Door gebruik te maken van deze website gaat u akkoord met de cookies voor Google-advertenties. Meer info.

 
 

 

St-AB.nl

 

 

 
     
 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

             

 
vorige

Ziektewet
Nadere regelgeving
Bijgewerkt tot en met 1 januari 2005

 

ZIEKENGELDREGLEMENT  1997

Vervallen
m.i.v. 2 januari 2005
(art. 11 Zr97)

 
 

18 juni 1997, Stcrt. 1997, 137
Inwerkingtreding: 1 september 1997
(T.a.v. art. 54 ZW)

 

 

 

 
     Het Landelijk instituut sociale verzekeringen;
     Gelet op artikel 54 van de Ziektewet;

     Besluit het navolgende ziekengeldreglement vast te stellen:

 

 

HOOFDSTUK  1

Inleidende bepalingen

 

Art. 1. Begripsbepalingen
In dit reglement wordt verstaan onder:
a. het Landelijk instituut sociale verzekeringen: het Landelijk instituut sociale verzekeringen, genoemd in hoofdstuk 4 van de Organisatiewet sociale verzekeringen 1997; ╣
b. de uitvoeringsinstelling: de uitvoeringsinstelling die ten aanzien van de werkgever en de verzekerde de werkzaamheden verricht als bedoeld in artikel 41 van de Organisatiewet sociale verzekeringen 1997; ╣
c. de werkgever: de werkgever in de zin van de Ziektewet;
d. de verzekerde: de werknemer in de zin van de Ziektewet;
e. aansluitingsnummer en aansluitidentificatie: het nummer waarmee de werkgever bij de uitvoeringsinstelling ingeschreven staat;
f. re´ntegratieplan: een re´ntegratieplan dat voldoet aan het gestelde in het Besluit minimumeisen re´ntegratieplan 1997; ▓
g. ongeschiktheid: de ongeschiktheid tot het verrichten van zijn │ arbeid wegens ziekte, bedoeld in artikel 19 van de Ziektewet.

1. Zie hoofdstuk 5 van de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen, red.
2. Ingevolge artikel II, onderdeel M, van de Wet verbetering poortwachter (Stb. 2001, 628) is artikel 71a WAO met ingang van 1 april 2002 vervangen en zijn de bepalingen inzake het re´ntegratieplan, dat gelijktijdig met de aangifte van arbeidsongeschiktheid van de werknemer door de werkgever aan de uitvoeringsinstelling diende te worden overgelegd, en de werkgeversboeten geschrapt. Zie ook Besluit boete ZW/WAO werkgevers 2002, red.
3. Volgens de redactie dient "zijn" te vervallen.

 

 

HOOFDSTUK  2

De uitbetaling van ziekengeld

 

Art. 2. De uitbetaling
-1. Het Landelijk instituut sociale verzekeringen betaalt het ziekengeld en de ingevolge artikel 59 en 87 van de Ziektewet te verstrekken bijdragen en de bij of krachtens enige wet op het ziekengeld verschuldigde premies aan de verzekerde.
-2. Indien zulks door het Landelijk instituut sociale verzekeringen met de werkgever is overeengekomen, betaalt het Landelijk instituut sociale verzekeringen het ziekengeld aan de werkgever van de verzekerde ter doorbetaling aan de verzekerde. Verzet de verzekerde zich tegen deze betalingswijze, dan wordt het ziekengeld uitbetaald aan de verzekerde.
-3. In de gevallen, bedoeld in het tweede lid, eerste volzin, wordt met inachtneming van artikel 47 van de Ziektewet het ziekengeld zoveel mogelijk uitbetaald op de dag waarop de gewone loonbetaling plaatsvindt.

