Door gebruik te maken van deze website gaat u akkoord met de cookies voor Google-advertenties. Meer info.

 
 

 

St-AB.nl

 

 

 
     
 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

             

 
vorige

Co÷rdinatiewet Sociale Verzekering
Nadere regelgeving
Bijgewerkt tot en met 31 december 2004

 

BESLUIT  AFREKENING  AUTOKOSTENVERGOEDINGEN  VOOR  NIET-WOON-WERKVERKEER

Vervallen
m.i.v. 1 januari 2005
(art. I, onderdeel J, Walvis)

 
 

9 oktober 1990, Stb. 1990, 540
Inwerkingtreding: 2 november 1990
(T.a.v. art. 16e:1 CSV)

 

 

 

 
BESLUIT van 9 oktober 1990, houdende vaststelling van een algemene maatregel van bestuur als bedoeld in artikel 16e, eerste lid, van de Co÷rdinatiewet Sociale Verzekering (Besluit afrekening autokostenvergoedingen voor niet-woon-werkverkeer)

 

     WIJ BEATRIX, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

     Op de voordracht van de Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid van 29 juni 1990, Directoraat-Generaal Sociale Zekerheid, Hoofddirectie Sociale Verzekeringen, Hoofdafdeling Werkloosheidsregelingen, nr. SZ/HSV/WR/SVW/90/3365;
     Gelet op artikel 16e, eerste lid, van de Co÷rdinatiewet Sociale Verzekering (Stb. 1987, 552);
     De Raad van State gehoord (advies van 27 augustus 1990, nr. W12.90.0290);
     Gezien het nader rapport van de Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid van 2 oktober 1990, Directoraat-Generaal Sociale Zekerheid, nr. SZ/HSV/WR/SVW/90/4370;

     Hebben goedgevonden en verstaan:

 

 

Art. 1.
-1. Vergoedingen aan werknemers voor kosten verband houdende met het vervoer per auto niet behorend tot het woon-werkverkeer, anders dan per taxi, door een werkgever die gebruik maakt van de regeling neergelegd in artikel 10f, eerste lid, van het Uitvoeringsbesluit loonbelasting 1965 (Stb. 1965, 202), worden als loon in aanmerking genomen voor zover zij in totaal meer hebben bedragen dan het aantal in het premiebetalingstijdvak voor vergoeding in aanmerking genomen kilometers vermenigvuldigd met het bedrag per kilometer zoals dat voor die vergoedingen op grond van artikel 6, achtste en negende lid, van de Co÷rdinatiewet Sociale Verzekering (Stb. 1987, 552) is vastgesteld.
-2. Het op de voet van het eerste lid als loon in aanmerking te nemen bedrag wordt geacht niet te behoren tot het loon van het premiebetalingstijdvak waarin die vergoedingen zijn ontvangen, doch wordt geacht te behoren tot het loon van de eerste kalendermaand van het volgende premiebetalingstijdvak en in die maand te zijn betaald.
-3. Ingeval de dienstbetrekking in de loop van het premiebetalingstijdvak is geŰindigd, wordt het op de voet van het eerste lid als loon in aanmerking te nemen bedrag geacht te behoren tot het loon van de kalendermaand volgende op die waarop de dienstbetrekking is geŰindigd en in die maand te zijn betaald.
-4. Ten aanzien van werknemers aan wie door een werkgever die gebruik maakt van de regeling neergelegd in artikel 10f, vierde lid, van het Uitvoeringsbesluit loonbelasting 1965, kosten verband houdende met het vervoer per auto niet behorend tot het woon-werkverkeer, anders dan per taxi, worden vergoed, wordt het ter zake van die vergoedingen over de laatste maand van het premiebetalingstijdvak als loon in aanmerking te nemen bedrag beschouwd als loon behorend tot de eerste kalendermaand van het volgende premiebetalingstijdvak. Dit bedrag wordt geacht in die maand te zijn betaald.
-5. Voor de toepassing van dit artikel wordt onder woon-werkverkeer verstaan woon-werkverkeer als bedoeld in artikel 1 van de Regeling vergoeding kosten woon-werkverkeer 2001.╣

1. Volgens de redactie dient "Regeling vergoeding kosten woon-werkverkeer 2001" te worden vervangen door: Regeling vergoeding kosten woon-werkverkeer 2002 (zie artikel 5, tweede lid, van die regeling), red. (zie artikel 5, tweede lid, van die regeling), red.

 

Art. 2.
Dit besluit treedt in werking met ingang van de eerste dag na de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin het wordt geplaatst.

 

 

     Lasten en bevelen dat dit besluit met daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat daarvan afschrift zal worden gezonden aan de Raad van State.

 

's-Gravenhage, 9 oktober 1990

 

BEATRIX

 

De Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid,
E. ter Veld

 

Uitgegeven de eerste november 1990
De Minister van Justitie,
E.M.H. Hirsch Ballin

 

 

 

 

 

                                          

 

    
 

x

   

home | CSV | sz-wetten | overige wetten | zoeken | volgende

ę Copyright Stichting Adviesgroep Bestuursrecht. Alle rechten voorbehouden.
x