Door gebruik te maken van deze website gaat u akkoord met de cookies voor Google-advertenties. Meer info.

 
 

 

St-AB.nl

 

 

 
     
 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

             

 
vorige

Werkloosheidswet
Nadere regelgeving
Bijgewerkt tot en met 31 december 2003

 

BESLUIT  VASTSTELLING  LASTENPLAFONDS  WACHTGELDFONDSEN  2003

Vervallen
m.i.v. 1 januari 2004
(art. 2 Bvlw04)

 
 

19 november 2002, Stcrt. 2002, 228
Inwerkingtreding: 1 januari 2003
(T.a.v. art. 94 WW)

 

 

 

 
     Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen;
     Gelet op artikel 94 van de Werkloosheidswet;

     Besluit:

 

 

Art. 1.
De maxima die in een boekjaar ten laste van de wachtgeldfondsen komen, bedoeld in artikel 94 van de Werkloosheidswet, worden voor het jaar 2003 vastgesteld op de percentages, bedoeld in bijlage 1 bij dit besluit.

 

Art. 2.
Dit besluit treedt in werking met ingang van 1 januari 2003.¹

1. Bij Besluit van 2 december 2002, Stcrt. 2002, 238, heeft de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid onderhavig besluit van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen goedgekeurd, red.

 

Art. 3.
Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit vaststelling lastenplafonds wachtgeldfondsen 2003.

 

 

     Dit besluit zal met de toelichting in de Staatscourant worden gepubliceerd.

 

Amsterdam, 19 november 2002.
T.H.J. Joustra, voorzitter Raad van bestuur.

 

 

 

TOELICHTING
[19 november 2002]

 

     Volgens artikel 94 van de Werkloosheidswet stelt het UWV [Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen, red.] jaarlijks de lastenplafonds vast voor de wachtgeldfondsen. Het Algemeen Werkloosheidsfonds (AWf) financiert de lasten die uitkomen boven het lastenplafond. Hiermee wordt voorkomen dat een in moeilijkheden verkerend wachtgeldfonds in een negatieve spiraal terechtkomt.
     Het lastenplafond bestaat uit een vast gedeelte en een variabel gedeelte. Het vaste gedeelte bedraagt voor iedere sector 3,75% van het premieplichtig loon. Dit percentage dient te worden geļnterpreteerd als de maximaal door de sector te dragen "basiswerkloosheid". Het variabele deel ligt tussen de 0% en 2% van het premieplichtig loon, afhankelijk van het gemiddelde lastenpercentage over vier jaren. Het betreft een sectorspecifieke opslag voor sectoren die een hoger gemiddeld risico hebben. Het gemiddelde lastenpercentage over de laatste vier gerealiseerde jaren bepaalt in welke klasse de sector wordt ingedeeld.

Tabel: klasse-indeling lastenplafonds 2003:

Het gemiddelde lastenpercentage over de periode 1998-2001 Vast deel lastenplafond Variabel deel lastenplafond Lastenplafond
Kleiner dan 2,00%: 3,75% 0,00% 3,75%
Tussen 2,00% en 3,75%: 3,75% 0,75% 4,50%
Tussen 3,75% en 5,75%: 3,75% 1,25% 5,00%
Groter dan 5,75%: 3,75% 2,00% 5,75%

 
     Toepassing van deze systematiek leidt tot de in bijlage 1 gegeven lastenplafonds voor 2003. Dit besluit behoeft op grond van artikel 116, derde lid, van de Werkloosheidswet goedkeuring van de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid.

 

Amsterdam, 19 november 2002.
T.H.J. Joustra, voorzitter Raad van bestuur
.

 

 

 

BIJLAGE  1

Lastenplafonds wachtgeldfondsen 2003

 

Sector: lastenplafond

1. Agrarisch bedrijf: 4,50
2. Tabakverwerkende industrie: 3,75
3. Bouwbedrijf: 3,75
4. Baggerbedrijf: 3,75
5. Hout- en emballage-industrie, houtwaren- en borstelindustrie: 3,75
6. Timmerindustrie: 3,75
7. Meubel- en orgelbouwindustrie: 3,75
8. Groothandel in hout, zagerijen, schaverijen en houtbereidingsindustrie: 3,75
9. Grafische industrie: 3,75
10. Metaalindustrie: 3,75
11. Elektrotechnische industrie: 3,75
12. Metaal- en technische bedrijfstakken: 3,75
13. Bakkerijen: 3,75
14. Suikerverwerkende industrie: 3,75
15. Slagersbedrijven: 3,75
16. Slagers overig: 3,75
17. Detailhandel: 3,75
18. Reiniging: 3,75
19. Grootwinkelbedrijf: 3,75
20. Havenbedrijven: 3,75
21. Havenclassificeerders: 3,75
22. Binnenscheepvaart: 3,75
23. Visserij: 3,75
24. Koopvaardij: 3,75
25. Vervoer KLM: 3,75
26. Vervoer NS: 3,75
27. Vervoer posterijen: 3,75
28. Taxi- en ambulancevervoer: 3,75
29. Openbaar vervoer: 3,75
30. Besloten busvervoer: 3,75
31. Overig personenvervoer te land en in de lucht: 3,75
32. Overig goederenvervoer te land en in de lucht: 3,75
33. Horeca algemeen: 3,75
34. Horeca catering: 3,75
35. Gezondheid, geestelijke en maatschappelijke belangen: 3,75
38. Banken: 3,75
39. Verzekeringswezen en ziekenfondsen: 3,75
40. Uitgeverij: 3,75
41. Groothandel I: 3,75
42. Groothandel II: 3,75
43. Zakelijke dienstverlening I: 3,75
44. Zakelijke dienstverlening II: 3,75
45. Zakelijke dienstverlening III: 3,75
46. Zuivelindustrie: 3,75
47. Textielindustrie: 3,75
48. Steen-, cement-, glas- en keramische industrie: 3,75
49. Chemische industrie: 3,75
50. Voedingsindustrie: 3,75
51. Algemene industrie: 3,75
52. Uitzendbedrijven: 4,50
53. Bewakingsondernemingen: 3,75
54. Culturele instellingen: 4,50
55. Overige takken van bedrijf en beroep: 3,75
56. Schildersbedrijf: 5,75
57. Stukadoorsbedrijf: 4,50
58. Dakdekkersbedrijf: 4,50
59. Mortelbedrijf: 3,75
60. Steenhouwersbedrijf: 3,75
61 t/m 67. Overheid: 3,75
68. Railbouw: 3,75
69. Telecommunicatie: 3,75

 

 

 

 

                                          

 

    
 

x

   

home | WW | sz-wetten | overige wetten | zoeken | volgende

© Copyright Stichting Adviesgroep Bestuursrecht. Alle rechten voorbehouden.
x