Door gebruik te maken van deze website gaat u akkoord met de cookies voor Google-advertenties. Meer info.

 
 

 

St-AB.nl

 

 

 
     
 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

             

 
vorige

Werkloosheidswet
Nadere regelgeving
Bijgewerkt tot en met 10 mei 2000

 

BESLUIT  HERZIENING  EN  INTREKKING  UITKERINGEN

Vervallen
m.i.v. 11 mei 2000
(art. 2 Rsohiu)

 
 

4 december 1997, Stcrt. 1997, 245
Inwerkingtreding: 1 januari 1998
(T.a.v. artt. 22a WW, 30a
ZW, 36a WAO, 18 WAZ, 16 Wajong en 11a TW)

 

 

 

 
     Het Landelijk instituut sociale verzekeringen;
     Gelet op artikel 22a van de Werkloosheidswet, 30a van de Ziektewet, 36a van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering, 18 van de Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen, 16 van de Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering jonggehandicapten en 11a van de Toeslagenwet;

     Besluit:

 

 

Art. 1.
Het Lisv hanteert bij de toepassing van de wettelijke regelingen inzake de intrekking of herziening van uitkeringsbeslissingen het beleid zoals vermeld in de bijlage bij dit besluit.

 

Art. 2.
Dit besluit treedt in werking op 1 januari 1998.

 

Art. 3.
Het besluit van het Tijdelijk instituut voor coördinatie en afstemming d.d. 19 februari 1997 inzake herziening en intrekking van uitkering op grond van de Werkloosheidswet, de Ziektewet, de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering, de Algemene Arbeidsongeschiktheidswet en de Toeslagenwet alsmede besluiten van de voormalige bedrijfsverenigingen die krachtens artikel 7 van de Invoeringswet Organisatiewet sociale verzekeringen 1997 gelden als een besluit van het Landelijk instituut sociale verzekeringen, worden ingetrokken.

 

Art. 4.
Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit herziening en intrekking uitkeringen.

 

 

Amsterdam, 4 december 1997.
J.F. Buurmeijer, voorzitter.

 

 

 

BIJLAGE

 

Toepassing artikel 11 WAZ, 10 Wajong of 30 WAO


     Bij toepassing van artikel 11 WAZ, 10 Wajong of 30 WAO nadat reeds uitkering is toegekend, wordt in beginsel een uitlooptermijn in acht genomen van twee maanden en bij verblijf in het buitenland, indien bij intrekking of verlaging van uitkering wegens afname van de arbeidsongeschiktheid een uitlooptermijn van zes maanden zou worden gehanteerd, zes maanden.
     Ingeval de uitkering is toegekend doordat belanghebbende zijn verplichtingen niet is nagekomen, wordt de uitkering ingetrokken of herzien met ingang van de datum waarop de uitkering correct zou zijn vastgesteld, ingetrokken of herzien indien belanghebbende wel aan zijn verplichtingen zou hebben voldaan.

 

Ten onrechte of tot een te hoog bedrag uitkering verleend


Toedoen of redelijkerwijs duidelijk

     Indien door toedoen van belanghebbende ten onrechte of tot een te hoog bedrag uitkering is verstrekt, vindt intrekking of herziening plaats met terugwerkende kracht tot de datum van toekenning. Is aan belanghebbende als gevolg van of mede als gevolg van het niet nakomen van één van de inlichtingenverplichtingen of één van de medewerkingsverplichtingen geheel of gedeeltelijk ten onrechte uitkering toegekend, dan wordt de beslissing tot toekenning herzien of ingetrokken met ingang van de datum waarop de uitkering zou zijn ingetrokken of herzien indien belanghebbende wel aan zijn verplichtingen zou hebben voldaan. Indien het belanghebbende redelijkerwijs duidelijk was of kon zijn dat hem ten onrechte uitkering werd verstrekt, wordt in beginsel de beslissing herzien of ingetrokken met terugwerkende kracht tot het moment waarop het belanghebbende redelijkerwijs duidelijk was of kon zijn dat ten onrechte of tot een te hoog bedrag werd verstrekt.


