Vrouwe Justitia

 

 

 


TIP: zoeken binnen deze pagina kan met Ctrl+F

 

LJN AA4283 - Gedeeltelijke terugvordering van de kinderbijslag over acht kwartalen op de grond dat betrokkene niet op eenvoudig te controleren wijze kan aantonen in belangrijke mate te hebben bijgedragen in het levensonderhoud van haar kind. Niet gebleken is dat ten onrechte kinderbijslag is uitbetaald door toedoen van betrokkene.

LJN AA5292 - Weigering kinderbijslag op de grond dat vanaf 1 juli 1996 niet meer wordt aangenomen dat betrokkene een huishouden vormt met zijn kinderen. Heeft de rechtbank terecht geoordeeld dat aangezien betrokkene nog steeds pogingen doet zijn gezin naar Nederland te laten komen en niet gezegd kan worden dat er geen reëel uitzicht meer is op gezinshereniging, ten tijde van het derde kwartaal van 1996 nog niet kon worden gesproken van een breuk in het huishouden van betrokkene?

LJN AA5423 - Weigering tweevoudige kinderbijslag op de grond dat de primaire reden voor het uitwonend worden van het kind niet is gelegen in studieredenen, maar in de opvoedings- en gedragsproblemen die hieraan vooraf zijn gegaan. Voert betrokkene terecht aan dat zijn kind in het reguliere onderwijs niet kon worden geplaatst en het is geplaatst in een internaat voor geïntegreerde hulpverlening omdat het anders geen onderwijs kon volgen?

LJN AA5424 - Weigering kinderbijslag voor de drie in Ghana verblijvende kinderen onder verwijzing naar het Ghanabesluit AKW. In de toelichting op het Ghanabesluit AKW valt geen verplichting te lezen voor de SVB om de betrokken kinderbijslaggerechtigden vóór 1 juli 1996 te informeren over hun aanspraken op kinderbijslag, bij gebreke waarvan een langere uitlooptermijn gehanteerd dient te worden. Anticipatieperiode van twee kwartalen.

LJN AA5831 - Weigering kinderbijslag op de grond dat het kind, een naar Vietnamees recht geadopteerd neefje van betrokkene, niet als eigen kind van betrokkene in de zin van artikel 7 van de AKW kan worden aangemerkt. Of een naar buitenlands recht geadopteerd kind als zodanig kan worden aangemerkt, hangt met name hiervan af of de vereisten voor en de rechtsgevolgen van die adoptie met die naar Nederlands recht gelijk zijn te stellen. Eenouderadoptie. Echtpaarvereiste.

LJN AA6466 - Oplegging van een boete van f 300,- omdat betrokkene de wijziging in het inkomen van zijn dochter niet tijdig heeft doorgegeven. Heeft de rechtbank het boetebesluit terecht vernietigd?

LJN AA7419 - Oplegging van een boete van f 300,- op de grond dat betrokkene de omstandigheid dat haar dochter vanaf de datum in geding niet meer tot haar huishouden behoort niet binnen vier weken aan de SVB heeft gemeld. De invordering van de opgelegde boete geschiedt door inhouding van f 75,- op de kinderbijslag. Heeft de rechtbank de hoogte van de boete terecht bepaald op f 100,-? Er is geen procesbelang meer nu de SVB het bestreden besluit hangende het hoger beroep heeft ingetrokken. Proceskostenveroordeling in verband met door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand.

LJN AA8524 - Weigering en terugvordering van de kinderbijslag op de grond dat betrokkene geen betrouwbare en valide documenten heeft verstrekt ter zake van het bestaan en de afstamming van zijn vier kinderen voor wie hij aanspraak maakt op kinderbijslag. De geboortedocumenten zijn door betrokkene vervalst.

LJN AA8611 - Weigering kinderbijslag op de grond dat, onder verwijzing naar het Ghanabesluit AKW, de in Ghana verblijvende kinderen ten opzichte van betrokkene niet als eigen kinderen in de zin van artikel 7 van de AKW kunnen worden aangemerkt.

LJN AA8689 - Weigering en terugvordering van de kinderbijslag over de kwartalen in geding op de grond dat betrokkene niet heeft voldaan aan de voorwaarde dat hij zijn in Marokko verblijvende dochter in belangrijke mate heeft onderhouden.

LJN AA8740 - In dit geding staat de vraag centraal of de SVB terecht en op goede gronden het standpunt heeft ingenomen dat het kind in de voor dit geding relevante periode noch als eigen kind noch als pleegkind in de zin van de AKW was aan te merken.

LJN AA8802 - Weigering kinderbijslag op de grond dat de drie in Senegal wonende kinderen niet kunnen worden aangemerkt als eigen kinderen van betrokkene in de zin van artikel 7 van de AKW. Toepasselijkheid van het Senegalese recht.

LJN AB1085 - Weigering kinderbijslag over de kwartalen in geding omdat niet is aangetoond dat betrokkene gedurende die kwartalen een bijdrage heeft geleverd in het levensonderhoud van zijn op de Filippijnen wonende dochter. Doorschuiving van het surplus van de betalingen naar daaropvolgende kwartalen.

LJN AB1305 - Weigering kinderbijslag op de grond dat de kinderen niet als pleegkinderen in de zin van de AKW kunnen worden aangemerkt. Voorwaarden voor het aannemen van een pleegouder-pleegkindrelatie in de zin van de AKW. Er is geen sprake van juridische verantwoordelijkheid voor c.q. gezag over de kinderen.

LJN AB1681 - Weigering kinderbijslag op de grond dat betrokkene niet heeft aangetoond dan wel aannemelijk gemaakt dat de in de periode in geding overgemaakte gelden ten goede zijn gekomen aan haar op een kostschool in Marokko verblijvende kinderen, nu die bedragen niet zijn overgemaakt aan de verzorger van de kinderen of de school.

LJN AB1683 - Weigering kinderbijslag op de grond dat betrokkene niet op eenvoudig te controleren wijze heeft aangetoond dat hij beide kinderen in de betreffende kwartalen in belangrijke mate heeft onderhouden. Het inleidende beroep dient niet-ontvankelijk te worden verklaard omdat niet eerst de (verplichte) bezwaarschriftprocedure is gevolgd.

LJN AB1700 - Weigering kinderbijslag onder meer omdat de drie bij hun moeder in Turkije verblijvende kinderen niet als eigen kinderen van betrokkene in de zin van de AKW zijn te beschouwen. In het Turkse recht, wat betreft de vereisten voor een rechtsgeldige erkenning, is sprake van twee essentiële verschillen met het Nederlandse recht, nu in het Turkse recht de voorafgaande schriftelijke toestemming van de moeder voor een erkenning niet is vereist en voorts een erkenning door een man die gehuwd is met een andere vrouw dan de moeder van het kind mogelijk is.

LJN AB1725 - Is het hoger beroep terecht niet-ontvankelijk verklaard wegens niet-verschoonbare niet-tijdige betaling van het griffierecht? Is boven twijfel dat betrokkene in zijn hoger beroep niet kon worden ontvangen, nu hij zich in een vroegtijdig stadium heeft beroepen op betalingsonmacht en heeft verzocht om een betalingsregeling?

LJN AB2324 - Weigering kinderbijslag op de grond dat de betrokken vreemdelingen van Turkse, Marokkaanse, Surinaamse en Nigeriaanse afkomst niet kunnen worden gelijkgesteld met een Nederlander. Koppelingswet. Verblijfsvergunning op grond van de witte-illegalenregeling. Toetsing aan het Gemeenschapsrecht.

LJN AB2478 - Intrekking en terugvordering van de kinderbijslag op de grond dat betrokkene niet heeft aangetoond zijn drie in Egypte wonende kinderen in belangrijke mate te onderhouden. Ten nadele van betrokkene terugkomen van de toekenning van kinderbijslag is in het algemeen in strijd met het rechtszekerheidsbeginsel, tenzij bijvoorbeeld het toekennen of het ongewijzigd voortzetten van de kinderbijslag mede het gevolg was van een onjuiste of onvolledige informatieverschaffing door betrokkene, terwijl een andere - minder gunstige - beslissing zou zijn genomen indien de juiste feiten bekend zouden zijn geweest. Doet zich hier een dergelijke uitzonderingssituatie voor?

LJN AD3981 - Oplegging van een boete van f 300,-, hangende het hoger beroep verlaagd naar f 150,-, op de grond dat betrokkene een wijziging in het inkomen van haar zoon niet tijdig zou hebben gemeld. Heeft de rechtbank terecht overwogen dat het evenredigheidsbeginsel is geschonden omdat de hoogte van de boete alleen afhankelijk is gesteld van het benadelingsbedrag en er geen onderscheid is gemaakt tussen opzet en nalatigheid? Toepassing van het Boetebesluit socialezekerheidswetten.

LJN AD4638 - Volledige verrekening van de te veel betaalde kinderbijslag met de aan betrokkenen toekomende kinderbijslag vanaf het kwartaal in geding, omdat de beslagvrije ruimte reeds door een andere schuldeiser wordt opgeëist. Artikel 475c, onderdeel b, Rv bepaalt dat een beslagvrije voet is verbonden aan (beslag op) vorderingen tot periodieke betaling van uitkeringen op grond van socialezekerheidswetten, uitgezonderd kinderbijslag onder welke benaming ook. Op grond van artikel 17g, tweede en achtste lid,  van de AKW kan de te veel betaalde kinderbijslag in beginsel worden verrekend met toekomstige aanspraken op kinderbijslag.

LJN AD4639 - Weigering en terugvordering van de kinderbijslag. De SVB diende ook het rapport van de vertrouwensadvocaat aan de rechtbank te overleggen. Het is een fundamenteel beginsel van het bestuursprocesrecht dat de justitiabele in beginsel over alle stukken kan beschikken welke met betrekking tot zijn zaak onder het bestuursorgaan berusten. Terugwijzing van de zaak naar de rechtbank.

LJN AD4663 - Weigering kinderbijslag met ingang van het kwartaal in geding op de grond dat het (studerende) kind 18 jaar is. Overgangsrecht met betrekking tot kinderen die zijn geboren vóór 1 oktober 1986. Is de studie voor de master´s degree na de studie voor de bachelor´s degree te beschouwen is als een voortgezette studie en niet als een andere opleiding?

LJN AD5001 - Weigering kinderbijslag op de grond dat door de tegenstrijdige verklaringen van betrokkene en zijn ex-echtgenote niet is vast te stellen bij wie de kinderen op de datum in geding verbleven. Omgangsregeling.

LJN AD5017 - Weigering kinderbijslag omdat betrokkene niet de verzorgende ouder van zijn drie kinderen is. Bij het in bezwaar gehandhaafde besluit is geweigerd de helft van de kinderbijslag aan betrokkene te betalen, omdat uit het echtscheidingsconvenant niet blijkt dat sprake is van een co-ouderschapsregeling in de zin van de AKW. Betrokkene verzorgt de kinderen feitelijk niet overwegend in gelijke mate als de andere ouder.

LJN AD5018 - Weigering kinderbijslag met ingang van het kwartaal in geding op de grond dat het (studerende) kind 18 jaar is. Overgangsrecht met betrekking tot kinderen die zijn geboren vóór 1 oktober 1986. Volgens de SVB is de studie aan het Telford College niet dezelfde opleiding als die aan de Heriot-Watt University, zodat het kind ingaande het vierde kwartaal van 1996 niet langer de opleiding volgde die zij op 1 oktober 1995 volgde en er derhalve vanaf het vierde kwartaal van 1996 geen recht op kinderbijslag meer bestond. Het begrip "dezelfde opleiding".

LJN AD5254 - Weigering kinderbijslag met ingang van het kwartaal in geding op de grond dat het in Marokko studerende kind 18 jaar is. Overgangsrecht met betrekking tot kinderen die zijn geboren vóór 1 oktober 1986. Stelt betrokkene terecht dat de laatste drie jaren van het Enseignement Fondamental, tezamen met het (driejarige) Enseignement Secondaire, moet worden beschouwd als voortgezet onderwijs dat één en dezelfde opleiding beslaat?

LJN AD5972 - Is de beperking van de kennisneming van de brief van de attaché voor sociale zaken te Ankara, alsmede het rapport van de Nederlandse ambassade in Turkije, gerechtvaardigd? Is er sprake van enig belang bij geheimhouding van deze stukken?

LJN AD5989 - Weigering kinderbijslag op de grond dat uit de door betrokkene overgelegde akten niet onomstotelijk is komen vast te staan dat betrokkene de natuurlijke moeder is van haar op de Filippijnen wonende kinderen. Naar aanleiding van een DNA-onderzoek heeft de SVB beslist dat betrokkene niet op eenvoudig controleerbare wijze heeft kunnen aantonen in belangrijke mate te hebben bijgedragen in het onderhoud van de kinderen.

LJN AD6296 - Weigering kinderbijslag met ingang van het kwartaal in geding op de grond dat het in Marokko studerende kind 18 jaar is. Overgangsrecht met betrekking tot kinderen die zijn geboren vóór 1 oktober 1986. Betrokkenes zoon, die op 1 oktober 1996 19 jaar is geworden, zou niet onder het overgangsrecht vallen omdat hij per 1 oktober 1996 duidelijk een andere opleiding zou volgen dan op 1 oktober 1995. Had het houden van een hoorzitting in dit geval achterwege mogen blijven?

LJN AD6329 - Wegens adreswijziging van betrokkene, doorzending van het beroepschrift naar de bevoegde rechtbank. Het tijdstip van indiening van het beroepschrift bij de bevoegde rechtbank is bepalend voor de vraag of het beroepschrift tijdig is ingediend. Omdat het beroepschrift vóór het verstrijken van de beroepstermijn is ingediend bij de onbevoegde rechtbank, is het tijdig ingediend.

LJN AD6335 - Weigering om terug te komen van een eerder genomen, in rechte onaantastbaar geworden besluit op de grond dat niet is gebleken van nieuwe feiten of veranderde omstandigheden. Betrokkene vormde gedurende de kwartalen in geding geen huishouden met zijn gezin in Irak en door middel van de overgelegde verklaring wordt niet aangetoond of aannemelijk gemaakt dat hij zijn vier kinderen in voldoende mate heeft onderhouden.

LJN AD7089 - Weigering en terugvordering van de kinderbijslag op de grond dat het kind op de peildatum niet meer tot het huishouden van betrokkene behoorde. Aangezien het kind in het kader van een proefregeling tweeënhalve maand bij zijn vader verbleef, ontbrak de bestendigheid aan het verblijf van het kind bij zijn vader nog volledig.

LJN AD7130 - Weigering kinderbijslag met een langere terugwerkende kracht dan drie jaar vóór de datum van aanvraag. De SVB kent geen verdergaande terugwerkende kracht toe omdat niet is voldaan aan de in zijn beleid bij het gebruikmaken van deze bevoegdheid nader gestelde voorwaarde ten aanzien van hardheid.

LJN AD7292 - Weigering kinderbijslag op de grond dat betrokkene met ingang van het kwartaal in geding niet meer als ingezetene van Nederland kan worden aangemerkt en hij bij gebreke van een andere verzekeringsgrond niet meer is verzekerd ingevolge de AKW. Voorts heeft de SVB in het bestreden besluit overwogen dat in de omstandigheden van betrokkene op grond van het Gemeenschapsrecht ter zake van de aanspraak op kinderbijslag de wetgeving van Spanje van toepassing is.

LJN AD7293 - Weigering kinderbijslag op de grond dat de vier kinderen ten opzichte van betrokkene, onder verwijzing naar het Ghanabesluit AKW, niet als eigen kinderen in de zin van artikel 7 van de AKW kunnen worden aangemerkt. Aan Ghanese mannen die al kinderbijslag ontvingen, wordt eerst na inachtneming van een bepaalde overgangstermijn de aanspraak op kinderbijslag ontzegd.

LJN AD8151 - Schorsing van de kinderbijslag met ingang van het kwartaal in geding onder meer op de grond dat is vastgesteld dat betrokkene zijn gezin in Turkije met zes kinderen niet onderhoudt en dat eerst in de bezwaarprocedure duidelijk werd dat hij reeds op 1 oktober 1997 duurzaam gescheiden leefde van zijn echtgenote in Turkije.

LJN AD8154 - Oplegging van een boete van f 300,-, hangende het hoger beroep verlaagd naar f 100,-, omdat betrokkene een wijziging in het inkomen van haar dochter niet tijdig zou hebben gemeld. Schending van het evenredigheidsbeginsel omdat de hoogte van de boete alleen afhankelijk is gesteld van het benadelingsbedrag en er geen onderscheid is gemaakt tussen opzet en nalatigheid.

LJN AD8577 - Weigering kinderbijslag omdat betrokkene niet de benodigde gegevens heeft verschaft, waardoor niet kan worden vastgesteld of er recht op kinderbijslag voor de drie in Indonesië verblijvende kinderen bestaat. Inmiddels zijn de geboorteaktes voorzien van een drievoudige legalisatie.

LJN AD8675 - Heeft de rechtbank terecht geoordeeld dat beperking van de kennisneming van het rapport van de vertrouwensadvocaat in Pakistan niet gerechtvaardigd wordt geacht met een beroep op bescherming van onderzoeksmethoden, maar wel gedeeltelijk gerechtvaardigd wordt geacht op grond van bescherming van de bij het onderzoek betrokken personen?

LJN AD9659 - De beperking van de kennisneming van de akten van de Pakistaanse vertrouwensadvocaat is niet gerechtvaardigd omdat de SVB niet voldoende aannemelijk heeft gemaakt dat de betreffende personen daadwerkelijk gevaar te duchten hebben en dat aldus belang bestaat op bescherming van hen.

LJN AE0114 - De beperking van de kennisneming van het rapport van de Pakistaanse vertrouwensadvocaat alsmede de verklaring inzake de kinderen van betrokkene is niet gerechtvaardigd omdat de SVB niet voldoende aannemelijk heeft gemaakt dat de betreffende personen daadwerkelijk gevaar te duchten hebben en dat aldus belang bestaat op bescherming van hen. De beperking ziet niet zozeer op de bescherming van de methode van onderzoek.

LJN AE0167 - Niet-ontvankelijkverklaring van het beroep in eerste aanleg wegens niet-verschoonbare overschrijding van de beroepstermijn. Het risico van verzending van het beroepschrift via de Turkse officiële postdienst komt voor rekening van betrokkene.

LJN AE1675 - Weigering kinderbijslag omdat betrokkene de op hem rustende verplichting tot het overleggen van gelegaliseerde geboorte- en huwelijksakten niet is nagekomen. Was de SVB bevoegd te weigeren om de behandeling van het bezwaar aan te houden in afwachting van de bevindingen van het ministerie van Buitenlandse Zaken?

LJN AE1676 - Heeft de rechtbank terecht de weigering om voorschotten te verlenen in stand gelaten? Het beleid van de SVB dienaangaande is dat een voorschot op de kinderbijslag kan worden verleend mits er geen aanleiding bestaat tot twijfel aan het recht op uitkering.

LJN AE1900 - Weigering kinderbijslag op de grond dat de drie in Irak verblijvende kinderen van betrokkene gedurende de kwartalen in geding niet tot zijn huishouden behoorden en hij niet op de daarvoor vereiste wijze heeft aangetoond zijn kinderen ten minste in belangrijke mate te hebben onderhouden. Kon en mocht de strengere uitvoeringspraktijk in het onderhavige geval wel reeds gedurende de in geschil zijnde kwartalen worden gevolgd?

LJN AE3413 - Niet-ontvankelijkverklaring van het beroep in eerste aanleg wegens het ontbreken van enig belang van betrokkene bij een inhoudelijk oordeel over het bestreden besluit, nu geheel is tegemoet gekomen aan het beroep. De SVB is ten onrechte in de proceskosten van betrokkene veroordeeld.

LJN AE3422 - Niet-ontvankelijkverklaring van het bezwaar omdat de betreffende brief, waarbij het verzoek van betrokkene om het bedrag aan kinderbijslag dat op de bankrekening van zijn broer in Marokko is gestort alsnog op betrokkenes bankrekening te storten, is afgewezen, geen besluit zou zijn in de zin van artikel 1:3, eerste lid, van de Awb. Heeft de brief het karakter van een besluit?

LJN AE3448 - Weigering kinderbijslag op de grond dat betrokkene niet de voor het vaststellen van het recht op kinderbijslag voor zijn in Marokko verblijvende zoon benodigde gegevens heeft verstrekt en het derhalve onmogelijk is zijn rechten vast te stellen. Is voldoende gebleken dat betrokkene ter zake van niet-ontvangen stukken een rappel heeft ontvangen?

LJN AE3703 - Weigering kinderbijslag over de periode in geding omdat betrokkene gedurende deze periode niet verzekerd was ingevolge de AKW. Voorts heeft de SVB onder meer overwogen dat betrokkene niet meer in Nederland woonde, geen arbeid in dienstbetrekking in Nederland verrichtte en evenmin verzekerd was gebleven op grond van het Besluit uitbreiding en beperking kring verzekerden volksverzekeringen 1989 of op grond van Gemeenschapsrecht.

LJN AE4072 - Weigering kinderbijslag op de grond dat naar aanleiding van het ontbreken van een gelegaliseerde geboorteakte van het in Ghana verblijvende kind niet kan worden vastgesteld of het kind een eigen kind van betrokkene is en dat er om die reden over de betreffende periode geen recht op kinderbijslag bestaat. Subsidiair heeft de SVB gesteld dat betrokkene over de kwartalen in geding niet heeft aangetoond dat hij zijn kind in belangrijke mate heeft onderhouden. Het beleid van de SVB blijft binnen de grenzen van een redelijke beleidsbepaling.

