerste tot en met derde lid, en artikel 21, tweede lid, van de Wet maatschappelijke ondersteuning en op de Kaderwet militaire pensioenen, de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten, de Tabakswet, de Wet op de jeugdzorg, de Wet tarieven gezondheidszorg,¹ de Kwaliteitswet zorginstellingen, de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers, de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen, de Wet op de omzetbelasting 1968, de Wet werk en bijstand, de Wet werk en inkomen kunstenaars, de Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten, de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering, de Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen, Wet invoering en financiering Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen, de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen, de Ziektewet, de Wet inburgering nieuwkomers,¹ de Wet educatie en beroepsonderwijs en de Overgangswet verzorgingshuizen ¹;
     De Raad van State gehoord (advies van 25 september 2006, nummer W13.06.0325/III);
     Gezien het nader rapport van de Staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport van 29 september 2006, kenmerk DMO/SFI-2718633;

1. De Wet tarieven gezondheidszorg is op grond van artikel 123 van de Wet marktordening gezondheidszorg met ingang van 1 oktober 2006 ingetrokken, de Wet inburgering nieuwkomers is op grond van artikel 72 van de Wet inburgering met ingang van 1 januari 2007 ingetrokken en de Overgangswet verzorgingshuizen is op grond van artikel 50 van de Wet toelating zorginstellingen met ingang van 1 januari 2006 ingetrokken, red.

     Hebben goedgevonden en verstaan:

 

 

HOOFDSTUK  I

Definitiebepaling

 

Art. 1.
In dit besluit en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:
a. de wet: de Wet maatschappelijke ondersteuning;
b. inkomen:
1º. indien over het peiljaar een aanslag of navorderingsaanslag inkomstenbelasting is of wordt vastgesteld: het inkomensgegeven, bedoeld in artikel 21, onderdeel e, onder 1º, van de Algemene wet inzake rijksbelastingen;
2º. in de overige gevallen: het inkomensgegeven, bedoeld in artikel 21, onderdeel e, onder 2º, van de Algemene wet inzake rijksbelastingen;
c. maatschappelijke opvang: maatschappelijk opvang, vrouwenopvang daaronder niet begrepen;
d. peiljaar: het tweede kalenderjaar voorafgaande aan het jaar waarin aan een persoon maatschappelijke ondersteuning is verleend;
e.¹ zorgtoeslag: een tegemoetkoming als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdeel e, van de Wet op de zorgtoeslag;
f. grondslag sparen en beleggen: de grondslag sparen en beleggen, bedoeld in artikel 5.2, eerste lid, van de Wet inkomstenbelasting 2001;
g. vermogen: vermogen als bedoeld in artikel 1.1.

1. Onderdeel e treedt in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip, red.

 

Art. 1.1.
-1. Het vermogen van een persoon aan wie maatschappelijke ondersteuning is verleend respectievelijk van zijn echtgenoot, is

 

 

 


Klik hier om de volledige, bijgewerkte pagina te verkrijgen.



 

 

 

 

 

 

 

                                          

 

    
 

x

   

home | Wmo | sz-wetten | overige wetten | zoeken | volgende

© Copyright Stichting Adviesgroep Bestuursrecht. Alle rechten voorbehouden.
x