 

Art. 3. Terugbetaling door de werkgever
-1. In het geval over een tijdvak ziekengeld aan de werkgever is betaald en, nadat is vastgesteld dat de werkgever het ziekengeld niet aan de verzekerde betaalt, over hetzelfde tijdvak ziekengeld aan de verzekerde wordt betaald, geldt de betaling aan de werkgever als onverschuldigd.
-2. De werkgever betaalt het aan hem onverschuldigd betaalde bedrag terug binnen een door het Landelijk instituut sociale verzekeringen te stellen termijn. Onverminderd het bepaalde in de vorige volzin kan het Landelijk instituut sociale verzekeringen het onverschuldigd betaalde bedrag verrekenen met door hem aan de werkgever verschuldigde bedragen.

 

 

HOOFDSTUK  3

Verplichtingen van de werkgever

 

Art. 4. Melding ongeschiktheid van verzekerde die aanspraak maakt op ziekengeld
-1. De werkgever meldt de ongeschiktheid van de verzekerde die aanspraak maakt op ziekengeld onder opgave van de eerste werkdag van die ongeschiktheid respectievelijk van de aanspraak op het ziekengeld in verband met bevalling van de verzekerde door middel van een door de uitvoeringsinstelling verstrekt en door of namens de werkgever volledig ingevuld en ondertekend formulier. De op het formulier te verstrekken gegevens kunnen overeenkomstig daartoe door de uitvoeringsinstelling gestelde aanwijzingen worden verstrekt met behulp van geautomatiseerd te verwerken gegevensdragers.
-2. Indien de verzekerde aansluitend aan het recht op ziekengeld in verband met bevalling ╣ nog ongeschikt is in verband met de bevalling of de daaraan voorafgaande zwangerschap, meldt de werkgever dit op de wijze, bedoeld in het eerste lid.
-3. De werkgever verstrekt bij of na de melding de door de uitvoeringsinstelling verlangde gegevens.
-4. De uitvoeringsinstelling kan verlangen dat ten minste de volgende gegevens verstrekt worden:
a. het aansluitingsnummer respectievelijk de aansluitidentificatie;
b. sociaal-fiscaal nummer van de verzekerde;
c. naam en adres van de verzekerde;
d. het verpleegadres van de verzekerde;
e. datum indiensttreding;
f. datum uitdiensttreding;
g. de aard van het dienstverband;
h. het overeengekomen loon;
i. de grond waarop aanspraak op ziekengeld wordt gemaakt;
j. de dag waarop de verzekerde de ongeschiktheid aan zijn werkgever gemeld heeft;
k. de eerste werkdag waarop de verzekerde wegens ziekte ongeschikt is;
l. de eerste dag waarop de verzekerde aanspraak maakt op ziekengeld in verband met de bevalling;
m. een verklaring van een arts of van een verloskundige welke de vermoedelijke datum van de bevalling aangeeft.

1. Zie Wet arbeid en zorg, red.

 

Art. 5. Melding gedeeltelijke werkhervatting
-1. De werkgever meldt aan de uitvoeringsinstelling door middel van een door de uitvoeringsinstelling verstrekt en door of namens de werkgever volledig ingevuld en ondertekend formulier de gedeeltelijke werkhervatting van een verzekerde die aanspraak maakt op ziekengeld. De op het formulier te verstrekken gegevens kunnen overeenkomstig daartoe door de uitvoeringsinstelling gestelde aanwijzingen worden verstrekt met behulp van geautomatiseerd te verwerken gegevensdragers.
-2. De melding vindt uiterlijk plaats op de dag volgend op die van de hervatting.
-3. De werkgever verstrekt bij of na de melding de door de uitvoeringsinstelling verlangde gegevens.
-4. De uitvoeringsinstelling kan verlangen dat ten minste de volgende gegevens verstrekt worden:
a. het aansluitingsnummer respectievelijk de aansluitidentificatie;
b. naam en adres van de verzekerde;
c. sociaal-fiscaal nummer van de verzekerde;
d. de dag waarop de verzekerde gedeeltelijk hervat heeft;
e. het aantal uren per week waarop en de arbeid waarin de verzekerde hervat heeft;
f. het door de verzekerde te ontvangen loon.