LJN AE4102 - Weigering kinderbijslag over de perioden in geding op de grond dat de gevraagde attestaties da vita niet zijn ontvangen, zodat de kinderen niet recent zijn geverifieerd, dat de schoolverklaringen ontbreken dan wel onvolledig ingevuld zijn geretourneerd, waardoor niet kan worden vastgesteld of de drie oudste kinderen als onderwijs volgend waren aan te merken, en dat betrokkene niet heeft aangetoond zijn zeven in Marokko verblijvende kinderen in belangrijke mate te hebben onderhouden.

LJN AE4590 - Is het beroep in eerste aanleg terecht niet-ontvankelijk verklaard wegens niet-verschoonbare overschrijding van de beroepstermijn? Doorzending van het beroepschrift naar de bevoegde rechtbank. Samenwerkingsverband tussen Rechtbank Amsterdam en Rechtbank Alkmaar.

LJN AE4593 - Weigering tweevoudige kinderbijslag en terugvordering van te veel betaalde kinderbijslag op de grond dat de betreffende kinderen behoorden tot het huishouden van betrokkene en zijn tweede echtgenote in Marokko, zodat zij vanaf dat moment niet langer uitwonend waren. Verder is vastgesteld dat de bij de eerste echtgenote verblijvende kinderen vanaf het tweede kwartaal van 1996 niet langer meetellen voor de gezinsgrootte van betrokkene, omdat hij geen huishouden meer met haar vormt, hetgeen tot gevolg heeft dat voor de betreffende kinderen vanaf dat kwartaal recht bestaat op een lager bedrag aan kinderbijslag.

LJN AE4673 - Weigering kinderbijslag over de kwartalen in geding voor vijf in Marokko verblijvende kinderen op de grond dat betrokkene niet aantoonbaar voldoende heeft bijgedragen in het onderhoud van deze uitwonende kinderen en bovendien niet heeft aangetoond dat de overgemaakte bedragen ten behoeve van het onderhoud terecht zijn gekomen bij de verzorg(st)er van de kinderen.

LJN AE4676 - Weigering en terugvordering van de kinderbijslag op de grond dat betrokkene in verband met haar werkzaamheden in Duitsland, die in een aangesloten periode van langer dan drie maanden beslaan, niet meer verzekerd is ingevolge de AKW. In Duitsland is betrokkenes verzoek om Kindergeld afgewezen. Met toepassing van artikel 25 van het Besluit uitbreiding en beperking kring verzekerden volksverzekeringen 1989 kan nog een regeling voor betrokkene worden getroffen.

LJN AE6160 - Weigering kinderbijslag op de grond dat betrokkene niet (langer) als verzekerd ingevolge de AKW kan worden aangemerkt omdat hij niet rechtmatig in Nederland verblijf houdt. Koppelingwet. Is er sprake van onderscheid naar nationaliteit?

LJN AE6161 - Weigering kinderbijslag op de grond dat betrokkene niet (langer) als verzekerd ingevolge de AKW kan worden aangemerkt omdat hij niet rechtmatig in Nederland verblijf houdt. Koppelingwet. Is er sprake van onderscheid naar nationaliteit?

LJN AE6162 - Weigering en terugvordering van de kinderbijslag op de grond dat betrokkene niet (langer) als verzekerd ingevolge de AKW kan worden aangemerkt omdat hij niet rechtmatig in Nederland verblijf houdt. Koppelingwet. Is er sprake van onderscheid naar nationaliteit?

LJN AE6850 - Weigering kinderbijslag over het kwartaal in geding op de grond dat betrokkenes zoon niet voldoet aan het bepaalde in artikel 7, tweede lid, van de AKW, met name niet aan de eis dat hij onderwijs in de zin van genoemde bepaling volgt. Het programma is niet gericht op het behalen van een diploma noch dient het als noodzakelijke voorbereiding op MBO-onderwijs. Het gevolgde programma beoogt slechts om leemtes in de kennis van de zoon weg te nemen teneinde de overstap naar de beroepsopleiding te vergemakkelijken.

LJN AE7232 - Weigering kinderbijslag op de grond dat betrokkene niet (langer) als verzekerd ingevolge de AKW kan worden aangemerkt omdat hij niet rechtmatig in Nederland verblijf houdt. Koppelingwet. Is er sprake van onderscheid naar nationaliteit?

LJN AE7536 - Weigering kinderbijslag met ingang van het kwartaal in geding op de grond dat de drie in Egypte verblijvende kinderen niet kunnen worden aangemerkt als eigen kinderen van betrokkene, omdat ten tijde van hun geboorte geen wettig huwelijk bestond tussen hem en de moeder. Van aangehuwde kinderen kan geen sprake zijn omdat in het tijdvak waarover het huwelijk heeft bestaan geen peildatum valt van een kwartaal waarover betrokkene aanspraak op kinderbijslag zou kunnen maken. Tenslotte kunnen de kinderen niet als pleegkinderen van betrokkene worden aangemerkt, aangezien zij ten tijde in geding in Egypte verbleven en betrokkene in Nederland, zodat van een daadwerkelijke rol in de opvoeding van betrokkene geen sprake kan zijn.

LJN AE7665 - Weigering kinderbijslag over de periode in geding op de grond dat de in Irak wonende kinderen ten tijde hier van belang niet geacht kunnen worden tot het huishouden van betrokkene te behoren en dat betrokkene niet op eenvoudig te controleren wijze heeft aangetoond dat hij zijn kinderen in belangrijke mate heeft onderhouden. Al vóór de vestiging in Nederland is een breuk in betrokkenes huishouden ontstaan.

LJN AE7667 - Niet-ontvankelijkverklaring van het beroep in eerste aanleg op de grond dat er geen sprake is van een (appellabel) besluit in de zin van artikel 1:3, eerste lid, van de Awb. De rechtbank heeft daartoe onder meer overwogen dat niet gebleken is van een aanvraag voor kinderbijslag en dat de SVB slechts een beslissing heeft willen geven over het accepteren van bepaalde documenten als bewijsstuk.

LJN AE8655 - Weigering tweevoudige kinderbijslag op de grond dat de onderhoudsbijdrage voor het in Portugal schoolgaande kind van 18+ minder heeft bedragen dan de toen vereiste bijdrage voor tweevoudige kinderbijslag van ten minste €878,06 per kwartaal. Heeft de rechtbank op goede gronden het bestreden besluit vernietigd? AE8685 - Oplegging van een boete van f 300,- op de grond dat betrokkene de inkomsten van haar dochter niet tijdig, dat wil zeggen binnen vier weken, heeft gemeld. Heeft de rechtbank terecht geoordeeld dat er geen bevoegdheid tot boeteoplegging bestaat omdat het boetewaardige gedrag zich heeft voorgedaan vóór de inwerkingtreding van de regels inzake boeteoplegging ingevolge de AKW op 1 augustus 1996?

LJN AE8946 - Weigering kinderbijslag over de kwartalen in geding voor de drie in Marokko verblijvende kinderen van betrokkene op de grond dat niet ondubbelzinnig is gebleken dat sprake is van het vormen van een huishouden en dat betrokkene niet heeft aangetoond dat hij zijn drie kinderen in de in geding zijnde kwartalen in belangrijke mate heeft onderhouden. Vormde betrokkene, die in Nederland een huishouden heeft met zijn tweede vrouw, in de periode in geding tevens een huishouden met zijn eerste vrouw?

LJN AE9271 - Weigering kinderbijslag over de periode in geding op de grond dat betrokkene niet (langer) als verzekerd ingevolge de AKW kan worden aangemerkt omdat hij niet rechtmatig in Nederland verblijf houdt. Dat betrokkene op grond van de witte-illegalenregeling een vergunning tot verblijf is verleend, kan niet tot een ander oordeel leiden. Koppelingwet. Is er sprake van onderscheid naar nationaliteit?

LJN AE9735 - Terechte niet-ontvankelijkverklaring van het beroep in eerste aanleg wegens niet-verschoonbare overschrijding van de beroepstermijn. De rechtbank houdt het ervoor dat betrokkene op de enveloppe met daarin het beroepschrift het adres van de SVB heeft vermeld in plaats van het adres van de rechtbank.

LJN AE9854 - Is de ingangsdatum van de verleende vrijstelling van de verzekeringsplicht voor de volksverzekeringen juist vastgesteld? Omdat de ongegrondverklaring van het bezwaar niet voldoet aan het kennelijkheidsvereiste, was de SVB niet bevoegd om af te zien van het horen. Voorts is op geen enkele wijze onderzocht of er wellicht sprake was van omstandigheden welke in het beleid van de SVB relevant zijn voor het aannemen van een onbillijkheid van overwegende aard ter zake van toekenning van kinderbijslag met terugwerkende kracht. Betrokkene kan zich niet beroepen op onbekendheid met het toepasselijk recht.

LJN AF0647 - Niet-gerechtvaardige beperking van de kennisneming van onder meer rapporten van in Pakistan uitgevoerde onderzoeken. De SVB heeft onvoldoende aannemelijk gemaakt dat, gelet op de maatschappelijke situatie in Pakistan, de mogelijkheid van gevaar voor de bij het onderzoek betrokken personen in concreto aanwezig is.

LJN AF0897 - Niet-gerechtvaardige beperking van de kennisneming van onder meer rapporten van in Pakistan uitgevoerde onderzoeken. De SVB heeft onvoldoende aannemelijk gemaakt dat, gelet op de maatschappelijke situatie in Pakistan, de mogelijkheid van gevaar voor de bij het onderzoek betrokken personen in concreto aanwezig is.

LJN AF0899 - Weigering kinderbijslag op de grond dat betrokkene ingaande de datum in geding niet langer als verzekerde ingevolge de AKW wordt aangemerkt. Heeft de rechtbank, na vernietiging van het bestreden besluit, terecht geen renteschadevergoeding en proceskostenveroordeling uitgesproken? Is er sprake van door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand?

LJN AF1655 - Niet-ontvankelijkverklaring van het beroep in eerste aanleg wegens niet-verschoonbare overschrijding van de beroepstermijn. Diende de SVB het bestreden bestreden besluit op grond van artikel 2:6, tweede lid, van de Awb behalve in de Nederlandse taal ook in de Franse te laten uitgaan? Is de beroepstermijn eerst aangevangen nadat de SVB betrokkene op diens verzoek de Franse vertaling van het bestreden besluit had doen toekomen?

LJN AF1658 - Weigering en terugvordering van de kinderbijslag op de grond dat betrokkene informatie heeft verzwegen dan wel onjuiste informatie heeft verstrekt. Had het betrokkene redelijkerwijs duidelijk moeten zijn dat zij geen aanspraak had op kinderbijslag voor de pleegkinderen indien zij zelf geen enkele bijdrage leverde in hun kosten? Is bevoegdelijk afgezien van het horen? Er is geen strijd met de zesmaandenjurisprudentie nu in redelijkheid niet kan worden gezegd dat de SVB vóór 12 juni 1996 had kunnen of moeten begrijpen dat ten onrechte kinderbijslag werd verleend.

LJN AF1661 - Weigering kinderbijslag met ingang van het kwartaal in geding op de grond dat de overgelegde geboorteakten inhoudelijk als onjuist dienen te worden beschouwd, waardoor de drie in Ghana verblijvende kinderen niet zijn aan te merken als de eigen kinderen van betrokkene in de zin van de AKW. Heeft de SVB de onvolledigheid dan wel onjuistheid van de door betrokkene ingebrachte gegevens voldoende aannemelijk weten te maken?

LJN AF1663 - Intrekking en terugvordering van de kinderbijslag over de periode in geding op de grond dat betrokkene onjuiste of geen inlichtingen heeft verstrekt. Boeteoplegging. De verzwegen werkzaamheden die betrokkene in Marokko heeft verricht in een politieke functie dienen te worden aangemerkt als het verrichten van arbeid als bedoeld in artikel 8, derde lid, onderdeel d, van het Besluit uitbreiding en beperking kring verzekerden volksverzekeringen 1989, waardoor betrokkene niet verzekerd was ingevolge de AKW.

LJN AF2022 - Niet-ontvankelijkverklaring van het hoger beroep wegens niet-verschoonbare niet-tijdige betaling van het griffierecht. Door betrokkene gestelde betalingsonmacht. In de acht weken verleend uitstel van betaling van het griffierecht heeft betrokkene de gevraagde verklaring omtrent inkomen en vermogen alsmede een eventuele beslissing op een aanvraag voor bijzondere bijstand niet overgelegd.

LJN AF2210 - Weigering en terugvordering van de kinderbijslag op de grond dat betrokkene niet heeft aangetoond haar zoon gedurende de kwartalen in geding in belangrijke mate te hebben onderhouden. Boeteoplegging omdat betrokkene niet heeft voldaan aan de verplichting de wijziging in de gezinssituatie tijdig te melden.

LJN AF2220 - Weigering tweevoudige kinderbijslag met ingang van het kwartaal in geding op de grond dat aannemelijk is geworden dat de in Turkije verblijvende kinderen gedurende 36 onderwijsweken 33 lesuren per week hebben gevolgd, hetgeen betekent dat gemiddeld minder dan 213 klokuren per kwartaal onderwijs is gevolgd, zodat de kinderen niet als onderwijsvolgend in de zin van de AKW aangemerkt kunnen worden. Schending van het zorgvuldigheidsbeginsel.

LJN AF2354 - Weigering en terugvordering van de kinderbijslag op de grond dat uit onderzoek is gebleken dat het Collège Ennajah niet bestaat zodat twee van de in Marokko verblijvende kinderen niet als onderwijsvolgend kunnen worden aangemerkt. Weigering kinderbijslag voor het derde kind omdat dit 18 jaar is en van studie heeft gewisseld. Overgangsregeling voor kinderen geboren vóór 1 oktober 1986. Is door toedoen van betrokkene onverschuldigd kinderbijslag betaald?

LJN AF2972 - Weigering en terugvordering van tweevoudige kinderbijslag op de grond dat betrokkene niet op eenvoudig te controleren wijze heeft aangetoond zijn zoon grotendeels te hebben onderhouden. Schending van het zorgvuldighheidsbeginsel. Gegrondverklaring van het beroep in eerste aanleg tegen het niet tijdig nemen van een besluit op bezwaar.

LJN AF3114 - Weigering kinderbijslag over de periode in geding op de grond dat betrokkene niet heeft kunnen aantonen aan de minimale onderhoudsbijdrage voor zijn vijf in Marokko verblijvende kinderen te hebben voldaan. De betalingen via cheques, vergezeld van een verklaring van de betreffende bankinstelling waaruit blijkt dat de cheques zijn geïnd door de verzorger van de kinderen, voldoen in beginsel aan de eisen van eenvoudige controleerbaarheid.

LJN AF3444 - Weigering kinderbijslag met ingang van het kwartaal in geding op de grond dat door betrokkene niet wordt voldaan aan de opvoedingseis gesteld in artikel 7, elfde lid, van de AKW. Het kind bevindt zich nog in de invloedssfeer van zijn moeder. Van een exclusieve opvoedingsrelatie tussen betrokkene en zijn kind is dan ook geen sprake. Er is niet voldaan aan de duurzaamheids- en bestendigheidseis, zodat het kind reeds op die grond gedurende de in dit geding aan de orde zijnde periode niet kan worden aangemerkt als een pleegkind van betrokkene als bedoeld in de AKW.

LJN AF3446 - Weigering kinderbijslag op de grond dat betrokkene zijn twee in Portugal verblijvende kinderen gedurende de periode in geding niet aantoonbaar in belangrijke mate heeft onderhouden. Toetsing aan EG-verordening 1408/71. Toepasselijkheid van het Besluit onderhoudsvoorwaarden kinderbijslag.

LJN AF4644 - Weigering en terugvordering van de kinderbijslag over de kwartalen in geding op de grond dat de inkomsten van het studerende kind een zodanige omvang hebben gehad dat betrokkene gedurende deze kwartalen niet kan worden geacht te hebben voldaan aan de onderhoudseis die geldt voor tweevoudige kinderbijslag. Oplegging van een boete van f 600,- wegens schending van de inlichtingenverplichting. Zijn de inkomsten juist vastgesteld?

LJN AF4647 - Weigering kinderbijslag over kwartalen gelegen vóór het derde kwartaal van 1998 omdat op grond van artikel 14, derde lid, van de AKW, zoals dat artikel luidde tot 29 december 1995, het recht op kinderbijslag niet kan worden vastgesteld over tijdvakken gelegen drie jaar voorafgaand aan de eerste dag van het kalenderkwartaal tijdens welke de aanvraag om kinderbijslag werd ingediend. Is terecht aangenomen dat er geen sprake is van een bijzonder geval waarin afgeweken kan worden van de hiervoor genoemde termijn van drie jaar, omdat betrokkene zijn aanspraken op kinderbijslag veilig had kunnen stellen door bij aanvang van de procedure over zijn aanspraak op AAW/WAO-uitkering een aanvraag om kinderbijslag te doen?

LJN AF4650 - Weigering kinderbijslag over de kwartalen in geding omdat op grond van artikel 14, derde lid, van de AKW, zoals dat artikel luidde tot 29 december 1995, het recht op kinderbijslag niet kan worden vastgesteld over tijdvakken gelegen drie jaar voorafgaand aan de eerste dag van het kalenderkwartaal tijdens welke de aanvraag om kinderbijslag werd ingediend. Is terecht aangenomen dat er geen sprake is van een bijzonder geval waarin afgeweken kan worden van de hiervoor genoemde termijn van drie jaar, omdat betrokkene zijn aanspraken op kinderbijslag veilig had kunnen stellen door bij aanvang van de procedure over zijn aanspraak op AAW/WAO-uitkering een aanvraag om kinderbijslag te doen? Gelet op de nieuwe feiten en/of omstandigheden is ten onrechte niet teruggekomen van eerder genomen, rechtens onaantastbaar geworden besluiten.

LJN AF4652 - Weigering kinderbijslag met ingang van het kwartaal in geding op de grond dat betrokkene niet heeft kunnen aantonen dat hij zijn vijf in Iraaks Koerdistan verblijvende kinderen in belangrijke mate op zijn kosten heeft onderhouden. Heeft betrokkene de betalingen van de onderhoudsbijdragen voldoende aannemelijk kunnen maken?

LJN AF4654 - Is terecht beslist dat een bedrag aan onverschuldigd betaalde kinderbijslag met toepassing van artikel 24 van de AKW van betrokkene wordt ingevorderd door middel van (gedeeltelijke) verrekening met de haar ingaande het eerste kwartaal van 1999 toekomende kinderbijslagbetalingen?

LJN AF6067 - Weigering kinderbijslag op de grond dat betrokkene niet in belangrijke mate heeft bijgedragen in de kosten van het onderhoud van zijn vier in Marokko verblijvende kinderen. Omvang van het geding. Koppelingswet. Kan betrokkene worden aangemerkt als ingezetene in de zin van artikel 2 van de AKW? Heeft de rechtbank terecht de rechtsgevolgen van het vernietigde besluit in stand gelaten?

LJN AF6405 - Niet-gerechtvaardigde beperking van de kennisneming van ingezonden gedingstukken betreffende in Pakistan uitgevoerde onderzoeken. Dat gevaar voor de bij de onderzoeken betrokken personen in concreto aanwezig is, is door de SVB onvoldoende aannemelijk gemaakt. Dit betekent dat geoordeeld moet worden dat er geen belang bestaat bij bescherming van de bij het onderzoek betrokken personen.

LJN AF8672 - Weigering kinderbijslag over de periode in geding op de grond dat, ondanks in Marokko verricht onderzoek, niet kan worden vastgesteld dat het kind daadwerkelijk onderwijsvolgend is geweest, zoals ingevolge artikel 26, eerste lid, onderdeel a (oud), van de AKW voor het recht op kinderbijslag is vereist. Is de door betrokkene en de directeur van de Marokkaanse onderwijsinstelling verstrekte informatie onjuist?

LJN AF8719 - Weigering en terugvordering van de kinderbijslag over de periode in geding op de grond dat de twee kinderen geen eigen kinderen van betrokkene zijn, maar van familieleden van hem. Niet-gerechtvaardigde beperking van de kennisneming van een deel van de rapportage van de Pakistaanse vertrouwensadvocaat en de daarbij behorende bijlagen. Instandlating van de rechtsgevolgen van het bestreden besluit.

LJN AF9478 - Weigering kinderbijslag over de kwartalen in geding op de grond dat betrokkene niet heeft aangetoond zijn zeven in Marokko verblijvende kinderen gedurende die kwartalen in belangrijke mate te hebben onderhouden. Voert betrokkene ondubbelzinnig een huishouden met zijn gezin in Marokko?

LJN AF9730 - Weigering en terugvordering van de kinderbijslag over de kwartalen in geding op de grond dat het in Marokko verblijvende kind vanaf het vierde kwartaal van 1997 niet langer hetzelfde onderwijs volgde als op 1 oktober 1995. Is het rechtszekerheidsbeginsel geschonden omdat betrokkene niet kon onderkennen dat het recht op kinderbijslag niet tijdig is herzien? De aangevallen uitspraak is gedaan door een onbevoegde rechtbank.

LJN AF9873 - Weigering en terugvordering van de kinderbijslag over de kwartalen in geding op de grond dat niet valt vast te stellen of de vijf in Pakistan verblijvende kinderen eigen kinderen van betrokkene zijn in de zin van de AKW. Niet-gerechtvaardigde beperking van de kennisneming door betrokkene van bepaalde passages van het rapport van de Pakistaanse vertrouwensadvocaat, hetgeen reden is voor vernietiging van de aangevallen uitspraak en het bestreden besluit, met instandlating van de rechtsgevolgen van het bestreden besluit.

