Door gebruik te maken van deze website gaat u akkoord met de cookies voor Google-advertenties. Meer info.

 
 

 

St-AB.nl

 

 

 
     
 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

             

 

KAMERSTUKKEN

 

WET  VOORZIENINGEN  GEHANDICAPTEN

 

 

MEMORIE VAN TOELICHTING

 
Kamerstukken II 1992-1993, 22 815

Regels met betrekking tot de verlening van voorzieningen aan gehandicapten (Wet voorzieningen gehandicapten)

1. Redactie: de wet is gepubliceerd in Stb. 1993, 545, en is in werking getreden met ingang van 1 april 1994 (Stb. 1993, 657).

 

 

Nr.r1 KONINKLIJKE  BOODSCHAP

 

Aan de Tweede Kamer der Staten-Generaal

 

     Wij bieden U hiernevens ter overweging aan een voorstel van Wet houdende regels met betrekking tot de verlening van voorzieningen aan gehandicapten (Wet voorzieningen gehandicapten).
     De toelichtende memorie (en bijlagen), die het Wetsvoorstel vergezelt, bevat de gronden waarop het rust.
     En hiermede bevelen Wij U in Godes heilige bescherming.

 

's-Gravenhage, 17 september 1992

 

BEATRIX

 

 

 

Nr.r2 VOORSTEL  VAN  WET

 

 

     WIJ BEATRIX, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

     Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:
    

Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het vanuit een oogmerk van doelmatigheid wenselijk is de verstrekking van woonvoorzieningen op grond van de Regeling geldelijke steun huisvesting gehandicapten en leefvoorzieningen alsmede genees- en heelkundige voorzieningen op grond van de Algemene Arbeidsongeschiktheidswet te beindigen en de gemeenten te belasten met de verlening van woonvoorzieningen, vervoersvoorzieningen en rolstoelen en aldus mede te bevorderen dat personen van 65 jaar of ouder geleidelijk en op passende wijze in aanmerking kunnen worden gebracht voor voorzieningen die thans krachtens de Algemene Arbeidsongeschiktheidswet in beginsel uitsluitend worden verstrekt aan personen onder de 65 jaar;
    
Zo is het, dat Wij, de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:

 

 

1.  Algemene bepalingen

 

Art. 1 [1].  [MvT]
-1. In deze wet en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:
a. een gehandicapte: een persoon die tengevolge van ziekte of gebrek aantoonbare beperkingen ondervindt op het gebied van het wonen of van het zich binnen of buiten de woning verplaatsen;
b. woonvoorziening: een voorziening die verband houdt met een maatregel die gericht is op het opheffen of verminderen van ergonomische beperkingen die een gehandicapte bij het normale gebruik van zijn woonruimte ondervindt, en waarvan de kosten niet meer bedragen dan 45 000,00;
c. vervoersvoorziening: een voorziening die gericht is op het opheffen of verminderen van beperkingen die een gehandicapte bij het vervoer buitenshuis ondervindt.
-2. In deze wet en de daarop berustende bepalingen wordt:
a. als gehuwd of als echtgenoot aangemerkt degene die niet duurzaam gescheiden leeft van de persoon met wie hij of zij gehuwd is;
b. als ongehuwd mede aangemerkt degene die duurzaam gescheiden leeft van de persoon met wie hij of zij gehuwd is.
-3. In deze wet en de daarop berustende bepalingen wordt mede als gehuwd of als echtgenoot aangemerkt de ongehuwde die met een persoon van hetzelfde of het andere geslacht duurzaam een gezamenlijke huishouding voert, tenzij het betreft een bloedverwant in de eerste of tweede graad.
-4. Van een gezamenlijke huishouding, bedoeld in het tweede lid, kan slechts sprake zijn indien twee ongehuwde personen gezamenlijk voorzien in huisvesting en bovendien beiden een bijdrage leveren in de kosten van de huishouding dan wel op andere wijze in elkaars verzorging voorzien.
-5. Het bedrag, genoemd in artikel 1, eerste lid, onderdeel b, kan bij algemene maatregel van bestuur met ingang van een kalenderjaar worden gewijzigd indien daartoe aanleiding bestaat als gevolg van de ontwikkeling van de prijzen van bouwkundige of woontechnische ingrepen in of aan de woning.

1. Volgens de redactie dient "artikel 1, eerste lid, onderdeel b" te worden vervangen door: het eerste lid, onderdeel b.

 

2.  De voorzieningen

 

Art. 2 [2].  [MvT]
Het gemeentebestuur draagt zorg voor de verlening van woonvoorzieningen, vervoersvoorzieningen en rolstoelen ten behoeve van in de gemeente woonachtige gehandicapten.

 

Art. 3 [4].  [MvT]
Een vreemdeling kan voor de in artikel 2 [2] bedoelde voorzieningen slechts in aanmerking komen indien hij op grond van de artikelen 9 of 10 van de Vreemdelingenwet (Stb. 1965, 40) gerechtigd is in Nederland te verblijven.

 

Art. 4 [5].  [MvT]
-1. Het gemeentebestuur stelt met inachtneming van het bepaalde bij of krachtens deze wet een verordening vast met betrekking tot de verlening van woonvoorzieningen, vervoersvoorzieningen en rolstoelen.
-2. De verordening, bedoeld in het eerste lid, bevat in ieder geval regels met betrekking tot:

 

 

 


Klik hier om de volledige, bijgewerkte pagina te verkrijgen.



 

 

 

 

 

 

 

 

                                          

 

    
 

x

   

home | Wvg | MvT | geschiedenis | sz-wetten | overige wetten | zoeken

Copyright Stichting Adviesgroep Bestuursrecht. Alle rechten voorbehouden.
x