Niet redelijkerwijs duidelijk

     Ingeval het belanghebbende niet redelijkerwijs duidelijk was of kon zijn dat ten onrechte of tot een te hoog bedrag uitkering werd verstrekt, wordt de beslissing herzien of ingetrokken met ingang van de datum waarop het uitvoeringsorgaan belanghebbende voor het eerst kenbaar heeft gemaakt dat hem ten onrechte of te veel is verstrekt. Indien aan belanghebbende over een periode waarover ten onrechte of tot een te hoog bedrag uitkering is verstrekt een andere uitkering wordt verstrekt, wordt de beslissing over eerstbedoelde uitkering ingetrokken of herzien met ingang van de datum waarop de andere uitkering wordt verstrekt. De ten onrechte of tot een te hoog bedrag verstrekte uitkering wordt met de andere uitkering verrekend; voor zover een hoger bedrag is verstrekt dan het bedrag van de andere uitkering wordt het meerdere niet teruggevorderd.

 

Niet voldoen aan verplichtingen, recht kan niet worden vastgesteld


     In gevallen waarin niet aan één van bedoelde verplichtingen wordt voldaan en daardoor het recht niet kan worden vastgesteld, wordt de uitbetaling van een uitkering geschorst of opgeschort indien en zodra daartoe op grond van de wet de mogelijkheid bestaat. Van de schorsing of opschorting wordt onverwijld mededeling gedaan aan belanghebbende.
     Aan belanghebbende wordt, zowel indien de uitbetaling is geschorst of opgeschort als indien dit niet heeft plaatsgevonden, een termijn gesteld waarbinnen alsnog de noodzakelijke inlichtingen of medewerking worden verwacht. Deze termijn is niet langer dan drie maanden na de datum waarop gegevens verstrekt hadden moeten worden of de medewerking gegeven had moeten worden. Hierbij wordt medegedeeld dat de uitkering wordt ingetrokken of herzien indien binnen de gestelde termijn niet of niet behoorlijk aan de verplichting wordt voldaan. Komt belanghebbende zijn verplichtingen alsnog na, dan wordt de uitbetaling hervat, met toepassing van een boete of maatregel, al naar gelang de overtreding.
     Indien belanghebbende binnen de gestelde termijn zijn verplichtingen niet of niet behoorlijk nakomt, wordt de uitkering ingetrokken. De intrekking vindt plaats met ingang van de datum vanaf welke het recht niet meer kan worden vastgesteld.
     Indien belanghebbende alsnog voldoet aan zijn verplichtingen en om toekenning van uitkering vraagt, wordt dit niet gezien als een aanvraag of ziekmelding. De uitkering wordt niet eerder toegekend dan met ingang van de dag waarop de belanghebbende alsnog aan zijn verplichtingen voldoet.

 

Dringende redenen


     In die gevallen waarin de toekenningsbeslissing in beginsel wordt herzien of ingetrokken met terugwerkende kracht kunnen dringende redenen ertoe leiden dat wordt herzien of ingetrokken met ingang van de datum waarop het uitvoeringsorgaan belanghebbende op de hoogte heeft gesteld van de onterechte verstrekking.
     In de gevallen waarin de toekenningsbeslissing in beginsel wordt herzien of ingetrokken met ingang van de datum waarop het uitvoeringsorgaan belanghebbende op de hoogte heeft gesteld van de onterechte verstrekking kunnen dringende redenen ertoe leiden dat wordt herzien of ingetrokken met inachtneming van een korte uitlooptermijn. Deze termijn wordt in beginsel daarbij gesteld op niet langer dan twee maanden.
     In zeer uitzonderlijke omstandigheden kan op grond van dringende redenen intrekking of herziening geheel achterwege blijven.
     Over de beoordeling of sprake is van een dringende reden wordt geen algemene regel gegeven. De dringende redenen kunnen slechts aan de orde komen indien als gevolg van bijzondere aspecten van het individuele geval onaanvaardbare gevolgen optreden.

 

Amsterdam, 4 december 1997.
J.F. Buurmeijer, voorzitter.

 

 

 

 

                                          

 

    
 

x

   

home | WW | sz-wetten | overige wetten | zoeken | volgende

© Copyright Stichting Adviesgroep Bestuursrecht. Alle rechten voorbehouden.
x