LJN AG0229 - Afwijzing van het verzoek om herziening omdat niet gebleken is van nieuwe feiten of omstandigheden als bedoeld in artikel 8:88 van de Awb. Niet gebleken is dat voorschriften van openbare orde zijn geschonden.

LJN AH9643 - Terugvordering van de kinderbijslag over de periode in geding op de grond dat de kinderen niet als eigen of aangehuwde kinderen van betrokkene kunnen worden aangemerkt, zodat geen recht op kinderbijslag bestaat. De beperkte kennisname door de rechtbank is in strijd met het beginsel van hoor en wederhoor. Doordat betrokkene in hoger beroep alsnog kennis heeft kunnen nemen van de stukken en hierop inhoudelijk heeft kunnen reageren, behoeft de zaak niet te worden teruggewezen naar de rechtbank in verband met schending van een fundamenteel beginsel van bestuursprocesrecht.

LJN AI0625 - Het recht op kinderbijslag wordt niet langer aanwezig geacht omdat niet op eenvoudige wijze te controleren is of het geld ten goede is gekomen aan het onderhoud van de niet in Nederland wonende kinderen. Heeft de SVB hierbij zijn beleid consistent en doorzichtig toegepast?

LJN AI1100 - Weigering en terugvordering van de kinderbijslag op de grond dat de geboorteaktes van de kinderen niet door de bevoegde autoriteiten zijn afgegeven, zodat deze aktes onbevoegd zijn opgemaakt. De gevolgen van onjuiste toepassing van geheimhoudingsbepalingen. De gevolgen van trage besluitvorming door het bestuursorgaan.

LJN AI1362 - Is terecht besloten het onderricht gegeven aan écoles en mosquées coranique generiek aan te wijzen als onderwijs dat niet valt aan te merken als onderwijs in de zin van de AKW?

LJN AI1364 - Is terecht tweevoudige kinderbijslag geweigerd omdat niet is aangetoond dat de kinderen zelfstandig uitwonend zijn en dat het oorzakelijk verband tussen het eventuele uitwonend zijn en het volgen van onderwijs niet aanwezig kan worden geacht?

LJN AI1365 - Was betrokkene vóór het overlijden van haar echtgenoot verzekerd voor de volksverzekeringen? Is er sprake van discriminatie naar nationaliteit als betrokkene niet als verzekerde zou worden aangemerkt?

LJN AJ6877 - Betrokkene heeft berust in de weigering van de ambassade hem een visum voor Nederland te verstrekken. Hierdoor heeft betrokkene niet op de zitting kunnen verschijnen. Is dit in strijd met artikel 6 van het EVRM?

LJN AK3435 - Kan worden aangenomen dat betrokkene over de in geding zijnde periode nog een huishouden vormde met de kinderen? Kan de betaalde onderhoudsbijdrage toegerekend worden aan één kind in plaats van aan alle kinderen waarvoor aanspraak op kinderbijslag kan bestaan?

LJN AK3444 - Levert de rapportage van de vertrouwensadvocaat, die in tegenstelling tot eerdere procedures in hoger beroep wel aan betrokkene ter beschikking is gesteld, een voldoende consistent beeld op om de reeds toegekende kinderbijslag in te trekken en terug te vorderen?

LJN AL6964 - Kan de weigering om kinderbijslag te verlenen in rechte stand houden op de grond dat de kinderen van betrokkene in de periode in geding niet tot zijn huishouden behoorden?

LJN AL6984 - Is ten onrechte geweigerd kinderbijslag toe te kennen onder de overweging dat de kinderen op de peildatum niet tot het gezin behoorden?

LJN AL6995 - Weigering kinderbijslag omdat niet tijdig aanvraag tot gezinshereniging is gedaan. Is voldaan aan de normen voor de onderhoudsbijdrage op een wijze die ook verifieerbaar is?

LJN AM5327 - Is terecht geweigerd kinderbijslag toe te kennen onder meer omdat betrokkene niet heeft aangetoond de kinderen in belangrijke mate te hebben onderhouden?

LJN AM5383 - Weigering kinderbijslag. Is het gekozen traject van de betalingen (de onderhoudsverplichting) ten behoeve van de kinderen, die niet in Nederland verblijven, aannemelijk gemaakt?

LJN AN7323 - Is terecht besloten dat betrokkene voor zijn zoon geen recht heeft op tweevoudige kinderbijslag voor kwartalen gelegen vóór de datum in geding?

LJN AN8561 - Is terecht geweigerd kinderbijslag toe te kennen op de grond dat betrokkene geen huishouden meer vormde met zijn echtgenote en hun kinderen en hij voorts niet heeft voldaan aan de gestelde onderhoudseis?

LJN AN8990 - Aanspraak op kinderbijslag in geval van pleegouder-pleegkindrelatie.

LJN AN8997 - Is er sprake van zodanige juridische, economische en sociale binding dat vastgesteld kan worden dat het middelpunt van het maatschappelijk leven in Nederland is komen te liggen?

LJN AN9041 - Aanspraak op kinderbijslag in geval van pleegouder-pleegkindrelatie.

LJN AN9045 - Is er sprake van een nauwe en exclusieve relatie tussen betrokkene en de drie pleegkinderen?

LJN AN9047 - Is er sprake van een nauwe en exclusieve relatie tussen betrokkene en het pleegkind?

LJN AN9374 - Weigering van de kinderbijslag op de grond dat de kinderen uitwonend zijn en dat betrokkene niet heeft aangetoond in belangrijke mate te hebben bijgedragen in hun levensonderhoud. Invordering van onverschuldigd betaalde kinderbijslag en de boete; belang bij separate beoordeling van het oorspronkelijk besluit.

LJN AO0627 - Weigering kinderbijslag op de grond dat betrokkene over de kwartalen in geding niet verzekerd was voor de AKW. Is een herzieningsprocedure met betrekking tot een aanvraag om verblijfsvergunning gelijk te stellen met het in afwachting zijn van de beslissing op een aanvraag om toelating?

LJN AO2867 - Regeling ter voorkoming van dubbele uitbetaling van kinderbeslag in geval van dienstverband bij een volkenrechtelijke organisatie.

LJN AO2884 - Weigering kinderbijslag op de grond dat de identiteit en zelfs het bestaan van het kind niet is komen vast te staan. Verificatie van gegevens van in Turkije verblijvende kinderen.

LJN AO2909 - Weigering kinderbijslag op de grond dat betrokkenen met ingang van de datum in geding op grond van artikel 26, zesde lid, van het Besluit uitbreiding en beperking kring verzekerden volksverzekeringen 1999 (KB 746) niet langer verzekerd zijn voor de AKW. De kinderen wonen buiten de EU. De verhouding van KB 746 met internationale regelingen.

LJN AO4059 - Onderzoek naar het aantal kinderen waarvoor kinderbijslag wordt betaald via het Turkse verbindingsorgaan SSK. De uitkomsten van het in Turkije verrichte onderzoek voldoen niet aan de te hanteren maatstaf.

LJN AO4175 - Kan onderwijs aan het het Institut des Sciences Islamiques Avicenne te België worden aangemerkt als onderwijs in de zin van de AKW?

LJN AO4438 - Waardering van de gegevens van de Caisse Nationale de Sécurité Sociale (CNSS) te Marokko met betrekking tot het bestaan van kinderen in AKW-aangelegenheden.

LJN AO5164 - Proceskostenveroordeling. In het kader van herziening van de toekenning en de terugvordering van te veel betaalde kinderbijslag is vergoeding mogelijk van de kosten voor een DNA-onderzoek.

LJN AO5302 - Weigering kinderbijslag op de grond dat onduidelijkheid bestaat over de afstamming en de verdere omstandigheden waarin de acht kinderen, waarvoor aanspraak wordt gemaakt op kinderbijslag, in Pakistan verkeren.

LJN AO5314 - Is terecht het recht op kinderbijslag over de periode in geding ontzegd omdat betrokkene niet meer als ingezetene kon worden beschouwd?

LJN AO5387 - Weigering en terugvordering van kinderbijslag op de grond dat de kinderen niet kunnen worden aangemerkt als eigen, aangehuwde of pleegkinderen in de zin van de AKW. Is de beperkte kennisneming van de rapportage van de vertrouwensadvocaat rechtvaardig en is ten onrechte geen betekenis toegekend aan de naamswijziging van betrokkene?

LJN AO5390 - Intrekking en terugvordering van de kinderbijslag. Beperking van de kennisneming van het ambtsbericht van de Nederlandse ambassade. Schending van een fundamenteel rechtsbeginsel van bestuurs(proces)recht. Er is geen sprake van zorgvuldig onderzoek.

LJN AO5501 - Het verzet is ongegrond omdat het griffierecht voor het hoger beroep niet-verschoonbaar niet tijdig is betaald.

LJN AO6213 - Herziening en terugvordering van de kinderbijslag op de grond dat de kinderen met ingang van de datum in geding samen met hun natuurlijke ouders een huishouden vormen en op die grond niet kunnen worden aangemerkt als pleegkinderen van betrokkene. Opvoedingseis. Verblijf in het buitenland bij de natuurlijke ouders.

LJN AO6215 - Weigering kinderbijslag omdat de kinderen niet tot betrokkenes huishouden behoorden en betrokkene niet heeft aangetoond voldoende in het onderhoud te hebben bijgedragen.

LJN AO6229 - Weigering kinderbijslag omdat betrokkene gedurende de kwartalen in geding niet verzekerd was op grond van artikel 6 van de AKW. Komt de Koppelingswet in strijd met ILO-Verdrag 118?

LJN AO6483 - Weigering kinderbijslag op de grond dat betrokkene op de betreffende peildata niet als ingezetene van Nederland kan worden aangemerkt en dat zij derhalve niet verzekerd is ingevolge de AKW, terwijl zij ook niet verzekerd is op grond van het bepaalde in artikel 6, eerste lid, onderdeel b, van de AKW. Er is geen sprake van economische binding in samenhang met de aanwezige juridische en sociale binding.

LJN AO6569 - Weigering kinderbijslag voor de jongste zoon, die naar Nederland is gekomen voor een medische behandeling. Er is geen sprake van sociale, economische en juridische binding met Nederland.

LJN AO6593 - Niet-ontvankelijkverklaring van het bezwaar wegens niet-verschoonbare overschrijding van de bezwaartermijn. Bekendmaking van het besluit door telefonische mededeling. Het bestreden besluit is niet aangetekend verzonden, zodat het risico van deze handelwijze in beginsel voor rekening komt van de SVB.

LJN AO6595 - Weigering kinderbijslag op de grond dat betrokkene niet heeft aangetoond dat hij per kwartaal minimaal f 778,- in het onderhoud van zijn dochter heeft bijgedragen. Is voldaan aan het onderhouden van een voortdurende band met het gezin en het verlenen van aantoonbare financiële ondersteuning aan het gezin?

LJN AO6603 - Weigering tweevoudige kinderbijslag omdat de kinderen in verband met het volgen van onderwijs niet tot het huishouden van betrokkene behoorden.

LJN AO7391 - Weigering kinderbijslag omdat betrokkene niet als ingezetene kan worden aangemerkt en derhalve niet verzekerd is voor de AKW.

LJN AO7424 - Ontzegging en terugvordering van de kinderbijslag omdat de kinderen de leeftijd van 18 onderscheidenlijk 25 jaar hebben bereikt. Schending van de inlichtingenverplichting.

LJN AO7556 - Weigering kinderbijslag. Heeft betrokkene haar uitwonende zoon in de periode in geding in belangrijke mate onderhouden?

LJN AO8164 - Weigering kinderbijslag omdat de kinderen geen eigen, aangehuwde of pleegkinderen van betrokkene zijn. Terugvordering van ten onrechte betaalde kinderbijslag.

LJN AO9104 - Het verzet is ongegrond omdat het hogerberoepschrift niet-verschoonbaar niet tijdig is ingediend. Betrokkene moet bekend worden geacht met de postverwerking door de Marokkaanse officiële postdienst en het was hem bekend dat de postverwerking ruim één week in beslag kon nemen.

LJN AO9105 - Is terecht over het tweede kwartaal van 2000 kinderbijslag geweigerd onder de overweging dat betrokkene op de peildatum van 1 april 2000 op grond van zijn verblijfsstatus niet verzekerd was ingevolge de AKW?

LJN AP0552 - Weigering kinderbijslag omdat het kind niet als pleegkind in de zin van de AKW kan worden aangemerkt. Exclusiviteitsvereiste: wel de feitelijke (materiële) verzorging, maar niet de opvoeding in de plaats van de moeder.

LJN AP0555 - Weigering kinderbijslag op de grond dat betrokkene niet als verzekerde in de zin van de AKW kan worden aangemerkt. Opbouw van de verzekeringspositie op grond van de AKW. Ingezetene. Had betrokkene voldoende binding met Nederland om als ingezetene te worden beschouwd?

LJN AP1559 - Niet-ontvankelijkverklaring van het bezwaar wegens overschrijding van de bezwaartermijn. Niet met zekerheid is vast te stellen op welke datum de bezwaartermijn is aangevangen en zulks mag niet ten nadele van betrokkene uitwerken.

LJN AP1764 - Het verzet is ongegrond omdat het griffierecht niet-verschoonbaar niet tijdig is betaald.

LJN AP1767 - Het verzet is ongegrond omdat het griffierecht niet-verschoonbaar niet tijdig is betaald.

LJN AP4595 - Herziening, intrekking en terugvordering van de kinderbijslag op de grond dat betrokkene haar dochter gedurende de periode in geding niet in belangrijke mate heeft onderhouden. Omvang van het geding. De gemaakte kosten overschrijden niet elk kwartaal het vereiste minimumbedrag.

LJN AP4739 - Is terecht de kinderbijslag geweigerd omdat de betreffende kinderen niet tot het huishouden van betrokkene behoren en niet is voldaan aan de onderhoudsbijdrage van ten minste f 791,- per kind per kwartaal?

LJN AP8505 - Het verzet is niet-ontvankelijk omdat het verzetschrift niet-verschoonbaar niet tijdig is ingediend.

LJN AQ0340 - Niet-ontvankelijkverklaring van het bezwaar wegens niet-verschoonbare overschrijding van de bezwaartermijn. Betrokkene was bekend met het bestreden besluit omdat zij daarover telefonisch contact had opgenomen met de SVB.

LJN AQ1087 - Is de weigering van kinderbijslag gerechtvaardigd op de grond dat er geen sprake is van aangehuwde kinderen? Uit ter plaatse ingestelde onderzoeken in Pakistan is gebleken dat er geen huwelijk heeft bestaan.

LJN AQ1177 - Weigering kinderbijslag. Het geschil concentreert zich op de vraag of het aangescherpte beleid inzake het vormen van een huishouden door een verzekerde met zijn gezinsleden in het land van herkomst aan de SVB mag worden tegengeworpen.

LJN AQ1184 - Weigering kinderbijslag. Kan het aangescherpte beleid inzake het voeren van een huishouden door een verzekerde met zijn gezinsleden in het land van herkomst aan betrokkene worden tegengeworpen?

LJN AQ1190 - Weigering kinderbijslag. Kan het aangescherpte beleid inzake het vormen van een huishouden door een verzekerde met zijn gezinsleden in het land van herkomst aan betrokkene worden tegengeworpen?

LJN AQ2379 - Weigering kinderbijslag omdat betrokkene op de datum in geding niet als ingezetene kan worden aangemerkt en derhalve niet is verzekerd voor de AKW.

LJN AQ5143 - Weigering kinderbijslag op de grond dat betrokkene niet rechtmatig in Nederland verblijft in de zin van artikel 1b, aanhef en onder 1º, van de Vw en hij evenmin ingevolge het bepaalde in het Besluit uitbreiding en beperking kring verzekerden volksverzekeringen 1999 als verzekerde in de zin van de AKW kan worden beschouwd. Toepassing van de Koppelingswet.

LJN AQ5147 - Niet-ontvankelijkverklaring van het bezwaar op de grond dat de betreffende brief geen rechtsgevolg in het leven roept, maar uitsluitend is gericht op het verschaffen van informatie, zodat geen sprake is van een besluit in de zin van artikel 1:3, eerste lid, van de Awb. Een rechtsvaststelling over de verzekeringspositie, zonder een concrete uitkeringssituatie, is een publiekrechtelijke rechtshandeling. Betrokkene heeft hierbij een wezenlijk en direct belang.

LJN AQ5150 - Er is geen sprake van een bijzonder geval: het jaren later vast komen te staan van het recht op WAO-uitkering had betrokkene er niet van behoeven te weerhouden om het verzoek om kinderbijslag op een eerder tijdstip in te dienen, teneinde zijn aanspraken veilig te stellen.

LJN AQ5152 - Weigering kinderbijslag over de periode in geding omdat betrokkene op grond van zijn verblijfsstatus niet verzekerd is voor de AKW. Verblijf in het buitenland. WAO-uitkering.

LJN AQ5170 - Weigering kinderbijslag omdat het kind de leeftijd van 18 jaar heeft bereikt. Invalide kind, dat niet in staat is om te werken of te studeren. Overgangsregeling.

LJN AQ5879 - Niet-ontvankelijkverklaring van het hoger beroep vanwege een nieuw besluit op bezwaar dat geheel tegemoet komt aan het gemaakte bezwaar. Het hoger beroep is nog wel van belang bij de beoordeling in verband met de vergoeding van de proceskosten en het griffierecht.

LJN AQ6255 - Het verzet is ongegrond omdat het griffierecht voor het hoger beroep niet-verschoonbaar niet tijdig is betaald.

LJN AQ6261 - Bestaat er recht op kinderbijslag met terugwerkende kracht nu de verblijfsvergunning voor onbepaalde tijd met teugwerkende kracht is verleend? Ingangsdatum van het recht op kinderbijslag.

LJN AQ6262 - Weigering kinderbijslag over de periode in geding omdat er gelet op het geheel van de omstandigheden onvoldoende grond is om betrokkene op de peildata als ingezetene van Nederland aan te merken, zodat zij niet als verzekerde in de zin van de AKW kan worden beschouwd.

LJN AQ6263 - Het verzet is ongegrond omdat het griffierecht voor het hoger beroep niet-verschoonbaar niet tijdig is betaald.

LJN AQ7022 - Weigering en terugvordering van de kinderbijslag op de grond dat het kind met ingang van het vierde kwartaal van 1996 niet meer dezelfde studie volgde als zij volgde op 1 oktober 1995 en dat derhalve op grond van artikel XII van de Wet van 21 december 1995, Stb. 1995, 691, met ingang van 1 oktober 1996 niet langer aanspraak op kinderbijslag bestaat. Is het met terugwerkende kracht intrekken van de eerder toegekende kinderbijslag in strijd met het vertrouwensbeginsel en het beginsel van de rechtszekerheid?

LJN AQ7061 - Is terecht tweevoudige kinderbijslag geweigerd omdat niet kan worden aangetoond dat betrokkene grotendeels heeft bijgedragen in het onderhoud van de kinderen?

LJN AQ7398 - Weigering kinderbijslag omdat de betrokken kinderen geen kinderen zijn van betrokkene maar van diverse familieleden van hem en zijn echtgenote.

LJN AQ7427 - Is terecht kinderbijslag geweigerd met ingang van het eerste kwartaal van 2000 onder de overweging dat betrokkene zijn kinderen niet in belangrijke mate onderhoudt? Toepassing van de aangescherpte nieuwe beleidsregels.

LJN AQ7438 - Weigering kinderbijslag omdat de kinderen niet tot het huishouden van betrokkene behoren en hij niet ten minste drie maanden per jaar bij zijn vrouw en kinderen in Marokko verblijft. Onderhoudseis; aangescherpt beleid.

LJN AQ7499 - Onder toepassing van de aangescherpte beleidsregels is kinderbijslag geweigerd omdat de kinderen niet tot het huishouden van betrokkene behoren en omdat hij niet ten minste drie maanden per jaar bij zijn vrouw en kinderen in Marokko verblijft. Het aantonen van de onderhoudseis.

LJN AQ7501 - Onder toepassing van aangescherpte beleidsregels is kinderbijslag geweigerd omdat de kinderen niet tot het huishouden van betrokkene behoren en hij niet ten minste drie maanden per jaar bij zijn vrouw en kinderen in Marokko verblijft. Het aantonen van de onderhoudseis.

LJN AQ7503 - Onder toepassing van de aangescherpte beleidsregels is kinderbijslag geweigerd omdat de kinderen niet tot het huishouden van betrokkene behoren en omdat hij niet ten minste drie maanden per jaar bij zijn vrouw en kinderen in Marokko verblijft. Het aantonen van de onderhoudseis.

LJN AQ7509 - Is terecht besloten dat betrokkene recht heeft op (niet meer dan) enkelvoudige kinderbijslag omdat zijn kind niet uitwonend is in verband met studie of ziekte? Het bestreden besluit is gebaseerd op de overweging dat het kind niet aan het klokurenvereiste heeft voldaan.

LJN AQ7538 - De rechtbank heeft betrokkene ten onrechte in zijn beroep ontvangen. Het beroep had wegens overschrijding van de beroepstermijn niet-ontvankelijk verklaard moeten worden.

LJN AR1407 - Weigering kinderbijslag omdat betrokkene op de peildata nog niet als ingezetene van Nederland kan worden aangemerkt.

