Door gebruik te maken van deze website gaat u akkoord met de cookies voor Google-advertenties. Meer info.

 
 

 

St-AB.nl

 

 

 
     
 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

             

 
vorige

Werkloosheidswet
Nadere regelgeving
Bijgewerkt naar laatste editie Staatsblad/Staatscourant

 

REGELING  TENUITVOERLEGGING  BESTUURLIJKE  BOETEN  EN  TERUGVORDERING  ONVERSCHULDIGDE  BETALINGEN
 
 

23 juni 2009, Stcrt. 2009, 117
Inwerkingtreding: 1 juli 2009
(T.a.v. artt. 17c, 17h:5 en 24b AKW, 41, 45a:5 en 55 Anw, 17e, 17j:5 en 24b AOW, 14c, 14h:5 en 20b TW, 27c, 27h:5 en 36b WW, 22, 24:6, 24a:5, 35:5 en 37 IOW, 2:61, 3:41, 3:44:5 en 3:58 Wet Wajong, 50, 54a:5 en 65 WAZ, 29c, 29h:5 en 57b WAO, 79, 93 en 97:5 Wet WIA, 33b, 45c en 45h:5 ZW, 29:6 Ioaw en 29:6 Ioaz)

 

 

 

 
REGELING van de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid van 23 juni 2009, nr. IVV/I/2009/13367, houdende regels omtrent tenuitvoerlegging van bestuurlijke boeten en terugvordering van onverschuldigde betalingen op grond van een aantal socialezekerheidswetten (Regeling tenuitvoerlegging bestuurlijke boeten en terugvordering onverschuldigde betalingen)

     De Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid;
     Handelende in overeenstemming met de Minister voor Jeugd en Gezin en de Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid;
    Gelet op de artikelen 17c en 24b van de Algemene Kinderbijslagwet, 41 en 55 van de Algemene nabestaandenwet, 17e en 24b van de Algemene Ouderdomswet, 14c en 20b van de Toeslagenwet, 27c en 36b van de Werkloosheidswet, 42 en 57 van de Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten, 50 en 65 van de Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen, 29c en 57b van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering, 79 en 93 van de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen en 33b en 45c van de Ziektewet;

     Besluit:

 

 

Art. 1. Definities
In deze regeling wordt verstaan onder:
a. AKW: Algemene Kinderbijslagwet;
b. Anw: Algemene nabestaandenwet;
c. AOW: Algemene Ouderdomswet;
d. IOW: Wet inkomensvoorziening oudere werklozen;
e. TW: Toeslagenwet;
f. WW: Werkloosheidswet;
g. Wazo: Wet arbeid en zorg;
h. Wet Wajong: Wet werk en arbeidsondersteuning jonggehandicapten;
i. WAZ: Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen;
j. WAO: Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering;
k. Wet WIA: Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen;
l. ZW: Ziektewet;
m. schuldenaar: degene aan wie een bestuurlijke boete is opgelegd of van wie een bedrag wordt teruggevorderd;
n. werkgever: de schuldenaar die tevens werkgever of eigenrisicodrager is;
o. bestuurlijke boete: een bestuurlijke boete als bedoeld in het eerste lid van de artikelen 17a van de AKW, 39 van de Anw, 17c van de AOW, 21 van de IOW, 14a van de TW, 27a van de WW, 3:16 en 3:27 van de Wazo, 2:69 en 3:40 van de Wet Wajong, 48 van de WAZ, 29a van de WAO, 91 van de Wet WIA en in de artikelen 38, vierde lid, 38a, zevende lid, 45a, eerste lid, en 63c van de ZW;
p. vordering:
a. het bedrag dat wordt teruggevorderd op grond van de artikelen 24 van de AKW, 53 van de Anw, 24 van de AOW, 34 van de IOW, 20 van de TW, 36 van de WW, 3:16 en 3:27 van de Wazo, 2:59 en 3:56 van de Wet Wajong, 63 van de WAZ, 57 van de WAO, 77 van de Wet WIA of 33 van de ZW;
b. het bedrag dat als bestuurlijke boete is opgelegd;
c. het bedrag dat het UWV op de werkgever verhaalt op grond van de artikelen 71, tweede lid, 75a, vierde lid, 75b, zevende lid, 75f, eerste lid, van de WAO, 72, tweede lid, 83, derde lid, 84, tweede of vierde lid, van de Wet WIA, 39a, eerste lid, of 63a, derde, vierde of vijfde lid, van de ZW; of
d. het bedrag van een aan een werkgever verstrekt re-integratie-instrument dat wordt teruggevorderd op grond van artikel 77 van de Wet WIA;
q. aflossingscapaciteit: het deel van het inkomen van de schuldenaar dat met inachtneming van de beslagvrije voet, bedoeld in de artikelen 475c tot en met 475e van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering, kan worden aangewend voor betaling of verrekening van de vordering;
r. vermogen: vermogensrechten, onroerende en roerende zaken, niet zijnde gebruikelijke huisraad, waarvan de dagwaarde per zaak |1134,00 of meer bedraagt;
s. inlichtingenverplichting: de verplichting, bedoeld in de artikelen 15 van de AKW, 35 van de Anw, 49 van de AOW, 12, eerste lid, van de IOW, 12 van de TW, 25 van de WW, 3:16 en 3:27 van de Wazo, 2:7 en 3:74 van de Wet Wajong, 70 van de WAZ, 80 van de WAO, 27, eerste lid, van de Wet WIA en 31, eerste lid, en 49 van de ZW;
t. bijstandsnorm: de voor de schuldenaar op grond van hoofdstuk 3, paragraaf 3.2 en paragraaf 3.3, van de Wet werk en bijstand geldende bijstandsnorm;
u. UWV: Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen, genoemd in hoofdstuk 5 van de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen;
v. SVB: de Sociale verzekeringsbank, genoemd in hoofdstuk 6 van de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen.

 

Art. 1a.
Deze regeling berust mede op de artikelen 22, 24, vijfde lid, 35, vierde lid, en 37 van de IOW.

 

Art. 2. Bevoegdheid verrekening met werkgever
Het UWV is, naast de in artikel 1, onderdeel a tot en met l, genoemde wetten opgenomen bevoegdheden tot verrekening van vorderingen op werknemers, tevens bevoegd tot verrekening van een vordering op de werkgever met een aan de werkgever te betalen bedrag.

 

Art. 3. Standaardregeling voor uitstel van betaling
-1. Het UWV en de SVB stellen de termijn waarvoor uitstel van betaling wordt verleend, alsmede de daaraan verbonden periodieke betalingen of verrekeningen, vast na overleg met de schuldenaar en met inachtneming van dit artikel, tenzij:

 

 

 


Klik hier om de volledige, bijgewerkte pagina te verkrijgen.



 

 

 

 

 

 

 

 

                                          

 

    
 

x

   

home | WW | sz-wetten | overige wetten | zoeken | volgende

Copyright Stichting Adviesgroep Bestuursrecht. Alle rechten voorbehouden.
x