 

Art. 6. Vervallen [zie toelichting onderaan deze pagina, red.].

 

Art. 7. Aangifte van ongeschiktheid van werknemer met recht op loon
-1. De werkgever doet aangifte van ongeschiktheid van de werknemer die bij ongeschiktheid tot het verrichten van zijn arbeid recht heeft op loon aan de uitvoeringsinstelling door middel van een door de uitvoeringsinstelling verstrekt formulier. De op het formulier te verstrekken gegevens kunnen overeenkomstig daartoe door de uitvoeringsinstelling gestelde aanwijzingen worden verstrekt met behulp van geautomatiseerd te verwerken gegevensdragers.
-2. De aangifte door de werkgever bevat ten minste de navolgende gegevens:
a. sociaal-fiscaal nummer van de verzekerde;
b. naam en adres van de verzekerde;
c. de eerste dag van ongeschiktheid tot werken.
-3. Overlegging aan de uitvoeringsinstelling van een re´ntegratieplan als bedoeld in artikel 71a van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering ╣ geldt als het doen van aangifte als bedoeld in het eerste lid.

1. Ingevolge artikel II, onderdeel M, van de Wet verbetering poortwachter (Stb. 2001, 628) is artikel 71a WAO met ingang van 1 april 2002 vervangen en zijn de bepalingen inzake het re´ntegratieplan, dat gelijktijdig met de aangifte van arbeidsongeschiktheid van de werknemer door de werkgever aan de uitvoeringsinstelling diende te worden overgelegd, en de werkgeversboeten geschrapt. Zie ook Besluit boete ZW/WAO werkgevers 2002, red.

 

Art. 8. Hersteldmelding
-1. De werkgever doet de hersteldmelding van zijn werknemer door middel van een door de uitvoeringsinstelling verstrekt en door of namens de werkgever volledig ingevuld en ondertekend formulier. De op het formulier te verstrekken gegevens kunnen overeenkomstig daartoe door de uitvoeringsinstelling gestelde aanwijzingen worden verstrekt met behulp van geautomatiseerd te verwerken gegevensdragers.
-2. De werkgever verstrekt bij of na de melding de door de uitvoeringsinstelling verlangde gegevens.
-3. De uitvoeringsinstelling kan verlangen dat ten minste de volgende gegevens verstrekt worden:
a. het aansluitingsnummer respectievelijk de aansluitidentificatie;
b. naam en adres van de verzekerde;
c. sociaal-fiscaal nummer van de verzekerde;
d. de dag waarop de verzekerde weer geschikt was tot het verrichten van zijn arbeid.

 

 

HOOFDSTUK  4

Verplichtingen van de verzekerde

 

Art. 9. Meldingen door verzekerden zonder werkgever
-1. De verzekerde die geen werkgever heeft, meldt de ongeschiktheid aan de uitvoeringsinstelling. Desgevraagd verstrekt hij op een door de uitvoeringsinstelling verstrekt formulier de door de uitvoeringsinstelling verlangde gegevens.
-2. De uitvoeringsinstelling kan verlangen dat ten minste de volgende gegevens verstrekt worden:
a. sociaal-fiscaal nummer van de verzekerde;
b. naam en adres van de verzekerde;
c. het verpleegadres van de verzekerde;
d. naam en adres van de laatste werkgever;
e. datum uitdiensttreding;
f. de aard van het dienstverband;
g. de grond waarop aanspraak op ziekengeld wordt gemaakt;
h. het laatstelijk met een werkgever overeengekomen loon;
i. de eerste werkdag waarop de verzekerde wegens ziekte ongeschikt is tot het verrichten van zijn arbeid;
j. de eerste dag waarop de verzekerde aanspraak maakt op ziekengeld in verband met de bevalling; ╣
k. een verklaring van een arts of van een verloskundige welke de vermoedelijke datum van de bevalling aangeeft.
-3. In het geval de verzekerde die geen werkgever heeft, na een melding van ongeschiktheid, geschikt is tot het verrichten van zijn arbeid, meldt hij de eerste dag van die geschiktheid zo spoedig mogelijk, doch in elk geval niet later dan op de tweede dag van die geschiktheid, aan de uitvoeringsinstelling. Hij verstrekt bij of na de melding de door de uitvoeringsinstelling verlangde gegevens.
-4. De uitvoeringsinstelling kan verlangen dat ten minste de volgende gegevens verstrekt worden:
a. naam en adres van laatste werkgever;
b. naam en adres van de verzekerde;
c. sociaal-fiscaal nummer van de verzekerde;
d. de dag waarop de verzekerde weer geschikt was tot het verrichten van zijn arbeid.