LJN AR1426 - Verzoek om terug te komen van eerder genomen, in rechte onaantastbaar geworden besluit tot weigering kinderbijslag. Niet is gebleken van nieuwe feiten of veranderde omstandigheden.

LJN AR1490 - De rechtbank heeft het beroep ten onrechte niet-ontvankelijk verklaard onder de overweging dat er geen gronden zijn ingediend. De CRvB is van oordeel dat in het beroepschrift wel (summiere) gronden staan vermeld en wijst de zaak derhalve terug naar de rechtbank.

LJN AR2761 - Weigering kinderbijslag op de grond dat het kind niet als eigen, aangehuwd of pleegkind van betrokkene kan worden aangemerkt.

LJN AR2764 - Weigering kinderbijslag voor in Pakistan verblijvende kinderen. Toepassing van de Wet BEU. Is er sprake van strijd met IAO-Verdrag 118, het EVRM en/of het IVBPR?

LJN AR2787 - Weigering kinderbijslag voor in Egypte verblijvende kinderen. Toepassing van de Wet BEU.

LJN AR2792 - Weigering, intrekking en terugvordering van de kinderbijslag omdat de kinderen óf niet bestaan óf van anderen zijn. Onderzoek door een vertrouwensadvocaat van de SVB in Pakistan. Is er sprake van zorgvuldig onderzoek?

LJN AR3461 - Weigering kinderbijslag omdat de kinderen niet tot het huishouden van betrokkene behoren en omdat betrokkene niet ten minste drie maanden per jaar bij zijn vrouw en kinderen in Marokko verblijft en omdat hij niet heeft aangetoond de kinderen over het betreffende kwartaal in belangrijke mate te hebben onderhouden. Beleidswijziging en bekendmaking.

LJN AR4031 - Toekenning van kinderbijslag met terugwerkende kracht. De SVB dient alsnog een besluit te nemen met kenbare inachtneming van de beleidsregels inzake het terugkomen van een rechtens onaantastbaar besluit ten voordele van de belanghebbende.

LJN AR4032 - Weigering kinderbijslag op de grond dat betrokkene niet meer verzekerd is voor de AKW met ingang van de dag dat zijn kind 18 jaar is geworden.

LJN AR4048 - Intrekking van het recht op kinderbijslag op de grond dat uit in Turkije ingesteld onderzoek niet is gebleken dat de kinderen op het door betrokkene opgegeven adres hebben gewoond dan wel, op welk moment dan ook, in leven zijn geweest.

LJN AR4345 - In het onderhavige geval kan niet gezegd worden dat er sprake was van ingezetenschap in de zin van artikel 2 van de AKW.

LJN AR4413 - Weigering kinderbijslag omdat niet is voldaan aan de onderhoudseis.

LJN AR5209 - Weigering kinderbijslag op de grond dat betrokkene niet rechtmatig in Nederland verblijft en derhalve niet verzekerd is op grond van de AKW. Toepassing van de Koppelingswet.

LJN AR5237 - Weigering kinderbijslag omdat betrokkene niet in belangrijke mate in het onderhoud van zijn kinderen heeft voorzien.

LJN AR5314 - De rechtbank heeft het beroep ten onrechte niet-ontvankelijk verklaard wegens het niet betalen van het griffierecht. Betrokkene, wonende in Marokko, heeft voldoende bewijs geleverd voor de poging tot betaling van het griffierecht. Terugwijzing van het geding naar de rechtbank.

LJN AR5318 - Is terecht besloten dat betrokkene geen recht heeft op kinderbijslag vanaf het vierde kwartaal van 2001, omdat zij niet verzekerd was ingevolge de AKW? Het ontvangen van een Anw-uitkering verandert daar niets aan.

LJN AR6075 - Weigering en terugvordering van de kinderbijslag op de grond dat betrokkene in de betreffende kwartalen niet op eenvoudig te controleren wijze in belangrijke mate aan het onderhoud van haar dochter heeft bijgedragen.

LJN AR6081 - Terechte niet-ontvankelijkverklaring van het beroep in eerste aanleg omdat het griffierecht niet-verschoonbaar niet binnen de daarvoor aangegeven termijn is betaald.

LJN AR6524 - Weigering kinderbijslag op de grond dat betrokkenes dochter niet als onderwijsvolgend kan worden aangemerkt omdat de door haar gevolgde taalcursus geen onderwijs is in de zin van de AKW, dat zij niet heeft voldaan aan het klokurenvereiste, dat zij niet als werkloos kind kan worden aangemerkt nu niet is aangetoond dat zij eerder dan de datum in geding heeft getracht zich als werkzoekende in te schrijven en dat zij feitelijk niet beschikbaar is voor de arbeidsmarkt in verband met de door haar gevolgde cursus.

LJN AR6533 - Niet-ontvankelijkverklaring van het beroep in eerste aanleg wegens niet-verschoonbare overschrijding van de beroepstermijn.

LJN AR6856 - Weigering van twee kartalen kinderbijslag omdat betrokkene op de peildata niet kan worden aangemerkt als ingezetene ingevolge de AKW.

LJN AR7368 - Intrekking van de kinderbijslag met terugwerkende kracht. De veronderstelling dat de echtgenote wel weer zou terugkomen in de echtelijke woning maakt dat niet anders nu de feitelijke situatie bepalend is. De SVB is niet op de hoogte gebracht van de gewijzigde gezinssituatie. Terugvordering en boeteoplegging.

LJN AR8459 - Weigering kinderbijslag omdat het kind 18 jaar is. Soort onderwijs (in Spanje) en het recht op kinderbijslag.

LJN AR8486 - Weigering kinderbijslag op de grond dat betrokkene met ingang van de datum in geding niet minimaal f 791,- per kwartaal heeft bijgedragen in de onderhoudskosten van haar (uitwonende) kind en derhalve dit kind niet in belangrijke mate heeft onderhouden, zoals is vereist ingevolge artikel 7 van de AKW en de op die wet gebaseerde nadere regelgeving.

LJN AR8751 - De CRvB komt tot een bevestiging van de aangevallen uitspraak nu het bezwaar tegen de ingangsdatum van het recht op kinderbijslag zoals neergelegd in het besluit van 28 december 2001 afstuit op de formele rechtskracht van de besluiten van 19 februari 2001 en in zoverre het beroep terecht ongegrond is verklaard.

LJN AS2802 - Intrekking en terugvordering van de kinderbijslag op de grond dat het (uitwonende) kind niet in belangrijke mate door betrokkene is onderhouden. Dient de SVB aan te tonen dat het kind in belangrijke mate is onderhouden?

LJN AS3483 - Weigering kinderbijslag met terugwerkende kracht. Er is geen sprake van een bijzonder geval.

LJN AS3486 - Er is onvoldoende aanleiding om te twijfelen aan de juistheid van het rapport van het onderzoek in Turkije inzake het bestaan van twee kinderen. Is de SVB verplicht om mee te werken aan een DNA-onderzoek op haar kosten? Voor tegenbewijs kan in beginsel ook gebruik worden gemaakt van diverse andere bewijsmiddelen dan DNA-onderzoek.

LJN AS4885 - Opschorting en intrekking van het recht op kinderbijslag en terugvordering van onverschuldigd betaalde kinderbijslag. Twijfels bij het huwelijk van betrokkene en de identiteit van alle betrokken kinderen en de door betrokkene overgelegde documenten, welke niet overeenstemmen met de registers. Ambtsbericht van de Nederlandse ambassade in Pakistan. De beschikbare gegevens bieden onvoldoende grond voor weigering van de kinderbijslag met terugwerkende kracht.

LJN AS5266 - Het verzet is ongegrond omdat het griffierecht voor het hoger beroep niet-verschoonbaar niet tijdig is betaald.

LJN AS5615 - Recht op kinderbijslag met terugwerkende kracht. Invulling van het begrip bijzonder geval. Had betrokkene maatregelen dienen te nemen om het recht op kinderbijslag veilig te stellen door bij aanvang van de procedure over zijn aanspraak op een arbeidsongeschiktheidsuitkering een aanvraag om kinderbijslag te doen?

LJN AS8584 - Weigering kinderbijslag omdat betrokkene op de peildatum niet rechtmatig in Nederland verbleef en derhalve naar nationaal recht niet verzekerd was voor de AKW. Koppelingswet. Witte-illegalenregeling.

LJN AS8585 - Kan de weigering van kinderbijslag over de periode in geding op de grond dat betrokkene niet verzekerd was ingevolge de AKW in rechte stand houden? Weigering om terug te komen van een eerder genomen, in rechte onaantastbaar geworden besluit omdat niet is gebleken van nieuwe feiten of veranderde omstandigheden.

LJN AS8588 - Weigering kinderbijslag omdat betrokkene niet verzekerd was ingevolge de AKW en omdat hij op de peildatum nog niet beschikte over een tewerkstellingsvergunning.

LJN AS9457 - Afwijzing van het verzoek om herziening omdat er geen sprake is van nieuwe feiten of omstandigheden als bedoeld in artikel 8:88 van de Awb.

LJN AT0374 - Is terecht kinderbijslag geweigerd omdat betrokkene niet verzekerd was ingevolge de AKW?

LJN AT0988 - Terugvordering van kinderbijslag. De hoogte van de aflossing per maand.

LJN AT0992 - Aanspraak op kinderbijslag over het derde kwartaal ten behoeve van een kind dat in het daaraan voorafgaande kwartaal 16 jaar is geworden. Tussen partijen is in geschil of voor het derde kwartaal het klokurenvereiste mag worden gesteld.

LJN AT1882 - Verzet ongegrond. Opposant heeft niet aangetoond noch aannemelijk gemaakt dat hij het griffierecht daadwerkelijk heeft betaald.

LJN AT2129 - Verblijf van de kinderen in het buitenland. Onderhoudsbijdrage.

LJN AT2140 - Herziening, terugvordering en verrekening van de kinderbijslag. Niet langer volgen van dezelfde opleiding.

LJN AT3062 - De overschrijding van de termijn voor de indiening van het verzetschrift is niet verschoonbaar. Het verzet wordt niet-ontvankelijk verklaard.

LJN AT3523 - Terugvordering en wijze van invordering van te veel betaalde kinderbijslag.

LJN AT3618 - Weigering kinderbijslag omdat betrokkene niet als ingezetene kan worden aangemerkt en derhalve niet is verzekerd voor de AKW.

LJN AT3784 - Heeft betrokkene, wonende in Marokko, geen recht meer op kinderbijslag omdat hij niet meer verzekerd is voor de AKW nu zijn jongste kind inmiddels 18 jaar is geworden?

LJN AT3880 - Ingangsdatum recht op kinderbijslag. Bijzonder geval. Terugwerkende kracht.

LJN AT4112 - Weigering kinderbijslag op de grond dat betrokkene niet langer verzekerd was ingevolge de AKW, hetgeen niet strijdig is met artikel 26 IVBPR, 8 EVSZ en artikel 14 EVRM.

LJN AT4125 - Het griffierecht is niet tijdig betaald. Er is geen reden aangevoerd waardoor het te laat betalen van het griffierecht verschoonbaar is. Het verzet is ongegrond.

LJN AT4754 - Nieuwe interpretatie van het begrip “eigen kind” in de AKW.

LJN AT4912 - Verzoek om terug te komen van een onaantastbaar geworden besluit. Overlegging van de gevraagde gelegaliseerde documenten. Een ambtsbericht is onthouden in de bezwaarfase en in beroep.

LJN AT4945 - Vaststelling van de peildatum kinderbijslag. Betrokkene is niet langer arbeidsongeschikt.

LJN AT4947 - Het aantonen van de onderhoudsbijdrage voor een kind in het buitenland.

LJN AT5262 - Weigering kinderbijslag. Behoorden de kinderen tot het huishouden of waren zij uitwonend?

LJN AT5268 - Weigering om terug te komen van de toekenning van kinderbijslag met terugwerkende kracht. Is de verrekening van kinderbijslag in verband met een vordering van onverschuldigde betaalde kinderbijslag toegestaan? Het kindergeld aan de echtgenoot door het Duitse orgaan is in overeenstemming met artikel 111 van Verordening 574/72.

LJN AT5328 - Afwijzing aanvraag kinderbijslag. Is er nog sprake van een huishouden met een gezin in Marokko? Is de onderhoudsbijdrage geleverd voor de kinderen?

LJN AT5383 - Weigering kinderbijslag. Hoogte van de opgelegde boete. Onderhoudsplicht.

LJN AT6259 - Weigering kinderbijslag omdat betrokkene niet heeft aangetoond dat hij zijn kinderen in belangrijke mate heeft onderhouden. Gebruik van valse internationale postwissels.

LJN AT6268 - Ontzegging en terugvordering van kinderbijslag. Heeft betrokkene aangetoond de kinderen in belangrijke mate te onderhouden?

LJN AT6270 - Recht op kinderbijslag. Co-ouderschap.

LJN AT6758 - Is terecht geweigerd om tweevoudige kinderbijslag aan betrokkene toe te kennen op de grond dat het kind op de peildatum in verband met ziekte of gebreken niet tot het huishouden van betrokkene behoorde?

LJN AT6912 - Verzoek om proceskostenveroordeling.

LJN AT7618 - Recht op kinderbijslag. Is het kind als eigen kind aan te merken? Onderhoudsbijdragen. Niet voldaan aan de eis dat de transactie waarbij de onderhoudsbijdragen zijn geleverd voor de SVB eenvoudig controleerbaar is.

LJN AT9159 - Weigering kinderbijslag: niet onderwijsvolgend of werkloos, niet in belangrijke mate onderhoudend.

LJN AT9548 - Weigering kinderbijslag. Toepassing van de Koppelingswet.

LJN AT9819 - Terugvordering van kinderbijslag. Met de detentie is een voorlopig blijvende breuk in het huishouden van appellant ingetreden. Er zijn geen dringende redenen om af te zien van terugvordering.

LJN AT9824 - Weigering kinderbijslag. Onderhoudseis.

LJN AU1935 - Weigering kinderbijslag omdat betrokkene hiervoor niet verzekerd was. Het is onvoldoende aannemelijk geworden dat betrokkene als ingezetene van Nederland kon worden aangemerkt.

LJN AU1936 - Ontzegging van het recht op kinderbijslag omdat betrokkene op grond van zijn verblijfsstatus niet verzekerd was. Vertrouwensbeginsel.

LJN AU1944 - De SVB is nader van oordeel dat betrokkene geen recht heeft op kinderbijslag, maar dat de herziening met terugwerkende kracht en de terugvordering van de betaalde kinderbijslag niet in overeenstemming zijn met het door de SVB gevoerde beleid.

LJN AU1951 - Is het beroep, gericht tegen de schorsing van de betaling van kinderbijslag, terecht niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van feitelijk belang?

LJN AU2002 - Is het beroep terecht niet-ontvankelijk verklaard omdat het beroepschrift niet tijdig is ingediend?

LJN AU2260 - Weigering kinderbijslag omdat betrokkene er niet in is geslaagd aannemelijk te maken dat hij weer een huishouden met het gezin in Marokko is gaan vormen, zodat hij op eenvoudig controleerbare wijze dient aan te tonen dat hij zijn kinderen in belangrijke mate heeft onderhouden, hetgeen hij niet heeft kunnen aantonen.

LJN AU2302 - Weigering kinderbijslag omdat betrokkene niet heeft kunnen aantonen dat zijn dochter in de periode in geding tot zijn huishouden behoorde.

LJN AU2306 - Geen verblijfsvergunning. Herziening kinderbijslag. Betrokkene is geen gemeenschapsonderdaan.

LJN AU2540 - Weigering kinderbijslag omdat betrokkene niet heeft aangetoond dat hij in belangrijke mate heeft bijgedragen in het onderhoud van zijn kinderen.

LJN AU2769 - Worden naar Turks recht erkende kinderen aangemerkt als eigen kinderen in de zin van de AKW? Is er recht op kinderbijslag?

LJN AU2788 - Is er recht op kinderbijslag? Het belang van betrouwbare en valide documenten inzake afstamming. Legalisatie van akten uit Pakistan door de Nederlandse vertegenwoordiging na verificatie. Zijn de inwonende kinderen aan te merken als pleegkinderen?

LJN AU3462 - Weigering kinderbijslag. Is er sprake van eigen kinderen? Onderzoek in Turkije naar het bestaan van de kinderen. Zijn er betrouwbare en valide documenten of andere bewijzen?

LJN AU3497 - Geen verblijfsvergunning. Niet verzekerd. Geen recht op kinderbijslag. Het bezwaar is niet tijdig ingediend.

LJN AU3598 - Weigering kinderbijslag omdat de kinderen niet tot het huishouden van betrokkene behoren. Betrokkene verbleef niet ten minste drie maanden per jaar bij zijn vrouw en kinderen en hij heeft niet aangetoond de kinderen in belangrijke mate te hebben onderhouden.

LJN AU3726 - Heeft betrokkene recht op kinderbijslag voor zijn uit een in Bangladesh gesloten religieus huwelijk geboren kind? Wettelijke regeling voor export van uitkeringen. Redelijke en objectieve rechtvaardigingsgrond.

LJN AU4351 - Kon betrokkene op de peildata als verzekerd in de zin van de AKW worden aangemerkt? Is de SVB terecht overgegaan tot herziening van de kinderbijslag?

LJN AU4509 - Weigering kinderbijslag omdat de kinderen uitwonend zijn en betrokkene niet heeft aangetoond dat de kinderen door haar in belangrijke mate zijn onderhouden.

LJN AU4535 - Weigering kinderbijslag op de grond dat betrokkene niet heeft aangetoond dat zij haar kind gedurende de kwartalen in geding in belangrijke mate heeft onderhouden.

LJN AU5116 - Is terecht besloten dat betrokkene geen recht had op kinderbijslag ten behoeve van zijn zoon onder de overweging dat zijn zoon bij zijn moeder woont en betrokkene niets bijdraagt in zijn onderhoudskosten?

LJN AU5213 - Ontzegging kinderbijslag op de grond dat betrokkene onvoldoende heeft bijgedragen in het onderhoud van de kinderen.

LJN AU5494 - Is terecht besloten betrokkene, een op schepen met de Nederlandse vlag varende zeeman met de Indonesische nationaliteit die een in Indonesië woonachtige vrouw en vier kinderen heeft, kinderbijslag te weigeren?

LJN AU5633 - Afwijzing van het verzoek om herziening omdat de door verzoeker betwiste passage in de uitspraak geen dragend element van die uitspraak is.

LJN AU5668 - Recht op kinderbijslag. Is terecht geoordeeld dat op de peildatum de binding van betrokkene met Nederland niet dusdanig was dat hij op die datum al ingezetene was?

LJN AU6052 - Weigering kinderbijslag. Inwerkingtreding Wet op de studiefinanciering. Overgangsregeling. Dezelfde opleiding.

LJN AU6061 - Recht op kinderbijslag. Heeft betrokkene zijn kinderen in belangrijke mate onderhouden als bedoeld in artikel 7, eerste lid, onderdeel b, van de AKW?

LJN AU6129 - Het hoger beroep is niet-ontvankelijk verklaard wegens het niet (tijdig) betalen van het griffierecht. Het verzet is ongegrond.

LJN AU6424 - Is ten onrechte aangenomen dat betrokkene over de periode in geding niet verzekerd was voor de AKW?

LJN AU6440 - Weigering kinderbijslag omdat betrokkene, die niet langer een huishouden vormt met zijn gezin, niet heeft aangetoond dat hij zijn kinderen in belangrijke mate heeft onderhouden.

LJN AU6503 - Iraanse vluchteling. Verblijfsstatus. Aanvraag kinderbijslag. Is er sprake van een bijzonder geval op grond waarvan met terugwerkende kracht kinderbijslag kon worden toegekend? Koppelingswet.

LJN AU6900 - Geen recht op kinderbijslag wegens het niet verzekerd zijn. De aanvraag voor een verblijfsvergunning is afgewezen. Koppelingswet.

LJN AU6929 - Heeft betrokkene voldaan aan de bij AKW gestelde voorwaarde dat hij de bij zijn echtgenote in Marokko verblijvende kinderen in belangrijke mate heeft onderhouden?

LJN AU6970 - Afwijzing aanvraag kinderbijslag voor kinderen in Marokko. Er is niet voldaan aan de onderhoudsbijdrage. Verzoek om heroverweging. Er zijn geen nieuwe feiten of omstandigheden.

LJN AU7396 - Intrekking kinderbijslag. Het kind woont bij haar tante. Heeft betrokkene het kind in de litigieuze kwartalen in toereikende mate onderhouden?

LJN AU7520 - Afwijzing verzoek om herziening. Er zijn geen omstandigheden als bedoeld in artikel 8:88 Awb.

LJN AU7748 - Weigering kinderbijslag. De zoon is uitgeschreven uit de GBA en is teruggekeerd naar Iran. Heeft de vader de zoon in belangrijke mate onderhouden?

LJN AU8086 - Weigering tweevoudige kinderbijslag voor een gehandicapt kind, wonend in Marokko, onderwijs volgend zonder afsluiting met een examen.

LJN AU8533 - Is terecht geoordeeld dat de echtgenoot van betrokkene ten tijde van zijn overlijden niet verzekerd was krachtens de Anw?

LJN AU9249 - De SVB handhaaft haar besluit niet langer. Opnieuw een beoordeling van het recht op kinderbijslag. Proceskostenveroordeling.

LJN AU9306 - Proceskostenveroordeling. Renteschade.

