Door gebruik te maken van deze website gaat u akkoord met de cookies voor Google-advertenties. Meer info.

 
 

 

St-AB.nl

 

 

 
     
 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

             

 
vorige

Werkloosheidswet
Nadere regelgeving
Bijgewerkt 31 december 2012

 

TIJDELIJKE  REGELING  BUITENTOEPASSINGVERKLARING  ARTIKEL  1,  ONDERDEEL  F,  REGELING  GELIJKSTELLING  NIET-GEWERKTE  UREN  MET  GEWERKTE  UREN

Vervallen
m.i.v. 1 januari 2013
(art. I, onderdeel C, onder 5, Wet vereenvoudiging regelingen UWV)

 
 

31 maart 2009, Stcrt. 2009, 64
Inwerkingtreding: 4 april 2009
Vervalt m.i.v. 1 april 2011
(T.a.v. art. 16:7 WW)

 

 

 

 
REGELING van de
Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid van 31 maart 2009, nr. IVV/I/2009/7428, tot buitentoepassingverklaring van artikel 1, onderdeel f, van de Regeling gelijkstelling niet-gewerkte uren met gewerkte uren bij deeltijd WW tot behoud van vakkrachten

     De Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid;
     Gelet op artikel 16, zevende lid, van de Werkloosheidswet;

     Besluit:

 

 

Art. 1.
Artikel 1, onderdeel f, van de Regeling gelijkstelling niet-gewerkte uren met gewerkte uren is niet van toepassing met betrekking tot uren waarin de werknemer niet heeft gewerkt als gevolg van verkorting van zijn werktijd met toepassing van het Besluit deeltijd WW tot behoud van vakkrachten.

 

Art. 2.
Deze regeling treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst, werkt terug tot en met 1 april 2009 en vervalt met ingang van 1 juli 2013.

 

 

     Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

 

Den Haag, 31 maart 2009.
De Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid,
J.P.H. Donner
.

 

 

 

TOELICHTING
[31 maart 2009]

 

     Deze regeling vloeit voort uit het Besluit deeltijd WW tot behoud van vakkrachten.
     Bij vermindering van het aantal te werken uren met toepassing van het Besluit deeltijd WW tot behoud van vakkrachten kan door de betrokken werknemer een beroep op de Werkloosheidwet (WW) worden gedaan. De werknemer ontvangt in dat geval tijdens het dienstverband met zijn werkgever een WW-uitkering voor dat deel van zijn werktijd dat het aantal te werken uren is verminderd.
     Het is van belang dat van het Besluit deeltijd WW tot behoud van vakkrachten alleen gebruik wordt gemaakt wanneer de werkgever en werknemer verwachten dat er in de toekomst binnen het bedrijf voldoende werk is. Vermeden moet worden dat deze vorm van deeltijd-WW een weg van minste weerstand wordt en een alternatief voor de situatie van werkelijke werkloosheid. Dit is niet in het belang van de betrokken werknemers die uiteindelijk toch om zullen moeten zien naar een andere baan, maar bij het zoeken daarnaar een achterstand oplopen omdat zij te lang zijn blijven hangen in hun oude baan. Het is ook niet in het belang van de werkgever die daardoor middelen moet inzetten die anders beschikbaar zouden kunnen zijn voor investeringen. Het is uiteindelijk ook niet in het algemeen belang omdat noodzakelijke aanpassingen daardoor vertraagd worden en meer middelen vergen.
     Indien het vooruitzicht op werk op langere termijn onzeker is, is het in het belang van zowel werknemer als werkgever dat de werkgelegenheid wordt afgebouwd. Van Werk Naar Werk staat dan voorop. In de brief van het kabinet zijn onder andere de maatregelen gepresenteerd die dit mogelijk maken. Daarbij is aangegeven dat in deze situatie het normale instrumentarium in het kader van de WW beschikbaar is met de gebruikelijke voorwaarden die aan de WW zijn gekoppeld. Indien werkgever en werknemer ook gegeven de huidige economische situatie voldoende vertrouwen hebben dat op langere termijn de werkgelegenheid bestaat, is behoud van vakkrachten aangewezen. Teneinde te voorkomen dat deze afweging lichtvaardig wordt gemaakt, dienen de normale regels van de WW te gelden. Om die reden wordt artikel 1, onderdeel f, van de Regeling gelijkstelling niet-gewerkte uren met gewerkte uren buiten toepassing gelaten en dit zorgt ervoor dat bij toepassing van het Besluit deeltijd WW tot behoud van vakkrachten deze normale WW-regels gelden. Daarmee wordt bij het Besluit deeltijd WW tot behoud van vakkrachten het gebruik van de WW gereserveerd voor die gevallen waarin het behoud van vakkrachten aangewezen is en wordt oneigenlijk gebruik zoveel mogelijk voorkomen.

 

De Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid,
J.P.H. Donner
.

 

 

 

 

                                          

 

    
 

x

   

home | WW | sz-wetten | overige wetten | zoeken | volgende

Copyright Stichting Adviesgroep Bestuursrecht. Alle rechten voorbehouden.
x