1. Zie Wet arbeid en zorg, red.

 

Art. 10. Inkomsten verzekerde
-1. De verzekerde die aanspraak maakt op ziekengeld en die tevens loon, inkomsten uit arbeid anders dan in dienstbetrekking of ouderdomspensioen ontvangt, deelt dit schriftelijk mee aan de uitvoeringsinstelling.
-2. De mededeling bevat een opgave van het bedrag van het loon, de inkomsten of het ouderdomspensioen alsmede de dagen waarvoor dat loon, die inkomsten of dat pensioen bestemd is of zijn.
-3. De uitvoeringsinstelling kan met de verzekerde aan wie ziekengeld is toegekend en die zijn eventuele aanspraken naar burgerlijk recht geldend tracht te maken, overeenkomen dat de uitvoeringsinstelling wordt gemachtigd voor de ontvangst van die aanspraken, indien en voor zover deze aanspraken betrekking hebben op de periode waarover ziekengeld is betaald en tot ten hoogste het bedrag van het uitgekeerde ziekengeld.

 

 

HOOFDSTUK  5

Invordering

 

Art. 11. Invordering
-1. Ingeval het Landelijk instituut sociale verzekeringen op grond van artikel 39a, vierde en vijfde lid, van de Ziektewet kosten in rekening brengt, voldoet de werkgever de in rekening gebrachte kosten binnen een door het Landelijk instituut sociale verzekeringen te stellen termijn.
-2. Onverminderd het bepaalde in het eerste lid kan het Landelijk instituut sociale verzekeringen de in rekening gebrachte kosten in mindering brengen op door hem aan de werkgever verschuldigde bedragen.

 

 

HOOFDSTUK  6

Slotbepalingen

 

Art. 12. Onvoorziene gevallen
In alle gevallen waarin dit ziekengeldreglement niet voorziet, beslist de uitvoeringsinstelling.

 

Art. 13. Intrekking ziekengeldreglementen bedrijfsverenigingen
De ziekengeldreglementen van de bedrijfsverenigingen die krachtens artikel 7 van de Invoeringswet Organisatiewet sociale verzekeringen 1997 gelden als besluiten van het Landelijk instituut sociale verzekeringen worden ingetrokken.

 

Art. 14. Inwerkingtreding
Dit ziekengeldreglement treedt in werking met ingang van 1 september 1997. Indien de Staatscourant waarin dit besluit wordt geplaatst, wordt uitgegeven na 30 augustus 1997, treedt dit besluit in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin het wordt geplaatst.

 

Art. 15. Citeertitel
Dit reglement wordt aangehaald als: Ziekengeldreglement 1997.

 

 

     Dit reglement zal met toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

 

Amsterdam, 18 juni 1997.
J.F. Buurmeijer, voorzitter.