LJN AU9950 - Opleiding tot verpleegster. Moet de stagevergoeding als inkomsten uit arbeid in de zin van de Regeling inkomen kinderbijslag 1997 worden beschouwd? Leeraspect.

LJN AV0549 - Beëindiging kinderbijslag. Is er voldaan aan de onderhoudseis? Woonplaats in Nederland? Dubbele woonplaats? Kinderen bij de echtgenote in Turkije.

LJN AV1303 - Is terecht aan betrokkene kinderbijslag geweigerd onder de overweging dat betrokkene niet heeft aangetoond de kinderen in belangrijke mate te hebben onderhouden?

LJN AV1692 - Het besluit tot weigering van de kinderbijslag is gebaseerd op onzorgvuldig onderzoek.

LJN AV1978 - Weigering kinderbijslag. Betrokkene valt niet onder de overgangsregeling van de Wet BEU en derhalve is artikel 7b van de AKW onverkort op hem van toepassing.

LJN AV1997 - Weigering kinderbijslag omdat het betreffende kind op de peildata niet als een onderwijsvolgend of werkloos kind kan worden aangemerkt.

LJN AV2779 - De vordering tot afgifte van een besluit op bezwaar mist feitelijke grondslag. De brief van betrokkene kan niet worden aangemerkt als een beroep ex artikel 6:2 van de Awb.

LJN AV4216 - Terugvordering van kinderbijslag. Niet verzekerd. Het begrip "besluit". Niet-ontvankelijk. Huishouding.

LJN AV7822 - Het bestreden besluit is gedeeltelijk niet binnen de grondslag en de reikwijdte van het primaire besluit gebleven. Weigering kinderbijslag. Behoort het kind tot de huishouding van betrokkene? Op eenvoudige wijze controleerbaar aantonen dat een minimumbijdrage wordt geleverd in het onderhoud.

LJN AW0979 - Kinderen wonend in Pakistan: afwijzing van de aanvraag voor kinderbijslag. Internationaal recht. Wet BEU.

LJN AW1855 - Heeft betrokkene voldaan aan de bij en krachtens de AKW gestelde voorwaarde dat hij de kinderen in belangrijke mate heeft onderhouden?

LJN AW1941 - Niet is gemotiveerd waarom betrokkene niet op grond van artikel 26 van het Besluit uitbreiding en beperking kring verzekerden volksverzekeringen 1999, of artikel 8 van het daaraan voorafgaande besluit, verzekerd is (gebleven) voor de AKW.

LJN AW2100 - Kinderbijslag geweigerd. De dochter heeft door eigen toedoen haar passende dienstbetrekking bij Albert Heijn niet behouden, waardoor in het kader van de AKW geen sprake is van werkloosheid, met recht op kinderbijslag.

LJN AW2543 - Weigering kinderbijslag. Betrokkene was op de peildatum niet verzekerd voor de AKW.

LJN AW4144 - Weigering kinderbijslag. Betrokkene heeft geen geldig levensbewijs overlegd.

LJN AX1253 - Terugvordering van kinderbijslag. Het tot de huishouding behoren. Detentie.

LJN AX5449 - Het begrip "verzorger". Wijziging van de grondslag voor de ontzegging van kinderbijslag in hoger beroep. Processueel belang.

LJN AX6797 - Weigering kinderbijslag. Is betrokkene verzekerd voor de AKW? Gezien de stempels in zijn paspoort verblijft betrokkene zes tot tien maanden per jaar in Marokko.

LJN AX7800 - Nieuw besluit tijdens het hoger beroep: alsnog een tegemoetkoming thuiswonend gehandicapt kind. Instandlating van de rechtsgevolgen van het vernietigde besluit voor wat betreft de periode daarvoor.

LJN AX9213 - Ontzegging aanspraak op kinderbijslag. Is er sprake van voldoende bijdrage in het levensonderhoud? Schadevergoeding. Redelijke termijn. Proceskosten.

LJN AX9301 - Het hoger beroep is niet-ontvankelijk wegens het te laat betalen van het griffierecht.

LJN AX9556 - Weigering kinderbijslag. De SVB dient een nieuw besluit inzake het recht op kinderbijslag te nemen.

LJN AX9563 - Weigering kinderbijslag. Terugvordering van onverschuldigd betaalde kinderbijslag. Herhaalde aanvraag. Er is geen sprake van nieuw gebleken feiten of omstandigheden.

LJN AX9565 - Is terecht kinderbijslag geweigerd omdat het kind op de peildata van het derde en vierde kwartaal niet als werkloos kind in de zin van de AKW kon worden aangemerkt?

LJN AX9581 - Weigering kinderbijslag. Kan het door de SVB gehanteerde beleid inzake de "driemaandeneis" rechtens standhouden?

LJN AY3966 - Herhaalde aanvraag. De kinderbijslag kan niet vroeger ingaan dan één jaar voorafgaand aan de eerste dag van het kalenderkwartaal tijdens welk de aanvraag om kinderbijslag werd ingediend. Geen bijzonder geval.

LJN AY3973 - Weigering kinderbijslag. Niet is aangetoond dan wel aannemelijk gemaakt dat betrokkene voor zijn niet in Nederland verblijvend kind heeft voldaan aan de voor hem geldende onderhoudsbijdrage.

LJN AY3984 - Verzoek om herziening van het besluit. Het verzoek om terug te komen van het besluit had tevens opgevat moeten worden als aanvraag voor kinderbijslag. Motivering.

LJN AY4008 - Weigering kinderbijslag onder de overweging dat betrokkene niet heeft aangetoond zijn kinderen in belangrijke mate te hebben onderhouden.

LJN AY4328 - Afwijzing verzoek om voorlopige voorziening. Geen spoedeisend belang.

LJN AY4583 - Toekenning kinderbijslag. Ingangsdatum. Verdergaande terugwerkende kracht. Geen bijzondere omstandigheden.

LJN AY4867 - In geding zijn nog slechts de in hoger beroep gemaakte proceskosten en niet de door betrokkene geclaimde kosten van de DNA-rapportages.

LJN AY5356 - Het verzet is ongegrond omdat het griffierecht voor het hoger beroep niet-verschoonbaar niet tijdig is betaald.

LJN AY5527 - Weigering kinderbijslag op de grond dat betrokkene vanaf zijn vertrek naar Nieuw-Zeeland niet verzekerd was ingevolge de AKW.

LJN AY5563 - Intrekking en terugvordering van de kinderbijslag over de periode in geding. Naar het oordeel van de rechtbank is genoegzaam komen vast te staan dat de twee betrokken kinderen sedert het vierde kwartaal van 1995 bij de echtgenote van betrokkene wonen en met haar een huishouden vormen en dus niet uitwonend zijn. Derhalve bestaat geen recht op tweevoudige, maar op enkelvoudige kinderbijslag.

LJN AY5857 - Niet-ontvankelijkverklaring van het verzet wegens niet-verschoonbare overschrijding van de termijn voor het indienen van een verzetschrift.

LJN AY7020 - Is terecht kinderbijslag geweigerd omdat de betrokken zoon in Peru woonachtig is? Ingevolge het overgangsrecht opgenomen in de Wet BEU kon vanaf 1 januari 2003 geen kinderbijslag meer worden toegekend.

LJN AY7546 - Weigering tweevoudige kinderbijslag op de grond dat het onderwijs dat het kind in Turkije volgt geen onderwijs is in de zin van de AKW nu niet wordt voldaan aan het klokurenvereiste en subsidiair dat niet gesproken kan worden van het door of in verband met het volgen van een studie uitwonend zijn van het kind nu hij primair in verband met sociale redenen naar Turkije is vertrokken en hetzelfde onderwijs ook in Nederland kan worden gevolgd. Behoorde het kind tot het huishouden van betrokkene? Heeft betrokkene gedurende de kwartalen in geding het kind grotendeels onderhouden?

LJN AY7598 - Er is geen sprake van een bijzonder geval voor verdergaande terugwerkende kracht van het recht op kinderbijslag. De geboorte van het betrokken kind is niet gemeld bij de SVB.

LJN AY7980 - Ten onrechte is geen vergoeding van het griffierecht toegekend in het beroep in eerste aanleg.

LJN AY8179 - Toekenning kinderbijslag met een terugwerkende kracht van één jaar. Bewijs van eerdere aanvragen.

LJN AY8272 - Weigering kinderbijslag omdat de kinderen niet als eigen, aangehuwde of pleegkinderen van betrokkene konden worden beschouwd. Heeft betrokkene aan de onderhoudseis voldaan? Betrokkene is niet persoonlijk van het aangescherpte beleid op de hoogte gesteld.

LJN AY8832 - Weigering kinderbijslag op de grond dat het kind over het kwartaal in geding niet als onderwijsvolgend in de zin van de AKW kan worden aangemerkt en betrokkene derhalve over dat kwartaal geen recht heeft op tweevoudige kinderbijslag. Het controleerbaar aannemelijk maken dat voor een niet tot huishouden van de belanghebbende behorend kind voldaan is aan de voor de belanghebbende geldende onderhoudsbijdrage.

LJN AY8835 - Weigering kinderbijslag over de perioden in geding. Kinderen in het buitenland. Is op eenvoudig controleerbare wijze aangetoond dat de kinderen in belangrijke mate door betrokkene werden onderhouden? Overgangsregeling ingevolge de Wet BEU.

LJN AY8997 - Weigering kinderbijslag over de periode in geding onder de overweging dat er geen nauwe en exclusieve relatie tussen betrokkene en de kinderen is ontstaan zodat de kinderen niet als zijn pleegkinderen kunnen worden beschouwd. Volgens de SVB hebben de ouders nog immer contact met de kinderen en zijn zij in staat en bevoegd belangrijke beslissingen voor de kinderen te nemen, terwijl de ouders met de kinderen en betrokkene op één adres wonen. Betaling van het griffierecht per postwissel. Bij gebreke van de mogelijkheid tot vaststelling van niet-tijdige ontvangst van de postwissel dient betrokkene het voordeel van de twijfel te worden gegund, zodat hij in zijn hoger beroep kan worden ontvangen.

LJN AY9210 - Weigering kinderbijslag omdat het kind uitwonend is bij haar moeder in het buitenland. Is er sprake van eenvoudig controleerbare bewijzen met betrekking tot de minimaal verschuldigde onderhoudsbijdrage?

LJN AY9220 - Weigering kinderbijslag omdat betrokkene niet verzekerd is ingevolge de AKW. Aan betrokkene, die woonachtig is in het buitenland, is een Anw-uitkering toegekend, doch dit leidt niet tot verzekering krachtens de AKW.

LJN AY9762 - Is voldaan aan de bij en krachtens de AKW gestelde voorwaarde dat betrokkene zijn in Marokko verblijvende kinderen in belangrijke mate heeft onderhouden?

LJN AY9819 - Het verzet is ongegrond omdat het griffierecht voor het hoger beroep niet-verschoonbaar niet tijdig is betaald.

LJN AZ0159 - Weigering tegemoetkoming op grond van de Regeling tegemoetkoming thuiswonende gehandicapte kinderen 2000 (TOG 2000) op de grond dat het kind weliswaar iets meer hulp in de vorm van aansturing en structuur nodig heeft bij de zelfverzorging en dat er ook iets meer toezicht nodig is, maar dat hij niet aanzienlijk meer afhankelijk is van verzorging of oppassing dan een gezond kind van dezelfde leeftijd.

LJN AZ1105 - Weigering kinderbijslag op de grond dat betrokkene met ingang van het kwartaal in geding niet verzekerd is ingevolge de AKW. Koppelingswet. Vreemdeling zonder verblijfsvergunning of tewerkstellingsvergunning.

LJN AZ2031 - Weigering kinderbijslag over de periode in geding onder overweging dat betrokkene niet heeft kunnen aantonen zijn kinderen in deze periode in belangrijke mate te hebben onderhouden. Betrokkene kon op grond van de Wet BEU geen aanspraak maken op kinderbijslag.

LJN AZ2033 - De SVB is ten nadele van betrokkene teruggekomen van de toekenning van kinderbijslag over de periode in geding. Had het betrokkene duidelijk kunnen zijn dat hij ten onrechte kinderbijslag ontving? Dringende redenen om geheel of gedeeltelijk van terugvordering af te zien. Beleid.

LJN AZ2100 - Bestaat er recht op kinderbijslag over de perioden in geding? De cursus Nederlands als Tweede Taal (NT2) is, anders dan het Speedo-project, aan te merken als onderwijs in de zin van de AKW. Het voortraject voor de opleiding servicemedewerker ICT voldoet niet aan het klokurenvereiste.

LJN AZ2588 - Heeft de rechtbank met recht geoordeeld dat betrokkene met ingang van het vierde kwartaal van het jaar 2000 als verzekerde op grond van de AKW moet worden aangemerkt nu hij met terugwerkende kracht met ingang van 27 juli 2000 een verblijfsvergunning asiel voor onbepaalde tijd heeft verkregen en aldus in ieder geval vanaf die datum rechtmatig in Nederland verblijft?

LJN AZ2597 - Weigering kinderbijslag omdat het kind geen eigen, aangehuwd of pleegkind van betrokkene zou zijn.

LJN AZ3053 - Weigering om de invordering van de onverschuldigd betaalde kinderbijslag op te schorten in afwachting van een mogelijk door of namens betrokkene in te stellen DNA-onderzoek naar het biologisch vaderschap van zijn vijf kinderen in Pakistan. Berekening van de aflossingscapaciteit.

LJN AZ3064 - Weigering kinderbijslag op de grond dat betrokkene niet op eenvoudig controleerbare wijze heeft aangetoond in voldoende mate in het onderhoud van zijn kinderen te hebben voorzien in de kwartalen in geding. De SVB heeft hangende het hoger beroep laten weten dit standpunt niet langer te handhaven, de bestreden besluiten in te trekken en nieuwe beschikkingen op bezwaar te zullen gaan nemen.

LJN AZ3466 - Weigering kinderbijslag met ingang van het kwartaal in geding op de grond dat betrokkene niet meer als ingezetene wordt aangemerkt en derhalve niet meer is verzekerd ingevolge de AKW. Middelpunt van het maatschappelijk leven. Het bestreden besluit is niet deugdelijk gemotiveerd aangezien de SVB in dit specifieke geval niet zorgvuldig genoeg heeft onderzocht of de sociale binding van betrokkene in Nederland is blijven liggen of zich heeft verplaatst naar - het gezin in - Indonesië.

LJN AZ4059 - Weigering kinderbijslag op de grond dat betrokkene, nu zij een Turks nabestaandenpensioen van omgerekend €0,40 ontvangt, op grond van artikel 26, derde lid, van het Besluit uitbreiding en beperking kring verzekerden volksverzekeringen 1999 niet als verzekerde in de zin van de AKW kan worden aangemerkt. Afwijzing van het verzoek om toepassing van de hardheidsclausule met terugwerkende kracht.

LJN AZ4364 - Weigering kinderbijslag op de grond dat betrokkene niet is verzekerd op grond van artikel 6 van de AKW, terwijl zij evenmin op grond van het Besluit uitbreiding en beperking kring verzekerden volksverzekerden 1999 als verzekerde kan worden aangemerkt.

LJN AZ4369 - De intrekking van het recht op kinderbijslag staat in rechte vast. Zijn de terugvordering en de opgelegde boete juist vastgesteld? Is er sprake van dringende redenen om van de terug- en invordering af te zien?

LJN AZ4371 - Intrekking en terugvordering van de kinderbijslag op de grond dat het betrokken kind op of omstreeks 3 juli 1994 is overleden. Is het onderzoek in Turkije zorgvuldig geweest? Niet gebleken is van een taalprobleem, aangezien de (Koerdische) familieleden van betrokkene de Turkse taal moeiteloos spraken en verstonden.

LJN AZ4391 - Weigering kinderbijslag op de grond dat betrokkene met ingang van het kwartaal in geding niet meer kan worden aangemerkt als ingezetene van Nederland en hij derhalve niet meer verzekerd is ingevolge de AKW.

LJN AZ4494 - Weigering kinderbijslag omdat betrokkene niet verzekerd is ingevolge de AKW. Er bestaat eveneens geen recht op kinderbijslag op grond van het Algemeen verdrag inzake sociale zekerheid tussen het Koninkrijk der Nederlanden en het Koninkrijk Marokko.

LJN AZ5223 - Is terecht aangevoerd dat aangezien de kinderen in Marokko wonen en daar onderwijs volgen, betrokkene daardoor aanspraak maakt op tweevoudige kinderbijslag?

LJN AZ5380 - Weigering kinderbijslag op de grond dat de kinderen niet behoren tot het huishouden van betrokkene. Er was geen sprake meer van vakantie in Marokko, maar dat de kinderen bij hun grootouders woonden en naar school gingen. Voorts heeft betrokkene niet voldaan aan de onderhoudseis.

LJN AZ6564 - Intrekking en terugvordering van de kinderbijslag op de grond dat betrokkene heeft verzuimd te melden dat de vader van haar kind in Duitsland recht heeft op Duitse kinderbijslag. Boeteoplegging wegens schending van de inlichtingenverplichting. Samenlopende rechten op gezinsbijslagen uit verschillende EU-lidstaten (communautaire anticumulatiebepalingen).

LJN AZ6735 - Weigering kinderbijslag omdat het betrokken kind 18 jaar is. Overgangsrecht met betrekking tot kinderen geboren vóór 1 oktober 1986. Is er op de peildatum sprake van hetzelfde onderwijs in de zin van het overgangsrecht?

LJN AZ6742 - Weigering kinderbijslag op de grond dat noch uit de door betrokkene overgelegde informatie, noch op grond van het onderzoek van de sociaal attaché, aannemelijk is geworden dat het betrokken kind gedurende de periode in geding onderwijs in de zin van de AKW heeft gevolgd, dat het kind niet wordt geacht zelfstandig uitwonend te zijn en dat betrokkene niet heeft aangetoond in belangrijke mate te hebben bijgedragen in zijn onderhoudskosten. Schoolverklaringen uit Marokko. Is er deugdelijk onderzoek gedaan door de SVB?

LJN AZ6949 - Is terecht kinderbijslag geweigerd omdat betrokkene (nog) niet verzekerd is voor de AKW? De sociale en juridische binding van betrokkene en zijn gezin met Nederland op de peildatum is als sterk te kwalificeren.

LJN AZ7274 - Ontzegging van de kinderbijslag over het eerste kwartaal van 2003 op de grond dat het kind op de peildatum van dat kwartaal niet tot het huishouden van betrokkene behoorde. In geval van samenloop van kinderbijslagrechten gaat het recht van de verzorgende ouder voor.

LJN AZ7288 - Toekenning van kinderbijslag met terugwerkende kracht. Diende de SVB af te wijken van haar beleid ter zake en met verdergaande terugwerkende kracht kinderbijslag toe te kennen?

LJN AZ7316 - Weigering kinderbijslag op de grond dat betrokkene niet verzekerd is ingevolge de AKW. Ook is betrokkene, na de toekenning van haar Anw-uitkering, niet op grond van het Besluit uitbreiding en beperking kring verzekerden volksverzekeringen 1999 verzekerd geworden ingevolge de AKW.

LJN AZ7320 - Weigering kinderbijslag op de grond dat het kind niet is aan te merken als eigen, aangehuwd of pleegkind. Is het bestreden besluit zorgvuldig tot stand gekomen?

LJN AZ8703 - Weigering kinderbijslag met verdergaande terugwerkende kracht. Er is geen sprake van bijzondere omstandigheden.

LJN AZ9204 - Betrokkene was niet verzekerd op grond van artikel 6 van de AKW en evenmin op grond van artikel 27 van Besluit uitbreiding en beperking kring verzekerden volksverzekeringen 1999? De hoogte van de WAO-uitkering die betrokkene sinds september 1993 ontvangt, bedraagt niet ten minste 35% van het brutominimumloon.

LJN BA0042 - Weigering kinderbijslag omdat de overleden partner geen ingezetene van Nederland was in de zin van artikel 2 van de AKW.

LJN BA0123 - Kan betrokkene op de peildatum van het derde kwartaal 2004 als verzekerd in de zin van de AKW worden aangemerkt? Kan worden gezegd dat de binding met Nederland dusdanig was dat betrokkene als ingezetene van Nederland kan worden beschouwd?

LJN BA0288 - Betrokkene heeft niet aannemelijk heeft kunnen maken dat zijn kinderen al vóór datum in geding tot zijn huishouden behoorden. Voor zover de verklaringen zich uitlaten over de toestand vóór de datum in geding, geven zij geen uitsluitsel over de vraag of de kinderen feitelijk hun voor nachtrust bestemde tijd merendeels bij betrokkene doorbrachten.

LJN BA0293 - Weigering kinderbijslag op de grond dat betrokkene niet voldoende heeft kunnen aantonen of aannemelijk heeft kunnen maken dat hij aan de onderhoudseis heeft voldaan.

LJN BA0376 - Weigering kinderbijslag op de grond dat betrokkene met ingang van het kwartaal in geding niet verzekerd is voor de AKW. De betreffende brief dient te worden aangemerkt als bezwaarschrift omdat uit deze brief onmiskenbaar blijkt dat betrokkene het niet eens is met het bestreden besluit. De SVB dient alsnog een besluit op bezwaar te nemen.

LJN BA0879 - Ter zitting heeft de SVB medegedeeld dat het bestreden besluit niet wordt gehandhaafd, nu de kinderen van betrokkene gedurende de in geschil zijnde kwartalen geacht moeten worden zelfstandig uitwonend te zijn, zodat voor hen op grond van het Besluit onderhoudsvoorwaarden kinderbijslag slechts een inkomenseis gold. Proceskostenveroordeling in beroep en hoger beroep.

