Door gebruik te maken van deze website gaat u akkoord met de cookies voor Google-advertenties. Meer info.

 
 

 

St-AB.nl

 

 

 
     
 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

             

 
vorige

Werkloosheidswet
Nadere regelgeving
Bijgewerkt tot en met 31 december 2005

 

BESLUIT  VASTSTELLING  LASTENPLAFONDS  WACHTGELDFONDSEN  2005

Vervallen
m.i.v. 1 januari 2006
(art. 2 Bvlw06)

 
 

15 november 2004, Stcrt. 2004, 243
Inwerkingtreding: 1 januari 2005
(T.a.v. art. 94:1 WW)

 

 

 

 
     Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen;
     Gelet op artikel 94, eerste lid, van de Werkloosheidswet;

     Besluit:

 

 

Art. 1.
De maxima die in een boekjaar ten laste van de wachtgeldfondsen komen, bedoeld in artikel 94 van de Werkloosheidswet, worden voor het jaar 2005 vastgesteld op de percentages, bedoeld in bijlage 1 bij dit besluit.

 

Art. 2.
Het Besluit vaststelling lastenplafonds wachtgeldfondsen 2004 wordt ingetrokken.

 

Art. 3.
Dit besluit treedt, onder voorbehoud van goedkeuring door de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid,¹ in werking met ingang van 1 januari 2005.

1. Goedkeuring is verleend bij Besluit van 8 december 2004, Stcrt. 2004, 243, red.

 

Art. 4.
Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit vaststelling lastenplafonds wachtgeldfondsen 2005.

 

 

     Dit besluit zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

 

Amsterdam, 15 november 2004.
J.M. Linthorst,
voorzitter Raad van bestuur UWV
.

 

 

 

TOELICHTING
[15 november 2004]

 

     Volgens artikel 94, eerste lid, van de Werkloosheidswet stelt UWV [Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen, red.] jaarlijks de lastenplafonds vast voor de wachtgeldfondsen. Het Algemeen Werkloosheidsfonds (AWf) financiert de lasten die uitkomen boven het lastenplafond. Hiermee wordt voorkomen dat een in moeilijkheden verkerend wachtgeldfonds in een negatieve spiraal terechtkomt.
     Het lastenplafond bestaat uit een vast gedeelte en een variabel gedeelte. Het vaste gedeelte bedraagt voor iedere sector 3,75% van het premieplichtig loon. Dit percentage dient te worden geļnterpreteerd als de maximaal door de sector te dragen "basiswerkloosheid". Het variabele deel ligt tussen de 0% en 2% van het premieplichtig loon, afhankelijk van het gemiddelde lastenpercentage over vier jaren. Het betreft een sectorspecifieke opslag voor sectoren die een hoger gemiddeld risico hebben. Het gemiddelde lastenpercentage over de laatste vier gerealiseerde jaren bepaalt in welke klasse de sector wordt ingedeeld.

Tabel: klasse-indeling lastenplafonds 2005:

Het gemiddelde lastenpercentage over de periode 2000-2003 Vast deel lastenplafond Variabel deel lastenplafond Lastenplafond
Kleiner dan 2,00%: 3,75% 0,00% 3,75%
Tussen 2,00% en 3,75%: 3,75% 0,75% 4,50%
Tussen 3,75% en 5,75%: 3,75% 1,25% 5,00%
Groter dan 5,75%: 3,75% 2,00% 5,75%

 
     Toepassing van deze systematiek leidt tot de in bijlage 1 gegeven lastenplafonds voor 2005. Dit besluit behoeft op grond van artikel 116, derde lid, van de Werkloosheidswet goedkeuring van de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid.

 

Amsterdam, 15 november 2004.
J.M. Linthorst, voorzitter Raad van bestuur.

 

 

 

BIJLAGE  1

Lastenplafonds wachtgeldfondsen 2005

 

Sector: lastenplafond

1. Agrarisch bedrijf: 4,50
2. Tabakverwerkende industrie: 3,75
3. Bouwbedrijf: 3,75
4. Baggerbedrijf: 3,75
5. Hout- en emballage-industrie, houtwaren- en borstelindustrie: 3,75
6. Timmerindustrie: 3,75
7. Meubel- en orgelbouwindustrie: 3,75
8. Groothandel hout, zagerijen, schaverijen en houtbereiding: 3,75
9. Grafische industrie: 3,75
10. Metaalindustrie: 3,75
11. Elektrotechnische industrie: 3,75
12. Metaal- en technische bedrijfstakken: 3,75
13. Bakkerijen: 3,75
14. Suikerverwerkende industrie: 3,75
15. Slagersbedrijven: 3,75
16. Slagers overig: 3,75
17. Detailhandel en ambachten: 3,75
18. Reiniging: 3,75
19. Grootwinkelbedrijf: 3,75
20. Havenbedrijven: 3,75
21. Havenclassificeerders: 3,75
22. Binnenscheepvaart: 3,75
23. Visserij: 4,50
24. Koopvaardij: 3,75
25. Vervoer KLM: 3,75
26. Vervoer NS: 3,75
27. Vervoer posterijen: 3,75
28. Taxi- en ambulancevervoer: 3,75
29. Openbaar vervoer: 3,75
30. Besloten busvervoer: 3,75
31. Overig personenvervoer te land en in de lucht: 4,50
32. Overig goederenvervoer te land en in de lucht: 3,75
33. Horeca algemeen: 3,75
34. Horeca catering: 3,75
35. Gezondheid, geestelijke en maatschappelijke belangen: 3,75
38. Banken: 3,75
39. Verzekeringswezen en ziekenfondsen: 3,75
40. Uitgeverij: 3,75
41. Groothandel I: 3,75
42. Groothandel II: 3,75
43. Zakelijke dienstverlening I: 3,75
44. Zakelijke dienstverlening II: 3,75
45. Zakelijke dienstverlening III: 3,75
46. Zuivelindustrie: 3,75
47. Textielindustrie: 3,75
48. Steen-, cement-, glas- en keramische industrie: 3,75
49. Chemische industrie: 3,75
50. Voedingsindustrie: 3,75
51. Algemene industrie: 3,75
52. Uitzendbedrijven: 5,00
53. Bewakingsondernemingen: 3,75
54. Culturele instellingen: 4,50
55. Overige takken van bedrijf en beroep: 3,75
56. Schildersbedrijf: 5,00
57. Stukadoorsbedrijf: 4,50
58. Dakdekkersbedrijf: 4,50
59. Mortelbedrijf: 3,75
60. Steenhouwersbedrijf: 3,75
61 t/m 67. Overheid: 3,75
68. Railbouw: 3,75
69. Telecommunicatie: 3,75

 

 

 

 

                                          

 

    
 

x

   

home | WW | sz-wetten | overige wetten | zoeken | volgende

© Copyright Stichting Adviesgroep Bestuursrecht. Alle rechten voorbehouden.
x