Zie ook:
- Administratief Accoord met betrekking tot de wijze van toepassing van het op 8 juli 1950 tussen Nederland en het Groothertogdom Luxemburg gesloten Algemeen Verdrag inzake de sociale zekerheid

 

 

Nederlandse vertaling:

 

Algemeen Verdrag tussen Nederland en het Groothertogdom Luxemburg inzake de sociale zekerheid

 

     Hare Majesteit de Koningin der Nederlanden

     en

     Hare Koninklijke Hoogheid Mevrouw de Groothertogin van Luxemburg,

     wensende de rechten, voortvloeiende uit de wetten betreffende de sociale zekerheid, van kracht in beide verdragsluitende Staten, te waarborgen voor personen, op wie die wetten van toepassing zijn of van toepassing zijn geweest, hebben besloten een verdrag te sluiten en hebben daartoe tot Haar Gevolmachtigden benoemd, te weten:

     Hare Majesteit de Koningin der Nederlanden:

     Zijne Excellentie Mr. A.M. Joekes, Minister van Sociale Zaken,

     Zijne Excellentie Jhr. G.L. van der Maesen de Sombreff, Gevolmachtigd Minister, Zaakgelastigde a.i. der Nederlanden;

     en

     Hare Koninklijke Hoogheid Mevrouw de Groothertogin van Luxemburg:

     Zijne Excellentie Pierre Dupong, Minister van Staat, Minister-President, Minister van Arbeid en Sociale Voorzorg,

     Zijne Excellentie Eugène Schaus, Minister van Binnenlandse Zaken en van Justitie,

     die, na elkander hun in goede en behoorlijke vorm bevonden volmachten te hebben overgelegd, zijn overeengekomen nopens de volgende bepalingen:

 

TITEL I. ALGEMENE BEGINSELEN

Artikel 1

Nederlandse of Luxemburgse onderdanen, die in loondienst zijn of die bij de wettelijke regelingen inzake sociale zekerheid, bedoeld in artikel 2 van dit verdrag, met in loondienst zijnde personen zijn gelijkgesteld, zijn onderscheidenlijk onderworpen aan bedoelde in het Groothertogdom Luxemburg of in Nederland van toepassing zijnde wettelijke regelingen en ontlenen daaraan rechten onder dezelfde voorwaarden als de onderdanen van elk van beide landen.

Artikel 2

  • 1 De wettelijke regelingen inzake sociale zekerheid, waarop dit verdrag van toepassing is, omvatten:

    • a) de wettelijke regelingen inzake de ziekteverzekering, daaronder begrepen die inzake de geneeskundige verzorging en die inzake de moederschapsuitkeringen;

    • b) de wettelijke regelingen inzake de verzekering tegen geldelijke gevolgen van ouderdom, invaliditeit en voortijdig overlijden;

    • c) de wettelijke regelingen inzake bedrijfsongevallen en beroepsziekten;

    • d) de wettelijke regelingen inzake kinderbijslag;

    • e) de regeling betreffende het stelsel van pensionnering der mijnarbeiders en der met dezen gelijkgestelden.

    Tot nader order vindt dit verdrag geen toepassing ten aanzien van de kraamgelduitkeringen.

  • 2 Dit verdrag is eveneens van toepassing op alle wetten of regelingen, welke de wetten of regelingen, genoemd in het eerste lid van dit artikel, hebben gewijzigd of aangevuld of zullen wijzigen of aanvullen, met dien verstande evenwel, dat dit verdrag slechts van toepassing is:

    • a) op wetten of regelingen, welke betrekking hebben op een nieuwe tak van sociale zekerheid, indien daartoe een nadere overeenkomst is gesloten tussen de verdragsluitende Staten;

    • b) op wetten of regelingen, welke de werking van de bestaande stelsels uitbreiden tot nieuwe groepen van verzekerden, indien de betrokken Regering daartegen niet binnen drie maanden na de officiële bekendmaking van bedoelde wetten of regelingen van bezwaren doet blijken aan de Regering van het andere land.

Artikel 3

  • 1 Loonarbeiders en bij de in elk van beide verdragsluitende Staten toepasselijke wetgevingen met loonarbeiders gelijkgestelden, die in een van die landen werkzaam zijn, zijn onderworpen aan de wettelijke regelingen, van kracht in het land, waar zij hun arbeid verrichten.

  • 2 Op het beginsel, vervat in het eerste lid van dit artikel, gelden de volgende uitzonderingen:

 

 

 

 

 

 

 


De volledige, bijgewerkte pagina is alleen voor abonnees beschikbaar.
Voor meer informatie klik hier.