LJN BA0880 - Weigering kinderbijslag omdat de netto-inkomsten van het (thuiswonende) kind in het kwartaal in geding meer bedroegen dan €1175,-. Weigering om terug te komen van dit eerder genomen, in rechte onaantastbaar geworden weigeringsbesluit omdat niet is gebleken van nieuwe feiten of veranderde omstandigheden.

LJN BA3501 - Weigering kinderbijslag omdat betrokkene niet aan de onderhoudseis voor het recht op kinderbijslag heeft voldaan. Is er sprake van een vast patroon van betalingen?

LJN BA3674 - Weigering kinderbijslag voor betrokkenes aangehuwde, in Turkije wonende kinderen met ingang van het kwartaal in geding, omdat betrokkene niet heeft aangetoond de kinderen in belangrijke mate te hebben onderhouden.

LJN BA4453 - Niet-ontvankelijkverklaring van het hoger beroep omdat betrokkene geen procesbelang meer heeft nu de SVB volledig aan de bezwaren van betrokkene is tegemoet gekomen.

LJN BA5096 - Niet-ontvankelijkverklaring van het bezwaar wegens niet-verschoonbare overschrijding van de bezwaartermijn. Wijze van bekendmaking van het bestreden besluit.

LJN BA5097 - Weigering kinderbijslag omdat niet kan worden gezegd dat de binding met Nederland dusdanig was dat betrokkene als ingezetene van Nederland kon worden beschouwd. Had betrokkene het middelpunt van zijn maatschappelijk leven per het eerste kwartaal van 2005 in Nederland?

LJN BA5869 - Weigering kinderbijslag met terugwerkende kracht. Beleid. Behoorden de kinderen tijdens de detentie van betrokkene tot haar huishouden? Is voldaan aan de onderhoudsbijdrage?

LJN BA6434 - Niet-ontvankelijkverklaring van het hoger beroep wegens verval van procesbelang, nu het bestreden besluit ter zitting door de SVB is ingetrokken.

LJN BA6714 - Verschoonbare termijnoverschrijding van de beroepstermijn omdat betrokkene het beroepschrift ruim binnen de gestelde beroepstermijn van zes weken per aangetekende post vanuit Marokko heeft verzonden.

LJN BA6715 - Weigering kinderbijslag omdat betrokkene vanaf het kwartaal in geding niet meer verzekerd was ingevolge de AKW, ervan uitgaande dat betrokkene vanaf dat kwartaal niet meer in Nederland woonde of werkte en hij ook geen Nederlandse uitkering ontving op grond waarvan hij verzekerd was krachtens de volksverzekeringen. Indien, gelet op het ingezetenschap, in de toekomst met terugwerkende kracht een WAO-uitkering wordt toegekend, kan een herzieningsverzoek worden ingediend.

LJN BA6716 - Weigering kinderbijslag voor de in Marokko verblijvende kinderen gedurende de periode in geding, op de grond dat betrokkene sinds zijn terugkeer in Nederland in februari 1996 zijn gezin in Marokko niet meer heeft bezocht waardoor hij in die periode niet één huishouden vormde met zijn gezin in Marokko en hij voorts niet heeft aangetoond zijn kinderen over die periode in belangrijke mate te hebben onderhouden.

LJN BA6719 - Weigering kinderbijslag omdat betrokkene vanaf de datum in geding niet aantoonbaar in het onderhoud van haar kinderen heeft voorzien. Er is geen bewijs van de door betrokkene geleverde onderhoudsbijdragen. Terugvordering en boeteoplegging.

LJN BA7737 - Weigering kinderbijslag op de grond dat betrokkene niet als verzekerd ingevolge de AKW kan worden beschouwd, nu hij geen ingezetene van Nederland is, geen werkzaamheden hier te lande verricht ter zake waarvan hij aan de loonbelasting is onderworpen en ook niet één van de bepalingen van het Besluit uitbreiding en beperking kring verzekerden volksverzekeringen 1999 op hem van toepassing is.

LJN BA9508 - Weigering kinderbijslag over de kwartalen in geding omdat betrokkene niet heeft aangetoond zijn kinderen over die kwartalen in belangrijke mate te hebben onderhouden en dat er, in het licht van het beleid van de SVB, geen gronden zijn om niet tot gehele herziening van de kinderbijslag over te gaan nu betrokkene de SVB niet tijdig heeft geïnformeerd over het vertrek van zijn gezin naar Marokko.

LJN BB3183 - Weigering kinderbijslag over het eerste kwartaal van 2004 omdat betrokkene niet heeft kunnen aantonen dat zijn bijdrage in het levensonderhoud van zijn kinderen in Egypte toereikend is geweest. De SVB heeft appellant gewezen op het bedrag ad €386,- dat per kind per kwartaal ten minste overgemaakt diende te worden en op de wijze waarop die betalingen aangetoond moeten worden.

LJN BB3225 - Weigering kinderbijslag over de periode in geding omdat appellant niet heeft kunnen aantonen dat hij in belangrijke mate in het onderhoud van zijn kinderen heeft bijgedragen. In geschil is of de SVB zich in het kader van de heroverweging op bezwaar had mogen beperken tot het recht op kinderbijslag over het vierde kwartaal van 2001.

LJN BB6575 - Weigering kinderbijslag voor appellants in Marokko verblijvende drie kinderen omdat de kinderen niet behoren tot het huishouden van appellant en omdat hij niet heeft kunnen aantonen de kinderen in belangrijke mate te hebben onderhouden. Bij besluit op bezwaar is de SVB nader van oordeel dat appellant geacht kan worden één huishouden te vormen met zijn gezin tot en met het vierde kwartaal van 1999 omdat hij tot en met dat kwartaal bijdragen in het levensonderhoud van zijn gezin heeft geleverd. Voorts heeft de SVB overwogen dat appellant over het eerste kwartaal van 2000 tot en met het eerste kwartaal van 2001 geen recht heeft op kinderbijslag omdat hij niet heeft aangetoond zijn kinderen toen in belangrijke mate te hebben onderhouden en dat hij over het tweede kwartaal van 2001 tot en met het tweede kwartaal van 2002 geen recht heeft op kinderbijslag omdat hij toen niet meer verzekerd was ingevolge de AKW.

LJN BB8590 - Weigering kinderbijslag omdat appellant op de peildatum niet als ingezetene van Nederland in de zin van artikel 2 van de AKW kan worden beschouwd. Afgezien van de sterke juridische binding door het bestaan van de Nederlandse nationaliteit bij appellant wordt op de datum in geding een relevante economische band van appellant met Nederland nog niet aanwezig geacht.

LJN BC2041 - Weigering kinderbijslag omdat appellante niet verzekerd is voor de AKW. Gelet op het totaalbeeld van de juridische, economische en sociale factoren ziet de Raad geen ondersteuning voor de stelling van appellante dat het middelpunt van haar maatschappelijk leven in Nederland ligt en dat zij dientengevolge heeft voldaan aan de voorwaarden om verzekerd te zijn voor de AKW. Het beroep op jurisprudentie van het Europese Hof van Justitie en de Wet BEU slaagt niet.

LJN BC4046 - Weigering kinderbijslag omdat appellante geen ingezetene van Nederland is in de zin van artikelen 2 en 3 van de AKW en derhalve niet verzekerd is voor die wet. Evenals de rechtbank is de Raad van oordeel dat op grond van de feiten en omstandigheden in onderling verband appellante het middelpunt van haar maatschappelijk leven sociaal en economisch per het eerste kwartaal van 2005 definitief heeft verlegd naar Mexico. Appellante is toen met haar Mexicaanse echtgenoot en gezin met kind in Mexico gaan wonen.

LJN BC8123 - Weigering kinderbijslag omdat appellante, gelet op haar verblijfsstatus, niet verzekerd is voor de AKW. Peildatum voor toekenning van kinderbijslag. Met de rechtbank stelt de Raad vast dat de juridische, economische en sociale binding van appellante met Nederland dermate zwak was dat er geen plaats is voor het oordeel dat het middelpunt van haar leven in Nederland lag.

LJN BD1371 - Weigering kinderbijslag omdat niet op eenvoudig te controleren wijze is aangetoond dat appellant in belangrijke mate heeft bijgedragen in het levensonderhoud van zijn dochter. Appellant heeft diverse bewijsstukken overgelegd ten aanzien van overmakingen die betrekking hebben op de in geschil zijnde kwartalen, doch de blijkens die stukken overgemaakte bedragen zijn in ieder geval onvoldoende om te kunnen voldoen aan de onderhoudsbijdrage.

LJN BD1711 - Weigering kinderbijslag over de voorliggende kwartalen. Er is geen sprake van een bijzonder geval dat de SVB ertoe had moeten leiden ook appellants aanspraken over kwartalen voorafgaand aan het vierde kwartaal van 1999 te beoordelen. De Raad wijst erop dat volgens zijn vaste rechtspraak onbekendheid met de wettelijke regelingen niet kan leiden tot het oordeel dat sprake is van een bijzonder geval in de zin van artikel 14, derde lid, van de AKW.

LJN BD5735 - Intrekking kinderbijslag omdat niet langer is voldaan aan het vereiste om in verband met onderwijs of een beroepsopleiding lessen of stages te volgen gedurende gemiddeld ten minste 213 klokuren per kwartaal, zoals ingevolge artikel 7, tweede lid, aanhef en onder a, van de AKW voor het recht op kinderbijslag voor kinderen van 16 en 17 jaar is vereist.

LJN BD6998 - Intrekking kinderbijslag omdat appellante niet heeft kunnen aantonen dat de bijdrage in het levensonderhoud van het kind ten minste f 765,- per kwartaal bedraagt. Indien een verzekerde gemotiveerd stelt dat zijn in beginsel voor kinderbijslag in aanmerking komend kind zelfstandig uitwonend is, kan de SVB niet volstaan met verwijzing naar een beleidsregel waarin is bepaald dat een kind dat woont bij familie niet zelfstandig uitwonend kan zijn. Het bestreden besluit berust op onvoldoende onderzoek.

LJN BF0480 - Weigering kinderbijslag omdat appellant niet verzekerd is voor de AKW aangezien hij niet rechtmatig in Nederland verblijft in de zin van artikel 8, onderdeel a tot en met e en l, van de Vreemdelingenwet 2000 en hij voorts geen rechten kan ontlenen aan artikel 11 van het Besluit uitbreiding en beperking kring verzekerden volksverzekeringen 1999. Tevens is overwogen dat appellant niet langer behoort tot de groep personen ten aanzien van wie de toepassing van de Koppelingswet achterwege moet blijven. Aan ten onrechte ingehouden premies kan geen rechtens te honoreren vertrouwen op verplichte verzekering worden ontleend.

LJN BG3074 - Weigering kinderbijslag omdat niet is voldaan aan de onderhoudseis. De gestelde contante betalingen voldoen niet aan de geformuleerde eis van eenvoudige controleerbaarheid. Appellant heeft niet voldaan aan de voorwaarde van een verblijf van twee maanden bij zijn kinderen, noch aan het vereiste dat hij voorafgaand aan zijn verblijf aan de onderhoudseis heeft voldaan en evenmin aan de eis van een vast patroon van betalingen voorafgaand aan het verblijf.

LJN BG8381 - Weigering kinderbijslag omdat appellante niet kan worden aangemerkt als ingezetene van Nederland in de zin van de AKW en derhalve niet verzekerd was overeenkomstig die wet. Appellante bezat destijds de Nederlandse nationaliteit en daardoor een toereikende juridische binding, maar er was nog geen sprake van sociale en economische binding. Niet kan staande worden gehouden dat het middelpunt van het maatschappelijk leven van appellante zich destijds reeds definitief naar Nederland had verlegd.

LJN BG8435 - Weigering kinderbijslag omdat op de peildatum de bindingen met Nederland niet dusdanig waren dat appellant, met toepassing van de artikelen 2, 3 en 6 van de AKW en vaste rechtspraak ter zake, als ingezetene van Nederland kon worden beschouwd. De kern van het werken en het daaraan gekoppelde inkomen en wonen was voor appellant en zijn partner ten tijde in geding onmiskenbaar exclusief in Suriname gelegen. Het bezit van een bedrijfswoning in Suriname wees ook daarop. Gezien de omstandigheden kan niet staande worden gehouden dat het middelpunt van het maatschappelijk leven van appellant en zijn partner zich destijds in Nederland afspeelde.

LJN BG9126 - Herziening en terugvordering kinderbijslag omdat appellant met ingang van het vierde kwartaal van 1998 niet langer verzekerd is ingevolgde de AKW. De arbeidsongeschiktheidsuitkering bedraagt minder dan 35% van het wettelijk minimumloon, zodat appellant zowel vóór als na 1 januari 2000 niet verzekerd is op grond van de AKW.

LJN BH2064 - Weigering kinderbijslag omdat de sociale en economische binding van appellante op de peildatum nog niet zodanig was dat, ondanks haar sterke juridische binding met Nederland, het middelpunt van haar maatschappelijk leven reeds in Nederland was gelegen. Sociaal bezien was appellante, die bezig was psychische problemen te overwinnen, nog niet aan de definitieve keuze voor hernieuwde vestiging hier te lande toegekomen. Haar dochter was bezig haar schoolopleiding af te maken in Portugal. Economisch bezien moest appellante het nog hebben van inkomsten uit bedrijf en woning in Portugal benevens van een Portugese ziekengelduitkering. De woning in Nederland waarvan haar moeder het vruchtgebruik behield, kon destijds bezwaarlijk als zelfstandige woonruimte van appellante worden beschouwd.

LJN BH3817 - Weigering kinderbijslag omdat de kinderen geen eigen kinderen van appellant zijn en ook niet als pleegkinderen kunnen worden aangemerkt. Uit het onderzoek naar de identiteit van de kinderen blijkt op overtuigende wijze dat de door het Turkse SSK verstrekte informatie onjuist is. De Raad hecht hierbij met name belang aan de verklaring van appellants schoonmoeder, aan de registratie in het gezondheidscentrum en aan de verklaringen van de kinderen zelf, die stellen andere ouders te hebben, bij wie zij ook woonachtig zijn. De Raad vermag niet in te zien dat de kinderen niet - in het bijzijn van het schoolhoofd - mochten worden ondervraagd. Niet is gebleken, noch aannemelijk is, dat de kinderen onder druk zijn gezet. Voorts acht de Raad van belang dat appellants moeder, bij wie de kinderen volgens appellant woonachtig waren, niets in haar huis heeft kunnen tonen waaruit de aanwezigheid van de kinderen bleek en heeft verklaard dat de kinderen op dat moment verbleven bij hun oom, terwijl deze laatste reeds enige tijd overleden was.

LJN BI1498 - Toekenning kinderbijslag met terugwerkende kracht. Nu een daad van veiligstellen heeft plaatsgevonden meer dan vijf jaar vóór de definitieve aanvraag om kinderbijslag na de toekenning van de WAO-uitkering, is sprake van zodanig bijzondere omstandigheden dat die de SVB aanleiding hadden moeten geven met toepassing van artikel 4:84 van de Awb af te wijken van zijn beleid. Een eventuele toekenning van kinderbijslag vanaf het kwartaal waarin de eerste daad van veiligstellen is verricht, zou 's Raads toetsing kunnen doorstaan.

LJN BI1503 - Toekenning kinderbijslag met terugwerkende kracht. Nu een daad van veiligstellen heeft plaatsgevonden meer dan vijf jaar vóór de definitieve aanvraag om kinderbijslag na de toekenning van de WAO-uitkering, is sprake van zodanig bijzondere omstandigheden dat die de SVB aanleiding hadden moeten geven met toepassing van artikel 4:84 van de Awb af te wijken van zijn beleid. Een eventuele toekenning van kinderbijslag vanaf het kwartaal waarin de eerste daad van veiligstellen is verricht, zou 's Raads toetsing kunnen doorstaan.

LJN BI3106 - Intrekking en terugvordering kinderbijslag met terugwerkende kracht omdat de kinderen in de periode in geding uitwonend waren en appellant niet heeft aangetoond hen in belangrijke mate te hebben onderhouden. De Raad is van oordeel dat niet dan wel onvoldoende is gebleken dat appellant ten gevolge van de terugvordering in een noodsituatie is terechtgekomen, zodat geen sprake is van dringende redenen op grond waarvan geheel of gedeeltelijk van terugvordering afgezien kan worden.

LJN BI3723 - Weigering kinderbijslag omdat de kinderen niet als pleegkind kunnen worden aangemerkt nu appellant niet de voogdij over hen heeft. Omdat door de verzorger van de kinderen een van overheidswege verstrekte pleegzorgvergoeding wordt ontvangen, welke voor het onderhoud en de verzorging van de kinderen in beginsel kostendekkend wordt geacht, is niet voldaan aan het vereiste dat een kind als eigen kind wordt onderhouden.

LJN BI7941 - Weigering om aan appellant de helft van de kinderbijslag ten behoeve van zijn drie kinderen uit te betalen. De Raad stelt vast dat appellant en zijn ex-partner over verzorging en onderhoud van de drie kinderen en over de verdeling van de kinderbijslag een regeling zijn overeengekomen en dat er geen aanwijzingen zijn dat deze regeling niet wordt nagekomen of is gewijzigd. Evenals de rechtbank is de Raad dan ook van oordeel dat de SVB terecht het verzoek van appellant de helft van de kinderbijslag ten behoeve van zijn drie kinderen aan hem uit te betalen, heeft afgewezen.

LJN BI9020 - Toekenning kinderbijslag met terugwerkende kracht van één jaar. Weigering toekenning met een langere terugwerkende kracht dan één jaar omdat het toekennen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd met terugwerkende kracht niet leidt tot verzekering ingevolge de AKW met terugwerkende kracht. Voor zover in de asielprocedure sprake is van overschrijding van de redelijke termijn, kan dit niet aan de SVB worden tegengeworpen. Appellante is niet geschaad in haar recht op een ongestoord gezinsleven en van ontneming van eigendom kan, nu is vastgesteld dat het recht op kinderbijslag niet eerder is ontstaan dan op de datum waarop aan appellante de vergunning tot verblijf is verleend, geen sprake zijn.

LJN BI9032 - Verrekening van de te veel betaalde Ierse kinderbijslag. Appellante was rechthebbende op de kinderbijslag. Dat deze door haar ex-partner is geïnd, doet hieraan niet af. Naar het oordeel van de Raad is dan ook voldaan aan het vereiste dat de rechthebbende op de Ierse kinderbijslag dezelfde is als degene die recht heeft op de Nederlandse kinderbijslag.

LJN BJ3944 - Weigering kinderbijslag omdat appellante niet verzekerd is ingevolge de AKW. Er is sprake van onvoldoende economische binding: appellante was aangewezen op een uitkering krachtens de Wwb en beschikte niet over zelfstandige woonruimte. Tevens is sprake van een zwakke sociale binding: appellante verbleef nog geen maand in Nederland en de partner van appellante was in verband met zijn werkzaamheden achtergebleven in de Verenigde Arabische Emiraten. De Raad merkt voorts op dat bij vertrek uit Nederland met het oogmerk zich definitief elders te vestigen het ingezetenschap eindigt op de datum volgend op die van het feitelijk vertrek uit Nederland. Dit brengt in het geval van appellante, die ruim twee jaar uit Nederland is weggeweest, mee dat bij terugkomst in Nederland haar ingezetenschap niet direct is hersteld, maar eerst geleidelijk zal ontstaan.

LJN BK0507 - Weigering de nabetaling van kinderbijslag te vermeerderen met de wettelijke rente. De Raad is van oordeel dat de onrechtmatigheid van de besluitvorming omtrent de WAO-uitkering niet zonder betekenis kan blijven voor de schade die de betrokkene lijdt doordat zijn aanspraak op kinderbijslag eerst op een later moment kan worden vastgesteld. Door de toekenning van kinderbijslag met terugwerkende kracht heeft de SVB erkend dat de eerdere (impliciete) weigering kinderbijslag toe te kennen achteraf bezien onrechtmatig was. De Raad verwijst in dit verband naar zijn uitspraak van 24 januari 2001 (LJN AA9616), waarin de aansprakelijkheid aan de orde was ter zake van schade voortvloeiend uit een besluit dat door een wetswijziging met terugwerkende kracht achteraf bezien onrechtmatig was. De Raad komt tot het oordeel dat de SVB aan appellant ten onrechte wettelijke rente over de nabetaalde kinderbijslag heeft geweigerd.

LJN BK0746 - Weigering kinderbijslag omdat appellant niet verzekerd is voor de AKW. Vaststaat dat appellant niet in Nederland woont of werkt, zodat hij niet op grond van artikel 6, eerste lid, van de AKW verzekerd is ingevolge die wet. De WAO-uitkering kon slechts tot verzekering voor de volksverzekeringen leiden als deze meer bedroeg dan 35% van het Nederlandse brutominimumloon. Hieruit volgt dat appellant vóór 1 januari 2000 niet verzekerd was voor de volksverzekeringen en hij derhalve ook niet voortgezet verzekerd kan worden geacht voor de AKW ingevolge de overgangsregeling van artikel 27, eerste lid, van het Besluit uitbreiding en beperking kring verzekerden volksverzekeringen 1999. Hierdoor kan appellant ook geen aanspraak op kinderbijslag ontlenen aan het per 1 januari 2006 inwerking getreden artikel 7c van de AKW.