 

 

 

TOELICHTING
[18 juni 1997]

 

Algemeen

 

     Op grond van artikel 54 van de Ziektewet stelt het Landelijk instituut sociale verzekeringen [Lisv, zie Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (UWV), red.] een ziekengeldreglement vast. Met dit ziekengeldreglement wordt een regeling van het (berichten)verkeer tussen de werkgever respectievelijk de verzekerde en de uitvoeringsinstelling beoogd.
     Met het oog op de invoering van Wet uitbreiding loondoorbetalingsplicht bij ziekte per 1 maart 1996 heeft het Tijdelijk instituut voor co÷rdinatie en afstemming [de rechtsvoorganger van het Lisv, red.] voor de bedrijfsverenigingen een model ziekengeldreglement vastgesteld. De bedrijfsverenigingen hebben dit model gevolgd bij het vaststellen van hun ziekengeldreglementen. In verband met de inwerkingtreding van de Organisatiewet sociale verzekeringen 1997 en de Invoeringswet Organisatiewet sociale verzekeringen 1997 worden de ziekengeldreglementen van de bedrijfsverenigingen ingetrokken en vervangen door dit ziekengeldreglement. Praktisch komt de vervanging erop neer dat "de bedrijfsvereniging" telkens wordt vervangen door "het Landelijk instituut sociale verzekeringen" en "de uitvoeringsinstelling". Het Landelijk instituut sociale verzekeringen is verantwoordelijk voor de uitvoering van de Ziektewet, doch heeft de feitelijke werkzaamheden uitbesteed aan de uitvoeringsinstellingen. Omdat het gaat om nadere uitwerking van regels in verband met het (berichten)verkeer tussen de uitvoeringsinstelling en de werkgever of de verzekerde, wordt dan ook in plaats van het Landelijk instituut sociale verzekeringen telkens de uitvoeringsinstelling genoemd.
     In verband met wijziging van de werkwijze rond de indiening en de beoordeling van re´ntegratieplannen op grond van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering ╣ en vervanging van het Besluit minimumeisen re´ntegratieplan door het Besluit minimumeisen re´ntegratieplan 1997 is dit ziekengeldreglement ook inhoudelijk gewijzigd ten opzichte van het model van het Tijdelijk instituut voor co÷rdinatie en afstemming. De regeling inzake de verstrekking van rapportages over de verzuimbegeleiding in de 26e en 39e week van ongeschiktheid tot werken is komen te vervallen. Opgenomen is een bepaling dat indiening van een re´ntegratieplan geldt als ziekteaangifte. Tot slot zijn enkele redactionele of technische wijzigingen aangebracht.

1. Ingevolge artikel II, onderdeel M, van de Wet verbetering poortwachter (Stb. 2001, 628) is artikel 71a WAO met ingang van 1 april 2002 vervangen en zijn de bepalingen inzake het re´ntegratieplan, dat gelijktijdig met de aangifte van arbeidsongeschiktheid van de werknemer door de werkgever aan de uitvoeringsinstelling diende te worden overgelegd, en de werkgeversboeten geschrapt. Zie ook Besluit boete ZW/WAO werkgevers 2002, red.

 

 

Artikelsgewijs

 

Artikel 2. De uitbetaling van ziekengeld

     Omdat de werknemer als verzekerde recht heeft op ziekengeld, wordt de regel vooropgesteld dat de uitvoeringsinstelling in principe het ziekengeld aan de werknemer uitbetaalt. De werkgeversbetalingen worden geregeld in het tweede lid. Het gaat hier om het ziekengeld in verband met ongeschiktheid wegens zwangerschap en in verband met bevalling ╣, en ziekengeld betaald ten behoeve van herintredende (voormalig) gedeeltelijk arbeidsongeschikten (artikel 29b ZW) en ten behoeve van orgaandonoren.

1. Zie Wet arbeid en zorg, red.

 

Artikel 3. Terugbetaling door de werkgever

     Het kan gebeuren dat over dezelfde periode ziekengeld ten behoeve van dezelfde werknemer rechtstreeks is betaald aan de werknemer en aan de werkgever. De betaling aan de werkgever wordt dan als onverschuldigd aangemerkt en het bedrag wordt teruggevorderd of verrekend met door de uitvoeringsinstelling aan de werkgever verschuldigde bedragen.

