Door gebruik te maken van deze website gaat u akkoord met de cookies voor Google-advertenties. Meer info.

 
 

 

St-AB.nl

 

 

 
     
 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

             

 
vorige

Algemene nabestaandenwet
Nadere regelgeving
Bijgewerkt naar laatste editie Staatsblad/Staatscourant

 

CONTROLEVOORSCHRIFTEN  ANW
 
 

26 april 1996, Stcrt. 1996, 141
Inwerkingtreding: 1 augustus 1996
(T.a.v. art. 36:1 Anw)

 

 

 

 
     Het bestuur van de Sociale Verzekeringsbank;
     Gelet op artikel 36, eerste lid, van de Algemene nabestaandenwet;

     Besluit:

 

 

HOOFDSTUK  1

Algemene bepalingen

 

Art. 1.
In dit besluit wordt verstaan onder:
a. de Anw: de Algemene nabestaandenwet;
b. de Bank: de Sociale Verzekeringsbank;
c. uitkering: een nabestaandenuitkering, halfwezenuitkering of wezenuitkering als bedoeld in hoofdstuk 3, afdeling I, van de Anw;
d. de uitkeringsgerechtigde: degene aan wie een uitkering is toegekend;
e. nabestaande: degene die een nabestaandenuitkering of een halfwezenuitkering ontvangt dan wel voor een zodanige uitkering in aanmerking wenst te komen;
f. kind: het kind van de nabestaande in de zin van artikel 5 Anw, voor zover dit kind ongehuwd is, jonger is dan 18 jaar en niet tot het huishouden van een ander dan de nabestaande behoort;
g. wees: degene aan wie een wezenuitkering is toegekend, die een zodanige uitkering heeft aangevraagd dan wel voor wie een zodanige uitkering is aangevraagd.

 

Art. 2.
-1. Dit besluit is van toepassing op:
a. de nabestaande;
b. de wees;
c. de wettelijke vertegenwoordiger van de nabestaande of de wees;
d. de instelling waaraan ingevolge artikel 49 of artikel 57 Anw de uitkering wordt uitbetaald.
-2. Dit besluit is ook van toepassing als de in het eerste lid bedoelde personen in het buitenland wonen en als de in het eerste lid bedoelde instelling in het buitenland is gevestigd.

 

 

HOOFDSTUK  2

Algemene verplichtingen

 

Art. 3.
-1. Degene die in aanmerking wil komen voor een uitkering dient een schriftelijke aanvraag, ondertekend en gedateerd in. Hij maakt gebruik van een door de Bank ter beschikking gesteld formulier.
-2. Het formulier wordt ingediend op een door de Bank aangegeven adres.

 

Art. 4.
-1. De in artikel 2, eerste lid, bedoelde persoon of instelling stelt de Bank onverwijld in kennis van een wijziging in het adres van de uitkeringsgerechtigde of zijn wettelijke vertegenwoordiger.
-2. De kennisgeving, bedoeld in het eerste lid, kan bij een verhuizing in Nederland achterwege blijven indien de wijziging in het adres aan de gemeente is gemeld binnen de in de Wet gemeentelijke basisadministratie persoonsgegevens gestelde termijn.

 

Art. 5.
-1. Op verzoek van de Bank verstrekt de in artikel 2, eerste lid, bedoelde persoon

 

 

 


Klik hier om de volledige, bijgewerkte pagina te verkrijgen.



 

 

 

 

 

 

 

 

                                          

 

    
 

x

   

home | Anw | sz-wetten | overige wetten | zoeken | volgende

Copyright Stichting Adviesgroep Bestuursrecht. Alle rechten voorbehouden.
x