LJN BK3930 - Weigering kinderbijslag over de periode in geding omdat appellants dochter uitwonend is en niet in belangrijke mate door appellant wordt onderhouden. De rechtbank heeft ter zake terecht overwogen dat ook indien rekening zou worden gehouden met de door het LBIO over de periode in geding vastgestelde bijdrage en de overige door appellant aannemelijk gemaakte kosten, niet aan de onderhoudseis is voldaan.

LJN BK4635 - Weigering kinderbijslag omdat appellant niet verzekerd is voor de AKW. Met de rechtbank is de Raad van oordeel dat appellant niet voldoet aan het gestelde in artikel 26, eerste lid, onderdeel a, van het Besluit uitbreiding en beperking kring verzekerden volksverzekeringen 1999 nu hij geen recht heeft gehad op een WAO-uitkering. Appellant was niet verzekerd voor de AKW op de peildatum in geding, 1 oktober 1999. De Raad is van oordeel dat de SVB het beleid op de juiste wijze heeft toegepast. Niet is gebleken dat appellant niet eerder een nieuwe aanvraag om kinderbijslag had kunnen indienen.

LJN BL1131 - Weigering kinderbijslag omdat appellantes zoon met ingang van de datum in geding niet als schoolgaand kan worden aangemerkt aangezien uit gegevens van de Engelse school blijkt dat de zoon niet voldoet aan de eis van 213 klokuren per kwartaal voor zijn opleiding. Subsidiair stelt de SVB dat niet is voldaan aan de onderhoudseis. De Raad ziet onvoldoende aanleiding om op grond van de overgelegde gegevens te twijfelen aan de omvang van de lesuren zoals die blijkt uit de schoolverklaring. Evenmin kan gezegd worden dat de zoon, met inachtneming van de zelfstudiedag, voldaan zou hebben aan het aantal studiebelastingsuren per jaar. Nu de zoon niet aangemerkt kan worden als onderwijsvolgend als bedoeld in artikel 7 van de AKW, is de vraag of appellante heeft voldaan aan de onderhoudseis niet meer van belang.

LJN BL1691 - Intrekking en terugvordering kinderbijslag en boeteoplegging wegens schending van de inlichtingenverplichting. Appellante heeft niet alsnog - op een voor het uitvoeringsorgaan eenvoudig te controleren wijze - aangetoond of aannemelijk gemaakt dat zij de na het uitwonend worden van haar dochters voor haar geldende onderhoudsbijdragen heeft voldaan. Aan de in hoger beroep overgelegde kwitanties ter zake van gestelde betalingen kent de Raad geen doorslaggevende betekenis toe en bijdragen anders dan in de vorm van geld voldoen niet aan het vereiste van eenvoudige controleerbaarheid.

LJN BL3663 - Weigering kinderbijslag omdat appellant niet verzekerd is voor de AKW. Naar het oordeel van de Raad is dit geval niet op één lijn te stellen met de door de regelgever bedoelde situatie. Weliswaar is komen vast te staan dat appellant in het vierde kwartaal van 1999 verzekerd was krachtens de AKW, maar nu hij eerst in 2007 een aanvraag om kinderbijslag heeft ingediend en voordien zijn recht op kinderbijslag niet heeft "veiliggesteld", kan aan hem op grond van artikel 14 van de AKW geen kinderbijslag meer worden toegekend over het vierde kwartaal van 1999 en evenmin over de kwartalen gelegen vóór en na dat kwartaal. De Raad is van oordeel dat hier sprake is van een situatie die niet in zodanige mate overeenkomt met de gevallen die de regelgever voor ogen hebben gestaan bij de totstandkoming van artikel 27 van het Besluit uitbreiding en beperking kring volksverzekeringen 1999 dat dit geval eveneens onder het bereik van die bepaling moet worden gebracht.

LJN BL9463 - Intrekking kinderbijslag omdat appellante niet langer kan worden aangemerkt als ingezetene. Met juistheid heeft de rechtbank geoordeeld dat van een thuishaven in Nederland geen sprake is nu niet is gebleken dat het zeiljacht van appellante met enige regelmaat in Nederlandse havens heeft aangelegd. Dat voor het schip een Nederlandse zeebrief is afgegeven en dat - naar appellante stelt - een Nederlands schip als Nederlands grondgebied heeft te gelden, leidt niet tot een ander oordeel.

LJN BM0523 - Weigering kinderbijslag omdat de kinderen niet als pleegkinderen van appellant kunnen worden aangemerkt. In het onderhavige geval is beslissend of de adoptie naar Turks recht naar Nederlands internationaal privaatrecht als zodanig is erkend. Uit de beschikking van het gerechtshof blijkt dat het hof de weigering van die erkenning door de rechtbank heeft bevestigd. Door appellant is tegen deze beschikking geen beroep in cassatie ingesteld, zodat deze beschikking kracht van gewijsde heeft gekregen. De Raad is niet gebleken van (nieuwe) feiten of omstandigheden die de Raad zouden nopen het oordeel van het hof niet te volgen.

LJN BM7375 - Weigering kinderbijslag omdat appellant niet verzekerd is voor de AKW. De toekenning van de WAO-uitkering met terugwerkende kracht tot 26 mei 1992 heeft ertoe geleid dat appellant met terugwerkende kracht tussen 26 mei 1992 en 31 december 1999 ingevolge de artikelen 8 van het Besluit uitbreiding en beperking kring verzekerden volksverzekeringen 1989 en 26 van het Besluit uitbreiding en beperking kring verzekerden volksverzekeringen 1999 verplicht verzekerd is geweest ingevolge de volksverzekeringen. Artikel 26 van laatstgenoemd besluit is op 1 januari 2000 komen te vervallen. Nu appellant eerst in 2001 een aanvraag om kinderbijslag heeft ingediend en de Raad niet is gebleken van een "veiligstelling", kan aan appellant op grond van artikel 14 van de AKW geen kinderbijslag meer worden toegekend over het vierde kwartaal van 1999 en evenmin over de kwartalen gelegen vóór en na dat kwartaal.

LJN BN4060 - Weigering kinderbijslag omdat appellant niet verzekerd is op grond van artikel 6, eerste en tweede lid, van de AKW. Daarnaast kan appellante geen verzekering ontlenen aan het bepaalde in artikel 11, eerste en tweede lid, van het Besluit uitbreiding en beperking kring verzekerden volksverzekering 1999 omdat zij niet in overeenstemming met de Wet arbeid vreemdelingen arbeid in dienstbetrekking heeft verricht uit hoofde waarvan zij aan de loonbelasting is onderworpen.

LJN BN8068 - Weigering tweevoudige kinderbijslag. Uit het rapport van de sociaal attaché in Marokko blijkt op overtuigende wijze dat de echtgenote van appellant tot haar overlijden met de kinderen in Marokko woonde. Anders dan de rechtbank is de Raad van oordeel dat de SVB niet heeft onderzocht of er sprake was van een causaal verband tussen het onderwijs en het uitwonend zijn na het overlijden van de moeder. Van belang is op welke tijdstippen de kinderen achtereenvolgens uitwonend zijn geworden en om welke reden.

LJN BO0302 - Weigering kinderbijslag omdat appellante niet verzekerd is voor de AKW. Er is geen sprake van sociale en economische binding met Nederland. Er is geen ondersteuning voor de stelling van appellante dat het middelpunt van haar maatschappelijk leven reeds op de peildata in Nederland ligt en dat zij dientengevolge heeft voldaan aan de voorwaarden om verzekerd te zijn voor de AKW.

LJN BO7266 - Ingangsdatum kinderbijslag. De SVB heeft ten onrechte aangenomen dat hier geen sprake is van een bijzonder geval. In dit geval rust op appellante niet de verplichting de SVB over verschillende ontwikkelingen met betrekking tot de aanvraag om (of de procedure over) een verblijfsvergunning te informeren, omdat slechts de definitieve toekenning van die vergunning relevant is voor de eventuele verzekering ingevolge de AKW. Appellante heeft kort na de toekenning van de vergunning tot verblijf (opnieuw) een aanvraag om kinderbijslag ingediend.

LJN BP3494 - Weigering kinderbijslag. Appellant heeft niet aannemelijk gemaakt dat zijn kind in de kwartalen in geding voldeed aan de eis van een gemiddeld aantal van 213 klokuren per kwartaal of valt onder één van de uitzonderingen op de klokureneis als genoemd in artikel 2, eerste lid, van de Regeling klokuren 1998.

LJN BP5531 - Weigering kinderbijslag omdat appellant niet verzekerd is voor de AKW. Appellant voldoet niet aan de voorwaarden voor toepassing van artikel 27 van het Besluit uitbreiding en beperking kring volksverzekeringen 1999 omdat niet is gebleken dat hij over het vierde kwartaal van 1999 recht had op kinderbijslag. Appellant was niet verplicht verzekerd krachtens de AOW en de Anw aangezien hij toen niet in Nederland woonde.

LJN BQ4210 - Geen recht op Nederlandse kinderbijslag. Met de rechtbank en de SVB is de Raad van oordeel dat met "het recht op kinderbijslag" in artikel 23 van het Verdrag inzake sociale zekerheid tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Staat Israël (NIV) wordt gedoeld op een "theoretisch" recht op kinderbijslag. Beslissend voor de toepasselijkheid van artikel 23 van het NIV in dit geval is of de moeder zou kunnen voldoen aan de in Israël gestelde voorwaarden voor het verkrijgen van kinderbijslag. In het licht van het oordeel van de Raad brengt dit mee dat artikel 23 van het NIV aan de toekenning van kinderbijslag aan appellant in de weg staat.

LJN BQ8686 - Herziening kinderbijslag. In 2007 heeft appellants echtgenote gebruikgemaakt van de Regeling afwikkeling nalatenschap Vreemdelingenwet, welke eenmalig de gelegenheid bood ten overstaan van de IND de juiste identiteit van haarzelf en de beide kinderen aan te tonen. De Raad is met de rechtbank van oordeel dat, wat er ook zij van de stelling van appellant dat hij niet op de hoogte was van de juiste geboortedata, het voor rekening en risico van appellant komt dat hij destijds bij de aanvraag om kinderbijslag onjuiste geboortedata heeft opgegeven.

LJN BR0140 - Intrekking kinderbijslag omdat appellantes dochter niet schoolgaand is en evenmin als werkzoekende staat ingeschreven bij de CWI. Er is geen aanleiding om af te wijken van het uitgangspunt dat het feitelijk aantal uren dat onderwijs gevolgd is maatgevend is bij de beantwoording van de vraag of aan het vereiste aantal klokuren is voldaan. Nu vaststaat dat de dochter met ingang van 3 september 2008 niet aan de lessen is gaan deelnemen en de inschrijving als werkzoekende op 9 oktober 2008 heeft plaatsgevonden, is deze inschrijving niet binnen een redelijke termijn geschied en is zij mitsdien terecht als niet werkloos in de zin van artikel 7, tweede lid, aanhef en onder c, van de AKW aangemerkt.

LJN BR1905 - Weigering kinderbijslag omdat appellanten ingevolge artikel 6, tweede lid, van de AKW niet verzekerd zijn. Anders dan in eerdere rechtspraak is de Raad thans van mening dat de gerechtvaardigdheid van de koppelingswetgeving zoals die gestalte heeft gekregen in artikel 6, tweede lid, van de AKW niet opgaat voor ouders die met hun kind(eren) voor de overheid kenbaar al langere tijd in Nederland verblijven, waarvan in ieder geval een zekere tijd rechtmatig in de zin van artikel 8, onderdeel f, g of h, van de Vreemdelingenwet 2000, en inmiddels een zodanige band met Nederland hebben opgebouwd dat zij geacht kunnen worden ingezetenen van Nederland te zijn. Voor ouders in deze omstandigheden die bovendien ten tijde in geding rechtmatig in Nederland verbleven, acht de Raad de in artikel 6, tweede lid, van de AKW neergelegde algemene uitsluiting van het recht op kinderbijslag op grond van hun verblijfsstatus geen evenredig middel om de doelstelling van de koppelingswetgeving te bereiken.

LJN BR4268 - Exportverbod ingevolge de Wet BEU. Weigering kinderbijslag ten behoeve van in de Westelijke Sahara wonend kind. De Westelijke Sahara is door Marokko geannexeerd en deze annexatie heeft volkenrechtelijk geen betekenis. De verdragen met Marokko zijn alleen van toepassing op het territorium van die staat en niet op enig door Marokko geannexeerd gebied als de Westelijke Sahara. De Staat heeft met de voorwaarde zoals neergelegd in artikel 7b van de AKW, inhoudende dat voor een in het buitenland wonend kind slechts dan kinderbijslag wordt toegekend indien dit kind woont in een land waarmee een handhavingsverdrag is gesloten, geen ontoelaatbaar onderscheid naar woonplaats gemaakt.

LJN BR4318 - Exportverbod ingevolge de Wet BEU. Weigering kinderbijslag ten behoeve van in China wonend kind. De Staat heeft met de voorwaarde zoals neergelegd in artikel 7b van de AKW, inhoudende dat voor een in het buitenland wonend kind slechts dan kinderbijslag wordt toegekend indien dit kind woont in een land waarmee een handhavingsverdrag is gesloten, geen ontoelaatbaar onderscheid naar woonplaats gemaakt, getoetst aan artikel 14 van het EVRM in samenhang met artikel 1 van het EP bij het EVRM. Het beleid inzake export van uitkeringen naar een land waarmee nog geen verdrag is gesloten, is op consistente wijze toegepast.

LJN BT1767 - Intrekking kinderbijslag omdat appellant niet heeft voldaan aan de voor hem geldende onderhoudsbijdrage van €408,- per kwartaal. De Raad is van oordeel dat noch in de psychische problematiek van de echtgenote van appellante, noch in de medische problematiek van appellant zelf, noch in zijn beperkte beheersing van de Nederlandse taal en regelgeving, een grond is gelegen om aan te nemen dat appellant buiten staat was om adequaat zijn belangen te behartigen. Voor zover al moet worden aangenomen dat appellant bij die belangenbehartiging reële belemmeringen ondervond, kon hij in elk geval, zo blijkt uit de gedingstukken, een beroep doen op derden.

LJN BU5107 - Naar aanleiding van het arrest van de Hoge Raad waarbij de Hoge Raad voor de toepassing van artikel 27 van het Besluit uitbreiding en beperking kring verzekerden volksverzekeringen 1999 - anders dan de rechtbank en de Raad - een theoretisch recht op kinderbijslag bepalend heeft geacht, heeft de SVB appellant met terugwerkende kracht verzekerd geacht krachtens de AKW en kinderbijslag toegekend.

LJN BV3794 - Weigering tweevoudige kinderbijslag. Op grond van de rapporten van de Attaché voor Sociale Zaken van de Nederlandse Ambassade in Marokko is aannemelijk dat appellants kind niet op het door appellant opgegeven adres woonachtig was. Appellant heeft geen (controleerbare) gegevens overgelegd waaruit kan blijken dat zijn kind op het opgegeven adres woonachtig was. Bij het ontbreken van een ander (uitwonend) adres heeft de SVB de conclusie kunnen trekken dat het kind niet uitwonend was, zodat appellant geen recht had op tweevoudige kinderbijslag.

LJN BV6121 - Weigering kinderbijslag eerder dan het derde kwartaal van 2007. Er is sprake van een bijzonder geval als bedoeld in artikel 14, derde lid, van de AKW, zodat de bevoegdheid bestaat kinderbijslag met een verdergaande terugwerkende kracht dan één jaar toe te kennen. Van deze bevoegdheid heeft de SVB geen gebruikgemaakt omdat niet tevens sprake is van hardheid. Het hardheidsbeleid van de SVB gaat de grenzen van een redelijke wetsuitleg niet te buiten. Gelet op de feiten moet worden geconcludeerd dat het bestreden besluit met inachtneming van het hardheidsbeleid van de SVB is genomen. Niet is gebleken van bijzondere omstandigheden op grond waarvan de SVB van zijn hardheidsbeleid had moeten afwijken.

LJN BV7633 - Herziening en terugvordering kinderbijslag en boeteoplegging wegens schending van de inlichtingenverplichting. Uit het rapport van de sociaal attaché in Turkije blijkt op overtuigende wijze dat de echtgenote van appellant vanaf 2004 en in ieder geval in de kwartalen in geding met de kinderen in Turkije heeft gewoond. De SVB mocht uitgaan van de juistheid van de verklaring van appellants echtgenote van 18 maart 2009 en hoefde geen gewicht toe te kennen aan de in bezwaar overgelegde, latere verklaring. Het middelpunt van het maatschappelijk leven van appellants echtgenote bevond zich in Turkije en de kinderen behoorden tot haar huishouden daar. Nu de kinderen tot het huishouden van appellants echtgenote in Turkije behoorden, is met ingang van het derde kwartaal van 2007 niet voldaan aan de voorwaarden voor het recht op tweevoudige kinderbijslag.

LJN BW0640 - Weigering kinderbijslag omdat appellants zoon thuisonderwijs volgt en appellant heeft geweigerd informatie te verstrekken over het aantal klokuren aan lessen of over het aantal uren van de studieactiviteiten. De SVB kan daardoor niet nagaan of het thuisonderwijs onderwijs in de zin van de AKW is. Het recht op kinderbijslag betreft een recht op kinderbijslag overeenkomstig de wettelijke regeling van de lidstaat welke inzake het pensioen of de rente bevoegd is. Mitsdien kon de SVB aan appellant het ontbreken van informatie over onder andere de klokuren tegenwerpen. Er is geen sprake van ongerechtvaardigde ongelijke behandeling.

LJN BW5323 - Weigering kinderbijslag omdat appellant niet meer verzekerd is voor de AKW. Het gewijzigd beleid ten aanzien van ingezetenschap naar aanleiding van de arresten van de Hoge Raad heeft na heroverweging door de SVB niet tot een ander oordeel geleid. Er is geen ruimte voor een andere uitleg van het woonplaatsbegrip bij de uitvoering van de socialeverzekeringswetten dan onder de belastingwetgeving. De Raad kan de SVB dan ook niet volgen in zijn standpunt dat binnen de sociale zekerheid voor een andere invulling van dit begrip moet worden gekozen, waarbij een dubbele woonplaats is uitgesloten.

LJN BW5678 - Weigering kinderbijslag omdat de zoon van appellant niet als onderwijsvolgend of als werkloos in de zin van de AKW kan worden aangemerkt. Appellants zoon heeft niet voldaan aan het vereiste dat hij gemiddeld ten minste 213 klokuren per kwartaal aan onderwijs heeft gevolgd, dan wel dat sprake is geweest van een studiebelasting van ten minste 1600 uur per jaar. De reden waarom het de zoon niet is gelukt om een stageplaats te vinden, kan in dit verband geen rol spelen. Er is geen sprake van een situatie dat de toegang tot het onderwijs door het ontbreken van financiële middelen niet was gewaarborgd, noch is sprake van een verboden onderscheid tussen werkzoekende minderjarigen en minderjarigen die in het kader van studie een stageplaats zoeken.

LJN BW7560 - Weigering kinderbijslag omdat de kinderen uitwonend zijn en appellante niet heeft aangetoond hen in een zodanige mate te onderhouden dat zij voor kinderbijslag in aanmerking komt. Appellante heeft niet aannemelijk gemaakt dat zij met de kinderen één huishouden heeft gevormd dan wel dat zij een zodanige tijd bij de kinderen heeft doorgebracht dat zij geacht kan worden aan de onderhoudseis te hebben voldaan.

LJN BW8461 - Terugvordering van onverschuldigd betaalde kinderbijslag. Het standpunt van appellante dat zij niet wist dat op haar naam kinderbijslag was aangevraagd, deze aanvraag was ingewilligd en kinderbijslag is betaald en daardoor niet onverschuldigd is betaald, mist feitelijk grondslag. Dat geen van de brieven van de SVB waaruit blijkt dat appellante ook voor de bedoelde kinderen kinderbijslag is toegekend appellante heeft bereikt, acht de Raad ongeloofwaardig. De correspondentie moet op het woonadres van appellante zijn ontvangen en daarom had zij op de hoogte kunnen en moeten zijn dat aan haar kinderbijslag was toegekend. Niet is kunnen blijken dat de terugvordering leidt tot onaanvaardbare financiële en/of sociale gevolgen die aangemerkt kunnen worden als dringende redenen om van terugvordering af te zien.

LJN BX9427 - Intrekking kinderbijslag omdat appellants zoon ten tijde van belang niet aan te merken was als een onderwijs volgend kind. Appellant is er niet in geslaagd om de juistheid van de bevindingen van de attaché omtrent de schoolgang van de zoon te weerleggen door alsnog aannemelijk te maken dat de zoon ten tijde van belang wel degelijk op kinderbijslag aanspraak gevend onderwijs heeft gevolgd. De door de directrice van de onderwijsinstelling ter zake afgelegde verklaringen zijn niet overtuigend bij het ontbreken van een schooldossier van de zoon. De verklaringen van de beweerdelijke medestudenten overtuigen evenmin onder meer omdat zij niet stroken met de verklaringen van appellant zelf omtrent ziekteperioden van zijn zoon.

LJN BY5173 - Weigering kinderbijslag omdat appellante op grond van haar verblijfsstatus niet verzekerd is voor de AKW. Appellante heeft de Surinaamse nationaliteit en haar kind heeft de Nederlandse nationaliteit. De SVB moet onderzoeken of appellante aan artikel 20 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie (VWEU) een verblijfsrecht hier te lande kan ontlenen. Als dat zo is, is er ruimte voor verdragsconforme toepassing van artikel 6, tweede lid, AKW. Als geen verblijfsrecht aan artikel 20 van het VWEU kan worden ontleend, dan mag appellante worden uitgesloten van de verzekering voor de AKW.