 

Artikel 4. Melding ongeschiktheid respectievelijk recht op ziekengeld in verband met bevalling

     In het eerste lid is aangegeven dat de uitvoeringsinstelling naast een melding door middel van een formulier ook andere wijzen van melden kan overeenkomen met de werkgever. Hierbij kan gedacht worden aan aanleveren op diskette of elektronische meldingen.
     In het tweede lid is geregeld dat de werkgever de uitvoeringsinstelling eveneens moet melden indien de vrouwelijke verzekerde na eindiging van het reguliere zwangerschaps- en bevallingsverlof nog steeds ongeschikt is in verband met die zwangerschap of bevalling. De uitvoeringsinstelling kan dan beoordelen of de ongeschiktheid zijn oorzaak vindt in de bevalling of de daaraan voorafgaande zwangerschap.
     Op grond van het vierde lid kan de uitvoeringsinstelling verlangen dat de werkgever de eerste werkdag aangeeft waarop de werknemer wegens ziekte ongeschikt is tot het verrichten van zijn arbeid. Met deze dag wordt bedoeld het begrip, genoemd in artikel 29, derde lid, van de Ziektewet of in de op dit artikellid gebaseerde regels van het Landelijk instituut sociale verzekeringen. Melding van de datum van uitdiensttreding kan worden verlangd omdat op grond van artikel 29, tweede lid, onderdeel c, van de Ziektewet ziekengeld moet worden uitgekeerd indien de dienstbetrekking binnen het tijdvak van 52 weken van ongeschiktheid tot werken eindigt.
     Voorts kan de uitvoeringsinstelling ook gegevens over de arbeidsovereenkomst verlangen. Dit voor de beoordeling of er aanspraak kan worden gemaakt op ziekengeld.
     Als grond waarop aanspraak op ziekengeld wordt gemaakt, kan bijvoorbeeld worden aangegeven zwangerschap/bevalling ╣, herintreden door een (voorheen) gedeeltelijk arbeidsongeschikte, orgaandonatie en einde dienstverband.

1. Zie Wet arbeid en zorg, red.

 

Artikel 5. Melding gedeeltelijke werkhervatting

     Op grond van artikel 31 van de Ziektewet is de verzekerde die gedurende de ongeschiktheid tot werken wegens ziekte loon of inkomsten uit arbeid anders dan in dienstbetrekking ontvangt en aanspraak maakt op ziekengeld, verplicht hiervan schriftelijk mededeling en opgave te doen aan het Landelijk instituut sociale verzekeringen. Met deze bepaling in het ziekengeldreglement wordt beoogd de werkgever te verplichten schriftelijk mededeling te doen aan de uitvoeringsinstelling ingeval de werknemer gedeeltelijk hervat in arbeid in dienstbetrekking tot de werkgever. De werkgever moet namelijk beter dan de werknemer in staat worden geacht opgave te doen van het door de werknemer te ontvangen loon. Deze verplichting van de werkgever komt niet in de plaats van de in de Ziektewet neergelegde verplichting van de werknemer tot het melden van zijn inkomsten uit arbeid. De verplichting voor de werknemer is nader uitgewerkt in artikel 9 van dit reglement. De werkgever is verplicht de opgave op grond van artikel 6 van dit reglement onverwijld te doen na de hervatting door de werknemer, waarbij hij gebruik dient te maken van een door de uitvoeringsinstelling ter beschikking gesteld formulier of elektronische gegevensdragers. Met de door de werkgever te verstrekken gegevens kan worden vastgesteld of en tot welk bedrag het ziekengeld tot uitbetaling kan komen. Daarnaast kunnen de gegevens aanleiding zijn voor een nadere beoordeling van de ongeschiktheid tot werken.

