Door gebruik te maken van deze website gaat u akkoord met de cookies voor Google-advertenties. Meer info.

 
 

 

St-AB.nl

 

 

 
     
 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

             

 
vorige

Coördinatiewet Sociale Verzekering
Nadere regelgeving
Bijgewerkt tot en met 31 december 2005

 

NADERE  REGELS  BEREKENING  PREMIELOON  BIJ  SAMENLOOP

Vervallen
m.i.v. 1 januari 2006
(art. 48:3 IWfsv)

 
 

23 december 1986, Stcrt. 1986, 250
Inwerkingtreding: 1 januari 1986
(T.a.v. art. 9:8 CSV)

 

 

 

 
     De Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid;
     Gelet op artikel 9, zevende en negende lid, van de Coördinatiewet Sociale Verzekering;
     Gehoord de Sociale Verzekeringsraad;

     Besluit:

 

Art. 1.
Dit besluit verstaat onder:
a. wet: Coördinatiewet Sociale Verzekering (Stb. 1966, 64);
b. ZW: Ziektewet (Stb. 1967, 473);
c. WAO: Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (Stb. 1977, 492);
d. WW: Werkloosheidswet (Stb. 1986, 566);
e. Zfw: Ziekenfondswet (Stb. 1986, 347);
f. werkgever: de werkgever tot wie een werknemer in dienstbetrekking staat als bedoeld in artikel 3a, eerste lid, van de wet;
g. uitvoeringsorgaan: het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen;
h. arbeidsloon: loon uit een dienstbetrekking als bedoeld in artikel 3a, eerste lid, van de wet, met uitzondering van de uitkeringen, genoemd in artikel 3a, tweede lid, van de wet;
i. aanvulling: arbeidsloon dat naar aard en strekking overeenkomt met een uitkering krachtens de ZW, de WAO of de WW en door de werkgever, op grond van een aan zijn werknemer toegekende aanspraak, over dezelfde periode als waarover de uitkering wordt verstrekt aan de werknemer wordt betaald;
j. uitkering: uitkering die onder toepassing van artikel 3a, tweede lid, van de wet op grond van artikel 4 van de wet als loon wordt aangemerkt.

 

Art. 2. Vervallen.

 

Art. 3.
-1. Indien een werknemer die van één of meerdere werkgevers arbeidsloon ontvangt, vervolgens in plaats van één of elk van die lonen uitkering en aanvulling ontvangt, wordt het totaalbedrag van laatstbedoelde uitkering en laatstbedoelde aanvulling voor de toepassing van artikel 9, eerste, tweede en derde lid, van de wet geacht bij dezelfde werkgever in de zin van de wet te zijn genoten.
-2. Indien het eerste lid toepassing vindt, blijft bij de berekening van het loon waarnaar de premies op grond van de ZW, de WAO, de WW en de Zfw worden geheven, in afwijking van het derde en vierde lid van artikel 2, de aanvulling buiten aanmerking, voor zover de aanvulling en de uitkering tezamen meer bedragen dan het bedrag, bedoeld in artikel 9, eerste lid, onderscheidenlijk tweede lid, van de wet, en blijft bij de berekening van het loon waarnaar de premie op grond van de WAO wordt geheven, de aanvulling buiten aanmerking voor zover de uitkering minder bedraagt dan het bedrag, bedoeld in artikel 9, derde lid, van de wet.

 

Art. 4.
Indien een werknemer die van twee of meer werkgevers arbeidsloon ontvangt en vervolgens in plaats van één van die lonen een uitkering op grond van de ZW of op grond van hoofdstuk 3, afdeling 2, paragraaf 1, van de Wet arbeid en zorg en in plaats van het overige loon of één of meer van de overige lonen uitkering ontvangt, worden deze uitkeringen, in afwijking van artikel 9, eerste en derde lid, van de wet, geacht niet bij dezelfde werkgever in de zin van de wet te zijn genoten.

 

Art. 5.
Dit besluit, dat met de daarbij behorende toelichting in de Nederlandse Staatscourant wordt geplaatst, treedt in werking met ingang van 1 januari 1987, met uitzondering van artikel 2, dat in werking treedt op een nader te bepalen datum.

 

Art. 6.
Dit besluit kan worden aangehaald onder de titel: Nadere regels berekening premieloon bij samenloop.

 

 

's-Gravenhage, 23 december 1986.
De Staatssecretaris voornoemd,
L. de Graaf
.

 

 

 

 

 

                                          

 

    
 

x

   

home | CSV | sz-wetten | overige wetten | zoeken | volgende

© Copyright Stichting Adviesgroep Bestuursrecht. Alle rechten voorbehouden.
x