LJN BZ4090 - Weigering kinderbijslag onder meer omdat betrokkene op de peildatum niet kan worden aangemerkt als ingezetene van Nederland. De Raad stelt vast dat na de terugkeer van betrokkene naar Nederland in februari 2010 hij weliswaar heeft gemeld dat de intentie bestond om zich definitief weer in Nederland te vestigen, maar dat deze intentie niet door andere objectieve factoren wordt ondersteund. Appellant heeft zich derhalve in het beroepschrift terecht op het standpunt gesteld dat betrokkene op de peildatum van het tweede kwartaal van 2010 niet verzekerd was ingevolge de AKW, omdat hij toen nog geen ingezetene was en dus niet verzekerd was krachtens die wet. Voorts is de Raad niet gebleken dat appellant zijn uitgangspunten in het geval van betrokkene niet stelselmatig heeft toegepast.

LJN BZ7061 - Weigering tweevoudige kinderbijslag omdat appellant niet heeft aangetoond dat hij zijn dochters grotendeels, dat wil zeggen voor ten minste €1081,- per kwartaal per kind, heeft onderhouden.

LJN BZ7748 - Tussenuitspraak. Mate van terugwerkende kracht en het recht op kinderbijslag. Er is geen sprake van een bijzonder geval dat een toekenning met een terugwerkende kracht van meer dan één jaar rechtvaardigt. De late aanvraag van appellant is kennelijk uitsluitend een gevolg van het feit dat appellant zich er niet van bewust is geweest dat hij na de procedure over de aanspraak op kinderbijslag voor de kinderen uit zijn eerste huwelijk over 1989 en 1990 een nieuwe aanvraag moest indienen voor de aanspraak op kinderbijslag in de jaren daarna. De SVB heeft ten onrechte niet beoordeeld of appellant over het tweede kwartaal van 1997 tot en met het eerste kwartaal van 1998 recht heeft op kinderbijslag. De Raad draagt de SVB op om de gebreken in het besluit te herstellen met inachtneming van hetgeen de Raad heeft overwogen.

LJN ZB7595 - Ingezetene; juridische binding; het volgen van het tempo van besluitvorming van de Minister van Justitie; materieel gedoogde.

LJN ZB7932 - Recht op kinderbijslag; ingezetenschap; verblijfsstatus; gedoogdenstatus en juridische binding.

LJN ZB8175 - Weigering kinderbijslag op de grond dat het kind niet is aan te merken als eigen, aangehuwd of pleegkind. Nu uit niets blijkt dat met de begripsbepaling "aangehuwd kind" in de AKW bedoeld was ter zake van het recht op kinderbijslag een wijziging aan te brengen ten opzichte van de laatstelijk daarvóór geldende bepaling, is de CRvB van oordeel dat de AKW op dit punt dient te worden uitgelegd overeenkomstig de tot 1963 geldende regeling en dat derhalve de status van aangehuwd kind in de zin van artikel 7 van de AKW behouden blijft in de situatie waarin het huwelijk tussen de verzekerde en de ouder van de betreffende kinderen is geëindigd door het overlijden van laatstgenoemde.

ECLI:NL:CRVB:2013:983 - Weigering kinderbijslag omdat appellante geen verblijfsvergunning heeft en daarom niet verzekerd is voor de AKW. Er is geen sprake van strijd met het internationale recht. Appellante kon worden uitgesloten van de verzekering voor de AKW op de grond dat zij niet beschikt over een verblijfstitel als genoemd in artikel 6, tweede lid, van de AKW. Uitgaande van de door de Hoge Raad geformuleerde toetsingsmaatstaf en (het gewicht van) de daarbij in overweging genomen belangen, kan immers niet worden gezegd dat de weigering van kinderbijslag aan appellante op grond van haar verblijfsstatus, een objectieve en redelijke rechtvaardiging ontbeert.

ECLI:NL:CRVB:2013:994 - Weigering kinderbijslag omdat appellant geen verblijfsvergunning heeft en daarom niet verzekerd is voor de AKW. Er is geen sprake van strijd met het internationale recht. Appellant kon worden uitgesloten van de verzekering voor de AKW op de grond dat hij niet beschikt over een verblijfstitel als genoemd in artikel 6, tweede lid, van de AKW. Uitgaande van de door de Hoge Raad geformuleerde toetsingsmaatstaf en (het gewicht van) de daarbij in overweging genomen belangen, kan immers niet worden gezegd dat de weigering van kinderbijslag aan appellant op grond van zijn verblijfsstatus, een objectieve en redelijke rechtvaardiging ontbeert.

ECLI:NL:CRVB:2013:1178 - Weigering kinderbijslag omdat appellante geen verblijfsvergunning heeft en daarom niet verzekerd is voor de AKW. In het licht van de beoordelingsruimte van een verdragspartij bij de inrichting van zijn stelsel van sociale voorzieningen kan moeilijk worden volgehouden dat in dit geval ten gevolge van de weigering van kinderbijslag op grond van de AKW de normale ontwikkeling van het privé- en gezinsleven van appellante (en haar kinderen) onmogelijk wordt gemaakt. Ten aanzien van vreemdelingen als bedoeld in artikel 6, tweede lid, van de AKW moet worden aangenomen dat niet met toepassing van de AKW gestalte moet worden gegeven aan door artikel 8 van het EVRM gewaarborgde positieve verplichtingen.

ECLI:NL:CRVB:2013:1271 - Weigering kinderbijslag. Appellante had op de peildata geen duurzame band van persoonlijk aard met Nederland en is in de kwartalen in geding terecht niet als ingezetene aangemerkt. Nu de SVB in het bestreden besluit een onjuiste maatstaf heeft aangelegd, kan dat besluit geen stand houden. Vernietiging van de aangevallen uitspraak en instandlating van de rechtsgevolgen van het vernietigde besluit.

ECLI:NL:CRVB:2013:1273 - Weigering tweevoudige kinderbijslag omdat er geen verband is tussen het uitwonend zijn van de kinderen en het volgen van onderwijs. Niet het volgen van onderwijs, maar de problematische thuissituatie is de reden geweest dat de kinderen bij hun grootmoeder in Turkije zijn gaan wonen.

ECLI:NL:CRVB:2013:1435 - Toekenning kinderbijslag met terugwerkende kracht. Het recht op kinderbijslag dient te worden beoordeeld met een terugwerkende kracht gerekend vanaf de datum van de aanvraag. De SVB heeft in dit bijzondere geval een terugwerkende kracht van vijf jaar gehanteerd. Niet kan worden gezegd dat appellant te kort is gedaan door een terugwerkende kracht van vijf jaar toe te passen en evenmin dat het gehanteerde beleid in het geval van appellant niet redelijk is.

ECLI:NL:CRVB:2013:1762 - Ingangsdatum kinderbijslag. De geboorteakte van appellants zoon is vier jaar na de geboorte opgesteld, aangevuld met het vaderschap van appellant en appellants achternaam. Appellants veronderstelling dat een aanvraag gedaan vanaf de geboorte van de zoon kansloos zou zijn geweest, is onjuist. Onbekendheid met de wet levert geen bijzonder geval op. De onbekendheid van appellant met zijn rechten is niet verschoonbaar omdat de SVB - als appellant zich tot de SVB had gericht - appellant had kunnen wijzen op de mogelijkheden om toch in aanmerking te komen voor kinderbijslag zolang zijn vaderschap nog niet was vastgesteld en juridisch nog geen sprake was van een eigen kind in de zin van de AKW.

ECLI:NL:CRVB:2013:2022 - Weigering kinderbijslag omdat appellants kind korancursussen in Turkije heeft gevolgd die niet als onderwijs in de zin van de AKW kunnen worden beschouwd. Er is niet voldaan aan de in de beleidsregels gestelde voorwaarden. Appellant heeft niet aannemelijk gemaakt dat de opleiding, buiten de algemene kennis van de Koran, ook algemeen vormende elementen bevat. Dat de opleiding mede zou kunnen worden beschouwd als vooropleiding voor het beroep geestelijke verzorger, heeft appellant evenmin aannemelijk gemaakt. Er is geen reden om aan te nemen dat de gevolgde korancursussen als (verplichte) vooropleiding voor bepaalde studies kan worden aangemerkt.

ECLI:NL:CRVB:2013:2962 - Herziening en terugvordering kinderbijslag omdat appellant niet heeft aangetoond dat hij zijn dochter in de periode(s) in geding in belangrijke mate heeft onderhouden. Boeteoplegging wegens schending van de inlichtingenverplichting. Het beroep op het vertrouwensbeginsel kan niet slagen nu appellant de SVB, in strijd met de voor hem geldende inlichtingenverplichting, niet tijdig heeft geïnformeerd over de verblijfplaats van zijn dochter. Daardoor heeft de SVB appellant niet tijdig kunnen inlichten over de voorwaarden voor aanspraak op kinderbijslag voor niet tot het huishouden behorende kinderen.

ECLI:NL:CRVB:2014:71 - Terugvordering van onverschuldigd betaalde kinderbijslag en boeteoplegging wegens schending van de inlichtingenverplichting. Betrokkene heeft niet aangetoond of aannemelijk gemaakt dat hij een bijdrage in het levensonderhoud van zijn kinderen heeft geleverd van ten minste €408,- per kind per kwartaal. Dit betekent dat betrokkene vanaf het vierde kwartaal van 2008 geen recht heeft op kinderbijslag voor zijn kinderen. Er is geen sprake van dringende redenen om van terugvordering af te zien.

ECLI:NL:CRVB:2014:273 - Weigering van kinderbijslag vanwege het ontbreken van een verblijfstitel als genoemd in artikel 6, tweede lid, van de AKW is niet in strijd met het internationale recht. De Raad verwijst daarbij naar zijn uitspraak van 5 juli 2013, ECLI:NL:CRVB:2013:994. Er bestaat geen aanleiding om de procedure aan te houden in afwachting van het VN-Mensenrechtencomité.

ECLI:NL:CRVB:2014:773 - Weigering tweevoudige kinderbijslag omdat appellantes kind niet uitwonend was in verband met het volgen van onderwijs. De rechtbank heeft het standpunt van de SVB dat appellante over het tweede kwartaal van 2010 geen recht heeft op tweevoudige kinderbijslag omdat haar kind toen niet uitwonend was in verband met het volgen van onderwijs terecht onderschreven.

ECLI:NL:CRVB:2014:990 - Weigering kinderbijslag omdat niet aan de hand van objectieve en betrouwbare informatie kan worden vastgesteld of er kinderen tot het huishouden van appellant behoren, en zo ja, welke dat zijn. De gezinssituatie van appellant kan niet worden beoordeeld omdat appellant herhaaldelijk de afspraken met de medewerkers van de sociaal attaché niet is nagekomen.

ECLI:NL:CRVB:2014:2427 - Herziening tweevoudige kinderbijslag in een recht op enkelvoudige kinderbijslag. De SVB heeft met de rapporten van de sociaal attaché aannemelijk gemaakt dat het kind bij haar moeder woonde, waardoor er geen recht bestond op tweevoudige kinderbijslag. Zoals de Raad eerder heeft overwogen, mag, ook indien later van een afgelegde verklaring wordt teruggekomen, in het algemeen worden uitgegaan van de juistheid van de aanvankelijk afgelegde verklaring.

ECLI:NL:CRVB:2014:2713 - Herziening en terugvordering kinderbijslag met volledige terugwerkende kracht. Nu appellant aan de SVB heeft doorgegeven dat de kinderen bij hun grootouders woonden, volgt hieruit dat appellant onjuiste informatie heeft verstrekt. De SVB was daarom in beginsel gehouden het recht op kinderbijslag te herzien. Niet gezegd kan worden dat appellant niet heeft kunnen onderkennen dat hij ten onrechte kinderbijslag ontving. Het komt voor risico van appellant dat hij, naar eigen zeggen, een aantal jaren achtereen niet op de hoogte was van de feitelijke verblijfplaats van zijn kinderen. Dit betekent dat het gevoerde beleid de SVB geen aanleiding hoefde te geven af te zien van herziening met volledige terugwerkende kracht. Van bijzondere omstandigheden op grond waarvan de SVB desondanks met een kortere terugwerkende kracht had moeten herzien, is niet gebleken. De Raad bepaalt dat appellant geen recht heeft op kinderbijslag voor zijn in Turkije wonende kinderen vanaf het vierde kwartaal van 2004 tot en met het tweede kwartaal van 2011 en dat van hem een bedrag van €38.111,92 wordt teruggevorderd wegens ten onrechte ontvangen kinderbijslag.

ECLI:NL:CRVB:2014:3533 - Intrekking kinderbijslag met ingang van het derde kwartaal van 2012 omdat de voorlopige toepassing van het verdrag met Costa Rica met ingang van 1 januari 2012 is beëindigd. De Nederlandse Staat is niet gehouden deze voorlopige toepassing voort te zetten of ratificatie te bevorderen. De stelling van appellant dat de SVB voorheen zonder een werkend verdrag blijkbaar voldoende controlemogelijkheden zag, kan daaraan niet afdoen. Het beroep op het vertrouwensbeginsel slaagt niet.

ECLI:NL:CRVB:2014:4180 - Verlaging kinderbijslag met ingang van het eerste kwartaal van 2013 omdat de hoogte is aangepast aan het kostenniveau van het land waar de kinderen wonen. Verlaging van de kinderbijslag op grond van de Wet woonlandbeginsel in de sociale zekerheid voor kinderen die in Egypte wonen, is niet in strijd met het internationale recht. De Raad is met partijen van oordeel dat er sprake is van ontneming van eigendom. Maar deze ontneming vindt plaats in het algemeen belang en is bij wet geregeld. Er bestaat een "fair balance" tussen de hoogte van de kinderbijslag en het gemiddelde kostenniveau in het land waar de kinderen wonen. De verlaging van de kinderbijslag is ruim van te voren aangekondigd en er is een overgangstermijn van zes maanden in acht genomen. Van een "individual and excessive burden" is dan ook geen sprake.

ECLI:NL:CRVB:2014:4181 - Verlaging kinderbijslag met ingang van het eerste kwartaal van 2013 omdat de hoogte is aangepast aan het kostenniveau van het land waar de kinderen wonen. Verlaging van de kinderbijslag op grond van de Wet woonlandbeginsel in de sociale zekerheid voor kinderen die in Marokko wonen, is in strijd met het internationale recht. Nu artikel 5 van het Verdrag tussen Nederland en Marokko (NMV) het verminderen van de kinderbijslag op grond van het woonland van het kind verbiedt, komt de toepassing van het woonlandbeginsel bij het vaststellen van de hoogte van de kinderbijslag hiermee in strijd. Bovendien komt het nuttig effect te ontvallen aan dit artikel als iedere (potentieel) gerechtigde ieder kwartaal aangemerkt zou moeten worden als een "nieuw geval", zoals de SVB in wezen bepleit. Dit verhoudt zich evenmin tot de ratio en de geest van de tekst van artikel 5 van het NMV, waarin is bepaald dat "op generlei wijze" een uitkering mag worden aangepast vanwege het wonen op het grondgebied van de andere verdragsluitende partij. Dit kan niet anders worden uitgelegd dan dat een uitkering waarop artikel 5 van het NMV betrekking heeft naar Marokko dient te worden geëxporteerd als ware het een Nederlandse situatie.

ECLI:NL:CRVB:2014:4182 - Verlaging kinderbijslag met ingang van het eerste kwartaal van 2013 omdat de hoogte is aangepast aan het kostenniveau van het land waar de kinderen wonen. Verlaging van de kinderbijslag op grond van de Wet woonlandbeginsel in de sociale zekerheid voor kinderen die in Turkije wonen, is niet in strijd met het internationale recht. Deze verlaging is niet in strijd met bepalingen van Besluit 3/80. Of betrokkenen een direct beroep kunnen doen op artikel 9 van de Associatieovereenkomst tussen de EEG en Turkije laat de Raad in het midden. Indien er sprake zou zijn van indirecte discriminatie naar nationaliteit, dan bestaat voor deze ongelijke behandeling een objectieve en redelijke rechtvaardiging. Een indirect onderscheid naar nationaliteit is niet zonder meer verboden, maar kan worden gerechtvaardigd indien daarvoor een objectieve en redelijke grond bestaat. Het gemaakte onderscheid moet daarnaast geschikt zijn om het nagestreefde doel te verwezenlijken en het mag niet verder gaan dan nodig is om dat doel te bereiken. Aan al deze voorwaarden is volgens de Raad voldaan. Een toetsing aan artikel 14 van het EVRM in samenhang met artikel 1 van het Eerste Protocol bij het EVRM, artikel 1 van het Twaalfde Protocol bij het EVRM en artikel 26 van het IVBPR leidt niet tot een ander resultaat, evenmin als een toetsing aan het NTV en het EVSZ.

ECLI:NL:CRVB:2015:226 - Verlaging kinderbijslag omdat de echtgenote van betrokkene ook een gezinsbijslag uit Polen krijgt. In geschil is of de Poolse uitkering aangemerkt moet worden als een gezinsbijslag zoals in de verordeningen bedoeld, en zo ja, of deze gezinsbijslag van dezelfde aard is als de Nederlandse kinderbijslag. Krachtens artikel 12 van Verordening 1408/71 is immers alleen sprake van een niet-gerechtvaardigde cumulatie wanneer recht bestaat op verscheidene uitkeringen van dezelfde aard welke betrekking hebben op een zelfde tijdvak. Evenals het Poolse ministerie van Arbeid en Sociale Zekerheid is de Raad van oordeel dat de Poolse uitkering goed vergelijkbaar is met de Nederlandse TOG-uitkering en dat die van een andere aard is dan de kinderbijslag, die dient ter ondersteuning in de algemene kosten van levensonderhoud van de ten laste komende kinderen. Dit leidt tot de conclusie dat de Poolse uitkering en de Nederlandse kinderbijslag niet "van dezelfde aard" zijn in de zin van artikel 12 van Verordening 1408/71 en dat de Poolse uitkering daarom niet in mindering op de kinderbijslag mag worden gebracht.

ECLI:NL:CRVB:2015:228 - Weigering kinderbijslag over de periode in geding omdat appellante geen geldige verblijfsvergunning meer had en dus niet langer verzekerd was voor de AKW. Niet gebleken is van dusdanige schrijnende omstandigheden dat deze in het geval van appellante zouden moeten leiden tot het buiten toepassing laten van het koppelingsbeginsel.

ECLI:NL:CRVB:2015:495 - Weigering kinderbijslag vanaf het eerste kwartaal van 2011 omdat appellant niet in belangrijke mate heeft bijgedragen in het onderhoud van zijn kinderen. Het is vaste rechtspraak van de Raad dat het hanteren van een vaste, inkomensonafhankelijke onderhoudsbijdrage in het kader van het vaststellen van het recht op kinderbijslag, zonder rekening te houden met de financiële draagkracht van de aanvrager, niet in strijd is met het in verschillende verdragen neergelegde gebod van gelijke behandeling.

ECLI:NL:CRVB:2015:822 - Toekenning kinderbijslag vanaf het derde kwartaal van 2009 omdat appellante pas sindsdien over een geldige verblijfstitel beschikt, zodat over het eerste en tweede kwartaal van 2009 geen recht bestaat op kinderbijslag aangezien zij toen nog niet verzekerd was. Hoewel niet alle gestelde feiten en omstandigheden meer verifieerbaar zijn, is de Raad er voldoende van overtuigd dat het kind ten tijde in geding zodanig van appellante afhankelijk was dat hij als gevolg van de weigering van het verblijfsrecht aan appellante feitelijk gedwongen wordt met appellante het grondgebied van de Unie te verlaten. Dit betekent dat appellante een op grond van artikel 20 van het VWEU afgeleid verblijfsrecht toekomt en dat artikel 6, tweede lid, van de AKW niet aan appellante mag worden tegengeworpen.

ECLI:NL:CRVB:2015:1805 - Weigering kinderbijslag. Het dienstverband van appellant in Nederland ving aan op 7 september 2010, zodat de SVB terecht heeft geoordeeld dat appellant op de peildatum voor het derde kwartaal van 2010, 1 juli 2010, niet verzekerd was voor de AKW. Nu de moeder over het vierde kwartaal van 2010 tot en met het tweede kwartaal van 2011 kinderbijslag voor de dochter heeft ontvangen, staat artikel 18, vierde lid, van de AKW aan uitbetaling van een eventueel recht van appellant op kinderbijslag over deze kwartalen in de weg. In voornoemd samenloopartikel is immers bepaald dat voor het geval twee of meer personen recht hebben op kinderbijslag voor eenzelfde kind, de kinderbijslag niet wordt uitbetaald aan de rechthebbende tot wiens huishouden het kind niet behoort.

ECLI:NL:CRVB:2015:2572 - Alsnog toekenning kinderbijslag over het eerste en tweede kwartaal van 2011 omdat alsnog wordt aangenomen dat betrokkene ook in die kwartalen een op grond van artikel 20 van het VWEU afgeleid verblijfsrecht toekomt en dat artikel, 6, tweede lid, van de AKW niet aan betrokkene mag worden tegengeworpen. De weigering van kinderbijslag over het tweede tot en met het vierde kwartaal van 2010 wordt terecht gehandhaafd. Uit het internationale recht kan niet worden afgeleid dat betrokkene niet mag worden uitgesloten van verzekering voor de AKW op de grond dat zij niet beschikte over een verblijfstitel als in artikel 6, tweede lid, van de AKW genoemd.