 

Artikel 6. Re´ntegratieplan inzake werknemer met aanspraak op ziekengeld

     Op grond van artikel 39 van de Ziektewet beoordeelt het Landelijk instituut sociale verzekeringen bij gebleken ongeschiktheid of de werkgever zijn taak met betrekking tot verzuimbegeleiding op adequate wijze uitoefent. Voor de werknemers die bij ongeschiktheid tot werken aanspraak maken op loon is in artikel 71a Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering geregeld dat de werkgever een re´ntegratieplan overlegt nadat de ongeschiktheid dertien weken heeft geduurd. Ten aanzien van de werknemers die aanspraak maken op ziekengeld is dit niet geregeld. In deze leemte wordt voorzien in dit ziekengeldreglement. Op de werkgever van een werknemer met aanspraak op ziekengeld rust een zelfde verplichting tot verzuimbegeleiding als op een werkgever van een werknemer die geen aanspraak heeft op ziekengeld, maar op loon. Voor de verzekerden die aanspraak maken op ziekengeld in verband met zwangerschap of bevalling geldt in beginsel niet de verplichting een re´ntegratieplan over te leggen, omdat zij niet verplicht kunnen worden passende arbeid te aanvaarden. Voor degene die na afloop van het normale bevallingsverlof nog aanspraak maakt op ziekengeld in verband met ongeschiktheid wegens de zwangerschap of bevalling moet de werkgever wel een re´ntegratieplan overleggen, omdat van belang wordt geacht dat terugkeer in arbeid wordt bevorderd.
     Dit artikel regelt tevens de gevolgen voor de werkgever indien hij niet aan zijn verplichtingen voldoet. In tegenstelling tot artikel 71a van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering wordt geen boete opgelegd, maar wordt het ziekengeld ten laste van de werkgever gebracht.

1. Zie toelichting onderaan deze pagina, red.

 

Artikel 7. Aangifte van ongeschiktheid van werknemer met recht op loon 

     De aangifte van ongeschiktheid door de werkgever van een werknemer met recht op loondoorbetaling geschiedt evenals de overige meldingen aan de uitvoeringsinstelling. Omdat geen ziekengeld wordt toegekend, kan in het algemeen volstaan worden met vermelding van slechts enkele gegevens. Geregeld is voorts dat tijdige indiening van een re´ntegratieplan geldt als een ziekmelding. Het is dan niet nodig dat een afzonderlijk formulier wordt ingediend voor de ziekmelding.

 

Artikel 8. Hersteldmelding

     Deze bepaling regelt de hersteldmelding door de werkgever van een verzekerde. De wet gaat ervan uit dat de verzekerde die aanspraak maakt op ziekengeld altijd zelf hersteld meldt aan de uitvoeringsinstelling. Voor de werknemer die een werkgever heeft, ligt het meer voor de hand dat de hersteldmelding door de werknemer wordt gedaan aan de werkgever en dat de werkgever de hersteldmelding aan de uitvoeringsinstelling doet.
     In het eerste lid is aangegeven dat de uitvoeringsinstelling naast een melding door middel van een formulier ook andere wijzen van melden kan overeenkomen met de werkgever. Hierbij kan gedacht worden aan aanleveren op diskette of elektronische hersteldmeldingen.

1. Zie toelichting onderaan deze pagina, red.

 

Artikel 9. Meldingen door verzekerden zonder werkgever

     In het eerste lid wordt geregeld op welke wijze de verzekerde die geen werkgever heeft zich ziek moet melden. Voor hem gelden dezelfde verplichtingen als voor de werkgever, opgenomen in artikel 5 van dit reglement. De verplichting tot ziekmelding is geregeld in artikel 38a, eerste lid, van de Ziektewet.
     Voorts is in het derde lid bepaald dat werknemers die geen werkgever hebben, na een melding van ongeschiktheid, zich geschikt moeten melden bij de uitvoeringsinstelling. Een dergelijke bepaling is namelijk niet in artikel 38a van de Ziektewet opgenomen. Het is echter wel van belang dat dit gegeven verstrekt wordt; de uitbetaling van ziekengeld dient dan immers stopgezet te worden. Ook indien er geen arbeid meer beschikbaar is, dient de werknemer die geen werkgever heeft zich geschikt te melden. De verplichting die de werknemer wordt opgelegd, kan beschouwd worden als een nadere invulling van artikel 49 van de Ziektewet. In afwijking van artikel 49 van de Ziektewet wordt echter niet vereist dat de geschiktmelding onverwijld geschiedt; hier wordt aangesloten bij de tekst van artikel 38, derde lid, van de Ziektewet waar de geschiktmelding door de werkgever is geregeld.

 

Artikel 10. Inkomsten verzekerde

     In artikel 31 van de Ziektewet is bepaald dat de verzekerde die aanspraak maakt op ziekengeld en tevens loon, inkomsten uit arbeid anders dan in dienstbetrekking of ouderdomspensioen ontvangt, verplicht is hiervan op door het Landelijk instituut sociale verzekeringen in zijn reglement te bepalen wijze mededeling te doen. In dit artikel van het ziekengeldreglement is de wijze waarop de mededeling gedaan dient te worden, geregeld, alsmede de inhoud van de mededeling.
     Het vierde lid doelt op de situatie waarin de werknemer aan wie ziekengeld is toegekend, zijn loonaanspraken geldend tracht te maken. In dat geval kan met de werknemer worden overeengekomen dat bijvoorbeeld door middel van een akte tot stille verpanding het alsnog door de werkgever na te betalen loon rechtstreeks aan de uitvoeringsinstelling wordt betaald.

 

Artikel 11. Invordering

     In dit artikel is aangegeven dat de uitvoeringsinstelling kan bepalen binnen welke termijn de werkgever kosten betaald dient te hebben. Tevens is aangegeven dat de uitvoeringsinstelling deze kosten kan verrekenen met door hem aan de werkgever verschuldigde bedragen.

 

Amsterdam, 18 juni 1997.
J.F. Buurmeijer, voorzitter
.

 

 

 

 

TOELICHTING

bij het Besluit van 12 maart 1998 tot wijziging van het Ziekengeldreglement 1997, Stcrt. 1998, 58

 

     In de Veegwet SZW 1997 (Kamerstukken 25 641) is per 1 januari 1998 voorzien in:
1. het indienen van een re´ntegratieplan voor de werknemer met aanspraak op ziekengeld en recht op loondoorbetaling; ╣
2. het doen van een hersteldmelding door de werkgever, nadat hij eerder een ziekmelding heeft gedaan, in de situatie dat de verzekerde zich hersteld meldt bij de werkgever. Deze bepalingen zijn nu opgenomen in respectievelijk artikel 6 en artikel 8, eerste lid, van het Ziekengeldreglement 1997. Met de inwerkingtreding van de Veegwet SZW 1997 zijn deze bepalingen niet meer nodig. De inwerkingtreding van het besluit werkt terug tot en met 1 januari 1998 aangezien per die datum de Veegwet SZW 1997 in werking is getreden.

1. Ingevolge artikel II, onderdeel M, van de Wet verbetering poortwachter (Stb. 2001, 628) is het bij Veegwet SZW 1997 gewijzigde artikel 71a WAO met ingang van 1 april 2002 vervangen en zijn de bepalingen inzake de re´ntegratieplannen en de werkgeversboeten geschrapt. Zie ook Besluit boete ZW/WAO werkgevers 2002, red.

 

Amsterdam, 12 maart 1998.
J.F. Buurmeijer, voorzitter.

 

 

 

 

                                          

 

    
 

x

   

home | Ziektewet | sz-wetten | overige wetten | zoeken | volgende

ę Copyright Stichting Adviesgroep Bestuursrecht. Alle rechten voorbehouden.
x